Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de verdrukking. Want antroposofie is niet eenvoudig te grijpen en te begrijpen. Dat geeft snel een vertekend beeld. In deze weblog wil ik ruimte geven om antroposofie, zoals zij in de media verschijnt, op haar merites te beoordelen. Vanuit een positieve instelling. Maar niet kritiekloos.

zondag 31 januari 2010

Paspoort

Februari 2010 breekt net aan, en hier hebben ze het al over februari 2011. Dat wil zeggen, 27 februari 2011. Want dan is de honderdvijftigste geboortedag van Rudolf Steiner. Op 27 februari van dit jaar, dus over vier weken, zal dan een website speciaal hiervoor actief zijn, zo meldt de website van het Rudolf Steiner Archiv in ‘150 Jahre Rudolf Steiner’:

‘Aufspringen! Rudolf Steiner Express 2011

Zahlreiche Organisationen und Initiativen in ganz Europa bereiten sich zurzeit auf das große Jubiläumsjahr 2011 vor.

Um die Kommunikation aller Mitwirkenden untereinander zu vereinfachen und eine optimale Koordination sämtlicher Veranstaltungsvorhaben, sowie einen einheitlichen und aufeinander abgestimmten Auftritt in der Öffentlichkeit zu ermöglichen, wird das Rudolf Steiner Archiv ab dem 27. Februar 2010 eine gemeinsame Plattform / Website anbieten.’

Naast deze tekst is in het klein een paspoort afgebeeld. Klik je erop, wordt zichtbaar dat dit de eerste bladzijde van het paspoort van Rudolf Steiner is, als staatsburger van Oostenrijk. Maar ook de tweede en derde bladzijde (inclusief pasfoto) zijn op internet te vinden, maar op een ander adres, namelijk bij Anthromedia.

Terug naar de link die hierboven wordt aangegeven, komt een pdf-document tevoorschijn met dezelfde informatie als bij Anthromedia, ondertekend door Vera Koppehel van het Rudolf Steiner Archiv:

‘Zahlreiche Organisationen und Initiativen in ganz Europa bereiten sich zurzeit auf das große Jubiläumsjahr 2011 vor, in dem sich der Geburtstag Rudolf Steiners zum 150. Mal jährt. Um die Kommunikation aller Mitwirkenden untereinander zu vereinfachen und eine optimale Koordination sämtlicher Veranstaltungsvorhaben, sowie einen einheitlichen und aufeinander abgestimmten Auftritt in der Öffentlichkeit zu ermöglichen, wird das Rudolf Steiner Archiv in Dornach ab dem 27. Februar 2010 eine gemeinsame Plattform anbieten:

Über diese unter www.rudolf-steiner-2011.com abrufbare Website werden neben den großen Kongressen, Tagungen, Ausstellungen und Aufführungen auch kleinere Veranstaltungen zu finden sein, die einen konkreten Bezug zu dem Festjahr haben. Um dem Anwender eine möglichst rasche Orientierung zu ermöglichen, werden sämtliche Veranstaltungen abrufbar sein, sortiert sowohl nach geografischen und kalendarischen wie auch thematischen Gesichtspunkten. Ausserdem bietet die Website in Zusammenarbeit mit www.anthromedia.net grundlegende Informationen zur Biografie Rudolf Steiners sowie Basisinformationen zu allen anthroposophischen Lebensfeldern an. Unter dem Stichwort ‹Reisebegleiter› können zudem alle Kooperationspartner und Sponsoren aufgeführt und Spenden über ein Onlinekonto überwiesen werden. Aufgrund der internationalen Ausrichtung des Projektes wird die Website zweisprachig in deutsch und englisch verfügbar sein.’

Eronder staan nog de volgende bijzonderheden:

‘Rudolf Steiner ist in einer Bahnstation geboren und in zwei weiteren aufgewachsen; auch später verbrachte er viele Stunden seines Lebens in Zügen und Wartesälen, las Dutzende von Büchern auf Reisen, schrieb in wakkelnden Waggons Briefe und bereitete sich, zwischen anderen Passagieren sitzend, auf Vorträge und Besprechungen vor. Später gab es viele Arbeitsstunden im Auto, zwischen Dornach und Stuttgart pendelnd, und so ist auch manchem Dokument das ‹Leben auf Reisen› deutlich abzulesen.

Sich innerlich wie äußerlich in Bewegung zu versetzen möge eine Möglichkeit sein, diesem Geburtstagsjahr gerecht zu werden. Das Initiativteam des Rudolf Steiner Archivs in Kooperation mit der Österreichischen Landesgesellschaft bereitet als verbindende Idee der vielfältigen Aktionen einen Rudolf Steiner Sonderzug durch Europa vor; wenn irgend möglich von und zu Rudolf Steiners Wohn- und Wirkstätten, z.B. von Kraljevec bis Koberwitz und/ oder von Wien über Prag und Weimar nach Berlin. Ob es diesen Zug im Jahr 2011 wirklich geben kann, hängt von vielen Faktoren ab. Wir freuen uns sehr über Ihre Rückmeldungen, ob Sie nun gerne als Passagier, Sponsor, Gestalter oder in anderer Funktion mit einsteigen möchten. Nutzen Sie bis dahin die virtuellen Reisemöglichkeiten auf: www.rudolf-steiner-2011.com

Dat duurt dus nog vier weken voordat die speciale website actief wordt. Het klinkt allemaal veelbelovend.

zaterdag 30 januari 2010

Literprijs

Om te beginnen eerst dit nieuws van de ‘Haagboekblog’, de weblog van de Haagse Boekerij, dat gisteren hoogstwaarschijnlijk door Herman Boswijk werd geplaatst met de titel ‘Biografische schets Rein van Mansvelt herdrukt’. Het gaat over de publicatie ‘Reinier Carel van Mansvelt, een biografie’, door Jan Diek van Mansvelt e.a.:

‘Maart 2009 verscheen in kleine oplage een biografische schets van Rein van Mansvelt, samengesteld door zijn zoon Jan Diek, die daaraan in 2007 was begonnen, 33 jaar na Rein’s overlijden. Het boekje van zo’n kleine 100 pagina’s bevatte, naast een biografie, herinneringen van kinderen, vrienden en bekenden. Rein van Mansvelt was jarenlang arts in Rotterdam en, naast pionier van de antroposofische geneeskunde, ook actief betrokken bij vele aspecten van het antroposofische leven in Rotterdam en ver daarbuiten. Wegens aanhoudende navraag is eind 2009, opnieuw in beperkte oplage, een herdruk verschenen. Deze is verkrijgbaar bij de ons, en vanaf komende week bij de Nieuwe Boekerij (030-6923250, www.denieuweboekerij.nl) en de Zaailing (020-6793817, www.zaailing.nl) voor € 15,00.’

Dan heb ik een vervolg op mijn bericht van gisteren ‘Wonderwall’, waarin ik de laatste ontwikkelingen van de nieuwbouw voor het Leendert Meeshuis in Bilthoven volgde. Daarbij maakte ik gebruik van het nieuws op de website van Antroz, Leendert Meeshuis verzoekt verhuizing naar De Leijen-Zuid in de gemeente De Bilt’. Daarin stond onder meer:

‘Stichting Antroz heeft een verhuizing van het verpleeghuis op het Berg & Bosch terrein naar De Leijen-Zuid verzocht aan Gemeente De Bilt. Wij denken aan een woonzorgcentrum van maximaal 2 1/2 verdiepingen, passend en aansluitend bij de groene en laagbouw woonomgeving die thans aanwezig is. (...) In de nieuwbouwwensen worden wij gesteund door het Zorgkantoor, die met ons de visie deelt dat op termijn een nieuwe locatie voor het Leendert Meeshuis gewenst is. (...)

Uitgangspunt voor ons is, dat op korte termijn helderheid komt welke nieuwe locatie aan het Leendert Meeshuis geboden wordt voor vervangende nieuwbouw.’

Gisteren bleek er op ‘Nieuwsover.nl/debilt’ meer informatie over deze ontwikkeling gemeld te worden. ‘Nieuwsover.nl’?, zult u zeggen. Ja, die kende ik inderdaad ook nog niet. Weer een regionale nieuwsvoorziening. Men schrijft over zichzelf:

‘Nieuwsover.nl/debilt is een informatieve en journalistieke webportal die zich uitsluitend richt op informatie, activiteiten en nieuws uit de gemeente De Bilt, inclusief de woonkernen Bilthoven, Maartensdijk, Groenekan en Hollandse Rading. Er zijn uitsluitend journalistieke artikelen te lezen over en uit de gemeente De Bilt.

Door de onafhankelijke status, de journalistieke insteek en door zich uitsluitend te richten op de informatie binnen één gemeente, onderscheidt iedere Nieuwsover.nl portal zich van alle andere nieuwssites.

De website staat onder redactie van Jolanda Brokking-Chevalier. Zij is samen met haar echtgenoot Eddy Chevalier initiatiefnemer van Nieuwsover.nl. Jolanda is freelance journalist en tevens correspondent voor de gemeente De Bilt bij het AD/UN.’

Op 29 januari meldde deze website in ‘Extra onderzoek naar woonzorgcentrum op maïsveld De Leijen’:

‘De mogelijkheid om een woon-zorgcentrum te realiseren op het op het maïsveld achter het J.J.P. Oudkwartier in de wijk De Leijen, is niet definitief van tafel. Het college van b en w gaat een extra onderzoek doen naar deze optie. Gekeken wordt of dit toch financieel haalbaar is. Vanwege de extra tijd die dit onderzoek kost, zal de bespreking van het voorstel tot woningbouw zeer waarschijnlijk niet op 18 februari door de gemeenteraad worden besproken.

Eerder besloot het college om circa 40 huizen te bouwen op het maïsveld. Omwonenden van het veldje kregen vorige week een brief van de gemeente waarin ze zijn uitgenodigd voor een inloopavond om kennis te nemen van dit woningbouwplan. Deze brief overviel de omwonenden, de klankbordgroep, maar ook gemeenteraadsleden. Zij wisten niets van deze gewijzigde plannen. De Wijkraad De Leijen heeft aangegeven dat ze tegen woningbouw op deze plek is.

In december 2008 besloot de gemeenteraad dat deze plek de alternatieve locatie voor een woon-zorgcentrum zou zijn. Projectontwikkelaar Burgland wilde zo’n complex op landgoed Beukenburg in Groenekan bouwen, maar dat ging uiteindelijk niet door. Volgens het college was het veld aan de rand van de wijk De Leijen het meest geschikte alternatief hiervoor.

De inloopavond is op 2 februari, van 19.30 tot 21.00 uur in het WVT gebouw aan de Talinglaan 10 in Bilthoven. Lees meer: Geen woonzorgcentrum maar 40 woningen op maïsveld.’

In dit laatstgenoemde bericht, dat van 27 januari is, wordt de hele geschiedenis van het maïsveld De Leijen uit de doeken gedaan. Oorspronkelijk ging het helemaal niet om het Leendert Meeshuis, maar om een woonzorgcentrum waarvan de naam niet genoemd wordt. De gemeente De Bilt blijkt te zwalken tussen verschillende mogelijkheden. Zo staat onder het opschrift ‘Twee opties’:

‘Naar nu blijkt, is de klankbordgroep bij haar laatste bijeenkomst, afgelopen september, door de gemeente geïnformeerd dat de zorginstelling die het woon-zorgcentrum zou exploiteren, begin 2009 aan projectontwikkelaar Burgland heeft laten weten niet meer geïnteresseerd te zijn in het maïsveld. De plek was bij nader inzien niet geschikt en er speelden financiële problemen. Zorginstelling Antroz (Leendert Meeshuis) was vervolgens geïnteresseerd, maar zou er een groter verpleegcomplex met circa 100 kamers willen bouwen.

Om er financieel neutraal uit te komen waren er volgens de gemeente twee opties: een woon-zorgcomplex op het maïsveld en een paar woningen op locatie Beukenburg of woningbouw op het maïsveld en geen bebouwing op Beukenburg. De provincie Utrecht heeft ondertussen besloten dat op Beukenburg geen bebouwing mag komen. Ook zou zijn gebleken dat met het plan van Antroz de gemeente met een financieel gat van 900.000 euro zou blijven zitten.
Het college heeft vervolgens besloten tot de bouw van circa 42 woningen op het maïsveld.

Inloop en bezwaren
Dit besluit wordt 18 februari in de raad besproken. Omwonenden kunnen tot 4 februari bezwaren indienen. De inloopavond is op 2 februari van 19.30 tot 21.00 uur in het WVT gebouw aan de Talinglaan 10 in Bilthoven.’

Maar de gemeente doet nu toch nog eerst een extra onderzoek, blijkt twee dagen later. De deur is niet dichtgeslagen, een woon-zorgcentrum op die plek behoort wel degelijk nog steeds tot de mogelijkheden. Ik zal de ontwikkelingen in gemeente De Bilt inzake het Leendert Meeshuis met veel belangstelling hier blijven volgen. – Dan het derde onderwerp van vandaag. Dat is een vervolg op het bericht Omkoperij’ van 13 november 2009, waarin ik melding maakte van de kwestie melkprijzen in de bd-landbouw, naar aanleiding van een persbericht op de Demeter-website met de titel Demeter-boeren rond tafel voor eerlijke melkprijs’:

‘Afgelopen week hebben de Demeter-melkveehouders op Warmonderhof in Dronten een eerste ronde tafelgesprek georganiseerd met hun melkverwerkers, handelaren en winkeliers. Onderwerp van gesprek was de melkprijs in de keten van biologisch-dynamische boer tot consument. De Demeter-melkprijs is namelijk gekoppeld aan de gangbare melkprijs. De Demeter-boeren ontvangen bovenop de gangbare melkprijs een vergoeding voor de extra kosten die ze maken. Als de melkprijs voor gangbare boeren zoals nu te laag is, dan krijgt de biologisch-dynamische boer automatisch ook te weinig voor zijn duurzaam geproduceerd product. Maar de prijzen van de Demeter-zuivel in de winkel zijn niet navenant gedaald. Terwijl mensen die kiezen voor een Demeter-product er vanuit gaan dat de boer een eerlijke prijs ontvangt voor zijn of haar werk. Ook veel natuurvoedingswinkeliers en -handelaren hebben hun vraagtekens bij de prijzenoorlog die vanuit supermarkten lijkt te worden aangejaagd.

Omdat Demeter-melkveehouders door de prijzenslag in problemen dreigen te komen, hebben zij de verwerkers en handel uitgenodigd om mee te denken over eerlijke en duurzame afspraken over hun eerlijke en duurzame product. Tijdens de bijeenkomst is onder andere gesproken over de mogelijkheden van kostenbesparing door efficiënter werken en over een transparanter en eerlijker prijsopbouw. Het eerste gesprek heeft direct opgeleverd dat samengewerkt gaat worden in transport en verwerking.’

We zijn nu twee en halve maand verder, maar ik heb hier niets meer over vernomen. Op de website van het Duitse Demetermerk echter werd afgelopen woensdag het volgende bericht met de titel ‘Demeter-Bauern brauchen nachhaltige Bezahlung als Existenzsicherung: Höchste Milchqualität muss sich im Preis widerspiegeln’ geplaatst. – Sorry, maar het is in het Duits. Er staat dat er een rondetafelgesprek is geweest in de vakcommissie voor melk, waarin dezelfde problematiek werd besproken. Klemens Fischer, uit het bestuur van de Demeter-marketing, laat weten dat een melkprijs van minstens € 1,35 per liter voor de boeren noodzakelijk is om te kunnen blijven voortbestaan en dezelfde kwaliteit te leveren. Terwijl de prijs voor een liter Demeter volle melk in Duitsland momenteel tussen de € 0,89 en € 1,29 ligt. Hij haalt een professor aan de universiteit van Kassel aan, volgens wie bewuste consumenten bereid zijn zo’n hogere prijs voor duurzaam geproduceerde en kwalitatief hoogstaande melk te betalen. Die zijn echt niet op het allergoedkoopste uit. Dat dit werkelijk gebeurt is hoognodig, want vooral de kleine boerderijen lijden onder de te lage melkprijs en worden er rechtstreeks door in hun bestaan bedreigd:

‘Die Milchpreise beschäftigen immer wieder nicht nur Politik und Öffentlichkeit, sondern vor allem die betroffenen Bauern. Im Fachbeirat Milch, dem Runden Tisch von Demeter-Erzeugern und -Molkereien, wurde gemeinsam die Notwendigkeit einer wirklich nachhaltigen Bezahlung der Milchbauern diskutiert. “Nur wenn Demeter-Bauern dauerhaft und abgesichert den Auszahlungspreis für ihre Milch bekommen, den sie für die Zukunftssicherung ihrer Höfe benötigen, können Verbraucher auch in Zukunft die höchste biodynamische Milchqualität erhalten”, unterstreicht Demeter-Marketingvorstand Klemens Fischer.

“Zur Zeit kostet ein Liter Demeter-Vollmilch zwischen 89 Cent und 1,29 €. Wir brauchen aber mindestens einen Preis von 1,35 €. Erst dann wird die Arbeit der Landwirte und Hersteller ausreichend honoriert. Nur bei einem höheren Verkaufspreis gibt es am Ende auch mehr zu verteilen”, rechnet Fischer vor. Dafür würden Kunden dann auch die bestmögliche Qualität bekommen. Die Mehrarbeit des Landwirts und die besonders schonende Verarbeitung garantieren dafür. “Wir verzichten beispielsweise auf das schmerzhafte Enthornen der Kühe. Tiere mit Hörnern brauchen aber mehr Platz im Stall. Ebenso führen regelmäßiger Weidegang und eine möglichst naturnahe Fütterung dazu, dass die Kuh durchschnittlich weniger Milch gibt und dadurch die Kosten pro Liter Milch steigen. Bei uns zählt Qualität, nicht Quantität”, erklärt Rolf Holzapfel, Demeter-Landwirt vom Hofgut Voggenreute in der Nähe von Ulm. “Wir möchten keine Gnaden-Pfennige nach dem Motto ‘1 Cent mehr für den Bauern’”, ist ihm und seinen Kollegen wichtig. Längst sei der Milchmarkt ein globaler Markt geworden, bei dem der Weltmarktpreis eine große Rolle spiele. “Der ruinöse Wettbewerb im Handel führt dazu, dass die Milch billiger verkauft wird als angemessen. Oft wird gerade Milch als Instrument dafür verwendet, um Marktanteile gegenüber dem Wettbewerber zu generieren”, sagt Klemens Fischer. Er verweist auf Professor Ulrich Hamm von der Uni Kassel, der herausgefunden hat, dass Verbraucher gar nicht so sensibel auf Preise reagierten wie oft behauptet wird. Sie überschätzten in einer repräsentativen Umfrage die Preise derjenigen Produkte, die sie vorhatten zu kaufen, um durchschnittlich 20 Prozent. Und ihre Zahlungsbereitschaft für Produkte, die authentisch und sinnhaft sind, sei noch weitaus höher. Regionalität, Tierschutz und Gerechtes Wirtschaften nannten Verbraucher als wichtigste Aspekte ihrer Kaufentscheidung. “In allen diesen Bereichen sind wir die Besten”, nimmt Klemens Fischer für Demeter in Anspruch. Forscher geben ihm Recht. Sie haben ermittelt, dass Demeter-Milch mehr bietet als konventionelle: Reichlich gesundheitsfördernde Omega-Fettsäuren, antioxidatives Vitamin E, Beta-Carotin und konjugierte Linolsäuren (CLA). Fast genau so wichtig: Gentechnik bleibt außen vor. Die Milchqualität wird überdies entscheidend durch die Verarbeitung beeinflusst. Herkömmliche Verfahren wie Homogenisierung verändern die Strukturen der Milch und können deshalb Allergien provozieren. Demeter-Milch wird nicht homogenisiert.

Bei Demeter treffen sich die Landwirte regelmäßig mit den Vertretern der Molkereien. “Wir haben uns viel vorgenommen”, sagt Gyso von Bonin, Landwirt aus Ostwestfalen, “Wichtigstes Ziel ist nun, den Auszahlungspreis für Landwirte wieder Existenz sichernd zu machen. Bei den derzeitigen Milchauszahlungspreisen können kleine bäuerliche Betriebe mittelfristig nicht weiterarbeiten und das trifft viele Demeter-Höfe. Deshalb müssen wir gemeinsam mit den Molkereien gegenüber dem Handel zusammenstehen. Wenn der Verbraucher die Vorteile der Demeter-Milch kennt und schätzt, weiß er wofür er sein Geld ausgibt.”’

vrijdag 29 januari 2010

Wonderwall

Op het rode fietsverkeersbord staat Reeuwijkse plassen aangegeven met - (dus nul) kilometer, en daaronder Reeuwijk met 4 en met Gouda met 7 kilometer. Het groene zeshoekige bord vooraan wijst de richting voor de Reeuwijkse route van de ANWB voor fietsers. Nu nog met behulp van Google Maps uitvogelen welke T-splitsing dit is...

In De Stentor, regio Zutphen, een reportage van Rudi Hofman, getiteld ‘Huiskamersfeer bij “te snel” Opium TV’. Hij doet eerst verslag van een busreis woensdag van Zutphen naar Amsterdam met chauffeur Hermie:

‘Reisdoel is de Escape aan het Rembrandtplein. Hier gaan de bijna vijftig passagiers opnames en een live-uitzending bijwonen van het culturele AVRO-programma Opium TV.

Het gezelschap is gemêleerd. In het voorste deel van de bus zitten nagenoeg alleen vijftigplussers, terwijl achterin zo’n tien leerlingen van vrije school De IJssel voor sfeer zorgen. Zo zetten zij spontaan Oasis’ Wonderwall in.

Van die andere vrije school in Zutphen, De Berkel, is een handvol CKV (culturele en kunstzinnige vorming)-docenten ingestapt, onder wie Rik de Ridder: “We kregen een mailtje over dit reisje. Ik zie het als een kans om een kijkje in de keuken te nemen. Als ik kan, kijk ik altijd naar Opium TV. Er zijn vaak leuke gasten en presentator Cornald Maas doet het goed.” Collega Marcel van der Weide sluit zich hierbij aan: “Het gaat ergens over, de mensen hebben echt iets te vertellen. Maas is zorgvuldig en betrokken, hij heeft een hart voor de kunst.”’

Eenmaal in Amsterdam, in de Escape, blijken de scholieren bijzonder gemotiveerd:

‘In de twee uur durende pauze tot aan de live-uitzending kan iedereen in het restaurant een – zeer pittig – soepje nuttigen. Voor de leerlingen van De IJssel is de soep onvoldoende. Zij gaan voor een snack bij de “Mac”. Havo-leerlingen Marthe van Otterloo en Roos Marijn Peperkamp benadrukken dat zij en hun klasgenoten niet, zoals Alberto in de bus had gezegd, voor de studiepunten zijn meegekomen. “We zijn hier voor onszelf, in onze vrije tijd. Dit is toch veel leuker dan een saaie schooldag?”’

Na de opnamen volgt een intensief verwerkingsproces:

‘De terugreis naar Zutphen kenmerkt zich door een file op de A1 (gekantelde vrachtwagen) en een overdosis aan “hoogtepunten” uit Op zoek naar Joseph. Alle passagiers hebben zich, zo blijkt, prima vermaakt. Maar Opium TV heeft op niemand een verslavende uitwerking gehad. CKV-docent Marcel van der Weijde verwoordt het treffend: “Ik vond het leuk om mee te maken en de sfeer was goed. Het programma was best boeiend, maar te kort. Daardoor ontbrak het aan diepgang.”

Buschauffeur Hermie zet om half één zijn bus stil aan de achterzijde van het station in Zutphen. Het TV-uitje heeft bijna negen uur geduurd. Niet slecht voor vijf euro.’

Ander nieuws is te vinden op de website van Antroz. Nou ja, het stond er maandag al op, maar ik zie het pas vandaag. De titel luidt Leendert Meeshuis verzoekt verhuizing naar De Leijen-Zuid in de gemeente De Bilt’ (vier weken geleden, op de eerste dag van het nieuwe jaar, had ik het hier ook over in Lustwarande’; mijn eerste bericht over dit onderwerp verscheen op 7 november 2008 in ‘Toelating’):

‘Stichting Antroz heeft een verhuizing van het verpleeghuis op het Berg & Bosch terrein naar De Leijen-Zuid verzocht aan Gemeente De Bilt. Wij denken aan een woonzorgcentrum van maximaal 2 1/2 verdiepingen, passend en aansluiting bij de groene en laagbouw woonomgeving die thans aanwezig is.

Met deze nieuwbouw wordt afscheid genomen van de tweepersoonskamers en van de afdelingsgerichte huisvesting. Zo kan nog beter aangesloten worden bij de eisen van deze tijd voor residentiële zorg. Meer privacy voor de bewoners, enkele logeerfaciliteiten voor familieleden, winkeltje en restauratieve functies zullen met nieuwbouw gerealiseerd kunnen worden. In de nieuwbouwwensen worden wij gesteund door het Zorgkantoor, die met ons de visie deelt dat op termijn een nieuwe locatie voor het Leendert Meeshuis gewenst is. Wij streven naar een maatschappelijke en duurzame oplossing voor deze kwetsbare groep in onze samenleving.

De reden dat wij opteren voor de locatie De Leijen-Zuid is:
– de locatie bevindt zich binnen de Gemeente;
– past programmatisch bij onze organisatie (ecologie, vorm, maat, samenhang Utrechts Landschap);
– versterkt de wijk en de omgeving en sluit hierbij aan;
– past fysiek en stedenbouwkundig in de wijk;
– biedt mogelijkheid aan éénpersoonskamers en kleinschalig wonen;
– past binnen de financiële mogelijkheden van een AWBZ organisatie;
– is van voldoende omvang voor 110 verpleeghuisplaatsen;
– heeft of wordt getransformeerd met een passend bestemmingsplan;
– biedt afronding van de zoektocht naar een nieuwe locatie (met voordelen t.a.v. kosten en risico’s en op langere termijn voor de continuïteit).

Een nieuwe locatie voor vervangende nieuwbouw is belangrijk en daarom is Antroz nu bijna een jaar in gesprek met de gemeente over de locatie De Leijen-Zuid. Stichting Antroz presenteert behalve een maatschappelijke missie ook een financieel raamwerk. Daarbij brengt Antroz ook eigen geld in. Maar op dit moment is het nog onduidelijk welke kant het op gaat.

Uitgangspunt voor ons is, dat op korte termijn helderheid komt welke nieuwe locatie aan het Leendert Meeshuis geboden wordt voor vervangende nieuwbouw. Wij vertrouwen er op dat de Gemeenteraad in de komende periode alle maatschappelijke, financiële en andere belangen overziende, een integraal besluit gaat nemen waarin duidelijk aangegeven wordt op welke toekomstige locatie in de Gemeente De Bilt het Leendert Meeshuis haar vervangende nieuwbouw kan en mag realiseren.

Voor vragen en informatie is een apart e-mail adres beschikbaar: info.bouw@antroz.nl

Nu ik toch bezig ben over Antroz, kan dit nieuwsbericht dat gisteren op de website verscheen, er wel meteen bij. Het draagt de titel ‘19 maart 2010: 3e landelijke studiebijeenkomst voor initiatiefnemers in de antroposofische ouderenzorg’:

‘Op 19 maart 2010 is de 3e landelijke studiebijeenkomst voor initiatiefnemers in de antroposofische ouderenzorg. Deze bijeenkomst is een vervolg op de ontmoetingsdagen in maart 2008 en maart 2009 en wordt opnieuw gehouden in Woonoord Kraaybeek, Kraaybeek 41, 3791 LH Driebergen, van 9.30-16.00 uur.

Doel van de netwerkbijeenkomst op 19 maart is:
– ervaring uitwisselen t.a.v. woon/zorginitiatieven voor ouderen
– elkaar ontmoeten en inspireren
– voorbeelden uitwisselen van prille of rijpe initiatieven
– eigen expertise opbouwen om uw initiatief van de grond te krijgen

Op de vorige bijeenkomst stond het ondernemersplan centraal. Met een inleiding van Anita Lahuis van USUS werden de deelnemers geholpen met de opzet van een ondernemersplan, ook wel businessplan genoemd. Dit is immers een essentiële stap in het proces van realiseren van initiatieven in de woon/zorgsector.

Aanstaande bijeenkomst 19 maart wordt de focus gelegd op het programma van eisen en met name op al die aspecten en onderdelen die vanuit de identiteit (antroposofie) belangrijk zijn voor huisvesting. Hoe vertalen we het antroposofisch mensbeeld naar vormen en inrichtingen, de menselijke maat, kleinschaligheid, relatie met de natuur en de omgeving, en hoe geeft ieder van ons in den lande, met verschillende initiatieven en met verschillende doelgroepen/zorgvragen, daar tòch invulling aan.

De initiatiefnemers hebben de heer Yaike Dunselman, architect bij 9º Architectuur in Amersfoort, bereid gevonden om 19 maart a.s. zijn deskundigheid met ons te delen. De heer Yaike Dunselman heeft met zijn collega’s veel ervaring met het opzetten van initiatieven in de woon/zorgsector.

Deelname aan de studiebijeenkomst is gratis. Wel wordt een actieve inbreng van de deelnemers gevraagd en een bereidheid tot een openhartige uitwisseling van relevante informatie en ervaring.

Aanmelden kan uitsluitend schriftelijk via secretariaat Raad van Bestuur Antroz, t.a.v. mevrouw E. Boon, Van Tetslaan 2, 3707 VD Zeist, of per e-mail.’

Over Yaike Dunselman en zijn architectenbureau heb ik het op 16 november 2009 uitgebreid gehad in ‘Waardering’. Zo bent u weer op de hoogte van het laatste nieuws.

donderdag 28 januari 2010

Santa Isabel

Dit is uiteraard geen Casa de Santa Isabel, mocht u dat soms denken. Dit huis staat gewoon ergens bij de Reeuwijkse Plassen.

Wilfried Nauta kwam gisteren op AntroVista (dat wil zeggen, op de afdeling ‘Ziekte en gezondheid’, klik daarvoor in het menu rechts) met een noodkreet, ‘Snelweg door Portugees instituut’. Hij meldt daarin dat Casa de Santa Isabel in Portugal, een instelling voor kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking die bijna dertig jaar geleden mede door Nederlanders werd opgezet, sinds kort in zijn ongestoorde bestaan bedreigd wordt. Zijn bron heeft hij erbij geplaatst, een brief van Christane Gerretsen, werkzaam aan de Christophorusschool te Bosch en Duin, een afdeling van de Lieflandschool in Zeist.

Zij doet een oproep, waarin zij onder de titel ‘Casa de santa Isabel luidt de noodklok!’ schrijft:

‘Casa de Santa Isabel in Sao Romao/Seia is een heilpedagogisch instituut voor kinderen en (jong)volwassenen gelegen aan de rand van een beschermd natuurgebied in de Serra de Estrela in Portugal. In 1981 werd het eerste huis geopend, nu is het een bloeiende leefgemeenschap waar inmiddels 80 mensen met ontwikkelingsproblemen en hun begeleiders wonen, werken en leren van en met elkaar.

Met vereende krachten is in de afgelopen 30 jaar veel van de grond gekomen: een aantal woonhuizen, werkplaatsen, een school en de biologisch/ dynamische boerderij. Medewerkers uit Portugal en ook uit het buitenland (waaronder velen uit Nederland) droegen en dragen hier aan bij. Ook veel gulle schenkingen uit binnen en buitenland hebben destijds geholpen bij het tot stand komen van dit kleine paradijs. Inmiddels is Casa de Santa Isabel niet meer afhankelijk van schenkingen en is een stabiel geheel.

Niet alleen voor de bewoners van de Casa de Santa Isabel, maar ook voor de omgeving heeft deze gemeenschap veel goeds gebracht: werkgelegenheid, onderwijs voor extern wonende leerlingen, maar ook een aanzienlijke verandering in de bebossing op en rond het terrein: waar eerst voornamelijk uiterst bosbrand gevoelige eucalyptus- en dennenbossen waren, is veel loofbos aangeplant, wat een verrijking van flora en fauna tot gevolg heeft gehad.

Rond de boerderij (de “Quinta do Formigo”) liggen een olijfboomgaard, een notenboomgaard en is na jaren hard werken tuinbouw mogelijk op de oorspronkelijk arme bodem van geërodeerd graniet. Het terrein is toegankelijk voor iedereen uit de omgeving als wandelgebied, maar ook kunnen scholen uit de omgeving er terecht voor educatieve projecten.

Als (oud) medewerker van het eerste uur kreeg ik deze week het bericht dat de gemeenteraad van Seia en de Portugese overheid verregaande plannen hebben om een nieuwe hoofdweg aan te leggen die over het terrein van Casa de Santa Isabel zal lopen en de boerderij af zal snijden van de andere woonhuizen, werkplaatsen en de school. Dit levert niet allen veel onrust en onveiligheid op voor deze uiterst kwetsbare doelgroep, maar zal ook de grond rond de boerderij opslokken.

Casa Santa Isabel gaat de strijd met de overheden aan: binnenkort komt er (weer) een delegatie kijken, en zal er een petitie overhandigd worden, die inmiddels door velen uit binnen- en buitenland is ondertekend. Ook u kunt uw steun betuigen door deze petitie te ondertekenen. Dat kan via de link: http://www.PetitionOnline.com/formigo/ Er wordt dan gevraagd om naam, nummer van paspoort/ ID kaart, woonplaats en land. De petitie is opgesteld in het Portugees, maar iedereen die meer wil weten over de Casa de Santa Isabel, kan terecht op de (ook Engelstalige) website www.casa-santaisabel.org.

Ook de Antroposofische Vereniging in Portugal heeft geschokt gereageerd op de dreigende situatie en schrijft haar leden aan hun steun te betuigen.

Destijds, in de moeilijke beginfase, is er veel steun geweest vanuit Nederland, zowel in materiële zin alsook door werkende handen. We zijn nu 30 jaar verder en hopen opnieuw te kunnen rekenen op uw steun, dit keer om het veilig stellen van het voortbestaan van deze woon/werkgemeenschap die voor een groot aantal bewoners het enige thuis is dat zij kennen.

Christane Gerretsen
christanegerretsen@lieflandschoolzeist.nl’

Ik heb hier verder niets over kunnen vinden, behalve de petitie-website. Daar zijn inmiddels 3045 handtekeningen geplaatst. Portugees lezen kan ik niet, dus ik weet ook niet of er in die petitie meer bijzonderheden staan dan wat al in het bovenstaande wordt gemeld.

woensdag 27 januari 2010

Eenvoudig

Ach, laat ik het vandaag eens eenvoudig houden. Sinds hedenmiddag is online aflevering 14 van De Digitale Verbreding, het online tijdschrift van de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ). Vermeldenswaard is vooral het verslag van het symposium van het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden op 18 december 2009. Aangezien ik dat lectoraat op deze weblog steeds gevolgd heb, kan het geen kwaad daar op te wijzen. Op de laatste dag van het afgelopen jaar, op donderdag 31 december 2009, lichtte ik in ‘Hoopvol’ al een eerste tipje van de sluier op. Ik maakte toen gewag van ‘Publicaties Praktijkonderzoek beschikbaar als download’, zoals te lezen was op de nieuwspagina van het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg van Hogeschool Leiden:

‘Op het symposium van 18 december jl. is “Praktijkonderzoek 2009: Op weg naar een professionele individugeoriënteerde gezondheidszorg! Welke vaardigheden en innovaties moeten ontwikkeld worden?” gepresenteerd en uitgereikt aan de bezoekers. Deze publicatie is nu ook beschikbaar als gratis download en staat bij Publicaties. Mocht u interesse hebben in een papieren versie van het boek dan kunt u deze vanaf 4 januari 2010 kopen in HL Bookshop. De bookshop is gevestigd in Hogeschool Leiden, op de Zernikedreef 11 in Leiden.’

Ik constateerde verheugd dat onder die betreffende link niet alleen het boek van 2009, maar ook dat van 2008 is te downloaden:

‘De volgende publicaties zijn ook beschikbaar als gratis download. Indien u een exemplaar wilt kopen dan kan dat via HL Bookshop, deze is gevestigd in Hogeschool Leiden.
Praktijkonderzoek in de antroposofische gezondheidszorg 2008
Praktijkonderzoek in de antroposofische gezondheidszorg 2009

Eerder, op 20 december 2009, had ik in ‘Hoop en vrees’ de bijdrage van Bas Leerink, lid van de Raad van Bestuur van zorgverzekeraar Menzis, aan het symposium gememoreerd. Daarvan werd namelijk meteen op 18 december door deze zorgverzekeraar een persbericht met de titel ‘Menzis maakt therapeutische zorg toegankelijker’ naar buiten gebracht. Maar verder ben ik hier op dat symposium zelf niet concreet ingegaan, ook niet als aankondiging. – Dus nu valt er in De Digitale Verbreding nr. 14 uitvoerig over te lezen. En het mooie is, dat er ook al op de website van het lectoraat een impressie van te vinden is, namelijk in het menu links onder ‘Symposium’. Daar staat:

‘Het tweede symposium was, ondanks de hevige sneeuwval en de daarmee gepaard gaande ontregeling van het verkeer, opnieuw een succes. In de ochtend en middag werd het thema “Op weg naar een professionele individugeoriënteerde gezondheidszorg” vanuit verschillende perspectieven belicht. In de middag kwamen in workshops de resultaten van praktijkonderzoek in de antroposofische gezondheidszorg aan bod. Tevens werden er twee nieuwe publicaties gepresenteerd.
Een terugblik in woord en beeld

Die terugblik biedt de powerpoint-presentaties van de acht personen die in de ochtend aan het woord kwamen: Joop Hoekman, Herman van Kampen, Bas Leerink, Atie Schipaanboord, Jan van der Greef, Hans Reinders, Guus van der Bie en Erik Baars. (Ik laat de titulatuur hier maar even weg; maar mocht u geïnteresseerd zijn, het betreft een behoorlijk aantal prof., dr. en drs., ook met gecombineerde titels.) In De Digitale Verbreding leest u een korte inhoudelijke impressie van wat zij te berde brachten. Aangevuld met de bijdrage van Gunver Kienle, die in de middag een lezing hield.

Op het eind van de dag werd het al genoemde boek ‘Praktijkonderzoek in de antroposofische gezondheidszorg 2009’ gepresenteerd. Het verslag eindigt met de verheugende constatering dat dit

‘boek kan dienen als “symposiumbundel”, want daarin staat een groot deel van de bijdrages die in de ochtend werden gegeven.’

Alles is gewoon direct aanwezig en beschikbaar. Mooier kun je het toch niet wensen!

dinsdag 26 januari 2010

Maaisel

Morgen wordt in Dronten de Winterconferentie van de bd-vereniging (Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw en Voeding) gehouden. Een reprise voor onze zuiderburen vindt 10 februari plaats in Widar te Merksplas, België. Op de website is ruimte vrijgemaakt voor het programma en een inleidende tekst van voorzitter Albert de Vries. Deze tekst is dezelfde die in het vijfde en laatste nummer in 2009 van Dynamisch Perspectief stond (bladzijden 8-10). Het mooie is dat dit ledenblad van de bd-vereniging tegenwoordig weer op de website is te vinden. Gewoonlijk hoor je niet zo veel vanuit de bd-landbouw, de actuele berichtgeving op de website van de vereniging, maar ook op die van Demeter, is vrij karig. Wat een verademing is dan dit blad Dynamisch Perspectief! Ik heb gewoon spijt dat ik mijn abonnement jaren geleden heb opgezegd. Maar ja, ik moest toen snijden in mijn uitgaven en dan moet er in ieder geval wel íets sneuvelen. Terwijl je juist door dit blad veel te weten kunt komen. Nu kan ik het gelukkig via de website weer inzien. Waarschijnlijk zal ik de komende tijd nog met het een en ander eruit komen aanzetten.

Maar nu die Winterconferentie. Wat houdt de bd-boeren tegenwoordig bezig? Titel is ‘Over de grens kijken. Biologisch-dynamische landbouw als cultuur van de intuïtie’. Het programma bestaat ’s ochtends uit een lezing van drie kwartier door Geert-Jan van der Burgt (onderzoeker LBI) over: ‘Onkruid: bestrijden of navolgen? Op zoek naar inspirerende beelden voor het dagelijkse werk’. Het tweede deel van de ochtend en het eerste deel van de middag zijn er werkgroepen. Daarna is er te Dronten: ‘In gesprek met Anne Koekkoek (veehouder) en Leon Veltman (ex-veehouder Warmonderhof) op zoek naar beslissende momenten in het ontwikkelen van een bedrijfseigen fokkerij.’ En te Merksplas: ‘In gesprek met Jan van Arragon (tuinder) op zoek naar beslissende momenten in de omschakeling naar biologische mestloze akker- en tuinbouw.’

Een aantal werkgroepen biedt de mogelijkheid tot reflectie op de intuïtieve handeling. In andere werkgroepen zal worden geoefend met de intervisiemethode zoals gehanteerd in het project BD-beroepsontwikkeling, de beeldvormende methode van Dorian Schmidt, een methode om een beeld van het bedrijf te verkrijgen. De werkgroepleiders Albert de Vries, Anne Machiel, Jozien Vos en Luc Ambagts hebben als thema ‘Kijken naar eigen intuïtie’, terwijl Joke Bloksma de ‘BD-Beroepsontwikkeling’ centraal stelt, Frans Romijn en Rene Groenen de ‘Beeldvormende methode Dorian Schmidt’ en Jaap Vermue de ‘Beeldvorming eigen bedrijf’.

Het genoemde artikel van Albert de Vries is getiteld: ‘Wat kan ik van de ridderzuring leren? Biologisch-dynamische landbouw als cultuur van de intuïtie’:

‘De winterconferentie op 27 januari (in Dronten) en op 10 februari (in Vlaanderen) staat geheel in het teken van intuïtief vakmanschap. Albert de Vries legt aan de hand van een voorbeeld uit wat intuïtief werken kan opleveren en hoe je dit kunt leren.

“Toen ik in 1995 omschakelde naar biologische landbouw was ridderzuring voor mij één van de grootste problemen. Mijn vader had de zuring tientallen jaren chemisch bestreden en desondanks was ze nog overal. Ze met de hand uitsteken zag ik mezelf niet doen.” Dit vertelt Walter Weidmann, een Zwitserse boer. De mogelijkheid om zich in een regionale werkgroep te verdiepen in het omgaan met de ridderzuring kwam voor hem op het goede moment. Ik begeleidde die werkgroep. Op de weiden aan de rand van het bos, waar geëxtensiveerd werd, was geen ridderzuring meer. Deze vaststelling was aanleiding om te experimenteren met bemesting ook al zou zo’n lage bemesting bedrijfseconomisch niet kunnen. Om verschillende redenen werden die experimenten echter niet consequent uitgevoerd en volgehouden. Het leidde wel tot een intensieve waarneming. Walter stelde bij het uitgraven van een ridderzuring vast dat om de wortel heen goede aarde was met veel wormen. Dat leidde bij hem tot de vraag: kan ik de bodem zo ondersteunen dat dit effect overal optreedt? Zijn zoektocht werd ondersteund met de in de werkgroep doorwerkte gezichtspunten. Eén daarvan was de idee om te willen leren van de ridderzuring, in plaats van hem te willen bestrijden. Dat kan door je in te leven in de plant.

“Los van dit proces was ik al jaren met boeren uit de buurt bezig met het verzorgen van een moerassig natuurgebied,” vertelt Walter verder. “Het maaisel moest jaarlijks afgevoerd worden en niemand wilde dat eigenlijk hebben. Het was een mengsel van riet, moerasgrassen, paardenstaart en munt. Ik kreeg toen plotseling het idee om dit maaisel op de maïsakker na de oogst uit te spreiden en onder te werken. Zo kon ik dat wat de ridderzuring doet, namelijk lucht in de bodem brengen, zelf doen. De maïs kan op ons bedrijf – door de hoogte en ligging van de percelen – pas laat geoogst worden en dan wordt de grond niet meer droog genoeg. De bodem wordt dan sterk verdicht bij het oogsten. Nu werd het maaisel in de herfst verspreid. Aansluitend werd geploegd. Het zag er na afloop verschrikkelijk uit. Het maaisel was zo lang en taai dat de plantenresten overal boven de grond uitstaken. Dat ergerde me. Maar tegelijkertijd klopte het wel met het idee. In het voorjaar daarop werd er een kunstweide ingezaaid. De akker was onherkenbaar, zo anders dan anders. De grond was los en kruimelig. Normaal moeten we twee keer eggen in het voorjaar voor het zaaien. Nu was één keer genoeg. De kunstweide leverde ook een goede opbrengst op. Sindsdien passen we deze werkwijze ook op de andere akkers toe waar maïs heeft gestaan. De ridderzuring is niet volledig verdwenen, maar ik raak er niet meer van in paniek. Opvallend is, dat het idee juist in dat jaar komt waarop de maïs op die akker staat waarop geëxperimenteerd wordt.”

Verbinding aangaan

Interessant in dit voorbeeld is dat twee los van elkaar staande zaken (het probleem van de ridderzuring en het probleem van niet weten waarheen het maaisel af te voeren) opeens in iemands verbeelding samen komen. Dat leidt tot een unieke oplossing. Die nieuwe mogelijkheid is voor Walter zeer verrassend; toch heeft hij dit zelf voorbereid.

Eerst is de ridderzuring een probleem, iets dat bestreden moet worden. Hij kijkt er van buitenaf naar en de ridderzuring blijft vreemd voor hem, iets waarmee hij geen verbinding kan krijgen. Het is als iets dat aan de overkant van een kloof is; aan de andere kant van de grens. Met de werkhypothese, dat onkruid een verstoring in het specifieke natuurlijke evenwicht van het bedrijf tracht te herstellen, wordt die ridderzuring opeens interessant. Dan wordt de vraag: “Kan ik van de ridderzuring leren hoe hij dat doet? Dan kan ik dat evenwicht misschien zelf herstellen, op mijn manier, en hoeft de ridderzuring het niet meer op zijn manier te doen!”

Het gaan experimenteren met bemesting is ook een voorbereiding, al komt daar uiteindelijk geen oplossing vandaan. Het experimenteren nodigt uit tot een intensiever waarnemen, tot een verbinding aangaan met het probleem. Je kijkt dus al op meerdere manieren over een grens heen voordat er van over die grens een oplossing aangereikt wordt.

Intuïtief werken

Dit is een voorbeeld van een intuïtieve werkwijze. Het spannende in intuïtief werken is, dat het moed vraagt om bestaande voorstellingen en gedachten los te laten: het beeld van de akker klopte totaal niet met de voorstelling die Walter van een ideale akker had. Tegelijkertijd vraagt intuïtief werken om je te richten, je met je bewustzijn af te stemmen. Dit afstemmen met je bewustzijn stoelt op imaginatieve, beeldvormende vaardigheden zoals het waarnemen van binnenuit, inlevend in de scheppende, vormende krachten van plant en bodem. Daarnaast stoelt dit afstemmen op inspiratieve, begripsvormende vaardigheden. Je zoekt een antwoord op de vraag “Wat is ridderzuring eigenlijk?”* Duidelijk is ook dat het intuïtieve handelen een situationeel handelen is. Deze handeling past bij Walter op zijn boerderij. Anderen kunnen hier inspiratie aan opdoen, maar het is niet zonder meer over te nemen.

De biologisch-dynamische landbouw schept niet alleen voorwaarden voor een vruchtbare aarde, maar ook voor de ontwikkeling van de mens tot een ‘geoefend, gecultiveerd’ intuïtief handelende mens. De elementen uit de antroposofische scholingsweg, zoals de oefening van positiviteit, gedachtecontrole, oefening van de wil, helpen daarbij. Interessant is dat het landbouwwerk elementen van de scholingsweg als vanzelf in zich heeft. Het meeleven met groeien, bloeien en sterven versterkt het vermogen om inlevend te weten wat gaat komen, wat wil worden. Het idee bedrijfsindividualiteit schept de voorwaarde voor het situationele handelen. Het werken met kringlopen versterkt het ervaringsleren.

Vakmanschap

Daarmee is de mogelijkheid gegeven – en ik zie dat als een taak van de vereniging – deze elementen van de biologisch-dynamische landbouw te cultiveren. Intuïtief handelen kan expliciet en navolgbaar bijdragen aan de ontwikkeling van de landbouw. Door te laten zien hoe zo’n ontwikkeling van vakmanschap - waarbij intuïtie altijd een rol speelt - eruit ziet vervullen we een algemene maatschappelijk behoefte aan inspiratie. Dat een boer ‘groene vingers’ kan hebben en dus onnavolgbaar intuïtief werkt is niet voldoende. Het gaat er om dit bewust van en aan elkaar te leren. Met deze Winterconferentie willen we een stap in deze richting zetten. We willen het intuïtieve handelen, dat in principe iedereen op momenten doet, opzoeken en daarop reflecteren met behulp van een intuïtieve werkwijze. Er ontstaan dan mogelijkheden onze intuïtie te cultiveren.

* Voor meer achtergrond zie: Steiner, R. (1920/2002): Voorbij de grenzen van de natuurwetenschap; Vries, A. de (2004): Ervaringsleren cultiveren; www.academievoorervaringsleren.nl’

Dan nog even heel ander nieuws: gisteren verscheen er eindelijk weer eens een nieuw bericht op de weblog van de Haagse Boekerij, ‘Opruiming’:

‘Zoals het zich laat aanzien, hebben wij een goed jaar achter de rug. In het begin van 2009 hielden we ons hart vast. De riolering gaf problemen, in het voorjaar stroomde het regenwater de winkel weer binnen, de herinrichting van de Frederikstraat duurde langer dan drie maanden, en dan was er ook nog DE CRISIS. Allemaal factoren die genoeg aanleiding zouden kunnen geven om ons zorgen te maken. Echter, ondanks deze potentiële tegenvallers, en dank zij U hebben we goed gedraaid en zien we ook dit jaar vol optimisme tegemoet.

Het Grote Tellen heeft zondag 10 januari plaatsgevonden. Een inventarisatie waarbij je boek voor boek in handen hebt, de prijs noemt en die opschrijft, is een heel karwei. Maar met acht man ben je er in driekwart dag doorheen. Inge’s kinderen met aanhang, zo langzamerhand routiniers te noemen, zorgden voor een enorm tempo, en tevens voor voldoende meligheid en hilariteit om er weer een speciale dag van te maken.

De veel gehoorde uitspraak van de klant dat onze voorraad zo verrassend is, is natuurlijk in de eerste plaats te danken aan een eigenwijze inkoop, maar voor een deel ook aan het feit dat we maar zelden boeken in de uitverkoop doen enkel en alleen omdat ze er al een aantal jaren staan. Dit jaar echter zijn we toch maar eens rigoreus door onze voorraad heengegaan. Het resultaat is een interessante opruiming, waarvoor we U van harte uitnodigen.

Inge Ebbinge en Herman Boswijk’

Het vorige bericht dateert van 1 juli 2009, dat van daar weer voor van 5 maart 2009. Dat schiet niet echt op dus. Jammer, want ze weten daar altijd leuke dingen te melden. Neem nou niet de weblog, maar de website van de Haagse Boekerij, dan lees ik daar:

‘Het is ons streven om enkele malen per jaar een nieuwsbrief uit te brengen, met actuele informatie over de winkel en aankondigingen en recensies van nieuwe boeken.’

Dan staat er:

‘Tot nu toe verschenen:
nr. 1, december 2008
Ik heb daar destijds ook over bericht: ik putte hieruit op 18 januari 2009 in ‘Owen Barfield’, op 1 februari 2009 in ‘Biografie’ en zelfs op 4 maart 2009 in ‘Sterfdag’. Wanneer mogen we weer wat op dit gebied verwachten? We leven immers al in 2010!

maandag 25 januari 2010

Gelijk optrekken

Vandaag minister Bos van Financiën. Hij zegt in een vraaggesprek met NRC Handelsblad hoe hij tegen de banksector aankijkt. Dat doet hij in navolging van president Obama van de Verenigde Staten. Redacteur Daan van Lent schrijft in ‘Bos steunt als eerste in EU bankenplan Obama’:

‘Minister Bos (Financiën, PvdA) staat volledig achter de Amerikaanse plannen om banken die spaargeld van consumenten beheren te verkleinen en minder risicovol te maken. Hij stuurt daarover vandaag een brief aan zijn Amerikaanse ambtsgenoot Tim Geithner, zegt hij in een vraaggesprek met NRC Handelsblad. (...)

Bos is de eerste Europese minister van Financiën die zich geheel achter de voorstellen van Obama opstelt. Eerder hebben Franse en Duitse ministers gezegd dat ze toejuichen dat de Amerikanen de discussie aangaan over de structuur van de financiële sector. Maar op de concrete voorstellen reageerden ze terughoudend. De Britse minister van Financiën Alistair Darling zei dit weekend dat het scheiden van traditionele en meer riskante bankactiviteiten geen waarborg is voor stabiliteit.’

Wat die ideeën van Obama zijn?

‘Grote banken zouden niet meer dan 10 procent marktaandeel mogen hebben op verschillende deelmarkten. Banken die spaargeld van consumenten beheren waarvoor overheidsgaranties gelden, mogen niet meer voor eigen rekening en risico handelen op financiële markten. Ze mogen ook niet meer beleggen in opkoopfondsen (private equity) en speculatieve hedgefondsen.’

Waar heb ik dat eerder gehoord? Aan het begin van de kredietcrisis, in een discussie tussen iemand van Triodos Bank en iemand van een andere bank. Triodos wil de financiële sector opsplitsen in banken met riskant kapitaal en met veilig kapitaal. Dat werd toen door de gesprekspartner als onwerkbaar en onnodig weggewuifd. Helaas kan ik dat betreffende gesprek niet terugvinden. Ik weet niet eens zeker of dat Peter Blom of Matthijs Bierman van Triodos Bank was. Maar kijk eens, de nieuwe uitgave van Triodos Berichten biedt uitkomst. Hoewel die tegenwoordig Triodosnieuws heet, ik loop blijkbaar achter. Maar hé, waar heb ik dat nou toch gelezen? – Het blijkt niet in de Nederlandse uitgave te staan, maar in de Belgische (Vlaamse). Die heet trouwens een beetje anders: ‘Triodos magazine nr. 100 (925 KB)’. In een artikel van Elbrich Fennema, ‘Waarom duurzaam bankieren werkt’, op bladzijde 18 en 19, komen Peter Blom en Pierre Aeby, respectievelijk directievoorzitter (CEO) en financieel directeur (CFO) aan het woord.

‘Dat de financiële sector wereldwijd zo is losgeraakt van de reële economie heeft zijn oorzaken in de jaren 80. “De gedachte achter de deregulering eind jaren 70, begin jaren 80 was dat concurrentie goed zou zijn”, schetst Pierre Aeby de voorgeschiedenis.

“Tot die tijd had je een duidelijk onderscheid tussen een spaarbank, een investeringsbank, een verzekeraar, een hypotheekbank, een effectenbank en venture capital, met elk zijn eigen werkterrein en regels. Dat is gebeurd in reactie op de crisis in de jaren 30. De lessen van de jaren 30 zijn echter vergeten. De rol van een bank als dienstverlener aan een gemeenschap werd ingeruild voor een model waarbij een bank een gewone, op maximale winst gerichte onderneming is. Er ontstonden immens grote financiële ‘conglomeraties’, vanuit het idee dat hoe groter en breder in producten en diensten, hoe sterker en succesvoller. Nu zien we dat het elkaar ook kan verzwakken.”

Er wordt nu gepleit voor het herstellen van dat onderscheid, zodat weer duidelijk wordt waar een bank zich op richt. “Daar zijn we voorstander van”, zegt Peter Blom. “Alles wat met investment banking te maken heeft en waar vaak enorme risico’s worden gelopen, noem dat geen bank meer, maar risicodragend investeren. Een bank zou zich bij het echte bankbedrijf moeten houden. De garantieregeling voor spaargelden en deposito’s zou alleen van toepassing moeten zijn op banken die zich op hun kerntaken richten en transparant opereren.”’

Dat is heel duidelijk. Nu NRC Handelsblad weer:

‘In de G20 zijn in september wel afspraken gemaakt over de aanpak van bonussen. Daarnaast maken centralebankiers in het Basels Comité afspraken over strengere kapitaalseisen aan banken. Maar over vergaande veranderingen in de structuur van de financiële sector is tot dusverre nauwelijks gesproken.

Volgens Bos ligt het in de grote landen gevoelig om hun grote banken op te splitsen. “Ze vinden die belangrijk voor hun internationale economische positie”, zegt hij. “Zij hebben ook grote schatkisten waarmee ze die banken te hulp kunnen schieten.” Bos, die zegt dat hij tot dusver in Europa nauwelijks gehoor kreeg als hij de discussie aanging over het opdelen van banken, denkt dat het speelveld tussen banken uit grote en kleine landen gelijker wordt als de voorstellen van Obama overal gaan gelden. Bos denkt dat de plannen de grote Nederlandse banken nauwelijks raken. “ING is aan het afslanken en ABN Amro is al veel kleiner dan ze was.”’

Dus Bos en Triodos Bank kunnen gelijk optrekken. – Ik heb nog een heel ander onderwerp. Speciaal voor de kooklustigen en lekkerbekken. Op de website van de Volkskrant bereidt Volkskok Nanda Troost vandaag als hoofdgerecht een ‘Sjalottentaart’. Het recept kunt u daar vinden (ik denk dat men niet blij zal zijn als ik dat hier zou vrijgeven). Maar mij gaat het om haar motivatie, die is voor hier interessant. Zij snijdt een probleem aan dat waarschijnlijk wel meer mensen zullen herkennen:

‘Het is soms nog flink dooreten om de biologische groentetas van Odin leeg te krijgen. Het afgelopen weekeinde draaide de Volkskok overuren om de groenten weg te werken in een groentesoep, waarvan twee ruime porties meteen werden ingevroren. De rest – de eerste portie dus eigenlijk – ging zaterdag schoon op, want het thuisfront hunkerde naar weer eens zelfgemaakte groentesoep.

Nou, die vulde uitstekend. De groenten die op zijn: witte kool, taugé, paprika, wortel, ui. Met één “smokkelgroente”: een nog vers gekochte stengel prei. Verder de nodige bouillonblokken en een pond rundergehakt die altijd in plukjes in de soep verdwijnt.

Onvoorzien een weekje uithuizig zijn is dus wel een nadeel van een wekelijkse tas. Hoe doen de 15 duizend Nederlanders die wekelijks een groentetas (al dan niet met fruit) ophalen en voorzien dat ze een weekje weinig thuis zijn? Die zetten de tas dan een weekje stop. Dat kan dus, als je alles van tevoren weet.

Dankzij de bio-tas heeft de Volkskok thuis inmiddels een succesnummer: de sjalottentaart. Niet in de laatste plaats dankzij de bijdrage van een smulvriendinnetje dat na haar verjaarsfeest blue stilton over had en ruimhartig uitdeelde. De blauwe kaas geeft een lekker pittige smaak. Wie daar niet van houdt kan natuurlijk elke willekeurige kaassoort kiezen.’

Volgt het recept voor de ‘Sjalottentaart van Odin, voor 3 personen. Lekker als lunch- of hoofdgerecht met salade’. In de papieren krant (op de laatste pagina) draagt deze tekst van Nanda Troost de titel ‘Groentetas’.

zondag 24 januari 2010

Beroep

Zaterdag stond er een bepaalde advertentie in verschillende kranten tegelijk, die ik terugvind op de website van de Lievegoed Zorggroep. Deze luidt zo:

‘Leden voor Raad van Toezicht gezocht
Profiel

Ter completering willen wij begin 2010 graag drie nieuwe leden voor de Raad van Toezicht verwelkomen, met als achtergrond en expertise:
– de financiering van de zorg;
– planning en vastgoed;
– managen van de inhoud van de zorg.
Belangrijke uitgangspunten zijn professionaliteit en compassie. Alle leden dienen actief respect te hebben voor complementaire gezondheidszorg.

Meer informatie
Gegadigden kunnen een functieprofiel opvragen bij Mevr. J. Bosscher, bestuurssecretaris (jbosscher@lievegoedzorggroep.nl). Uw sollicitatie kunt u tot 7 februari a.s. richten aan de voorzitter van de Raad van Toezicht, Dr. Huib G. van den Doel, die ook desgewenst nadere inlichtingen verstrekt (tel. 023-5259295, huib@vandendoel.com).’

Maar liefst drie tegelijk! In het jaarverslag over 2008 lees ik op bladzijde 10:

‘De samenstelling van de Raad van Toezicht per 31-12-2008 was als volgt:
– Dhr. Dr. H.G. van den Doel, voorzitter
– Dhr. Drs. P.J.J. de Bot, vice-voorzitter
– Mw. C.M.W. Hooghwinkel
– Dhr. Dipl. Oec. F.C. Lucke
– Dhr. R. van der Ploeg
– Mw. J. de Vries.’

Hier komt dus verandering in. Wie er vertrekken, weet ik niet. Of zouden er alleen drie nieuwe mensen bijkomen? Dat kan ik me nauwelijks voorstellen. – Ander nieuws vanuit de gezondheidszorg is te vinden op de website van het Edith Maryon College. Het blijkt dat ik hier nog niet eerder netjes aandacht aan deze opleidingsorganisatie heb besteed. O foei. Op de homepage van dit EMC staat meteen bovenaan:

‘opleidingen voor beroepen in de antroposofische zorg

Op zoek naar een interessant beroep waarin je iets voor andere mensen kan betekenen en ook jezelf kan ontwikkelen? Denk dan eens aan een opleiding medewerker maatschappelijke zorg (MMZ) of sociaal pedagogisch werker (SPW) voor therapeutisch begeleider in de antroposofische zorg- en hulpverlening. Je leert, werkt en zorgt voor kinderen, jongeren en volwassenen met een speciale begeleidingsvraag.

Als therapeutisch begeleider zijn er allerlei mogelijkheden om mensen te ondersteunen. Binnen of buiten een instelling. Tijdelijk of langdurig. Maar altijd met het doel om de kwaliteit van hun leven te verbeteren en hen daarbij professioneel te begeleiden of te behandelen. Het Edith Maryon College biedt daarvoor een aantal opleidingen en nascholingen of werkt daarmee samen. Zowel op MBO-, HBO- als postacademisch niveau. Ben je toe aan een nieuwe beroepskeuze of wil je je oude beroep weer opnieuw oppakken, dan zijn deze opleidingen zeker iets voor jou!’

Maar het nieuws waar ik de aandacht op wilde vestigen, is natuurlijk wat anders. Dat staat nog boven de geciteerde tekst, namelijk:

‘Bekijk de laatste editie van De Edithie
Symposium Edith Maryon College op 12-11-2009. Bekijk verslagen en een impressie van het symposium’

Dat laten we ons geen tweede keer zeggen. ‘De Edithie’ (moet je uiteraard lezen als ‘Editie’ en niet als een oneerbiedige verbastering van de naam van Edith Maryon, want dat past hier niet) blijkt een nieuw digitaal tijdschrift, terwijl het andere een jubileumsymposium ter ere van het 25-jarig bestaan betreft. Eerst het tijdschrift; daarin wordt uitgelegd:

‘Waarom een Edithie?

Kennis en deskundigheid op het gebied van opleiden en bij- en nascholing in de gezondheidszorg en hulpverlening is niet alleen te vinden bij het Edith Maryon College (EMC). Ook de instellingen in deze sector en de beroepsverenigingen hebben deze expertise vanuit hún specifieke richting!

Het lijkt ons een mooi idee om deze expertise te bundelen, zodat we met elkaar een netwerkkenniscentrum gaan vormen. Wij willen een platform creëren waarop beroepsopleidingen en nascholing in de zorg en hulpverlening gepresenteerd worden die de kwaliteit van ontmoeting en ontwikkeling van ieder mens centraal stellen. Waarin opleiden wordt gedefinieerd vanuit het ontwikkelingsperspectief van de ander.

Daarom willen we alle lezers van de Edithie uitnodigen hun scholingsaanbod – voor zover zij daar anderen in mee willen laten participeren – of vragen, ideeën en artikelen met betrekking tot scholingsactiviteiten in de edities van de Edithie te plaatsen. Wij beginnen daar nu als eerste mee.

U vindt in dit 1e nummer een aantal artikeltjes en een opsomming van de activiteiten die wij dit jaar ondernemen. Aan het einde vindt u de vooraankondigingen. We hopen dat de volgende Edithies ook door u gevuld gaan worden. Inzendingen kunt u sturen naar e.vanderpoel@maryoncollege.nl

Redactie Edithie:
Esther van der Poel
Manfred Flessner
Bernard Heldt’

Even verderop staat onder de vraag ‘Wat is het Edith Maryon College’ onder meer dit:

‘Het EMC richt zich op de professionele beroepsuitoefening. Ze werkt in partnerschap samen met collega-opleidingen en trainers in het veld van de gezondheids- en welzijnszorg. Voor de beroepsopleidingen werkt het Edith Maryon College samen met ROC Mondriaan in Den Haag. Voor projecten op Hbo-niveau werkt het EMC samen met de Hogeschool Utrecht.
Het Edith Maryon College heeft opleidingslocaties in Appelscha (Fr), Olst (Ov), Oploo (NBr), Rotterdam (ZH), Schoorl (NH) en Zeist (Ut).’

Dan is er ook nog een artikel over het:

‘Symposium Edith Maryon College: Hoe maak ík het verschil?

Ter gelegenheid van 25 jaar erkenning van de opleidingen voor heilpedagogie en sociaaltherapie heeft het Edith Maryon College (EMC) op 12 november een symposium georganiseerd. Het doel was om aan klanten, medewerkers en relaties haar opleidingsvisie te presenteren. Tijdens dit symposium werden de gasten op verschillende wijzen geprikkeld door de vraag: hoe maak ík het verschil?

Na een overzicht van de geschiedenis over het ontstaan van de opleidingen door directeur Bernard Heldt, heeft Erna Trouw een inleiding gegeven over het door haar geschreven boekje “Kijkrichting en inrichting”. Hierin beschrijft zij de motieven die voor het EMC richting geven aan haar opleidingen: ontwikkelen – verbinden – verantwoorden – ondernemen. Vervolgens werd het 1e exemplaar door Bernard Heldt aangeboden aan mw. drs. Jelske Talstra, van het Strategisch Beleidscentrum ROC Mondriaan.

De gasten werden in beweging gezet door Alexandra Buijsman, opleidingscoördinator EMC. In een kring was het de uitdaging om door middel van lopen en het doorgeven van (koperen) ballen in een vloeiend ritme met elkaar te komen. In werkgroepen werden hierna de ervaringen besproken en de verbinding gelegd met de vier eerder genoemde motieven.

Na een smakelijk buffet gaf prof. dr. Hans Reinders, hoogleraar Bernard Lievegoed leerstoel VU, een interessante lezing over de relatie tussen opleiding, werkplaats en kwaliteit (zie onze website). Bernard Heldt sloot het Symposium af met een blik op de toekomst.

Het was een geslaagde dag waarin het Edith Maryon College zichzelf op een inspirerende wijze heeft gepresenteerd!’

Mooi. Maar nog leuker is dat van dit symposium zelf op de website van het EMC drie documenten zijn geplaatst. Onder de noemer die ik al aanhaalde: ‘Bekijk verslagen en een impressie van het symposium’. Daar staat dit:

‘– Inleiding van het Symposium door drs. Bernard Heldt, directeur EMC
Lezing prof. dr. Hans Reinders, hoogleraar Bernard Lievegoed leerstoel VU
Verbinding als kernbegrip in de antroposofische zorg. Over de relatie tussen opleiding, werkplaats en kwaliteit.
Het boekje “Kijkrichting en inrichting”

Zeer interessant allemaal. Eerst de inleiding van Bernard Heldt:

‘De aanleiding tot dit symposium is het feit dat 25 jaar geleden de inspectie Beroepen en Opleidingen van het toenmalige ministerie van WVC de opleidingen voor heilpedagogie en sociaaltherapie heeft erkend als opleiding tot Verpleegkundige in de Zwakzinnigenzorg. Maar het doel is om aan u als klanten, medewerkers en relaties onze opleidingsvisie te presenteren. We hebben er twee jaar aan gewerkt, maar daarover straks. Eerst wil ik heel kort met zevenmijlslaarzen met u door de geschiedenis van onze opleidingen gaan.

De erkenning was dus in 1984. Zes jaar eerder, om precies te zijn op 10 januari 1978, werd die opleiding tot Z-verpleegkundige bij wet ingevoerd en werden de meeste overige inservice-opleidingen, die als voorloper daarvan al bestonden, als zodanig erkend. Maar die waren al een hele route gegaan, met die wettelijke regeling en erkenning als verpleegkundeopleiding als glorieus eindpunt.

Denkt u nu niet dat de heilpedagogische beweging, zoals de antroposofische gehandicaptenzorg en kinder- & jeugdpsychiatrie wordt genoemd, zoveel later met hun opleidingsactiviteiten waren begonnen. Integendeel! Vanaf 1931, het allereerste begin van de beweging, was er een vaste cursusochtend per week voor medewerkers. En in 1958 werd in Zonnehuizen – toen alleen nog Zonnehuis Veldheim – met de opleiding voor medewerkers begonnen: twee jaar lang twee dagen per week opleiding en daarnaast werken en dan één jaar begeleide praktijk met kunstzinnige vorming. Daarna kon er ook nog een zogenaamde vierde jaar gevolgd worden in het buitenland. Dat is dus meer dan vijftig jaar geleden! In datzelfde jaar 1958 begonnen instellingen voor gehandicaptenzorg (zwakzinnigenzorg nog in die tijd) ook met hun eerste opleidingsactiviteiten, een tweejarige Z-opleiding van één dag per week.

Die erkenning in 1984 ging aanvankelijk niet helemaal van een leien dakje, de overheid stelde eisen die niet gemakkelijk vielen. Er moesten bijvoorbeeld leerplannen komen en één landelijk hoofd opleidingen die de inspectie kon aanspreken – er waren vijf opleidingsplaatsen – en zo werd ik in 1986 aangezocht. Ik had zo’n functie al bij de landelijke epilepsiebestrijding en de inspectie en ik: wij kenden en begrepen elkaar! Het kwam allemaal goed.

In 1997 gingen alle inservice-opleidingen tot verpleegkundige, A, B en Z van VWS over naar het ministerie van O, C & W. De opleidingen werden met docenten en al uit de instellingen gehaald en toebedeeld aan de dichtstbijzijnde ROC’s, die net waren opgericht. Maar onze opleidingen waren landelijk, met één hoofd, dat had de overheid immers zelf gewild, en na een actie van ons bij het ministerie konden we ons bij één ROC aansluiten en hoefden ons niet over vijf ROC’s op te splitsen – we kozen ROC Haaglanden in Den Haag. Met behoud van locaties en docenten kregen we de bekostiging – tenminste 95% daarvan – doorbetaald. Die 5% is voor het werk dat het ROC doet. En zo is het nog steeds. We zijn dus feitelijk zelfstandig onderdeel van een ROC, nu ROC Mondriaan geheten. En we zijn Sociaal Pedagogische opleidingen geworden.

Het is geen vetpot, dat kan ik u wel zeggen. We zijn klein: tweehonderd studenten en dan nog wat projecten, bij- en nascholing. We doen praktisch alles zelf; er moet echt hard gewerkt worden.

In die twaalf jaar die er intussen verstreken is heb ik minstens vier keer bezoek gehad van instellingen met de vraag hoe we het voor elkaar gekregen hadden gebonden te blijven aan het werkveld. Die binding garandeert afstemming met de praktijk, broodnodig voor een BBL opleiding – werken én leren. Na een aantal jaren begonnen die instellingen dat pijnlijk te missen. Natuurlijk: de deelkwalificaties en de eindtermen zijn in overleg met werkveldvertegenwoordigers tot stand gekomen. Maar de échte afstemming vindt plaats tussen mensen: de docent en de student. Is de docent wel goed op de hoogte van het feitelijke werk? Ként ze de existentiële verbondenheid die medewerkers met de cliënten kunnen hebben? En: is ze geïnteresseerd in de visie van waaruit de instelling zorg en ondersteuning biedt?

Onze docenten werken allemaal in de praktijk en een enkeling is gepensioneerd, maar nooit in ruste.

Wij leiden op rechtstreeks vanuit de visie en missie van onze klanten – identiteit zeiden we vroeger, maar dat begrip isoleert je van anderen. Óns gaat het om kwaliteit, hoe je naar mensen kijkt en hoe je met ze omgaat en wat je aan kwaliteit de samenleving inbrengt, daardoor ontstaat de verbinding met anderen en daarin maak je meteen ook het verschil; ziedaar de titel van ons symposium. Onze klanten hoeven dus niet per definitie antroposofische instellingen te zijn!

Professor Harry Kunneman van de Universiteit voor Humanistiek deed in 1995 een kwaliteitsproject met het Heilpedagogisch Verbond (nu NVAZ), waar ik toen algemeen secretaris was, en zei: “jullie werken zoals wij dat ook zouden doen, alleen vullen jullie de achtergrond specifiek in, wij laten dat open”. Ik dacht toen: kijk, we vinden elkaar; we doen het goed!

Het Edith Maryon College

Bestuurders en management van de instellingen moesten een paar jaar geleden alle zeilen bijzetten om de veranderingen in het financieringsstelsel voor zorg en welzijn (AWBZ) het hoofd te bieden, om hun kwaliteitszorg (HKZ) in te richten en hun kantelende organisatie rechtop te houden. De kwaliteitszorg die het ministerie van O, C & W aan de opleidingen oplegde, kon niet genoeg aandacht krijgen. De instellingen hebben toen besloten de opleidingen die onder hun verantwoordelijkheid vielen in een stichting onder te brengen: het Edith Maryon College werd op 7 december 2006 opgericht en werd in september 2007 werkzaam. Ik werd de directeur.

Het eerste wat we ter hand namen met de coördinatoren en docenten van die vijf verschillende opleidingen was de visie van waaruit we werken. Een gemeenschappelijk tot stand gekomen en gedragen visie bindt én maakt je herkenbaar. Mijn vraag was: hoe kijken wij naar beroepsonderwijs en naar mensen van deze tijd, wat is onze visie? Wat is onze boodschap aan de wereld van het beroepsonderwijs, onze missie? En welke aanknopingspunten biedt dit om ons onderwijs in te richten?

Er zijn een paar bijeenkomsten geweest waar alle docenten voor uitgenodigd werden om hun ervaringen in te brengen en over deze vragen te discussiëren. Dat zijn zo’n zeventig mensen, praktisch allemaal parttimers natuurlijk, en iedere keer kwamen er zo’n dertig mensen. Ik vond dat bemoedigend, want het zijn allemaal drukbezette mensen die ook nog eens een heel stuk moesten reizen, ik ben ze echt dankbaar voor hun inzet, want zonder hen was het niks geworden. De coördinatoren bespraken met elkaar de resultaten van de werkgroepjes en Erna Trouw zocht en vond de samenhangende categorieën. Er is een bekende uitspraak van Johan Cruijff: ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt’, en inderdaad: steeds enthousiaster herkenden we de motieven en domeinen, waar Erna straks een boekje over zal opendoen. We gingen steeds meer dingen zien en de reflectiecommissie die we voor de kritische aanscherping van onze visie en onderwijsconcept hadden gevraagd, bestaande uit Hans Reinders, Ed Taylor en mijn persoon, gaf intelligente feedback met verstand van zaken, vooral Hans en Ed. Dat was een goed proces. Het resultaat ook trouwens – maar dat hoort u straks.

Vanwege de kwaliteitszorg van O, C & W ondergingen we in september een interne audit vanuit ROC Mondriaan. Ik citeer een deel van de eindconclusie:

‘Naar aanleiding van de audit kan de conclusie worden getrokken dat de oprichting van Edith Maryon een gelukkige keuze is geweest. Er is door bundeling van krachten meer tijd en expertise gekomen om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en aan de gestelde eisen te kunnen voldoen. Ook de coördinatie en de aansturing zijn verbeterd. Edith Maryon is een kleinschalig opleidingsinstituut met korte lijnen naar alle medewerkers en studenten en eveneens korte lijnen naar het werkveld. Er is sprake van een gemotiveerde directie, staf en onderwijsteams. Men streeft naar kwaliteit en werkt daarin onderling samen. Studenten en werkveld zijn erg te spreken over het onderwijs dat door het instituut wordt verzorgd.’

Dit was hoe het allemaal gekomen is dat we hier zitten.

Partnerschap

Tot slot nog even over de verbondenheid tussen docent en student, tussen opleiding en werkveld, dat is een belangrijk sterk punt van onze opleidingen. In onze visie hebben we het begrip partnerschap tussen instelling en opleiding uitgewerkt. Daar wordt straks iets meer over gezegd.

Door de herkenning die uit deze verbondenheid optreedt, kunnen we de student aanspreken op actieve participatie. Dat is het tweede sterke punt. Ze komt niet om wat te krijgen, ze moet er wat voor dóen anders gebeurt er niet zo veel! Zelfontwikkeling met eigen kracht en inzet. In de praktijk van het werk in de zorg ben je je eigen gereedschap. Zelfontwikkeling en beroepsontwikkeling gaan hand in hand! Ook door wie je bént maak je het verschil, maar dat moet er natuurlijk wel uit kunnen komen! De opleider moet dan ook wat doen: aansluiten bij de student, interesse wekken, ruimte bieden, op verantwoordelijkheid aanspreken, dát is opleiden.

Plato schijnt al gezegd te hebben dat als je de leerling niet actief laat participeren in het onderwijsleerproces, het resultaat slechts een oppervlakkig vernis van kennis is, net zoiets als het bruine kleurtje als je lekker in de zon gaat liggen, je bent het zó weer kwijt. Dit heb ik genoemd: onze biografisch-dynamische opleidingsvisie. Hierover geef ik graag het woord aan Erna Trouw.’

Dat boekje dat zij heeft geschreven, ‘Kijkrichting en inrichting’, is dus ook te downloaden. Het derde onderdeel van het symposium was de bijdrage van Hans Reinders. Die is razend interessant. Het pdf-document telt tien bladzijden, dat is wat teveel om de tekst hier weer te geven. Daarom, om u een beetje lekker te maken, haal ik er slechts een paar bonbons uit:

‘Het bijzondere van het visiedocument van het Edith Maryon College is dat het een poging doet om de verschillende taken en verantwoordelijkheden waarvoor jongeren moeten worden opgeleid te vullen vanuit een inspiratie die mijns inziens heel goed aansluit bij wat de komende generatie wil, niet alleen voor zichzelf en hun eigen toekomst, maar ook maatschappelijk, dat wil zeggen in het onderwijs dat ze volgen en het werk dat ze doen. Namelijk zich verbinden met mensen die echt zijn, wat betekent zich verbinden met mensen die staan voor wat ze uitdragen en daarin betrouwbaar zijn.’

‘De kern van de antroposofische visie op zorg en ondersteuning omvat twee begrippen, het begrip verbinding en het begrip ontwikkeling. Mensen met een beperking hebben een potentieel om zich te ontwikkelen, ook al is dat soms vrij rudimentair, maar kenmerkend voor hun bestaan is dat ze de verbinding met hun eigen lichaam, het eigen zijn, met anderen en hun omgeving, die voor hun ontwikkeling noodzakelijk is, niet probleemloos maken. Op dat punt is de inbreng van hun begeleiders onontbeerlijk. Die “bemiddelen” als het ware de diverse aspecten van verbinding. Daartoe moeten zij de vaardigheid ontwikkelen om zich in de cliënt in te leven en waar te nemen waarmee die zich verbonden voelt en hoe hij of zij verbinding maakt.

Deze opgave kan echter alleen lukken als die begeleiders zelf een verbinding met de cliënt aangaan. Antroposofische instellingen hechten waarde aan het verzorgen van een sociaal klimaat waarin mensen zich gedragen weten. Zij hechten aan het werken vanuit het eigen verbonden zijn. Hoe dat in de praktijk gestalte krijgt wordt uitvoerig beschreven in de studie De kunst van het zorgen, die recent bij Uitgeverij Garant is verschenen. Het boek beschrijft een antroposofische zorgpraktijk in onderzoek in de Stichting Orion in Rotterdam als een praktijk van het zoeken naar verbinding.

In het visiedocument komen we dezelfde nadruk op ontwikkeling en verbinding tegen als de twee kernbegrippen die betrekking hebben op de relatie tussen de begeleider en de cliënt en op de begeleider in relatie tot zichzelf. De twee andere kernbegrippen, verantwoording en onderneming zeggen iets over de relatie van de begeleider tot het werk en tot de wijdere maatschappelijke omgeving. In al deze relaties gaat het om de verwerkelijking van wat ik nu maar even losjes het antroposofische mensbeeld noem. Daarin gaat het om de gedachte dat de mens die wij voor ons zien een ander en “hoger” zijn vertegenwoordigt, een zijn dan in ons tot gelding wil komen, hetgeen een ontwikkelingsweg impliceert waar wij ons meer of minder bewust toe kunnen verhouden.’

zaterdag 23 januari 2010

Chocola

Correspondent Erik Van Eycken meldt vandaag in het Belgische Nieuwsblad ‘Studente promoot chocolade op beurs. Virginie Hanssens laat publiek smullen van eindwerk’. Er is ook een foto van zijn hand bij, waar hij haar in beeld en woord portretteert: ‘Virginie Hanssens uit Keerbergen is weg van chocolade’.

Het is een mooi verhaal, én het speelt zich vandaag en morgen af. Dus dat wordt naar het zuiden snellen, om nog iets van die heerlijkheid te kunnen proeven:

‘Virginie Hanssens heeft er zes maanden hard aan gewerkt. Eindelijk is het klaar: haar project “Chocolade op het Spoor” wordt een tweedaagse beurs om van te snoepen.

Perron M in de Mechelse stationsbuurt vormt zaterdag en zondag het decor van een dertigtal chocolatiers uit binnen- en buitenland. “Ook al loop ik school aan de Steinerschool in Leuven, toch koos ik voor Mechelen”, zegt de achttienjarige studente uit Keerbergen die van het chocoladeproject haar eindwerk maakte.

“Mechelen is korter bij mijn thuisdorp. Vandaar de keuze. Eerst wilde ik graag de Nekkerhal afhuren, maar dat was iets te hoog gegrepen”, weet Virginie.

Het tweedaags evenement brengt een verzameling van alle mogelijk chocoladesmaken, bereid door professionele chocolatiers. “Aanvankelijk wilde ik een chocoladecreatie maken. Die idee leefde maar even omdat ik voelde dat er meer in zat. Het is mijn professionele droom om later grote evenementen te organiseren.”

De idee groeide uit tot een groot chocolade-evenement. “Ik wil met dit project vooral de chocolade promoten en mensen er op attent maken dat de ene chocolade de andere niet is. De smaken van merk tot merk verschillen enorm. Maar onze Belgische chocolade blijft de beste!” zegt ze resoluut.

De eerste trein

Gekoppeld aan de chocolade is er de verjaardag van de eerste trein die 175 jaar geleden tussen Brussel en Mechelen spoorde. “De eerste locomotief die op de lijn reed, wordt hier ook tentoongesteld”, vertelt ze. “Bovendien heeft de tentoonstelling plaats in de stationsbuurt, een logische keuze dus.”

De liefde voor chocolade is bij Virginie niet ver te zoeken. “Het werd met de paplepel ingegeven. Ook al beoefende ze het beroep nooit professioneel, mijn moeder is chocolatier. Het blijft haar grootste hobby. Als kind at ik veel chocolade. Dat veranderde intussen niet”, lacht ze.

De chocoladebeurs brengt ook enkele verrassingen. “Ryan Stevenson, een Australische chocolatier, stelt de praline voor die onlangs werd verkozen als beste van de wereld. Tevens vernam ik dat ColomaPlus, de vakschool in Mechelen die hier ook een standje heeft, een actie ten voordele van de slachtoffers in Haïti in petto heeft. En we krijgen een beroemde chocolatier uit Lyon op bezoek met een verrassing. Meer vertel ik er nog niet over.”

Bezoekers krijgen alvast de kans allerhande chocoladevariëteiten te proeven. “Het mocht geen statische beurs worden, de interactie is belangrijk”, zegt de Keerbergse. Inkomtickets voor de beurs kosten 11 euro.

www.chocolade-op-het-spoor.be

Het is eind januari, de Open Dagen van de vrijescholen komen er weer aan. Her en der worden ze al aangekondigd. De vrijeschool Raphaël in Almere heeft zelfs een heel nieuwe website:

‘Met trots presenteren wij de nieuwe website van onze school.

Nu nog in een startfase, maar we zullen deze website de komende tijd steeds verder uitbreiden, zodat ouders en belangstellenden alle informatie rondom onze school hier kunnen vinden.

Met deze toegangspoort voor nieuwe ouders laten wij zien wat een prachtige school wij hebben. De uitstraling van deze website past dan ook precies bij onze school.

Graag nodigen wij degene die nieuwsgierig zijn geworden naar ons onderwijs dan ook uit om langs te komen op een informatieavond of een kijkje te nemen in de kleuterklas. We hebben in februari 2010 een informatieavond en twee inloopochtenden.’

En inderdaad, alleen de link naar de ‘Informatiedagen’ werkt; de rest nog niet. – In Zwolle was de Open Dag vandaag al:

‘Op zaterdag 23 januari 2010 is iedereen welkom om op onze school een kijkje te komen nemen en de sfeer van de school te proeven. Aan de Bachlaan 8 in Zwolle-Noord staan de deuren vanaf 10.00 uur voor u open.

“Ruimte om te groeien”

Deze missie geeft in het kort weer waar wij op de Vrije School Michaël – kleuter- en lagere school aan willen werken.

De school is één van de ruim 90 vrije scholen in Nederland en ligt in de wijk Holtenbroek in Zwolle. Door nieuwbouw en renovatie die enkele jaren geleden heeft plaatsgevonden beschikken wij over een modern schoolgebouw. Ruim 200 kinderen komen elke dag naar onze school, vanuit heel Zwolle en omliggende gemeentes.

Programma Open dag

De dag wordt rond 10.30 uur geopend door schoolleider Pam Kranendonk. Vervolgens worden er aparte presentaties gegeven voor de lagere school en voor de kleuterschool

Jammer dat er nog altijd geen landelijke lijst op internet is waarop je kunt zien welke school een Open Dag houdt. Of wanneer de eindpresentaties zijn. Wat is daar op tegen? Wie houdt dat tegen?

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – Redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – Redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – Voormalig lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – Voormalig eindredacteur van ‘Motief, maandblad voor antroposofie’, uitgegeven door de Antroposofische Vereniging in Nederland – – Voormalig redacteur van het inmiddels ter ziele gegane ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ , uitgegeven door een onafhankelijke stichting en niet meer verschenen sinds september 2006 – – Voormalig redacteur van ‘de Sampo’, het in 2001 opgeheven tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het eind 2006 in een fusie opgegane Heilpedagogisch Verbond (HPV)

Mijn Facebookpagina

Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Laatste reacties

Recent Comments Widget

Zoeken in deze weblog

Wordt geladen...

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)