Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de verdrukking. Want antroposofie is niet eenvoudig te grijpen en te begrijpen. Dat geeft snel een vertekend beeld. In deze weblog wil ik ruimte geven om antroposofie, zoals zij in de media verschijnt, op haar merites te beoordelen. Vanuit een positieve instelling. Maar niet kritiekloos.

maandag 31 mei 2010

Tegenvallers

Dat is nou het vervelende van journalistiek: het gaat altijd over de extremen, de uitzonderingen, en niet over de gewonen, de normalen, daar waar het gewoon goed gaat. Zo ook bij de antroposofische zorgaanbieders. Het is vandaag de laatste dag van mei, en het is opmerkelijk hoeveel Nederlandse zorginstellingen inmiddels hun jaarverslag op de website ‘Jaarverslagen Zorg’ hebben gedeponeerd. Het loopt nu al tegen de duizend (960 op het moment van schrijven). Minder dan een jaar geleden, op 10 juli 2009, meldde ik in Multidimensioneel’ dat er op die website bij ‘Nieuw 2008’ zich al 1021 ‘concerns’ met hun jaarverslag vervoegd hadden; een maand daarvoor, op 12 juni in ‘Zorgelijk’, bleken dat er nog maar 967 te zijn. Het werden er over 2008 in totaal uiteindelijk 1082. Het lijkt nu dus echt harder te gaan, maar laten we het definitieve oordeel nog even uitstellen.

In ieder geval is er over 2009 nu al een flink aantal antroposofische zorgaanbieders bij. Op 20 april was De Vijfsprong in Vorden de eerste, zoals ik die dag meldde in ‘Dank’. Er hebben zich successievelijk bijgevoegd: op 18 mei Orion, 21 mei Maartenhuis, 26 mei Antroz, 27 mei OlmenEs, 28 mei Thedinghsweert, en vandaag nog De Wederkerigheid, Lievegoed Zorggroep en Raphaëlstichting. Die laatste twee heb ik vorig jaar op vrijdag 12 juni in ‘Zorgelijk’ doorgenomen. Dat was niet zonder zorgen, vooral wat de Lievegoed Zorggroep betreft. Hoge bomen vangen nu eenmaal veel wind. En deze twee zijn grote fusie-instellingen. Dat werd nog eens bevestigd tegen het einde van dat jaar, op 20 december 2009 in ‘Hoop en vrees’, waar ik uit De Digitale Verbreding het bericht ‘Zorg om de Lievegoed Zorggroep (LZG)’ citeerde:

‘De Lievegoed Zorggroep (psychiatrie, verslavingszorg, gehandicaptenzorg) verkeert in zwaar weer. Er was al sprake van oplopende tekorten, die gestopt moeten worden via meerdere herstelplannen. De bestuurder werd medio 2009 ziek. Sedert september is als interim-bestuurder de heer Mark A. Reitsma werkzaam, die het herstel vaart heeft kunnen geven, ondanks nieuwe tegenvallers. Het ziet ernaar uit dat de LZG met de ingezette maatregelen en werkwijzen scoort.’

Dus nu het vervelende van journalistiek: ik ga dat met het jaarverslag van de Lievegoed Zorggroep in de hand nog eens uitspitten, zonder die van de andere instellingen met hun relatief goede resultaten – zeker in het licht van de huidige conjunctuur – breed uit te meten. Eerst het opvallende en harde nieuws. Vrouwen en kinderen eerst. Redden wat er te redden valt. Ik kan volstaan met een aantal citaten, die tonen zelf de ernst van de situatie voldoende aan. En dan maar meteen naar de kern van de zaak, op bladzijde 16 en 17, onder punt 4.4 het ‘Financieel beleid’:

‘Het jaar 2009 heeft vooral in het teken gestaan van een zorgelijke financiële positie en een ernstige liquiditeitsontwikkeling. De zorgelijke situatie uitte zich in verliesgevende resultaten over de voorgaande drie jaren en een resultaatsprognose voor 2009 van opnieuw een verlies van 1.2 miljoen euro. Met deze prognose zou het eigen vermogen slinken tot nagenoeg nihil. Daarnaast bleken er terugbetalingsverplichtingen te bestaan voor teveel ontvangen DBC gelden en een te hoge bevoorschotting op het AWBZ deel. In september 2009 heeft de Raad van Toezicht besloten een interim bestuurder aan te stellen met de opdracht de zorgelijke situatie te keren en te zorgen voor een vertrouwenwekkend herstel. Met alle direct betrokkenen (banken en verzekeraars) werden afspraken gemaakt. Enerzijds gericht op tijdwinst om de juiste maatregelen te kunnen nemen en anderzijds om de liquiditeit te stroomlijnen. Intern werd een strakke sturing aangebracht op de productieresultaten en parallel werd een vacature- en investeringsstop afgekondigd.

Het resultaat van 2009 laat een dubbel beeld zien. Een negatief resultaat uit de exploitatie van 158.000 euro. Dit is een aanmerkelijke verbetering afgezet tegen de prognose van 1.2 miljoen negatief. Daarnaast is er wederom een tegenvaller opgetreden in de vorm van oude nog openstaande posten teruggaand tot 2005 van een bedrag groot 723.000 euro. Deze zijn opgenomen en benoemd als buitengewone lasten. Dus het resultaat uit normale exploitatie en bedrijfsvoering is nog niet goed, maar wel in een positieve ontwikkeling bemoedigend te noemen.

Teneinde de continuïteit en liquiditeit van de Lievegoed Zorggroep te waarborgen is in 2009 een aantal drastische maatregelen ingezet. Naast het opbouwen van het vermogen zijn voor de periode 2010-2012 o.a. de volgende doelen gesteld.

– Niet renderende onderdelen gaan renderen of worden afgestoten.
– Geen nieuwe investeringen in 2010. Elke noodzakelijkheid wordt op urgentie door de Raad van Bestuur getoetst.
– De kosten worden tot het minimaal noodzakelijke teruggebracht.
– Een vacaturestop is al van kracht sinds 1 oktober 2009.
– Het management is individueel voorzien van een taakstellende opdracht.
– Een analyse van de vastgoedportefeuille.’

Op bladzijde 6 lezen we:

‘Het aantal personeelsleden in cliëntgebonden functies in loondienst was 773 (406 FTE). In management en ondersteunende functies werkten in het verslagjaar 154 personen in loondienst (94 FTE). De instelling kende in 2009 een Ondernemingsraad en een Centrale Cliëntenraad; hiernaast functioneerden Cliëntenraden per divisie en per afdeling of locaties.’

En twee bladzijden daarvoor, over ‘Besturingsstijl’:

‘De Lievegoed Zorggroep kent een eenhoofdige Raad van Bestuur. De besturingsfilosofie is gericht op het welbevinden van de cliënt, de feitelijke sturing moet zo dicht mogelijk bij het contact met die cliënt plaatsvinden. De besluitvorming dient daar plaats te vinden waar het besluit het meest beïnvloed kan worden, dus zo veel mogelijk decentraal, tenzij. Dit betekent voor de Lievegoed Zorggroep een omslag van 180 graden. De eerste stappen hiertoe zijn inmiddels gezet en worden in 2010 doorgetrokken. Zichtbaar vertaalt zich dit in aanpassing van verantwoordelijkheden en bevoegdheden van het operationele management, de bottom up benadering voor de begroting 2010, aanpassing van de procuratieregeling, planning- en controlecyclus en organisatiestructuren.’

Op bladzijde 8 lezen we onder punt 3.2, ‘Raad van Bestuur’:

‘In 2009 was sprake van een eenhoofdige Raad van Bestuur, te weten de heer drs. H.J. Niemeijer. Na een tijdelijke invulling van de functie door mw. L van der Maat (van 16-07-2009 tot 20-09-2009) werd vanaf 21 september 2009 de functie van bestuurder a.i. ingevuld door M.W. Reitsma. De Raad van Bestuur is eindverantwoordelijk voor en belast met het besturen van de organisatie. Dit houdt onder andere in dat hij verantwoordelijk is voor strategie en beleid van de instelling, de realisatie van de doelstellingen en resultaten die hieruit voortvloeien. De Raad van Bestuur legt hierover verantwoording af aan de Raad van Toezicht. Afspraken tussen Raad van Toezicht en Raad van Bestuur zijn vastgelegd in statuten en het huishoudelijk reglement.’

Onder punt 3.5, ‘Verslag Raad van Toezicht’ op bladzijde 9, vinden we dit veel alarmerender geformuleerd in ‘De beheerszaken’:

‘De beheerszaken hebben in het verslagjaar veel zorgen opgeleverd. De steeds verslechterende financiële situatie door stelselmatige overschrijding van het beschikbare budget, noopte tot drastische maatregelen, waarbij de “sense of urgency” wel bij de leiding aanwezig was, maar bij de medewerkers veelal ontbrak. Daarnaast constateerde de Raad een toenemend ziekteverzuim.

Een en ander werd gecompliceerd door het zich ziek melden van de bestuurder, medio 2009, en de noodzaak van vervanging. De Raad heeft op verzoek van de bestuurder eerst Mw. Lida M. van der Maat aangesteld als plv. bestuurder. Op haar verzoek is een sterke persoonlijkheid van buitenaf aangetrokken om het schip, dat dreigde te zinken, vlot te trekken. De heer Mark W. Reitsma heeft, aansluitend op de reeds getroffen maatregelen, aan het einde van het jaar een situatie kunnen presenteren waarbij het verlies over 2009 geminimaliseerd is. Tevens zijn er ingrijpende maatregelen aangekondigd, die de Lievegoed Zorggroep binnen enkele jaren weer aan een positief aanmerkelijk vermogen moeten helpen. Een en ander heeft geleid tot instemming en medewerking van de stakeholders, evenals van de interne medezeggenschapsorganen.’

Dat dit alles ook de Raad van Toezicht niet onberoerd heeft gelaten, blijkt uit het volgende tekstgedeelte hier vlak na:

‘In het verslagjaar heeft de Raad gewerkt aan de vernieuwing van het toezicht, onder meer door implementatie van de governance-codes op het gebied van bestuur en toezicht. Dit betekende dat de wijze van interactie met de bestuurder, de medezeggenschapsorganen en het verdere management, minder vrijblijvend werd benaderd. Ook meende de Raad dat er veranderingen nodig waren in het toezicht. Twee leden van de raad hebben hun lidmaatschap beëindigd, en de werving van nieuwe leden is ingezet. Dit zou pas in het voorjaar van 2010 tot een zeer positief resultaat leiden. De Raad is van oordeel dat de organisatie gebruik moet maken van nieuwe mogelijkheden die de wet- en regelgever biedt, en zich daartegen niet moet afzetten. In het verslagjaar is ook aan dit principe gestalte gegeven waarop de raad met dankbaarheid terugziet.’

Nu spring ik even naar bladzijde 15, waar onder punt 4. sprake is van ‘Beleid, inspanningen en prestaties’. Eerst punt 4.1, het ‘Meerjarenbeleid’:

‘De koers die eind 2008 in een meerjarenbeleid was ingezet en de herstelplannen van begin 2009 bleken onvoldoende om continuïteit te garanderen. Een analyse van de financiële werkelijkheid toonde aan dat met name de liquiditeitspositie en daarnaast de zwakke vermogenspositie van de Lievegoed Zorggroep ronduit alarmerend te noemen was. Dit vroeg om een reeks van maatregelen die verder dienen te gaan dan in het eerdere meerjarenbeleid en herstelplan werd voorgesteld. De bestuurder a.i. heeft na grondige analyse van de situatie een Position Paper geschreven die richtinggevend is voor 2009 en 2010. Met deze Position Paper wil de Lievegoed bereiken dat het vertrouwen in de continuïteit bij de belangrijke stake-holders zoals financiers en de verzekeraars herstelt en verankert.

4.2 Position Paper

De LZG is een zorginstelling gebaseerd op het antroposofische gedachtegoed. Gebleken is dat dit een sterk punt is. Dit punt zorgt ervoor dat de LZG onderscheidend is van andere zorginstellingen. Dit sterke punt wordt echter niet voldoende benut en verdient een sterker profiel als niche speler in de zorgmarkt. De strategie van de komende jaren zal erop gericht moeten zijn deze identiteit te behouden en kwalitatief te verdiepen en uit te bouwen. Dit betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden op diverse terreinen. Een portfolioanalyse is onvermijdelijk en heeft tevens een uitwerking naar de ondersteunende systemen.

Focus op zorgaanbod
De Lievegoed Zorggroep wil een focus in het zorgaanbod aanbrengen gericht op een aanbod met een hoge kwaliteit en onderscheidend vermogen. Tevens heeft het aanbrengen van een focus en het grote voordeel dat de beheersbaarheid van de bedrijfsprocessen toeneemt.

Analyse vastgoed portefeuille
De LZG beheert 62 locaties waar zorg wordt geboden. Van deze locaties is 50% huur en 50% eigendom. Dit aantal is beheermatig te groot voor de omvang van deze organisatie. De noodzaak is dat dit aantal minimaal tot de helft wordt teruggebracht.’

Wat betekent dit nu voor de werkvloer? Dat wordt het best geïllustreerd door de pagina’s 11 tot en met 14, die ruimte bieden aan punt 3.7, ‘Cliëntraden’. Het begint met ‘Aandacht voor continuïteit van de organisatie’:

‘In het tweede jaar van haar bestaan werd de Centrale Cliëntenraad (CCR) geconfronteerd met zwaar weer. In de loop van het jaar werd steeds duidelijker dat het gevoerde beleid niet adequaat was om op den duur het financiële hoofd boven water te houden. (...) Omdat het belang van de patiënten en cliënten dat vereiste, moesten de medezeggenschapsorganen zich noodgedwongen ook bezig houden met de financiën, de besturing en de organisatie van de Lievegoed Zorggroep en uiteindelijk met de maatregelen die genomen moesten worden op alle niveaus om de zorg voor de patiënten en cliënten te garanderen.’

Gevolgd door ‘Nieuwe koers’:

‘De CCR accepteerde de benoeming door de Raad van Toezicht van een Bestuurder ad interim per 21 september In november adviseerde de CCR positief over een verlenging van zijn mandaat tot medio 2010. De discussies over een herstelplan voor de Lievegoed Zorggroep werden uiteindelijk ingehaald door discussies over een “Position Paper” dat begin december werd gepresenteerd en waarmee de bestuurder a.i. een plan om te overleven lanceerde. De CCR is tijdens een overlegvergadering op 14 december akkoord gegaan met het “Position Paper”. Behalve dat het position paper een aanvaardbare koers naar de toekomst aangaf, benadrukte het document en dus de bestuurder a.i., dat de toekomst van de Lievegoed Zorggroep vooral afhangt van de mate waarin we slagen ons met ons antroposofisch karakter positief onderscheidend te maken van andere vergelijkbare zorginstellingen.

Aan het eind van 2009 was nog geen zekerheid over de toekomst van de Lievegoed Zorggroep in z’n huidige vorm, hoewel het position paper en de presentatie daarvan door de Raad van Bestuur a.i. een positieve indruk maakten, niet alleen intern maar ook extern.

Het oorspronkelijke herstelplan was inmiddels, mede naar aanleiding van opmerkingen van de CCR formeel ingetrokken, maar in de praktijk werden sommige onderdelen zonder advies van de betreffende medezeggenschapsorganen toch ingevoerd. De CCR (en enkele andere cliëntmedezeggenschapsorganen) heeft daar tegen geprotesteerd, maar gezien het belang van de voortgang van het reorganisatie proces, niet geprobeerd de voortgang met juridische middelen te blokkeren. Ook is de CCR in het tweede half jaar akkoord gegaan met een aantal andere, maar voorlopige mutaties in het topmanagement.’

Het volgende tekstblokje, ‘Herstel van vertrouwen’, is veelzeggend:

‘Het spreekt vanzelf dat de CCR en de andere medezeggenschapsorganen hun teleurstelling over de gang van zaken, in gesprekken met o.a. de Raad van Toezicht niet onder stoelen of banken hebben gestoken. Voor de cliënten en hun vertegenwoordigers van de divisie Ita Wegman gehandicaptenzorg was dit binnen enkele jaren de tweede maal dat ze met een dergelijke situatie geconfronteerd werden. De patiënten en hun vertegenwoordigers van de andere divisies (Arta-Lievegoed) waren teleurgesteld, omdat hen altijd was verteld dat hun divisies erg goed werden bestuurd. Het vertrouwen in bestuurders is op die manier ernstig op de proef gesteld. De toekomstige Raad van Bestuur en Raad van Toezicht hebben niet alleen als taak de Lievegoed Zorggroep beter te besturen, maar moeten ook extra inspanningen verrichten om het geschonden vertrouwen te herstellen.’

Een bladzijde verder wordt er verslag uitgebracht van een apart medezeggenschapsorgaan, ‘Verslag DCR Ita Wegman Gehandicaptenzorg’:

‘De cliëntenraad voor de divisie Ita Wegman (DCR) had een druk en bewogen jaar. Niet alleen vanwege de ontwikkelingen binnen de Lievegoed Zorggroep, maar vooral met de ontwikkelingen van de divisie zelf. In november 2008 verscheen een plan van aanpak van de interim-directeur en eind december 2008 werd de begroting voor 2009 gepresenteerd. In het plan van aanpak en de begroting, was een ambitieus bezuinigingsprogramma opgenomen. Die forse bezuiniging zouden grote gevolgen hebben voor de locaties. Deze plannen domineerden daarom het eerste half jaar de vele, soms pittige discussies in de DCR en in sommige locatie cliëntenraden (CR). In overleg met de directeur a.i. werd vastgesteld op welke onderdelen van het plan van aanpak advies zou worden gevraagd aan de DCR en/of de CR-en. Voorts besloot de DCR om een externe deskundige (van KansPlus) te laten onderzoeken of het financieel verslag over 2008 correct was, omdat dat verslag een basis vormde van de maatregelen die in 2009 genomen moesten worden. Dat onderzoek gaf uiteindelijk geen aanleiding om te twijfelen aan de cijfers en dus aan de aanleiding om in te grijpen in de financiële gang van zaken bij de divisie Ita Wegman en een aantal locaties. Tijdens de discussies over het financieel jaarverslag 2008 en de begroting voor 2009 ontving de DCR op haar verzoek alle informatie waar de DCR om vroeg.’

Maar daarmee was het nog niet gedaan, want ook elders waren concrete problemen gerezen:

‘Een verschil van mening tussen de CR Salvia en het totale management over het verschil tussen verwachte en geleverde zorg leidde tot een breuk in de vertrouwensrelatie tussen de CR Salvia enerzijds en het totale management anderzijds en daarmee tot een serieus conflict, waarbij ook het zorgkantoor en de Inspectie werden betrokken. Geleidelijk aan kon dit conflict beheersbaar worden gemaakt en kon de discussie over de noodzakelijke bezuinigingen en de gevolgen daarvan voor de zorg weer op zakelijke manier gevoerd worden.

In een later stadium werd melding gemaakt van een dreigende onenigheid in Rotterdam op de locatie Huize Thomas, als gevolg van een verhuisplan, waarbij ook Helias zou worden betrokken. Op verzoek van de CR-en van Huize Thomas en Helias zegde de DCR steun toe als de ontwikkeling van die onenigheid tot een serieus conflict zou leiden, waarbij die steun gewenst zou zijn. Later kon het verhuisplan worden ingetrokken en vervangen door een andere manier om kosten in Rotterdam te verlagen, waarover met de CR-en overeenstemming kon worden bereikt.’

Ik zei het al, journalistiek is hard. Het slechte nieuws vraagt de meeste aandacht, terwijl dat wat goed gaat ondergesneeuwd raakt. Aan de andere kant moet je niet je kop in het zand steken. Dat gebeurt in dit jaarverslag van de Lievegoed Zorggroep dan ook niet. We wachten met spanning de aangekondigde betere berichten in het vervolg van dit jaar af.

zondag 30 mei 2010

Plaquette

Een internetstoring speelde me de afgelopen twee dagen parten. En dat in deze wilde verkiezingstijd! Eerst maar eens belangrijk nieuws uit Oosterhout (N-B) over vrijeschool de Strijene. In BN DE Stem schreef Marja Klein Obbink afgelopen woensdag ‘Verhuizing Vrije School kost 1 miljoen euro’:

‘Voor de opknapbeurt van het voormalige schoolgebouw van de Regenboog aan de Ganzendonk in Oosterhout is 1 miljoen euro nodig. Dan is het gebouw geschikt voor de Vrije School om er in te trekken. Vrije School de Strijene is nu nog gevestigd aan de Brabantlaan, maar is uit zijn jasje gegroeid.

Het college vraagt aan de raad een krediet van 1.077.533 euro om de herhuisvesting van de Strijene mogelijk te maken. De kosten worden gedekt uit de gereserveerde middelen uit het Integraal Huisvestingsplan.

Over de verhuizing van de Strijene, die nu circa 180 leerlingen heeft, wordt al een paar jaar gepraat. Toen basisschool de Regenboog uit de Ganzendonk vertrok, kwam voor de Vrije School deze locatie in beeld. De regel is dat eerst leegstaande scholen worden opgeknapt voordat er nieuwe scholen worden gebouwd. Maar een fiat van de gemeente liet op zich wachten, omdat ze nog niet wist wat ze met deze locatie wilde gaan doen. Inmiddels is al zeker enkele jaren niets aan het onderhoud van het schoolgebouw gedaan en is een grote opknapbeurt nodig.

De Vrije School is zeer gelukkig met de ophanden zijnde verhuizing, vertelt Martijn Lampe die verantwoordelijk is voor de huisvesting. “Wij komen op papier zeker 400 vierkante meter tekort aan de Brabantlaan. We zijn al zeker 2,5 jaar in onderhandeling met de gemeente. Als het allemaal meezit, kunnen we nog dit jaar in de nieuwe school trekken.”’

Zoek ik hier meer over op de website van de school, word ik weliswaar warm welkom geheten, en zie ik ook dat dit jaar een jubileum op komst is (waarvoor zich tot nu toe zes mensen hebben aangemeld), maar niets over dit nieuwsfeit. Wel wordt er onderaan zelfs een weblog en een afdeling met persberichten aangegeven:

‘Kijk op onze WEBLOG en PERSBERICHTEN voor een actuele indruk!’

Dat ziet er werkelijk leuk uit, hoewel beide naar dezelfde plek leiden. Het laatste gedateerde nieuws daar dateert echter van 21 december vorig jaar. Dat schiet niet echt op. – Van Oosterhout in Brabant gaan we naar het noorden, naar Leeuwarden. Op gezag van de gemeente Leeuwarden meldde de Nieuwsbank, die grossiert in persberichten, afgelopen donderdag 27 mei een ‘Onthulling plaquette nieuwbouw Michaëlschool’. Dat bericht gaat als volgt (ik neem het letterlijk over, u zult later wel begrijpen waarom):

‘Onthulling plaquette nieuwbouw Michaëlschool
Bron: Gemeente Leeuwarden (27-05-2010)

De nieuwbouw van de Michaëlschool aan de Hercules Seghersstraat 3 in Leeuwarden begint steeds meer vorm te krijgen. In het voorjaar van 2010 wordt de met duurzame materialen gebouwde school officieel in gebruik genomen.

De school heeft voor de nieuwe locatie een natuurstenen plaquette laten maken. Hierop staat de naam van de school en het motto: “Worden wie je bent” in het Nederlands en Fries gegraveerd. Wethouder Gerrit Krol (Onderwijs) heeft vanochtend, 29 juni, samen met twee leerlingen de plaquette onthuld.

De Michaëlschool is een bijzondere basisschool, namelijk een zogenaamde vrijeschool. De 160 leerlingen krijgen méér lesstof dan kinderen op een “gewone” school. Naast het leren rekenen, lezen, schrijven, topografie en geschiedenis, wordt met de kinderen van jongs af aan gewerkt aan hun algehele ontwikkeling.

Ook het schoolgebouw (veel ronde muren) en het schoolplein zijn een uitwerking van de schoolfilosofie. De ideeën achter dit ontwerp zijn tijdens een korte rondleiding toegelicht.’

Inderdaad stond dit nieuwsbericht (een persbericht van de gemeente dus) die dag op de website van de Gemeente Leeuwarden. Maar inmiddels niet meer. Er zitten dan ook wat gekke elementen in. ‘In het voorjaar van 2010 wordt de met duurzame materialen gebouwde school officieel in gebruik genomen.’ En ‘Wethouder Gerrit Krol (Onderwijs) heeft vanochtend, 29 juni, samen met twee leerlingen de plaquette onthuld.’ Hier klopt iets niet. Maar voor je het weet, wordt zo’n bericht al overgenomen en leeft het verder zelfstandig voort. Ik heb natuurlijk op de website van de Michaëlschool zelf gekeken, maar daar word ik ook niet veel wijzer van, want daar stamt het laatste actuele bericht van 8 januari, en het voorlaatste van 19 juni vorig jaar.

Maar niet getreurd, er zijn meer bronnen aan te boren. Zo kwam ik op de website van SHP Bouwbedrijven, en daar vond ik onderstaand bericht met de veelbetekenende titel ‘Leeuwarden – 1e steen Michaëlschool’:

‘Onder toeziend oog van de leerlingen, onderwijzend personeel van de Michaëlschool en andere belangstellenden, onthulde Wethouder G. Krol van Gemeente Leeuwarden maandag 29 juni 2009 de eerste steen ten behoeve van de nieuwbouw van de “vrije school” te Leeuwarden. De kinderen brachten een prachtig lied ten gehore voor en na de onthulling. Zoals uit de foto’s blijkt, wordt deze week begonnen met verlijmen van de begane grond.

Persbericht
Onthulling plaquette nieuwbouw Michaëlschool

De nieuwbouw van de Michaëlschool aan de Hercules Seghersstraat 3 in Leeuwarden begint steeds meer vorm te krijgen. In het voorjaar van 2010 wordt de met duurzame materialen gebouwde school officieel in gebruik genomen.

De school heeft voor de nieuwe locatie een natuurstenen plaquette laten maken. Hierop staat de naam van de school en het motto: “Worden wie je bent” in het Nederlands en Fries gegraveerd. Wethouder Gerrit Krol (Onderwijs) heeft vanochtend, 29 juni, samen met twee leerlingen de plaquette onthuld.

De Michaëlschool is een bijzondere basisschool, namelijk een zogenaamde vrijeschool. De 160 leerlingen krijgen méér lesstof dan kinderen op een “gewone” school. Naast het leren rekenen, lezen, schrijven, topografie en geschiedenis, wordt met de kinderen van jongs af aan gewerkt aan hun algehele ontwikkeling.

Ook het schoolgebouw (veel ronde muren) en het schoolplein zijn een uitwerking van de schoolfilosofie. De ideeën achter dit ontwerp zijn tijdens een korte rondleiding toegelicht.’

Kijk, zo komt er enige logica in de zaken. Dit bericht stamt dus in werkelijkheid van 29 juni 2009. Hoe het dan vorige week op de website van de Gemeente Leeuwarden verzeild is geraakt, wij weten het niet. De fout is waarschijnlijk ontdekt, het bericht is immers weggehaald. Maar daarmee is het probleem nog niet volledig opgelost, zo blijkt. Maar wij weten nu beter.

Nog meer vrijeschoolnieuws, maar dan kort. Woensdag werd teruggeblikt op ‘Dordtse Vrije School viert Pinksteren’:

‘Afgelopen vrijdag 21 mei vierde de Dordtse Vrije school haar jaarlijkse Pinksterfeest. De kinderen dansten en zongen, in het wit gekleed, rond de meiboom op het schoolplein. Pinksteren is een van de belangrijkste christelijke feesten van het jaar. Het feest werd ook al bij veel heidense volkeren gevierd, als een feest dat met de bloei en ontwikkeling van de natuur verbonden was. Foto’s: Ruud Baan’

De foto’s zijn werkelijk mooi, dus echt even kijken! Donderdag voegden zich hier nog twee andere berichten bij. Ten eerste in Delft, waar de ‘Kinderen dansen om de Meiboom’ volgens de ‘Delftse Post’:

‘Op vrijdag 21 mei vierden de kinderen van de vrije school Widar het Pinksterfeest, het jaarlijkse feest van licht, lucht en kleur, sterk verbonden met de natuur.

De dansjes rond de meiboom konden dit jaar op het nieuwe grasveld worden gedaan. Elke klas danste zijn eigen dans, elk kind zijn eigen lint. De kleurrijke linten werden ineengevlochten en weer uiteen gevlochten. Als alles het goed zou gaan, was het vlechtwerk aan het eind van de dans weer verdwenen. Voor sommige klassen was het echter nog een hele opgave om niet in de knoop te raken! Een paar keer dreigde er toch een onontwarbare kluwen te ontstaan.

Dubbel feest

Het was dubbel feest dit jaar, want de vrije school Widar renoveert zijn schoolplein. Het grasveld en de ruimte daaromheen werd vrijdag weer geopend. Het totale schoolplein wordt een groene en uitdagende plek voor de kinderen met veel aandacht voor duurzaamheid. Het eerste deel van het project is bijna afgerond. Maar de school staat te popelen om verder te gaan.’

Onder de foto staat nog te lezen:

‘In de antroposofische opvatting is Pinksteren het feest van licht, lucht en kleur.’

Maar ook ‘De Nieuwsbode Zeist’ had die donderdag wat te melden over ‘Peutergroep Duimelijntje viert Pinksteren’:

‘Getooid met een bloemenkrans vierden de peuters van peuterspeelzaal Duimelijntje het Pinksterfeest. Samen met hun juffies en ouders zongen zij liedjes en dansten zij onder de bloemenboog door. Bij peuterspeelzaal Duimelijntje beleven de peuters alle seizoenen door middel van liedjes, verhalen en kringspelletjes. Zij genieten daar volop van en leren ook veel van deze ochtenden. Na een periode van volle groepen is er de komende periode weer plaats voor nieuwe peuters.

Peuterspeelzaal Duimelijntje staat aan de rand van de schooltuin van de Zeister Vrije school aan de Socrateslaan in Zeist. Iedere ochtend komen hier peuters naartoe om samen met de twee peuterleidsters de dag te openen met een lied. De ochtend bestaat uit kringspelletjes waarin zoals de seizoenen en de dagritmes aan bod komen. De peuters gaan natuurlijk ook vrij spelen: zij kunnen daarbij kiezen uit speelgoed van natuurlijke materialen of ze spelen met elkaar in het rode of blauwe huisje. Op een heerlijke buitenplek kunnen de peuters in de zandbak en op de speeltoestellen spelen. De peuters kneden zelf het brood, dat eenmaal gebakken, met elkaar aan tafel gegeten wordt. In deze huiselijke omgeving kan de peuter allerlei nieuwe ervaringen opdoen.

Het bezoek aan een peuterspeelzaal is een mooie stap in de ontwikkeling van een kind. Bent u geïnteresseerd voor uw peuter, neemt u dan een kijkje op: www.duimelijntje.info.’

Mooie PR, toch? Dit is echt ‘publieke relaties’ verzorgen. Nu nog even naar de Algemene Onderwijsbond (AOb), die donderdag ‘Leerlingdaling sterkst in katholiek onderwijs’ kwam melden. Het bericht luidt:

‘Vooral door de bevolkingskrimp in het noorden en het zuiden verliezen scholen duizenden leerlingen. In absolute aantallen en relatief bij de grootste vier richtingen is de daling bij de katholieke scholen het sterkst: daar zijn 3600 leerlingen minder, dat is ongeveer achttien gemiddelde basisscholen. In het katholieke onderwijs vallen de klappen vooral in Brabant, Limburg en Gelderland. Dat wordt een beetje gecompenseerd door winst in Noord- en Zuid-Holland.

De protestantse scholen zagen hun leerlingenaantal vooral dalen in Noord- en Zuid-Holland en Gelderland. Door de krimp in het confessioneel onderwijs groeit wel het aantal scholen waarin de verschillende zuilen samenwerken. Zowel de interconfessionele scholen en protestants/katholieke combinaties groeiden. In het openbaar onderwijs viel de daling relatief mee, maar het marktaandeel van deze groep scholen kent al langer een beetje krimp per jaar. Tegenover een flinke terugloop in Groningen en Friesland, staat bijvoorbeeld winst in Brabant, Noord-Holland en Utrecht. Van de grote richtingen weet alleen het algemeen-bijzonder onderwijs meer leerlingen te trekken. In het afgelopen jaar 1,1 procent meer.

Bij de kleinere richtingen valt de daling bij de vrije scholen op, alweer 1,4 procent minder terwijl ook de voorgaande drie jaren de antroposofische scholen al in de min zaten. De islamitische scholen weten ondanks de kritiek op hun kwaliteit door het relatief grote aantal zeer zwakke scholen hun leerlingenbevolking te behouden.’

Daaronder wordt een tabel gegeven met exacte cijfers bij de verschillende schooltypen. Ik neem alleen die van de vrijeschool over:

2008: 13.256
2009: 13.077
verschil 08/09: -179
verschil 08/09 %: -1,4%

Het laatste bericht voor vandaag, en dan stop ik, gaat niet over pedagogie, maar over kunst. De bekende tentoonstelling (twee keer) in Duitsland, waar ik het al ettelijke keren over gehad heb. Die is nu ook tot Nederland doorgedrongen. En van alle media, juist in Het Financieele Dagblad. In de zaterdagbijlage, om precies te zijn, met prachtige kleurenfoto’s. ‘Rudolf Steiner als inspirator van kunstenaars’ staat er op het omslag van het magazine, en ‘Kunstpaus’ notabene als kwalificatie. Op de website gaat het vierpagina artikel van Hilda Bouma niet verder dan:

‘Rudolf Steiner, grondlegger van de antroposofie, heeft grote invloed gehad op kunstenaars. En nog steeds; in de hedendaagse kunst wemelt het van meervoudige bewustzijnswerelden en organische vormen. Het meest besproken kunstwerk op de grote dubbeltentoonstelling over de invloed van Rudolf Steiner op de kunst in het Duitse Wolfsburg zal ongetwijfeld Imagined Monochrome worden, van de Brits-Indische kunstenaar ... --

Om dit artikel verder te lezen heeft u een abonnement nodig of u bent niet ingelogd.’

Dus dat wordt kopen. Morgenvroeg vindt u wellicht nog een zaterdagkrant in de kiosk.

donderdag 27 mei 2010

Kapitaal

We gaan weer eens ons Duits beproeven. Want vandaag komen de berichten uit Duitsland. Ze zijn afkomstig van Info3, om precies te zijn. Men is daar lekker bezig, wat al blijkt uit het aantal keren dat ik er de laatste tijd uit geput heb. Laat ik het een beetje chronologisch aanpakken. Eerst de aanprijzing van een boek met de titel ‘Kapital = Geist. Pioniere der Nachhaltigkeit’ (‘Nachhaltigkeit’ betekent duurzaamheid), uitgegeven door Jens Heisterkamp (hoofdredacteur van dit antroposofische maandblad), 174 bladzijden, in 2009 uitgekomen, voor de lekkere prijs van € 24,00.

‘Nachhaltigkeit und “Grüner Kapitalismus” sind Erscheinungen jüngeren Datums. Marken wie Weleda, Voelkel oder Stockmar haben indessen schon ökologisch und verantwortungsbewusst gewirtschaftet, als diese Begriffe noch gar nicht erfunden waren. Unternehmen wie Alnatura, hessnatur oder die GLS-Bank dachten bereits an einen ökologisch-ethischen Breitenmarkt, als erst eine kleine Subkultur von diesen Ideen überzeugt war. Firmen wie Wala oder Sonett rechneten schon vor Jahren mit einer Krise der Ego-Ökonomie und zogen frühzeitig bis in ihre Rechtsformen hinein Konsequenzen.
Für all diese Unternehmen spielt die Anthroposophie bei der Gründung, in der Mitarbeiterbildung oder auch in der Firmenphilosophie selbst eine zentrale Rolle. Zwölf dieser Firmen werden in diesem Buch vorgestellt. Damit wird gleichzeitig zum ersten Mal der wirtschaftliche Impuls der Anthroposophie in einer Zusammenschau gewürdigt, die gerade in unserer Gegenwart neue Anregungen geben kann.’

Interessant, nietwaar? Maar daarmee is het nog niet gedaan, want wat blijkt: op 20 mei werd er een middagbijeenkomst georganiseerd, waarin een flink aantal van deze bedrijven participeerden. Deze miniconferentie werd op 10 maart zo aangekondigd, onder de titel ‘Die Eigentumsfrage im Kapitalismus 3.0’:

‘Tagesveranstaltung in Frankfurt, 20. Mai 2010, 14.00-18.30 Uhr
Zeitschrift info3 mit Triodos Bank, Wala Gmbh und GLS Treuhand

Im Zuge der notwendigen Transformation des Kapitalismus hin zu einer global und nachhaltig ausgerichteten Ökonomie der Zukunft spielt die Frage nach dem Eigentum eine entscheidende Rolle: Welche Perspektiven gibt es hier jenseits der eingefahrenen Wege von konventionell handelbarem Privateigentum einerseits und zwangsweiser Sozialisierung andererseits?

Unsere Tagesveranstaltung stellt grundlegende neue Denkansätze vor und verbindet sie mit Fallbeispielen von Unternehmen, die bereits erfolgreich neue Wege eingeschlagen haben. Ein Werkstattgespräch, bei dem Erfahrungen ausgetauscht und Visionen entwickelt werden.

Programm:
13.30 Uhr Eintreffen und Willkommenskaffee
14.00 Uhr: Begrüßung und einführender Rahmen
Wandel fängt beim Denken an – wie eine neue “Wir-Kultur” die Wirtschaft zukunftsfähig machen kann.
Dr. Nadja Rosmann, Wirtschaftsjournalistin, Hofheim
Anschließend Diskussion

15.00 Uhr: Praxiserfahrungen
Neue Formen des Eigentums – Erfahrungen bei der Triodos Bank.
Alexander Schwedeler, Geschäftsleitung Triodos Bank, Frankfurt
Anschließend Diskussion

16.00 Uhr: Kaffepause
16.30 Uhr:
Die WALA-Stiftung als Alternative zum Privateigentum
Dr. Philip Lettmann, Wala GmbH, Bad Boll
Anschließend Diskussion

17.30 Uhr: Ausblick
Den Code unseres Wirtschaftssystems ändern – Gemeingüterwirtschaft im Kapitalismus 3.0
Dr. Antje Tönnis, GLS-Treuhand, Bochum
Anschließend Diskussion und Abschluss

Moderation:
Dr. Nadja Rosmann und Dr. Jens Heisterkamp, Zeitschrift info3 und Herausgeber des Buches Geist=Kapital. Pioniere der Nachhaltigkeit.’

Er volgde meteen de dag daarop een prima verslag van dezelfde Jens Heisterkamp op de website van Info3, met de titel ‘Eigentum über das Private hinaus. Info3-Tagung zu neuen Formen des Eigentums’:

‘Niemand zweifelt heute mehr daran, dass der Kapitalismus alter Prägung dringend ein Update benötigt. In Analogie zu Computerprogrammen, die regelmäßig durch verbesserte Versionen ersetzt werden, hat der amerikanische Autor Peter Barnes den Begriff “Kapitalismus 3.0” geprägt. Einer der entscheidenden Punkte bei dieser Transformation des Kapitalismus ist das Schaffen neuer Formen von Eigentum (siehe auch Otto Scharmer, Die sieben Akupunkturpunkte des sozialen Organismus in info3 5/2010). [En zie hier op deze weblog In the air’ van woensdag 5 mei 2010, MG.] Diesem Thema war nun eine von info3 – Anthroposophie im Dialog initiierte und von der Triodos Bank mitgetragene Veranstaltung in Frankfurt gewidmet.

Der klassische Eigentumsbegriff war zunächst nötig, um durch klare Rechtsgestaltungen überhaupt einen sicheren Rahmen für wirtschaftliche Initiative zu schaffen, erläuterte die Wirtschaftsjournalistin und info3-Autorin Dr. Nadja Rosmann. Auf dieser Basis konnte sich dann der Ego-Kapitalismus ausbreiten, dessen negative Folgen durch regulatorische Eingriffe in einer nächsten Phase eingedämmt werden sollten. Eine kommende Stufe wirtschaftlichen Handelns wird neben dem Ich-betonten unternehmerischen Handeln einen stärkeren Sinn für das “Wir” benötigen: diese Kraft entsteht heute jedoch nicht aus einer politischen Revolte, sondern aus der Einsicht und dem veränderten Bewusstsein vieler einzelner Individuen heraus, erläuterte Nadja Rosmann.

Alexander Schwedeler von der Geschäftsleitung der Triodos Bank Deutschland berichtete anschließend aus seiner Praxis der Kreditvergabe bei nachhaltigen Unternehmensprojekten. Zukunftsentwicklung durch Finanzierung und Schutz seien aus seiner Sicht die zentralen Qualitäten, die mit der Eigentums-Funktion in Unternehmen verbunden seien. Spannend für die Zuhörer erzählte Alexander Schwedeler praxisnah, wie auch Finanzexperten oft bei Kreditvergaben irren können und ein Bauchgefühl manchmal bessere Orientierung gibt als professionelle Businesspläne. Eine Zukunftsaufgabe sieht Schwedeler darin, dass auch eine Ethik-Bank wie Triodos heute noch keine Kredite nur auf die Überzeugung und Integrität einer Unternehmerpersönlichkeit hin und ohne äußere Sicherheiten vergeben könne.

Authentische Einblicke in ein anderes Wirtschaften gewährte auch Dr. Philip Lettmann von der Geschäftsführung der Wala in Bad Boll. Dort wurde das private Eigentum durch die Überführung des Unternehmens in eine Stiftung “neutralisiert”. Die Unternehmer agieren hier wie Treuhänder, die der Idee des Unternehmens verpflichtet seien, erläuterte Lettmann. Obwohl in dieser Konstruktion keine Privatperson mehr vom Erfolg des Unternehmens profitiere, führe dies in der Praxis zu einem extrem hohen Anspruch, für das langfristige Wohl des Unternehmens Verantwortung zu übernehmen. “Wenn die Wala in wirtschaftliche Not geraten würde, wäre nicht nur ein Unternehmen in Gefahr, sondern eine Idee und ein ganzer Ansatz”, sagte Lettmann. Diese Verpflichtung sei im Unternehmen bis zu einfachen Angestellten hin spürbar, so Lettmann weiter.

Mit dem Begriff des “Treuhand-Unternehmens” lieferte Lettmann das Stichwort für das abschließende Thema der Gemeingüter. Historisch stammt die Idee der Gemeingüter aus dem Mittelalter, wo beispielsweise Weiden und Wälder gemeinschaftlich genutzt werden konnten, erläuterte Dr. Antje Tönnis, die sich im Rahmen der Bochumer GLS-Treuhand mit dem Thema der “Commons” befasst. Heute wird in einer weltweiten Bewegung das Prinzip der Gemeingüter neu entdeckt. Hier entstehen Chancen, Güter wie Boden, Wasser und Luft, die niemandem persönlich gehören, jenseits von privater Ausbeutung und Verstaatlichung auf gerechte Weise zugänglich zu machen. Bereits Rudolf Steiner vertrat in seiner Sozialphilosophie solche Gedanken und als Konsequenz haben die Bochumer Treuhand und die GLS Bank schon früh damit begonnen, Grund und Boden in neuen Eigentumsmodellen zu Gemeingütern zu machen. Grundlage der Gemeingüteridee sei die Einsicht, dass niemand für sich allein lebe und leben könne, so Antje Tönnis. Dies nicht nur intellektuell zu wissen, sondern als tiefe Intuition zu erleben, sei wiederum eine Bewusstseinsfrage, schlug Nadja Rosmann den Bogen zum Anfang der Veranstaltung.

Die abschließende Resonanz des überwiegend aus wirtschaftlich Tätigen bestehenden Publikums: Neue Formen im Umgang mit Eigentum sind hoch aktuell und sollten viel bekannter werden. Ein Thema, das viel Potenzial in sich hat und nach Fortsetzung verlangt.

Buch zum Thema: Kapital=Geist. Pioniere der Nachhaltigkeit. U.a. mit einem Porträt der Wala.’

Zulke initiatieven als deze kunnen we alleen maar begroeten. Het doet me denken aan wat ik over Sleipnir gelezen en gehoord heb. Daarover schreef ik al eens eerder, op 8 juli 2008 in ‘It’s the economy’ en op 9 november 2008 in ‘Groentetas’. Nu staat er op de website van ‘Driegonaal, tijdschrift voor sociale driegeleding & anthroposofie’ een artikel dat hier ook over gaat. Het heeft de titel ‘Stichting Sleipnir: ondernemen met geneutraliseerd kapitaal’ en moet zo ongeveer uit de tweede helft van 2008 stammen of in ieder geval gepubliceerd zijn. De auteur staat er trouwens niet bij.

‘In 1983 werd de Stichting Sleipnir opgericht, in samenhang met de oprichting van Odin C.V., groothandel in (biologisch-dynamische) groenten, fruit e.d. De Odin-ondernemers wilden werken op basis van het gedachtengoed van de associatieve economie. Het neutraliseren van het eigendom, het loskoppelen van arbeid en inkomen en het nastreven van een associatieve samenwerking zijn enkele van de thema’s die in de praktijk van het ondernemen vormgegeven worden.

Het eigendom van het bedrijf werd ondergebracht in de Stichting die als stille vennoot deelnam in Odin CV en in andere bedrijven die in de loop der jaren tot Sleipnir toetraden. Odin CV vormde zich recent om in Estafette Associatie CV en kent drie hoofdactiviteiten: de groothandel, de Odin Abonnementen en de inmiddels 11 Estafette winkels. Tegenwoordig werken er ruim 180 mensen bij het bedrijf.

Bij de Sleipnirgroep zijn anno 2008 zes bedrijven aangesloten: naast Estafette CV gaat het om Dipam (kaarsenmakerij), De Beeldhouwwinkel (beeldhouwmaterialen), Vanadis CV (uitvaartonderneming), Buys & Ko (natuurvoedingswinkel) en Nearchus CV (uitgeverij en boekwinkel). De jaaromzet van de gezamenlijke Sleipnirbedrijven bedroeg in 2007 ca 23 miljoen euro. Er werken ca 210 mensen van wie er 28 vennoot/ondernemer zijn. Eén van hen, Reinoud van Bemmelen, oprichter van De Beeldhouwwinkel in Scheveningen, vertelt over zijn bedrijf en over wat het betekent om als ondernemer te werken in het kader van de Stichting Sleipnir.

“Begin jaren ’90 van de vorige eeuw hield ik mij bezig met meubelmaken en beeldhouwen. Door mijn zoektocht naar goede materialen en gereedschappen ontstond, door vragen uit mijn omgeving, een winkel in beeldhouwbenodigdheden. In die tijd zat ik in het bestuur van de Stichting Sleipnir door mijn verbinding met de achtergronden van de associatieve economie. Het werd tijd mijn kleine eenmanszaak, De Steenhouwwinkel, zo heette het bedrijf toen, om te vormen tot een commanditaire vennootschap met Stichting Sleipnir als de stille vennoot. En zo werd in 1999, na Odin/Estaffette en Dipam, het derde bedrijf bij Stichting Sleipnir aangesloten.

Het bedrijf werd later omgedoopt tot De Beeldhouwwinkel en is aanzienlijk gegroeid. Op dit moment (mei 2008) hebben we, naast de winkel in Scheveningen, een zusterbedrijf in Keulen en een franchisewinkel in Amsterdam. In Scheveningen werken 10 mensen, waarvan er drie beherend vennoot zijn.

Voor mij betekent de samenwerking onder de vlag van Sleipnir een enorm potentieel aan mogelijkheden. Met elkaar zijn we rijk aan mogelijkheden; daarmee bedoel ik dat we samen dingen voor elkaar kunnen krijgen die je ieder afzonderlijk moeilijk voor elkaar krijgt.

Dat is primair verbonden met de inzet van het Sleipnirkapitaal. Wanneer dat kapitaal binnen de aangesloten bedrijven zou worden ingezet op de plek waar het het beste kan werken, levert dat extra mogelijkheden op. Dat vraagt een visie die het eigen bedrijf overstijgt en die vanuit het geheel van de samenwerkende Sleipnirbedrijven wordt ontwikkeld. Het op de juiste plaats inzetten van kapitaal is in die visie voor alle betrokken bedrijven vruchtbaar; waar het kapitaal vruchtbaar wordt ingezet leidt het immers in principe ook tot het terugvloeien van extra kapitaal naar Sleipnir. Het actief werken met kapitaal stelt ondernemers in staat hun plannen uit te voeren; te doen waar ze goed in zijn.

In de gangbare economie leidt de opeenhoping van kapitaal tot schadelijke effecten. Kapitaal moet beweeglijk worden ingezet en verbonden zijn aan mensen en daarvoor vormt Sleipnir een geschikt oefenveld. Het is voor de toekomst vruchtbaar als kapitaal wordt gekoppeld aan concrete mensen die in ontwikkeling zijn en iets willen realiseren. Daarom zou een groei van het Sleipnirkapitaal een goede zaak zijn en dat betekent dat een groei van de bedrijven nodig is.

Dat je als vennoot door hard werken en de goede beslissingen te nemen meer inkomen uit je bedrijf zou kunnen halen, is voor mij persoonlijk niet zo’n drijfveer; veel interessanter is het dat een goed jaar voor het bedrijf ook betekent dat er dan meer kapitaal naar Sleipnir vloeien kan. Een belangrijk voordeel van de wijze waarop we binnen de Sleipnirbedrijven met kapitaal omgaan is dat vennoten kunnen in- en uittreden zonder dat zij zich moeten inkopen of uitgekocht moeten worden. Wanneer zich een geschikte persoon aandient die zich met het bedrijf wil verbinden, dan is dat dus mogelijk zonder allerlei ingrijpende consequenties.

Als Sleipnirbedrijf probeer je ook bij je consumenten bewustzijn op te roepen voor wat de consument met zijn keuzes in de economie ‘teweegbrengt’. Het is domweg een feit dat je als consument een verbinding hebt met de hele productie- en distributieketen van het product dat je consumeert. Maar het is ook een feit dat niet iedere consument dat wil weten. In elk geval proberen wij transparant te zijn in de keuzes die wij maken en mogen klanten daar alles over weten.

Natuurlijk zijn er dingen waar je als consument, maar dat geldt ook voor ons als bedrijf, nog geen invloed op hebt, daar kun je aan werken. Naarmate wij als onderneming een hechtere band hebben met bijvoorbeeld een bepaalde leverancier, kun je proberen de transparantie die je in je eigen bedrijf nastreeft, ook bij de ander te stimuleren.

Als Sleipnirondernemer kun je, ten opzichte van de andere Sleipnirbedrijven en ten op zichte van de samenwerking als geheel, geen eisen stellen en bouw je ook geen ‘rechten’ op. Je hebt niet de zogenaamde zekerheden die anderen hebben, of denken te hebben. Toch kun je samen met de andere ondernemers en vennoten iets opbouwen. Zekerheid ontleen je aan het vertrouwen in mensen.

De manier waarop we binnen Sleipnir met kapitaal omgaan, namelijk proberen dat kapitaal dáár te laten werken waar dat voor het geheel van de samenwerking het vruchtbaarst is, zouden we ook kunnen toepassen op de capaciteiten en vermogens van de vennoten. Die zouden namelijk ook moeten worden ingezet waar ze het best tot hun recht komen. Vanuit het perspectief van Sleipnir, vanuit het geheel dus, overstijg je de beperkingen en misschien ook de blinde vlekken, die je als ondernemer kunt hebben ten opzichte van je eigen rol in je eigen bedrijf. Daar zie ik nog iets dat we samen verder zouden kunnen ontwikkelen.”’

Eronder staat nog deze informatie, die we al kennen, maar die ik graag nog eens herhaal:

‘Op 1 juni j.l. is de website van de Stichting Sleipnir in gebruik genomen: www.stichtingsleipnir.nl. U vindt daar nadere informatie over de Stichting, de aangesloten bedrijven en de achtergronden van de Sleipnirwerkwijze.

De Stichting Sleipnir en de aangesloten bedrijven treden graag in nader contact met andere ondernemers die nieuwsgierig zijn naar de samenwerking in het kader van Sleipnir en komen ook graag in contact met personen of organisaties die mogelijk bereid zijn het werkkapitaal van de Stichting door middel van leningen e.d. uit te breiden. U kunt contact opnemen via de website of per post: Stichting Sleipnir, Postbus 225, 4190 CE Geldermalsen.’

Of in Nederland nog meer op deze manier gewerkt wordt, weet ik eigenlijk niet. Of toch: Stichting Grondbeheer heeft dezelfde doelstelling, maar dan op een ander vlak. Ik zie dat ik daar op deze weblog nog nooit aandacht aan heb besteed. Dat kan ik dan nu mooi eens inhalen. Door simpelweg naar de website van Stichting Grondbeheer biologisch-dynamische Landbouw’ te gaan. Daar staat dit, onder de titel ‘Wat doet Grondbeheer’:

‘De “Stichting Grondbeheer Biologisch-dynamische Landbouw” verwerft grond die geschikt is of geschikt te maken is voor de biologisch-dynamische (BD) land - of tuinbouw. De stichting koopt geen gebouwen. De fondsen, nodig voor grondverwerving, zijn afkomstig van donateurs en eenmalige schenkingen. Daarnaast zijn er inkomsten uit pacht en erfpacht. Hiermee worden de kosten voor beheer en financiering betaald.

Doel

Door de waardestijging van landbouwgrond wordt het steeds moeilijker om een gezond boerenbedrijf op te zetten of te handhaven. Wanneer landbouwgrond onderhevig blijft aan koop en verkoop in het economische verkeer gaat de marktwaarde omhoog. Met de stijgende grondwaarden wordt het moeilijker om een gezonde bedrijfsvoering op te zetten. Grondbeheer heeft momenteel landbouwgrond ter beschikking gesteld aan 11 bedrijven, in totaal ca. 165 ha.

Grondbeheer heeft de doelstelling om verworven gronden binnen de BD landbouw in pacht of erfpacht uit te geven. Als gronden eenmaal onder de vleugels zijn van Grondbeheer worden ze buiten de markt gehouden.

Organisatie

Grondbeheer is een stichting met een bestuur en een raad van toezicht. Per 29 december 2003 bestaat de Stichting 25 jaar. Het bestuur komt gemiddeld 6 keer per jaar bij elkaar. De administratie voor het beheer van de gronden is uitbesteed. De overige werkzaamheden wordt door de bestuursleden gedaan op vrijwillige basis. De leden van de raad van toezicht kijken over de schouders van de bestuursleden mee.

Wanneer Grondbeheer

Grondbeheer wordt met name actief als:
– grond verworven kan worden om op te boeren
– gezocht moet worden naar goede opvolging
– er plannen zijn om het boerenbedrijf te combineren met bijzondere activiteiten zoals consumentenkringen, opvang van zorgvragers, agrarisch natuurbeheer, enz.

De Stichting sluit met een BD-boer een pacht - of erfpachtcontract, waarin de bepaling wordt opgenomen dat de grond bestemd is voor de uitoefening van een BD-bedrijf. Bij opvolging wordt samen met de vertrekkende boer gezocht naar de beste opvolger, die de grond tegen redelijke vergoeding in gebruik krijgt.

Stijgende marktprijzen hebben bij het vaststellend van de pachtvergoeding geen invloed. Met de beschikbare fondsen kan de Stichting maximaal 10 ha per jaar aankopen. Thans heeft zij ongeveer 165 ha aan boeren uitgegeven, waarvan 67 ha eigendom is en 98 ha in erfpacht, gelegen in de Flevopolder.

Samenwerking

Grondbeheer zoekt samenwerking met vergelijkbare beheersstichtingen om tot een efficiënter grondbeheer te komen voor de hele biologisch dynamische sector. Bovendien kan een bundeling van krachten meer gewicht leggen in de politieke discussies over de prijsopdrijving van landbouwgrond. In het project “vaste grond voor voeding” wordt een onderzoekstraject uitgevoerd om tot werkzame oplossingen te komen voor de toekomst.

Grondbeheer en U

Grondbeheer doet een beroep op ieder die de landbouw een warm hart toedraagt. Voor de activiteiten van de stichting is geld nodig. Jaarlijks ontvangt Grondbeheer bijdragen van vele donateurs, maar gezien de problemen in de landbouw zou dat aantal verder moeten groeien. Donateurs krijgen informatie over activiteiten en worden uitgenodigd voor de jaarlijkse donateursdag op één van de aangesloten bedrijven. Via een nieuwsbrief worden de donateurs op de hoogte gehouden van recente ontwikkelingen.

Wilt u Grondbeheer financieel steunen?

Dit kunt u doen door een bedrag over te maken op rekening 21.21.22.150 van de Triodosbank, onder vermelding van “schenking grondaankoop”. U kunt zich ook opgeven als donateur en jaarlijks een vrijwillige bijdrage overmaken. Giften worden in principe gebruikt voor grondaankoop. Grondbeheer is een instelling van algemeen nut, zodoende zijn giften fiscaal aftrekbaar.

Pacht of erfpacht

Afhankelijk van de omstandigheden en na overleg geeft de Stichting de verworven grond uit in pacht dan wel erfpacht. Veelal betreft het bedrijfsvergroting van een zittende pachter/erfpachter/eigenaar. Een gedeelte van de middelen wordt echter ook ingezet om starters en kleinere initiatieven te ondersteunen.

1. Pacht: de pachtovereenkomst behoeft uiteraard toetsing door de Grondkamer.
2. Erfpacht: de duur van het erfpachtcontract wordt vastgesteld op basis van het jaar waarin de erfpachter 65 jaar wordt, met dien verstande dat het contract niet korter duurt dan 26 jaar.

Alle lasten die op de erfpachtgrond drukken, zijn voor rekening van de erfpachter. Voorts zijn de gebruikelijke voorwaarden van toepassing wat betreft toestemming van de eigenaar, opzegging van het contract en beëindiging.

Voorwaarden voor een aanvrager

1) De Stichting beschikt niet over een grondvoorraad. De aanvrager moet zelf met een voorstel komen voor een bepaald perceel dat te koop is. Daarbij zijn er twee mogelijkheden:
– de aanvrager is zelf eigenaar van die grond en verzoekt om herfinanciering;
– de aanvrager weet (via een makelaar) dat een bepaald stuk grond te koop is.

2) De Stichting kan tot aankoop overgaan indien:
– De kwaliteit van de grond en de gebruiksmogelijkheden een BD-bedrijfsvoering wettigen
– De kwaliteit en de omvang van het bedrijf dat eveneens doen
– De agrariër/tuinder in het bezit is van een bedrijfslicentie uitgegeven door de Vereniging voor BD-landbouw te Driebergen
– Indien hij/zij voorts in de landbouw zijn/haar hoofdberoep ziet en over voldoende ondernemerschap en vakbekwaamheid beschikt.

De stichting pleegt advies te vragen wat betreft de technische en bedrijfseconomische toekomstperspectieven. Indien u in contact wilt treden in verband met de verwerving van grond door de Stichting, kunt u contact op nemen met de voorzitter van het bestuur. Bij voorkeur via brief of e-mail.’

Het ziet er niet naar uit dat deze informatie erg recent is. Er wordt gemeld dat op 29 december 2003 de stichting 25 jaar bestaat. Dan bestaat ze nu dus 31 jaar. En er wordt melding gemaakt van de Vereniging voor BD-landbouw te Driebergen. Maar die zit alweer een tijdje in Dronten. In het menu links is ook ‘Stichting Avalon’ opgenomen. Dat blijkt hetzelfde te doen (vanuit eenzelfde oorsprong overigens), maar dan voor biologische landbouw:

‘Stichting AVALON heeft een vorm van grondbeheer ontwikkeld die het mogelijk maakt dat iedereen die hart heeft voor landbouw kan participeren in een gezonde bedrijfsvoering. De mensen achter AVALON zijn actief op zoek om alternatieven te realiseren voor de ontwikkelingen die de toekomst van de landbouw belemmeren. Want de toekomst van de landbouw is niet een zaak van boeren alleen, maar de verantwoordelijkheid van boeren èn consumenten. De grond mede beheren geeft die verantwoordelijkheid een concrete vorm.

AVALON richt zich daarbij op grondbeheer voor biologische landbouw. Stichting AVALON biedt mensen en organisaties de mogelijkheid om zichtbaar bij te dragen aan verantwoorde landbouw. U kunt certificaathouder worden en zo mee doen aan het beheren van landbouwgrond.

Door AVALON beheerde grond blijft duurzaam beschikbaar voor biologische landbouw. De grond wordt door Avalon in erfpacht uitgegeven. Voor de boer betekent dit dat de economische druk afneemt en hij ruimte krijgt om creatief met de grond en haar producten om te gaan. De boer zal weer nieuwe wegen in kunnen slaan en het beste uit de aarde naar boven brengen.

In 1991 is de Stichting AVALON opgericht en heeft in Oostkapelle 14 ha landbouwgrond gekocht. In 1995 is dit uitgebreid tot 17 ha. Het biologisch-dynamische fruitteeltbedrijf Boomgaard Ter Linde pacht deze grond. Centraal thema van Boomgaard Ter Linde is het ontwikkelen van kwaliteitsfruit op biologisch dynamische wijze. Economische en biologische efficiëntie gaan hand in hand. Eén van de zichtbare aspecten is een blijvend aantrekkelijk landschap.

Het concept voor grondbeheer van AVALON is ontwikkeld en succesvol beproefd in relatie met Boomgaard Ter Linde. Het is inmiddels zover uitgerijpt dat relaties met andere bedrijven gelegd kunnen worden.’

Kortom, de biologisch-dynamische landbouw is de bron, maar die wordt voor biologische boerderijen opengesteld. Overigens is ook hier de nieuwswaarde niet groot. Het laatste nieuwsbericht stamt van 18 december 2005, ‘AVALON een stap verder met “De Ring”’:

‘We zijn heel blij met de aankoop van een tweede bedrijf onder de vleugels van AVALON.’

Dus er is in Nederland best wat meer te vinden dan alleen Sleipnir. Misschien weten er lezers nog meer van op deze manier georganiseerde bedrijven aan te dragen. In ieder geval is deze bijdrage niet alleen maar Duits georiënteerd gebleven.

woensdag 26 mei 2010

Partij

Vandaag het vervolg op het bericht van gisteren, ‘Ouderbulletins’, en ook ‘Oproer’ van zaterdag 22 mei. De Stentor is weer onze nieuwsleverancier, die onder de kop ‘Scholieren op de barricades’ vandaag het volgende meldt:

‘Op vrije school De Berkel aan het Weerdslag in Zutphen tekende zich gistermorgen een grote stakingsbereidheid af. Oogluikend liet de schoolleiding toe, dat het gros van de leerlingen van de Reggestroom het derde en vierde lesuur gebruikte voor een protestactie.

Met een groot spandoek gingen de scholieren van de bovenbouw de straat op om kenbaar te maken geen trek te hebben in een gedwongen verhuizing naar de vrije school De IJssel aan de Dieserstraat. Het schoolbestuur stelt zich dat voor als onderdeel van het fusieproces tussen beide scholen. Huidige leerlingen van De IJssel verhuizen in dat plan naar de locatie op het Weerdslag. Woordvoerder van het schoolbestuur Marijn van den Born wil nog niet inhoudelijk reageren. “Er volgt eerst een tweede informatiebijeenkomst voor de ouders. Wij willen niet via de Stentor met hen communiceren. Deze week gaat er weer een brief uit naar de ouders.”’

Dat is begrijpelijk, en verstandig. Daarom vandaag door naar een andere interessante wetenswaardigheid. Die vond ik op de website van de NOS, die op zaterdag 22 mei in het kader van de verkiezingscampagnes antwoord zocht op het vraagstuk ‘Hoe zit het met het basisonderwijs?’ Dat ging zo:

‘Hoe zit het met het basisonderwijs?
In Nederland
– zijn zo’n 7.000 basisscholen waar 1,5 miljoen kinderen naar school gaan;
– volgen 45.000 kinderen speciaal basisonderwijs met kleinere klassen en meer begeleiding;
–gaan ongeveer 70.000 kinderen naar speciale scholen omdat ze gehandicapt zijn of ernstige gedragsproblemen hebben;
– gaan zeven van de tien leerlingen gaan naar een bijzondere school, dat wil zeggen een school met een levensbeschouwelijke inslag, een niet openbare school.

In schooljaar 2008/2009 bijvoorbeeld, ging 30 procent van de leerlingen naar een openbare school, 34 procent naar een rooms-katholieke, 28 procent naar een protestants-christelijke en 8 procent naar een andere school. Van die laatste groep gaat het merendeel naar een school voor algemeen bijzonder onderwijs, bijvoorbeeld Vrije scholen.’

Opvallend dat nu eens vrijescholen worden genoemd, en niet het bekende riedeltje van Montessori-, Dalton-, Freinet- en Jenaplanscholen. Maar omdat het verkiezingstijd is, gaat het zo verder:

‘De leraren die al deze kinderen iedere dag opvangen en lesgeven vragen al jaren om veranderingen en verbeteringen. Kleinere klassen, minder bureaucratie, niet nog meer van bovenaf opgelegde onderwijsvernieuwing, meer goed opgeleide collega’s, betere voorzieningen voor moeilijke leerlingen.

De politieke partijen weten dat, en hebben stuk voor stuk uitgebreide hoofdstukken in hun verkiezingsprogramma’s staan. Wat staat daar zoal in?’

En dan worden de verschillende partijprogramma’s doorgelicht op

‘Leraren

Alle politieke partijen maken zich zorgen over het tekort aan gekwalificeerde leraren. Ze zoeken de oplossingen in salaris, opleiding en vermindering van de werkdruk.

Onderwijsvernieuwing

Alle partijen willen scholen meer vrijheid geven om onderwijsvernieuwingen in te voeren. De overheid moet zich minder met de scholen benoemen, is de algehele tendens. De SP vindt dat onderwijsvernieuwingen te vaak “onderwijsvernietiging”. GroenLinks wil lerarenteams meer invloed geven op het te geven onderwijs. En Trots op Nederland pleit voor een einde aan de bureaucratie in het onderwijs.

Voor-, tussen- en naschoolse opvang

Moeilijke kinderen’

Als u wilt weten wat uw partij, of die waar u juist wel of niet op wilt stemmen, te bieden heeft bij deze verschillende onderwerpen, bezoekt en bekijkt u dan even de NOS-website.

dinsdag 25 mei 2010

Ouderbulletins

Afgelopen zaterdag meldde ik in ‘Oproer’ nog een paniekerig bericht over de vrijescholen in Zutphen. In het fusieproces tussen De IJssel en De Berkel dreigt de Reggestroom bekneld te raken. Zoals Mieke Kleinleugenmors van De Stentor meldde:

‘In het reorganisatieplan wil het schoolbestuur onder meer de leerlingen van De Reggestroom (praktisch onderwijs) verhuizen van de locatie De Berkel naar de school De IJssel in de Zutphense binnenstad. Daar gaan zij als enige groep de school bevolken. Huidige leerlingen van De IJssel krijgen namelijk hun lessen in het nieuwe schooljaar op De Berkel aan het Weerdslag. De betrokken leerlingen verzetten zich hevig tegen het plan. En dat willen ze met met spandoeken en een stakingsactie dinsdag luid en duidelijk kenbaar maken. Ook hun ouders gaan mee in dat protest.’

Hieronder schreef ik: ‘Over deze gang van zaken kan ik op het moment verder geen informatie vinden.’ Om vervolgens uitgebreide informatie te geven over het middelbare vrijeschoollandschap in het algemeen en in Zutphen in het bijzonder. Inmiddels ben ik erachter dat er wel degelijk het nodige over deze kwestie te vinden is op de website van deze beide vrijescholen. Die vond ik namelijk op de pagina ‘Ouderbulletin’. Daar staat onder de kop ‘Schoolbulletin’ dit rijtje met maandelijkse ouderbulletins, de bovenste een pdf-document, de overige Word-documenten:

ouderbulletin_mei_2010.pdf
ouderbulletin nr. 6 1 april 2010
ouderbulletin 4maart 2010.doc
ouderbulletin nr.5 3 februari 2010.doc
ouderbulletin nr. 3 januari 2010

Als ik ze in chronologische volgorde afloop en er de voor ons relevante informatie uithaal, ontstaat er het volgende openhartige en absoluut prijzenswaardige beeld. Ze zijn trouwens allemaal ondertekend door Nynke Gerritsma en Co Huisman. Dit komt uit het januarinummer, gedateerd 7 januari:

‘Het wordt voor ons een bijzonder en vast interessant jaar. Er komt een nieuwe rector en er moeten twee scholen in elkaar geschoven worden, met de bijbehorende schoolontwikkeling en nieuwe organisatiestructuur. Het zal een ieders positieve betrokkenheid vragen. Wij hopen daarbij ook op u te mogen rekenen. Volg ons vooral kritisch, stel vragen en voorzie ons van goede ideeën! Als we op de ingeslagen weg voort gaan, moeten er heel veel kansen zijn. Kansen die we zelf creëren.

Naam nieuwe school

Op 1 augustus sluiten we het boek van de IJssel en de Berkel als afzonderlijke scholen. In de nieuwe school gaan we proberen het beste van de twee scholen te verenigen. Onder welke naam we dat gaan doen, weten we bijna. Vlak voor de kerstvakantie sloot de termijn waarop namen voor de nieuwe school konden worden ingediend. Deze week vergadert de jury en jullie zullen de uitkomst horen! (...)

Nieuwe site

In de kerstvakantie is hard gewerkt aan een nieuwe site. Deze site vervangt de aparte IJssel- en Berkelsite en geeft informatie over de hele school. De naam van de site doet vermoeden dat het om een Berkel-site gaat, naar dat is slechts de naam! www.berkelvo.nl Wanneer de naam voor de nieuwe school bekend is, verandert ook de naam van de site. In principe vindt u op deze site alle informatie voor beide locaties.

Wij zijn erg tevreden over de opmaak van de site. De inhoud zal de komende tijd steeds worden uitgebreid en aangepast. We geven de credits voor de nieuwe site graag aan site-bouwer Frank Planting.’

Op 3 februari gevolgd door:

‘Zaterdag hadden we de Open Dag. Voor het eerst gezamenlijk en voor het eerst presenteerden we onze nieuwe school. Onze plannen voor volgend jaar vorderen gestaag. Er zijn grote thema’s als lesgeven op niveau, differentiëren binnen de klas en groeperen van leerlingen op niveau, jaarthema’s en het ordenen van de lesstof per jaar volgens deze thema’s, met bijbehorende vaardigheidslijnen. Hoe vullen we het mentoraat in? We willen naar een intensief mentoraat toe en zullen keuzen moeten maken over het aantal mentoren per klas of cluster van leerlingen (bovenbouw).

Daarnaast zijn er praktische zaken: de lessentabel in klas 7, 10, 11 en 12 volgend jaar. Die zullen helemaal gelijk moeten zijn, terwijl in klas 8 en 9 de lesstof zo moet worden aangeboden dat de leerlingen naadloos naar klas 10 kunnen overstappen.

De 7e klassen komen op de Weerdslag. De Regge zal daar naar alle waarschijnlijkheid ook met alle klassen komen. Voor de andere klassen geldt dat we nog niet weten op welke locatie ze les krijgen. Volgens welke principes nemen we een beslissing daarover? U hoort hierover binnenkort meer.

Nog genoeg te doen voor we 1 augustus met onze nieuwe school zullen starten. De nieuwe naam kunnen we u nog niet onthullen. We doen deze week een voorstel aan het bestuur en heel binnenkort zal er wel witte rook zijn. We hebben voor het proces de tijd genomen. Onze leerlingen hebben massaal hun mening gegeven en we hopen een duidelijke en herkenbare naam aan onze school te kunnen geven.

Mogelijk kunnen we over enige tijd een bericht over de nieuwe naam van de school verbinden aan een mededeling over de nieuwe rector. Ook dit proces wordt zorgvuldig doorlopen.’

Op 3 maart ging het verder met het omschrijven van een stevig fundament, ‘onder andere bepaald door goede interne processen, een gezonde bedrijfsvoering, een heldere missie en visie en een goede marktpositie’:

‘Interne processen

Aan goede interne processen zijn we hard aan het bouwen. De contouren van een nieuwe schoolorganisatie tekenen zich af. Een eerste notitie over de samenstelling van de schoolleiding is voor de voorjaarsvakantie naar de MR gegaan en een tweede deel, met daarin de afdeling- en taakgroepenstructuur wordt de komende weken besproken. Zo’n schoolleiding moet op onderwijskundig, personeels- en huisvestingsgebied systematisch aan de slag kunnen. Er staat al heel wat op een voorzichtig railsje, maar daar zal door ons en de nieuwe schoolleiding volgend jaar nog behoorlijk in geïnvesteerd moeten worden: besluitvorming, overlegstructuur, taakbeleid, gesprekscyclus, functiebouwwerk, (na)scholingsplan en meerjarenschoolwerkplan.

Bedrijfsvoering

De bedrijfsvoering is deels op orde. De eerste berichten over de financiële jaarafrekening van vorig jaar zijn minder negatief dan gevreesd. Door incidentele meevallers (de eindafrekening van het ministerie die in december ineens geld dat klaarblijkelijk “over is” naar de scholen toe laat vloeien) draaien beide locaties samen (en zo moeten we nu rekenen) ongeveer quitte. We vreesden een stevig tekort. De afrekening van januari 2010 laat zien dat we dit jaar een behoorlijke basisbegroting hebben, vooral ook omdat de formatie weer op het niveau van drie jaar geleden is. Al met al is de financiële basis, ondanks alle extra kosten momenteel, niet beroerd. In de toekomst kan dit alleen maar beter worden.

Marktpositie

Deze twee maanden zijn weer erg belangrijk voor onze school. Op 1 april is duidelijk of onze marktpositie nog goed is. Welke invloed heeft het samengaan gehad op de aantrekkelijkheid voor onze school? Welke gevolgen hebben de inspanning van ons omringende scholen om de markt te her- of veroveren gehad? De IJssel is niet langer een instroompunt. Welke invloed heeft dat op de instroom van leerlingen die van ver moeten komen? We zullen het de komende tijd merken. Laten we hopen dat we onze twee Regge-klassen (de aanmelding voor die klassen kunnen we momenteel goed noemen; getalsmatig kunnen we makkelijk twee klassen vullen) en vijf reguliere klassen goed kunnen vullen. Dat is voor een stevige basis een voorwaarde!

Visie en missie

De inrichting van de school wat leerroutes betreft is ook zo’n stukje fundament dat stevig moet zijn. De hele schoolontwikkeling is gericht op een zesjarig havo, onze filosofie over de Regge en een mogelijk 11e leerjaar voor onze vmbo-ers. In het gesprek met de inspectie half februari is hier geen bom onder gelegd. In tegenstelling tot alarmerende berichten die ons uit het land bereikt hebben, gaf de inspectie geen commentaar op de inrichting van onze school en was ze positief over onze plannen.’

Het aprilnummer, gedateerd 1 april, opent hiermee:

‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid. Dit jaar is deze zegswijze wel erg actueel voor onze school. We zitten in een fase van nieuwe plannen, veel elan en initiatieven voor het nieuwe schooljaar. Tijdens de ouderklankbordgroep-bijeenkomst van 7 april krijgt u hierover de meest actuele informatie. We zijn enthousiast over de plannen en we denken dat we een aantal belangrijke kernpunten van het vrijeschoolonderwijs nieuw leven inblazen. Nieuw leven, met soms nieuwe vormen – maar gebaseerd op de kern van het vrijeschoolonderwijs: de leerling in al zijn facetten die wij een goed ontwikkelingsklimaat bieden op cognitief, sociaal, emotioneel en kunstzinnig gebied.

Een ander nieuw geluid is de rector van de nieuwe school: Hans Stolk. U heeft hierover schriftelijk bericht gekregen. We zijn blij met hem en vertrouwen op een vruchtbare samenwerking. Ondertussen loopt een wervingsprocedure voor een conrector beheer en organisatie. We hopen voor 1 mei een kandidaat voor benoeming te kunnen voordragen.

De aanmeldingen voor de nieuwe 7e klas lopen voorspoedig. We weten al dat we volgend jaar zullen starten met twee 7e klassen voor de Regge; voor de reguliere stroom verwachten we vier of vijf 7e klassen.

Minder voorspoedig loopt het met de naam van de school. Door een betreurenswaardige miscommunicatie tussen bestuur en commissie had het bestuur het verkeerde beeld van wat de commissie aan het doen was. Het probleem was eigenlijk al ontstaan op het moment dat de commissie gestart was, maar dat had toen niemand door. Toen het bestuur, lange tijd onwetend van wat er gaande was, een set namen van de commissie kreeg, konden ze geen goedkeuring geven aan een van de namen. Het bestuur stelt voor een nieuwe commissie aan het werk te zetten, onder leiding van Marijn. Dit traject zal pas volgend schooljaar van start gaan. Mogelijk is de animo dan weer wat groter. Voorlopig werken we verder, tot de zomer onder de namen IJssel en Berkel en voor de nieuwe school onder de werknaam Vrijeschool Zutphen VO. Ach, de zangeres zonder naam deed het ook goed.

Binnenkort moeten we een besluit nemen over de huisvesting van de klassen volgend schooljaar: welke klas komt op welke locatie? Daarbij speelt een heel aantal overwegingen mee. Het moet natuurlijk een pedagogisch verantwoorde keuze zijn die we maken. Verder willen we voorkomen dat leerlingen en docenten teveel op en neer moeten tussen twee locaties. We willen jaarlagen, waar mogelijk, bij elkaar in een gebouw. Dat alles bij elkaar maakt het lastig om tot een scenario te komen dat ideaal is. De werkgroep organisatie, die zich de afgelopen maanden gebogen heeft over dit vraagstuk, heeft een vijftal scenario's uitgewerkt maar meteen geconstateerd dat er aan ieder scenario nadelen kleven. Het is dus eigenlijk kiezen voor het minst slechte. Geen dankbare taak! Tijdens de ouderklankbordgroepbijeenkomst zal ook dit onderwerp van gesprek zijn. Creatieve ideeën zijn overigens van harte welkom!’

Het meest recente ouderbulletin, dat van mei, kwam op 10 mei uit. Dat begint zo:

‘Woensdag voor de meivakantie hebben de d-MR-en van IJssel en Berkel de plannen van de werk- en projectgroepen voor de schoolontwikkeling goedgekeurd. Daarmee is een belangrijke stap op weg naar de nieuwe school gezet. Een aantal zaken kan en moet de komende twee maanden direct voor het volgend jaar gerealiseerd worden. Voor de wat langere termijn maken de werk- en projectgroepen een doorstart om er voor te zorgen dat de plannen die er zijn ook daadwerkelijk geïmplementeerd worden.

We zijn er bescheiden trots op dat we zover zijn. We hebben veel tijd besteed aan een grondige bezinning op de kern van onze school en op de inrichting van ons onderwijs – de genomen besluiten passen in die lijn. Een groot aantal collega’s en ook ouders en leerlingen is hierbij betrokken geweest door mee te doen in een werkgroep of actief mee te denken tijdens beleidsdagen of op andere manieren. We denken dat we bezig zijn een kwaliteitsslag te maken. Verderop in deze nieuwsbrief vindt u een overzicht van de genomen besluiten.

Over het plan over de plaatsing van de klassen volgend jaar moet nog een beslissing worden genomen. Het is het meest lastige plan, simpelweg omdat er geen goede oplossingen voor het probleem van de huisvesting zijn. We hebben meerdere opties bekeken en elke optie was slecht. Een keuze maken is dus kiezen voor het minst slechte plan, maar betekent tegelijk dat een groep ouders en leerlingen ontevreden zal zijn. Buitengewoon spijtig, maar niets aan te doen. Niemand kan iets beters bedenken. Hieronder drukken we integraal het voorstel van de werkgroep af. Vooraf een paar opmerkingen die binnen school niet gemaakt hoeven worden, maar voor ouders mogelijk relevant zijn.

Het gebouw aan de Weerdslag is gebouwd voor krap 700 leerlingen. Momenteel zitten er 850. Er zijn vier noodlokalen bijgeplaatst, maar dan nog is er een behoorlijk lokalentekort, is er een enorme druk op met name de vaklokalen en zijn de voorzieningen (met name de kantine) niet toereikend. Om de druk van het rooster te halen moeten er zeker 300 leerlingen aan de Dieserstraat les krijgen.

Twee jaar geleden kwamen er vanuit de 10e en 11e klassen stromen klachten over het heen en weer fietsen. Vanwege het ruimtegebrek aan de Weerdslag moesten er nogal wat klassen midden op de dag overlopen. Dat was, op z’n zachtst gezegd, geen succes. Dit jaar moeten er nogal wat collega’s tussendoor over-fietsen. Dat levert erg veel klachten en problemen op. Een groot deel van het langdurig ziekteverzuim wordt hier door veroorzaakt. Dat is dus evenmin een succes.

Op termijn streven we naar een unilocatie op de Weerdslag. Alle leerlingen (we willen de school niet verder laten groeien, alleen door de dubbelstromige Regge zal het leerlingen aantal langzaam tot 1100 toenemen) komen dan op één plek, waarschijnlijk in meerdere gebouwen of vleugels. De realisatie van dat plan zal 3 tot 5 jaar in beslag nemen. We moeten nu voor een optie kiezen die voor vijf jaar kan gelden. Bij de keuze die we gemaakt hebben speelde het beperken van het aantal fietsbewegingen tussen de gebouwen, een erg grote rol. Daarnaast wilden we dat leerlingen van klas 7 t/m klas 12 elkaar in een gebouw zouden ontmoeten. Tenslotte wilden we leerlijnen in tact houden.

Deze overwegingen leiden tot onderstaand voorstel, waar we de voor u belangrijkste wijzigingen uit halen:
– de IJsselklassen hebben volgend schooljaar les op de Weerdslag.
– de Reggeklassen hebben volgend jaar het grootste deel van hun lessen aan de Dieserstraat.
Dat de 12e klassen veel lessen aan de Dieserstraat zullen krijgen is in overeenstemming met de situatie van dit jaar. We beschouwen dat niet als een wijziging van ons beleid.

We kunnen ons voorstellen dat u over dit voorstel met de schoolleiding van gedachten wilt wisselen en we hebben om die reden twee informatiebijeenkomsten gepland:
Maandag 17 mei 20.00 uur aan de Dieserstraat. Daar komt de overplaatsing van de IJsselklassen ter sprake.
Dinsdag 18 mei aan de Weerdslag, waar we praten over de locatie waar de Regge les zal krijgen.
U bent hiervoor van harte uitgenodigd.’

Waarna de ‘Notitie van de werkgroep Huisvesting d.d. 27-4-2010’ integraal wordt weergegeven. Als de verschillende opties zijn besproken, volgt de volgende belangrijke zinsnede, in lijn met het voorgaande:

‘Elke optie heeft voor- en nadelen. De werkgroep heeft een afweging gemaakt tussen de voors en tegens van het onthoofden van de school enerzijds en het uitplaatsen van een compleet aantal klassen van een praktische aparte stroom die zich binnen school profileert, anderzijds.

De werkgroep kiest op basis van deze afweging voor de optie waarbij de Regge op de Dieserstraat wordt geplaatst.

We zijn ons terdege bewust van de bezwaren die aan deze optie kleven: de koffieshop, de kroeg, nabijheid andere scholen, de positie van smeden, verzorging en landbouw, het geïsoleerd worden van de rest van de school en de lastige terugkeer, maar komen vanwege de minste pendelbewegingen en het heel houden van de leerlijnen toch tot deze afweging. Op deze locatie (Dieserstraat) zullen ook lessen voor 12e klassen verzorgd worden.

Deze optie wordt voorgelegd aan de schoolleiding en de Stuurgroep en vervolgens aan de d-MR-en. De praktische consequenties van deze keuze zullen onderzocht moeten worden. Nu al kan worden aangegeven dat betrekken van een ander gebouw door de Regge niet van grote investeringen in dat gebouw vergezeld kan gaan.

Wanneer het ROC-gebouw beschikbaar komt (zie bijlage 1), dan ligt het in de lijn der verwachtingen dat de Regge ook goed in dat gebouw gehuisvest kan worden. Aandachtspunt is de integrale terugkeer van de Regge op de Weerdslag.’

De verdere details kunt u ter plekke nalezen. We wachten nu in spanning de ontwikkelingen af op deze nieuwe fusie-Vrijeschool Zutphen VO.

maandag 24 mei 2010

Rome

Hij staat aangekondigd voor aanstaande zaterdag 29 mei. Ik had het er echter al veel eerder over, op zaterdag 21 november 2009 in ‘Vijfhonderd’:

‘Het eerstvolgende boek dat in het voorjaar van 2010 in de Werken en voordrachten – Nieuwe reeks zal verschijnen, is de vertaling van elf voordrachten uit GA 175: Bausteine zu einer Erkenntnis des Mysteriums von Golgatha. Uit deze vertaling, die de titel Inzicht in het mysterie van Golgotha zal krijgen, volgt hieronder een fragment.’

Het gaat hier natuurlijk over een nieuwe vertaling van Rudolf Steiner. Op de website van Christofoor lezen we hierover:

‘Deze elf voordrachten uit 1917 hebben een even spannende als gecompliceerde inhoud: de inslag die het “mysterie van Golgotha” in de wereld heeft betekend, en de gang die het historische christendom sindsdien heeft genomen. Vanuit verschillende, ook verrassende invalshoeken schetst Rudolf Steiner een beeld van de tijd rond het begin van onze jaartelling. De oude spiritualiteit raakte toenemend verduisterd. De ratio van Rome was aan zet. In deze wereld vormde de christelijke impuls aanvankelijk een vreemd en gehaat element. Daarvan getuigen niet alleen de christenvervolgingen. Steiner vertelt hoe verscheidene Romeinse keizers ook esoterisch-magisch de confrontatie met het christendom aangingen. In de vierde eeuw vindt de grote omslag plaats. Keizer Constantijn maakt het christendom in feite tot staatsgodsdienst en verweeft het zo met “Rome”. Tegelijkertijd worden de heidense tempels massaal gesloten of vernield. Julianus Apostata, een van Constantijns opvolgers, tracht deze breuk met de oude spiritualiteit nog ongedaan te maken. Tevergeefs: de ontspiritualisering van het Westen zal zich onstuitbaar voortzetten tot in onze tijd. Door de voordrachten heen ontstaat een indringend beeld van de oorspronkelijke impuls van het christendom en hoe weinig daarvan tot op heden verwerkelijkt is. “Rome” leeft nog altijd, en niet alleen in onze wetten. Om een christelijke cultuur en christelijke vormen van samenleving te ontwikkelen, moet de radicale impuls van het christendom herontdekt worden. De tijd is er rijp voor.’

Op de homepage van Uitgeverij Christofoor staat ‘Presentatie 29 mei’. Onder die link de volgende tekst:

‘Boekpresentatie Inzicht in het mysterie van Golgotha
met name voor begunstigers van de Rudolf Steiner Vertalingen
Het bestuur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen nodigt u van harte uit voor de presentatie van het boek met voordrachten van Rudolf Steiner:

Inzicht in het mysterie van Golgotha
Zaterdag 29 mei 2010
14.30-17.30 uur
Kerk van de Evangelische Broedergemeente
Zusterplein 12
3703 CB Zeist
Gelieve uw komst te melden via jvanpaaschen@freeler.nl of (0343) 51 07 11

Inzicht in het mysterie van Golgotha is een reeks van elf voordrachten uit 1917. Het hoofdthema van deze schitterende voordrachten is de inslag die het ‘mysterie van Golgotha’ in de ontwikkeling van de mensheid betekent, niet zozeer esoterisch maar vooral wat de historische feiten weerspiegelen. Het nawoord is geschreven door Bastiaan Baan.
De afbeelding op de omslag van Inzicht in het mysterie van Golgotha is van de schilder Benno Sloots.

Programma
14.30 uur – Ontvangst met koffie en thee
15.00 uur – Opening door Michiel ter Horst, voorzitter van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen
15.15 uur – Voordracht ‘Inzicht in het mysterie van Golgotha’ door Bastiaan Baan, priester in de Christengemeenschap in Zeist
16.00 uur – Orgelmuziek door Niels Fischer, organist van de Evangelische Broedergemeente Zeist
16.15 uur – Overhandiging eerste exemplaar door de voorzitter aan Franciska Sloots-Kohn ter nagedachtenis aan haar echtgenoot, de schilder Benno Sloots
16.30 uur – Borrel
17.30 uur – Afsluiting
Download hier deze uitnodiging

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – Vanaf 2014 redacteur van ‘Motief, maandblad voor antroposofie’, uitgegeven door de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Laatste reacties

Recent Comments Widget

Zoeken in deze weblog

Wordt geladen...

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)