Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de verdrukking. Want antroposofie is niet eenvoudig te grijpen en te begrijpen. Dat geeft snel een vertekend beeld. In deze weblog wil ik ruimte geven om antroposofie, zoals zij in de media verschijnt, op haar merites te beoordelen. Vanuit een positieve instelling. Maar niet kritiekloos.

donderdag 12 juli 2012

Beat

The beat goes on. En dan heb ik het niet zozeer over The Rolling Stones, die vandaag precies vijftig jaar geleden hun eerste optreden hadden: een halve eeuw! Het is de homeopathie waar ik op doel. Zie ook Bedrijfskosten’ op vrijdag 6 juli en Schappen’ op vrijdag 22 juni. Vandaag kwam de Volkskrant met een opinieartikel van klassiek homeopaat Jos Klaver, ‘Homeopaat is beslist geen kwakzalver’. Maar dat gelooft geen mens bij de Volkskrant, getuige de reacties. Geen wonder, als je het volgens de inleiding bij het volgende betoog laat:
‘Homeopaten zijn geldwolven en kwakzalvers? Onzin! En zeg niet dat wetenschappers de wijsheid in pacht hebben, want reguliere middelen werken ook niet altijd. Dat betoogt Jos Klaver, klassiek homeopaat.’
Ook dagblad Trouw besteedde er onlangs aandacht aan. Dat wil zeggen, columniste Asha ten Broeke schreef maandag ‘Homeopathie is geen onschuldige tovenarij maar eerder oplichting’:
‘“Heb je al homeopathie geprobeerd?”, vraagt de crècheleidster. Mijn jongste dochter heeft last van zonnebultjes, en blijkbaar zijn daar druppels tegen. “Heeft mijn zoontje ook gebruikt, en sindsdien heeft ie nooit meer ergens last van gehad”. Ze is niet de enige. Bij onze apotheek adviseren ze zonder blikken of blozen kinderhoestsiroop van VSM.’
Je zou het niet verwachten in Trouw, maar er volgt een keiharde aanklacht van de auteur tegen homeopathie, kortweg zo geformuleerd:
‘Vroeger probeerde ik nog wel eens uit te leggen dat je van homeopathische middeltjes onmogelijk beter kunt worden, omdat de oplossing in zo’n flesje zodanig is verdund dat er geen molecuul werkzame stof te vinden is. Daarmee is een homeopathisch middeltje even geneeskrachtig als kraanwater.’
Vanavond pas kwam hier een doeltreffende reactie op op de website van Trouw, door Huib van den Doel, ‘oud-directeur Nationale ZiekenhuisRaad’. Wij kennen hem vooral als oud-medewerker van tijdschrift ‘De Verbreding’ en van opvolger ‘De Digitale Verbreding’ van de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders, NVAZ, en als voorzitter van de voorloper hiervan, de Federatie Antroposofische Gezondheidszorg (FAG). Zijn artikel in Trouw is getiteld ‘Homeopathie serieus genoeg voor fel debat’:
‘Ik ben Asha ten Broeke erkentelijk voor haar column (Podium, 9 juli) waarin ze helder op een rijtje zet waarom de homeopathie niet deugt. Dat is intelligent. Alleen begaat ze de domheid door het met de tegenargumenten eens te zijn.’
Om te vervolgen met:
‘Er heerst al eeuwen een competentiestrijd tussen universitaire en uitvoerende geneeskunde. In onze tijd spitst zich dat toe op de verhouding tussen reguliere zorg van de gevestigde medici, en de artsen die zich bezighouden met het complementaire circuit. Let wel: complementair, aanvullend, want nooit zal een zogenoemde CAM-arts (Complementary Alternative Medicine) de reguliere zorg verwerpen.’
Hij houdt een mooi betoog en pleidooi, met als kernzin:
‘Dat homeopathie werkt, is uit tal van internationale onderzoekingen gebleken.’
Dat wil je dan graag wel eens zien. Maar waar vind je die? Ik heb lopen zoeken, bij de NVAZ, bij het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden, maar kan daar geen wetenschappelijk onderzoek naar homeopathie vinden, helaas. Ik heb ook gekeken naar de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen, NVAA, maar ook daar geen inspelen op deze actualiteit. Wel vond ik er dit interessante congres ‘Heel de mens. Integrative Medicine in de praktijk’ op 4 oktober, 12.30-21.00 uur, in Domus Medica te Utrecht, met als ‘doelgroep: alle artsen’.
‘Boodschap: het vergroten van het inzicht in Integrative Medicine; wat betekent de integrale visie in de geneeskunde voor de patiënt, voor de arts, voor de ziektekostenverzekeraar en voor de overheid?’
Als Comité van Aanbeveling wordt opgevoerd:
‘Prof. Dr. Jan van der Greef, wetenschappelijk directeur TNO
Dr. Bas Leerink, lid van de raad van bestuur van Menzis
Prof. Dr. Jaap Sijmons, hoogleraar patiëntenrechten in Utrecht
Prof. Dr. H.H.F. (Herman) Wijffels, hoogleraar duurzaamheid en maatschappelijke veranderingen, Universiteit van Utrecht’
Dat zijn bekende namen, waarvan we er nog veel meer tegenkomen bij de sprekers en workshopgevers. Maar goed, hiermee zijn we nog niet geholpen aan wetenschappelijk onderzoek naar homeopathie. Waar dan zoeken? Op internationaal antroposofisch gebied kunnen we nog terecht bij bijvoorbeeld de ‘Medische Sectie’ van de Algemene Antroposofische Vereniging aan het Goetheanum in Zwitserland en bij het ‘Dachverband Anthroposophische Medizin in Deutschland’, maar bij geen van beide kom ik het zo gauw tegen. Alleen bij het ‘Institut für angewandte Erkenntnistheorie und medizinische Methodologie’ van Helmut Kiene, Gunver Kienle en Harald Hamre is wel wat te vinden over ‘Homöopathie’ onder ‘Kommentare’, maar erg toegankelijk is dat niet. Nee, dan kan ik beter uitwijken naar de website van de KVHN, de Koninklijke Vereniging Homeopathie Nederland. Onder ‘Publicaties’ schrijft men daar:
‘Homeopathie en wetenschappelijk onderzoek

Over de vraag “Is homeopathie bewezen?” bestaat veel discussie. Jammer genoeg wordt die discussie regelmatig niet op basis van kennis van het wetenschappelijk onderzoek naar homeopathie gevoerd. Er is veel wetenschappelijk onderzoek dat positieve effecten van homeopathie laat zien. Ook onderzoek dat aantoont dat hoge verdunningen kunnen werken. De vereniging homeopathie wil de discussie voeden met inhoudelijke informatie over onderzoek. Daarom treft u op onze site een aantal artikelen over homeopathie en wetenschappelijk onderzoek die zijn gepubliceerd in Dynamis 64, dec. 2010, vakblad voor klassiek homeopaten, van de NVKH (Ned. Vereniging van Klassiek Homeopaten).

Onderzoek naar homeopathie en angstige tegenstand.
Inleiding en overzicht. Lees meer>> 
Placebo effect onderzocht
Recent onderzoek laat zien dat het placebo-effect in de homeopathie net zo groot is als dat binnen de reguliere geneeskunde. Lees meer>> 
Interview met Christien Klein, onderzoekster. “Er is heel veel onderzoek”
Een helder en beknopte analyse van het wetenschappelijk onderzoek ter zake. Met een overzicht met de tien belangrijkste onderzoeken. Lees meer>> 
Interview met Martien Brands, onderzoeker. “Bewijzen en lacunes”
Wat valt er te bewijzen? Wat is er bewezen? Wat moet nog bewezen worden? Lees meer>> 
Homeopathie en kostenbesparing, Nederlands en buitenlands onderzoek. Lees meer>> 
Homeopathie verhoogt levenskwaliteit chronisch zieken. Lees meer>>
Elektromagnetische eigenschappen van hoog verdunde monsters. Lees meer>>
Benveniste, James Randi en George Vithoulkas. Lees meer>>
Luc Montagnier, lees meer>>
Interessante informatie over “Wat is homeopathie”, lees meer>>
Dus er is best het nodige te vinden. En hoe zit het dan met het wetenschappelijk gehalte? Lees bijvoorbeeld het eerstgenoemde artikel, ‘Onderzoek naar homeopathie en angstige tegenstand’:
‘In dit themanummer van Dynamis belichten we een aantal onderzoeken naar homeopathie. Twee geïnterviewde onderzoekers melden wat er nu wel en wat er niet of onvoldoende bewezen is. Hoeveel onderzoek dat de homeopathie ondersteunt er ook is, de tegenstanders blijven fel tegen. Frans van Rooijen onderzoekt de aard en de effecten van de tegenstand. Hij schrijft dit op persoonlijke titel.

Wie in Google intypt “homeopathy wiki”, krijgt een link naar de Engelstalige Wikipedia. Aan deze internet encyclopedie mag iedereen bijdragen. Er staat een groot verhaal over homeopathie, haar geschiedenis en onderzoek. Hier toont zich de paradox die we overal aantreffen. In de inleiding heeft men het over het gebrek aan wetenschappelijk bewijs en spreekt men van “pseudo science, quackery and cruel deception”. Anderzijds tref je onderaan de pagina 200 voetnoten, die grotendeels verwijzen naar onderzoek. Veel van dat onderzoek laat positieve effecten van homeopathie zien, of bewijst dat hoge verdunningen een effect teweeg brengen. Er is veel positief onderzoek, maar de tegenstanders verweren zich fel. Wat is er aan de hand? Mij is het verhaal bekend van een onderzoeker die in Wikipedia veel teksten invoerde ten faveure van homeopathie. Zijn toegang werd geblockt en zijn teksten verwijderd omdat hij niet objectief zou zijn.

Benveniste

Ronduit schokkend en dramatisch zijn de gebeurtenissen rondom het onderzoek naar het effect van hoge verdunningen bij basofiele degranulatie, van Jacques Benveniste. Benveniste was een wereldberoemd immunoloog. Voor de door hem ontwikkelde immunologie test basofiele degranulatie had hij volgens velen de nobelprijs kunnen krijgen. Als hij maar niet in 1988 een onderzoek had gepubliceerd in het gezaghebbende blad nature. Hierin toonde hij aan dat hoge verdunningen een effect kunnen hebben. Ik was kort na de publicatie bij prof. Muntendam aan de VU, zelf een groot pleitbezorger van alternatieve geneeswijzen. Hij zei me: “Benvenistes onderzoek slaat in als een bom. ‘Als dit waar is. Dit kan niet, dit mag niet waar zijn’, hoor ik van specialisten en chirurgen in de koffiekamer. Er is pure paniek.” Natures hoofdredacteur Maddox huurde een charlatan en zelfverklaard ontmaskeraar van hocus pocus in, James Randi. Zij herhaalden Benvenistes onderzoek en vonden geen bewijzen. Wat ze niet vertelden is dat ze een aantal wijzigingen in het onderzoeksprotocol maakten. Benveniste werd verguisd. 
Voor een deel is hij in zijn eigen zwaard gevallen. Hij had met een aantal Franse onderzoekers afgesproken dat ze allemaal het zelfde onderzoek zouden verrichten en tegelijkertijd publiceren. Hij was het eerst klaar en wilde niet wachten. mogelijk speelde rivaliteit tussen de betrokken bedrijven, Boiron en Dolisos mee. Benveniste publiceerde alleen en te vroeg en werd afgeschoten. Hij verloor zijn aanzien en financiering voor verder onderzoek. Verbitterd ging hij zelfstandig onderzoek doen naar het zichtbaar maken van het effect van verdunningen. In de afgelopen twintig jaar is zijn onderzoek herhaald, onder andere door saint Laudy, Belon, Ennis en Brown en heeft men bewezen dat hij gelijk had. Vijf jaar geleden overleed hij. Hij is nooit gerehabiliteerd. Wat bij de meesten blijft hangen is: “dat onderzoek deugde niet”. De bewijzen die men later vond kregen weinig publiciteit.

Onwetendheid

Hier spelen mijns inziens een aantal factoren een rol. Pure onnozele onwetendheid is een factor. Artsen die in hun opleiding van een vermaard specialist horen dat homeopathie niet bewezen is en niet kan werken, nemen dit vaker voetstoots aan. Terwijl, heel onwetenschappelijk, de specialist zelf meestal onvoldoende kennis heeft van homeopathie en onderzoek daarnaar. De reguliere medische wetenschap is gebaseerd op oorzaak en gevolgdenken. Homeopathie is systeemdenken (net als ecologie bijvoorbeeld). Verschillende manieren van denken vragen om verschillende manieren van bewijzen. Er is een paradigma verschil. Artsen die jarenlang zijn opgeleid met het materiële denken, zouden moeten gaan geloven in iets waar geen molecuul meer in zit? Dat staat te ver van hen af.

Journalisten zijn vaker cynici en sceptici. De groepsdwang remt vakbroeders die positief willen publiceren over homeopathie. Ze zijn bang voor luchtfietser door te gaan. Eindredacteuren zeggen eerder geen plaats te hebben voor deze onzin. Ditzelfde zien we bij wetenschappelijk onderzoeksinstituten van medische faculteiten in ons land bijvoorbeeld. Met onderzoek naar homeopathie met een positieve uitkomst voor homeopathie op je cv scoor je niet bij collegae.

De pharmaceutische industrie bepaalt via onderzoeksfinanciering vooral wat er wel en wat er niet onderzocht wordt. Als iets niet onderzocht is, is het niet bewezen. Onderzoek dat positieve effecten van homeopathie laat zien, met de conclusie: “vervolgonderzoek is gewenst”, komt door geldgebrek vaak niet van de grond.

De tegenstanders bedienen zich van enkele simpele maar tot nu toe effectieve middelen:
– Ze hanteren een prehistorische manier van marketing. Ze roepen heel hard en heel vaak dat homeopathie niet bewezen is en niet kan werken.
– Bij het kwalificeren of reproduceren van onderzoeken maakt men juist die keuzes waardoor er statistisch een heel vertekend beeld, passend in hun straatje, zich toont.[1] De Engelse staatsman Benjamin D’Israeli zag al drie soorten leugens: “Lies, damned lies and statistics.”
– Ze verenigen zich en hebben één spreekbuis. De Nederlandse vereniging Skepsis is een van de actiefste ter wereld.

Engeland

Waar dit alles toe kan leiden laten de gebeurtenissen van de afgelopen jaren in Engeland zien. In februari 2010 had de science en Technology Comittee van het Engelse parlement het rapport “Evidence Check2: Homeopathy” gepubliceerd. Conclusie was dat homeopathie uit het zorgstelsel, NHS moet verdwijnen. Bij de conferentie van de artsenkoepel BMA, de British Medical Association werd in juni opgeroepen tot:
– intrekking van alle vergoedingen van homeopathische behandeling omdat ze niet beter werken dan placebo
– plaatsen van homeopathische middelen bij drogisten in een schap met het label “placebo’s”.

Ondertussen sloten praktijken van homeopaten, aanmeldingen van leerlingen van homeopatische opleidingen daalden tientallen procenten. Het aantal behandelingen van klassiek homeopaten daalde met 35 tot 50 %. Verrassend genoeg oordeelde de Britse overheid op 26 juni dat de vergoeding van homeopathie door het NHS in stand gehouden moest worden. Met de motivatie: “Lokale NHS en clinici zijn beter in staat dan Whitehall ( het Engels parlement, FvR) om te beslissen welke behandeling geschikt is voor hun patiënten, met inbegrip van aanvullende of alternatieve behandelingen zoals homeopathie.”

Uiteindelijk is dit een mijlpaal in de integratie van complementaire en reguliere geneeswijzen. We hebben het over een klein bedrag. In een land met een lange homeopathische traditie, met een vorstenhuis dat erg pro homeopathie is, wordt via het NHS momenteel 4 miljoen pond besteed aan homeopathie (0,001 % van het NHS budget). Met name in de vier homeopathische ziekenhuizen, waar men 55000 patiënten per jaar behandelt.

Nederland

Moeten wij bang zijn voor “Engelse toestanden?” In Nederland is er van overheidswege met name sinds minister Hoogervorst weinig positiefs gemeld over homeopathie. Er is vrijwel geen onderzoeksgeld voor beschikbaar. En het debat over homeopathisch onderzoek beperkt zich tot kretologie. De vereniging Skepsis roert zich hard. De zorgverzekeraars zijn echter pragmatisch en vergoeden homeopathie via de aanvullende verzekering. Verzekeraars zien dit als marketing instrument. Er zijn 6 miljoen consulten bij homeopaten per jaar, een flink deel van de bevolking wil dit. En het levert een kostenbesparing op. Qua bezoekers van homeopaten zien we dat er veel meer vrouwen komen of moeders met jonge kinderen dan bijvoorbeeld jonge mannen. Mogelijk zou deze, wat rationeler ingestelde groep eerder een homeopaat bezoeken als ze weet hebben van onderzoek dat laat zien dat homeopathie werkt. 
Medisch Contact, het meest gezaghebbende vakblad voor artsen, heeft regelmatig artikelen contra alternatieve geneeswijzen. Zo staat er in de uitgave van 28 okt jl. een interview met prof. Edzard Ernst en publicist Simons Singh over hun boek “Bekocht of behandeld? Feiten over alternatieve geneeswijzen.” Een boek waarin veel verkeerde weergaven van onderzoeken staan. Maar verheugend genoeg werd in de uitgave van 24 september 2010 psychiater Rogier Hoenders aan het woord gelaten. Hij constateert dat in de psychiatrie diverse behandelwijzen gehanteerd worden, die wellicht wel zinvol zijn, maar waarvan de effectiviteit niet hard is bewezen. “Het lijkt er soms op dat de psychiatrie daar soms minder kritisch over is dan over complementaire en alternatieve geneeswijzen.” Hij ziet een taboesfeer rond om het gebruik van CAG (Complementaire en alternatieve Geneeswijzen). “Terwijl 40 procent van de psychiatrische patiënten CAG gebruikt.” Hij heeft een protocol ontwikkeld over CAG. Met het doel dat regulier en CAG volgens dezelfde criteria worden beoordeeld. Hij pleit er voor patiënten te erkennen in hun wens CAG te gebruiken. Hoenders: “de schattingen lopen uiteen, maar volgens sommige onderzoekers is slechts 20 tot 40 procent van de reguliere interventies binnen de geneeskunde onderbouwd door goed wetenschappelijk onderzoek.” Hier stipt Hoenders een kernpunt aan. Een groot deel van de reguliere medicatie en overige behandelmethoden ontbreekt het aan voldoende wetenschappelijke basis. Hier past slechts bescheidenheid.

Conclusie

Het verrichten van wetenschappelijk onderzoek naar homeopathie en het bekend maken hiervan, is belangrijk voor de toekomst van de homeopathie.

Een aantal onderzoeken die we o.a. in deze Dynamis bespreken tonen aan:
– dat hoge verdunningen kunnen werken, dit is in laboratoria en op computers aan te tonen
– er zijn veel bewezen klinische effecten van homeopathie bij luchtwegklachten, diarree etc.
– observationele onderzoeken laten zien dat de meeste patiënten significant verbeterden door homeopathie
– homeopathie bespaart kosten
Daarmee zien we tendensen, maar mogen we nog geen algemeen geldende uitspraken doen. Meer onderzoek is nodig.

Het is te vroeg om echt definitief te kunnen zeggen dat “homeopathie bewezen is”. Want:
– het onderzoek is nog niet altijd van voldoende kwaliteit,
– de onderzoeksgroep is regelmatig te klein om algemene conclusies te trekken
– er zijn nog lacunes in het onderzoek

Wat betekent dit voor u als individuele homeopaat?

Naast uw overtuiging of geloof in homeopathie is er nu ook een begin van een wetenschappelijk fundament. dat moeten we mijns inziens versterken, voeden met goed gedocumenteerde casuïstiek. Vooral om de homeopathie verder te brengen. We zouden het bestaande onderzoek ook veel beter voor het daglicht moeten brengen. Wat blijft is dat mensen die echt niet overtuigd willen worden moeilijk te overtuigen zijn en blijven. Maar laat dat geen reden zijn om je af te wenden van onderzoek. Het is fascinerend. En volgens Einstein is het niet zo moeilijk: “Wetenschap is niets meer dan een verfijning van het dagelijks denken.”

Frans van Rooijen

[1] Een voorbeeld hiervan is het onderzoek van Shang en Eggers. Zij deden een metaonderzoek en publiceerden niet welk onderzoek ze uitsloten en welk onderzoek ze wel in hun onderzoek opnamen. Jaren later moesten ze dit publiceren en toonde o.a. Lex Rutten aan waar zij de werkelijkheid geweld aan deden.

Wil je meer lezen, surf dan naar:
www.dokterrutten.nl,
www.pubmed.com
www.pubmed.nl
www.vhan.nl/informatieprofessionals
www.nikim.nl
www.homeoinst.org
www.hominform.soutron.com

Wil je op de hoogte blijven, meld je dan aan bij google alert en je krijgt een mail met ieder nieuw bericht over homeopathie op het web.’
Het tweede artikel is van Cor van der Meij, getiteld ‘Placebo-effect onderzocht’:
‘Critici werpen de homeopathie nogal eens voor de voeten dat de positieve effecten van klassieke homeopathie bereikt worden door het placebo-effect. Recent Duits onderzoek laat zien dat het placebo-effect bij klassieke homeopathie niet groter is dan dit effect in de reguliere geneeskunde.

Wat is een placebo?

Een placebo is een als geneesmiddel voorgeschreven middel dat geen werkzame bestanddelen bevat. Spreekt men van het placebo-effect, dan is sprake van een positief psychisch effect dat optreedt door vertrouwen in de heilzame werking van een behandeling of een voorgeschreven geneesmiddel. Het placebo zelf geneest echter niets en het effect ervan is kortstondig. Geneesmiddelen dienen een duidelijk betere werking te hebben dan een placebo, wil er sprake zijn van “medicinale werkzaamheid".

In de praktijk

Al in 1955 stelde Beecher vast dat van ruim 1.000 patiënten 35 procent genas, ondanks dat een placebo werd voorgeschreven. Latere studies hebben uitgewezen dat dit effect mogelijk nog veel groter is en zou schommelen tussen de 50 en 60 procent. Critici van de homeopathie stellen vaak dat de werking van een homeopathisch geneesmiddel gebaseerd is op het zgn. placebo-effect.

De werking

Het geven van een medicijn, hetzij regulier of homeopathisch, doet vaak meer met een patiënt dan wordt gedacht. Een geneesmiddel geven heeft niet alleen het beoogde lichamelijke effect (de ziekte genezen of onderdrukken), maar heeft ook een psychologisch effect. Een niet onbelangrijk deel, tussen de 35 en 60 procent, van alle patiënten, wordt onbewust positief beïnvloed. Dit is het psychologische effect, dat genezing bewerkstelligt, ook wel placebo-effect genoemd.

Vanuit de reguliere geneeskunde wordt vaak gesteld, dat de werking van homeopathie berust op het placebo-effect. Dit wordt dan met name toegeschreven aan het feit, dat klassiek homeopaten meer tijd besteden aan hun patiënten. dit zou leiden tot een soort super placebo-effect.

Onderzoek

Op basis van een nieuw uitvoerig onderzoek heeft een team van Duitse onderzoekers medio 2010 vastgesteld, dat het placebo-effect bij klassieke homeopathie niet groter blijkt te zijn dan bij de reguliere geneeskunde. Zij baseren deze conclusie op vergelijking van onderzoeken naar de werking van homeopathie bij bepaalde klachten enerzijds, met die van gewone behandeling van diezelfde klachten anderzijds. in alle onderzoeken was sprake van placebocontrolegroepen, zodat de uitkomsten van het onderzoek betrouwbaar zijn. Van de 25 onderzoeken bleek, dat het placebo-effect van homeopathie in 13 onderzoeken hoger was dan het gemiddelde placebo-effect en in 12 onderzoeken lager.

Conclusies

De onderzoekers nuhn, Ludtke en Geraedts concluderen derhalve terecht dat het placebo-effect van de klassiek homeopathische behandeling niet groter is dan dat van een gewone geneeskundige behandeling. Deze conclusie is van belang voor alle klassiek homeopaten. Er is immers vast komen te staan dat een klassiek homeopathische behandeling niet meer psychologische beïnvloeding veroorzaakt dan reguliere geneeskunde, waardoor een voorsprong zou ontstaan ten opzichte van een gewone behandeling. Hiermee heeft het placebo-effect eindelijk haar objectieve plek gekregen binnen de homeopathie, die niet groter blijkt te zijn dan in de gewone geneeskunde.

Cor van der Meij

Ref: Nuhn T, Lüdtke R, Geraedts M (2010). Placebo effect sizes in homeopathic compared to conventional drugs – a systematic review of randomised controlled trials.’
Ten slotte het derde artikel (hoewel er meer is), dat u uiteindelijk zou moeten overtuigen, ‘Interview Christien Klein’:
‘Er is een overstelpende hoeveelheid onderzoek naar homeopathie gedaan. Kunnen we nu zeggen dat homeopathie “bewezen” is? Onderzoekster en homeopathisch arts Christien Klein werpt in dit interview licht op de zaak. De waarheid blijkt vele facetten te kennen.

Door Gerda Hofste en Frans van Rooijen

Veel homeopaten zeggen:”homeopathie is al bewezen”; sceptici zeggen: “het is niet bewezen”.
Christien: “Er is heel veel onderzoek gedaan, maar daarbij moeten we ons telkens afvragen wat we onderzoeken: de werkzaamheid van de ‘korrels’ of de werkzaamheid van de homeopathische behandeling. Wat het eerste betreft, dat fundamentele onderzoek, is de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen door onderzoek met cellen bij herhaling bewezen. Wetenschappers pleiten dan ook wel degelijk voor verder onderzoek naar de verklaring voor deze activiteit van verdunningen. Het grote probleem is echter dat dit soort onderzoeken zo moeilijk reproduceerbaar zijn, een eerste vereiste voor wetenschappelijk onderzoek. En wat de homeopathische behandeling betreft: tja, hoezo bewezen? Er is heel veel klinisch onderzoek (dat wil zeggen onderzoek met mensen in behandelsituaties). Een deel daarvan laat positieve effecten van homeopathie zien. We kunnen hierna wel en detail naar een aantal onderzoeken gaan kijken. Tegenstanders roepen al heel lang heel hard dat het niet bewezen is. En ze accepteren onderzoeken met een positieve uitslag over homeopathie niet, omdat hoge homeopathische potenties volgens de gangbare opvattingen niet werkzaam kunnen zijn. We weten nog niet hoe homeopathie werkt. In wezen staan we aan het begin van de weg die leidt naar evidence-based homeopathy.”

Toch laat een groot deel van de onderzoeken positieve effecten van homeopathie zien. Klinisch gezien heeft de homeopathie als methode volgens Christien Klein met de onderzoeken onder leiding van Kleijnen en Linde (zie top tien) al lang voldaan aan de norm, door analyse van een aantal gerandomiseerde placebo gecontroleerde trials (zie hieronder). Ze zegt geen behoefte te hebben om onderzoek te doen met het doel tegenstanders te overtuigen van de werkzaamheid van homeopathie.“Maar ik wil wel het fundament van de homeopathie helpen verstevigen, evidence based onderzoek toevoegen. En het liefst helder krijgen welke homeopathische methode het beste werkt voor welke diagnose”.

Dubbelblind

Is dubbelblind gerandomiseerd placebo gecontroleerd onderzoek de weg voor het onderzoek?
“In het Engels heet het Randomised (gerandomiseerd), de onderzochten zijn ‘at random’ door toeval in de groep gekomen die placebo krijgt of het werkzame medicijn . ‘Controlled’ betekent dat er een controlegroep is, die iets anders krijgt dan het te onderzoeken geneesmiddel. Bij placebo gecontroleerd onderzoek geef je de ene groep het echte middel: ‘verum’ en de andere ‘placebo’, iets dat er hetzelfde uitziet, maar geen werkzame stoffen bevat. Als alleen de patiënten niet weten wat ze krijgen, heet dat single blind; als de voorschrijver ook niet weet welke patiënt het verum en welke placebo krijgt, dan spreek je van dubbelblind. Dit Randomised Controlled Trial ofwel RCT heeft voor een tiental diagnoses bewijzen voor werkzaamheid van homeopathie opgeleverd. Bijvoorbeeld bij hooikoorts en diarree bij kinderen. Anderzijds is de RCT niet de meest geschikte vorm voor onderzoek bij individuele homeopathische behandeling. We geven niet 1 middel bij reuma, dat kunnen er tientallen zijn. Je moet je onderzoeksontwerp daarop aanpassen”.

Homeopathie en PMS

Op dit moment is Christien Klein nog samen met enkele collega’s bezig met onderzoek naar homeopathie en PMS (Pre Menstrueel Spanningssyndroom). Dit onderzoek is beschreven in het zomernummer van Homeopathy, The Journal of the Faculty of Homeopathy in het Verenigd Koninkrijk.

Klein-Laansma CT, Jansen JC, van Tilborgh AJ, Van der Windt DA, Mathie RT, Rutten AL. Semi-standardised homeopathic treatment of premenstrual syndrome with a limited number of medicines: feasibility study Homeopathy. 2010 Jul;99(3):192-204

Christien: “Het begon met een pilotstudie, die we in het kader van een gesubsidieerde onderzoeksscholing samen met de VU in Amsterdam hebben gedaan bij 38 vrouwen en 3 maanden behandeling. Deze studie hebben we later uitgebreid tot een grotere groep vrouwen en langere behandelduur. Kort samengevat komt het er op neer dat we wilden onderzoeken of het werken met een semi-gestandaardiseerd protocol voor een individueel voorschrift met een beperkt aantal homeopathische middelen voor PMS-klachten mogelijk zou zijn. Met behulp van een ‘expert-panel’ van 8 ervaren homeopathisch artsen en de zogenaamde Delphi-procedure hebben we 11 homeopathische middelen geselecteerd en van elk van deze middelen de belangrijkste symptomen in kaart gebracht. Deze symptomen hebben we omgezet in 123-vragen met per vraag 5 antwoord-opties, om lichte en zware symptomen te onderscheiden. Via een geautomatiseerd algoritme leidden deze symptomen naar een bepaalde diagnose c.q. homeopathisch middel.

Dit behandelprotocol is in het onderzoek door 20 arts-homeopaten in de praktijk gebruikt. Vooraf moesten patiënten in de doelgroep gedurende twee menstruele cycli dagelijks hun symptomen registreren, om de diagnose PMS te kunnen stellen. Ook tijdens de behandeling hielden ze symptoomdagboeken bij. Deze patiënten (in totaal hebben er 76 vrouwen aan deelgenomen) zijn speciaal voor dit onderzoek opgeroepen en gerekruteerd door o.a. een oproep in de krant (landelijk) en een eigen website, www.HomeopathiePMS.nl. Het resultaat van de eerste evaluatie is dat artsen in de praktijk goed kunnen werken met dit semi-gestandaardiseerde protocol voor individuele homeopathische behandeling van PMS. Nu wil ik graag een stapje verder gaan en de studie uitbreiden tot een groter gerandomiseerd onderzoek. Met een bijbehorende controlegroep en een verantwoorde resultaatmeting. Maar hier komen we vooralsnog bij het bekende struikelblok, namelijk de sponsor die bereid is om daar de nodige fondsen voor beschikbaar te stellen”.

Onderzoeksdesign

Christien voegt hier aan toe: “Het meest belangrijke punt bij onderzoek is het design van het onderzoek. Onderzoek naar homeopathie treft nogal eens het verwijt dat de ‘methodologie’ niet deugt. Maar de methodes zijn niet het probleem; alle instrumenten zijn er. Maar het gaat erom deze op zodanige wijze te gebruiken, dat ze passen bij het karakter van de behandelmethode en bij de onderzoeksvraag. Zo hebben wij ons PMS-onderzoek ontworpen in samenwerking met epidemiologen van het EMGO-instituut van het medisch centrum van de VU (Vrije Universiteit). Dat was heel zinvol. Als pure vakenthousiasten adviseren zij je. Fascinerend”.

Waarom is er onvoldoende overtuigend onderzoek?
Christien: “Onderzoek is een kwestie van geld en mensen en dan wordt het meteen duidelijk. In Nederland is vrijwel geen geld beschikbaar. Mooi is wel dat ik samen met 15 collega’s een opleiding heb gekregen in hoe je onderzoek opzet. Dit was het scholingstraject Complementaire Behandelwijzen en Wetenschappelijk Onderzoek in 2006. Dit was betaald door ZonMw (Zorg Onderzoek Nederland afd. Medische Wetenschappen) die namens de overheid een pot met gezondheidszorg-onderzoeksgelden beheert. Verder zijn er in ons land nauwelijks financieringsmogelijkheden voor wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de complementaire behandelwijzen. Voor specifiek onderzoek kun je mogelijk gedeeltelijke financiering krijgen van bijvoorbeeld het reuma- of astmafonds”.

Geld

“De macht van de farmaceutische industrie is te groot. Zij financieren onderzoek van hun eigen medicijnen en bepalen zo wat er onderzocht wordt. Om maar met een recente kop in de krant te spreken: “De pil is er, nu de bijbehorende ziekte er nog bij vinden.” En wat niet onderzocht wordt, kan immers niet bewezen worden. We moeten het dus voor onderzoek naar homeopathie vooral hebben van ons omringende landen, waarbij Engeland, Zwitserland en Duitsland vermoedelijk nog het meeste geld beschikbaar stellen voor complementaire geneeswijzen. Aan de Charité Universiteit in Berlijn is een speciaal onderzoeksinstituut voor complementaire geneeswijzen. In Amerika zijn miljarden beschikbaar voor wetenschappelijk onderzoek naar CAM (Complementary and Alternative Medicine). De homeopathie is klein in omvang daar, het meeste geld gaat naar onderzoek naar Yoga, Chiropractie ed. In Canada is veel goed onderzoek naar homeopathie.”

Maar onze critici liggen ook daar op de loer. Zo heeft Medisch Contact in oktober 2010 nog een artikel gepubliceerd onder de titel “Zelfkritiek ontbreekt in alternatief circuit”, waarin de Britse wetenschapsjournalist Simon Singh en de Duitse geneeskundige Edzard Ernst weer eens blijk geven van hun hartstochtelijke strijd tegen de kwakzalverij en het alternatieve “bedrog”. “En op het moment dat de homeopathie met iets relevants komt, vinden de media het simpelweg niet interessant genoeg. Veel mensen willen zich niet associëren met homeopathie uit angst voor hun reputatie!” En hoewel Christien Klein graag een steentje wil bijdragen in het evidence based-maken van de homeopathie, stelt ze gelaten dat ze dat niet doet om bevooroordeelde tegenstanders te overtuigen, maar om de homeopathische behandeling te verbeteren en te laten zien wat we er wel en niet mee kunnen.

Niet wetenschappelijk

The Lancet publiceerde enkele jaren geleden onderzoek waaruit werd geconcludeerd dat homeopathie niet werkt. Met chocoladeletters stond er boven een redactioneel artikel (n.a.v. onderzoek v Egger en Shang 2005, FvR): “Einde homeopathie in zicht”. “Lex Rutten o.a. heeft laten zien dat de auteurs niet lieten zien welke onderzoeken naar homeopathie ze betrokken hadden in hun metastudie en waarom. Het was zeer onwetenschappelijk van de hoofdredacteur om met zo’n kop te openen.” Prof. Egger stapte twee jaar voor publicatie al naar de pers met de conclusies. Pas na grote druk maakte hij bekend welke onderzoeken hij had weggelaten en o.a. welke acht onderzoeken zijn geselecteerd voor de slotconclusie dat homeopathie niet zou werken.

Wat kunnen individuele homeopaten en beroepsgroepen doen?
Christien: “Registreren! Ik ben een voorstander van een uniforme registratie van casuïstiek, zoals wij dat doen met het HARP-programma (Homeopatisch Administratie en Registratie Programma, FvR) dat door Jan Scholten is ontwikkeld. Alle casussen registreren: klachten, diagnoses, gegeven middelen, resultaten, genezen of niet. Al die gegevens zouden dan in een grotere database ingelezen moeten worden en geanalyseerd. Daarbij is alle casuïstiek belangrijk, niet alleen de cured cases. Meten is immers weten. Geprotocolleerd werken is in de klassieke (individuele) homeopathie moeilijk. Er zijn te veel verschillende anamnesewijzen en manieren van consultvoering. Ook t.a.v. de middelenkeuze is dat vanzelfsprekend niet haalbaar. Hoe dan ook moet iedereen wel goed uitleggen wat hij of zij doet. Wat dit betreft zou iedere homeopaat wat meer gericht moeten zijn op het belang van de collectieve resultaatmeting. Het probleem in de homeopathie is dan ook dat homeopaten in het algemeen de neiging hebben zich te isoleren, en dat de zelfkritiek enigszins ontbreekt. Dat maakt dat wij onszelf voortdurend tekort doen en ‘wij’ tegen ‘zij’ blijft voortbestaan”.

Op ons verzoek deed Christien een keuze uit de veelheid aan onderzoeken. De belangrijkste noemt ze op de volgende pagina. Kort gaat ze in op het onderzoek.

Christiens top tien van Homeopathie Onderzoeken

Meta-analyses

Beide onderzoeken zijn dubbelblind, volgens de “gouden standaard” dus.
1. Kleijnen J, Knipschild P, ter Riet G (1991). Clinical trials of homeopathy. British Medical Journal, 302: 316-323.
In deze meta-analyse zijn 107 onderzoeken op kwaliteit onderzocht; 77% van deze onderzoeken bleken positief uit te vallen voor de werking van de homeopathie. Conclusie: bij het merendeel van de onderzoeken bleek homeopathie beter resultaat te hebben dan placebo. Deze uitkomst zou waarschijnlijk voldoende overtuigend zijn als het zou gaan om een reguliere behandeling voor een bepaalde aandoening. Omdat de onderzoekers de werking van homeopathische geneesmiddelen minder plausibel achten, vinden ze dat er meer onderzoek nodig is. (Onderzoek uit Maastricht, van Nederlandse bodem dus, FvR).

2. Linde K, Clausius N, Ramirez G, Melchart D, Eitel F, Hedges LV, Jonas WB (1997) Are the clinical effects of homeopathy placebo effects? A meta-analysis of placebocontrolled trials. Lancet, 350: 834-843.
Bij deze meta-analyse werden 89 studies betrokken. De onderzoekers concluderen dat de resultaten van al deze studies niet compatibel zijn met de stelling dat de klinische effecten van homeopathie uitsluitend toe te schrijven zijn aan placebo. Geen aanwijzingen voor publication-bias. Meer onderzoek is nodig.

Observationeel klinisch onderzoek

3. Witt CM, Lüdtke R, Baur R, Willich SN (2005). Homeopathic medical practice: long-term results of a cohort study with 3,981 patiënts. BMC Public Health, 5:115.
Aan deze studie in 103 homeopathische artsenpraktijken in Duitsland en Zwitserland namen 2.851 volwassenen en 1.130 kinderen deel. Bijna allen (97%) hadden chronische aandoeningen en bijna allen (95%) hadden eerst een conventionele behandeling ontvangen. De ernst van de ziekteverschijnselen nam in 2 jaar significant af (P < 0.001) en de levenskwaliteit verbeterde aanzienlijk na homeopathische behandeling.

4. Spence D, Thompson EA, Barron SJ (2005). Homeopathic treatment for chronic disease: a 6-year university-hospital outpatient observational study. Journal of Alternative and Complementary Medicine, 5:793-798.
Aan deze studie namen 6.500 patiënten deel met meer dan 23.000 doktersbezoeken over een periode van 6 jaar. 70% van de patiënten gaven aan dat hun gezondheid verbeterd was, bij 50% zelfs in aanzienlijke mate. De beste resultaten werden gerapporteerd bij eczeem en astma bij kinderen, bij darmontstekingen, zoals ziekte van Crohn, prikkelbare-darmsyndroom, overgangsproblemen en migraine.

Diagnosegericht klinisch effectiviteitsonderzoek

5. Jacobs J, Jonas WB, Jimenez-Perez M, Crothers D (2003). Homeopathy for childhood diarrhea: combined results and metaanalysis from three randomized, controlled clinical trials. The Pediatric Infectious Disease Journal, 22:229–234.
Dit is een meta-analyse van 3 onderzoeken naar individuele homeopathische behandeling van diarree bij kinderen. De geneesmiddelkeus werd telkens gedaan met RADAR met Vithoulkas-expertsystem. De uitkomst van de meta-analyse is dat de effectiviteit van deze homeopathische behandeling voor diarree bij kinderen is bewezen. Het mooie van deze serie onderzoeken is, dat dezelfde homeopathische methode is gebruikt bij 3 opeenvolgende onderzoeken bij dezelfde diagnose. Dit onderzoek zou nog opnieuw moeten worden gedaan door een andere, onafhankelijke onderzoeksgroep.

6. Frei H, Everts R, von Ammon K, Kaufmann F, Walther D, Hsu-Schmitz SF, Collenberg M, Fuhrer K, Hassink R, Steinlin M, Thurneysen A (2005). Homeopathic treatment of children with attention deficit hyperactivity disorder: a randomised, double blind, placebo controlled crossover trial. European Journal of Pediatrics, 164:758-767.
Een Zwitserse cross-over trial bij 62 kinderen met ADHD. Gedurende 6 weken kregen zij een individuele behandeling (of placebo) volgens een beproefd protocol met 17 middelen. De homeopathiegroep deed het significant beter. De onderzoekers hebben dit onderzoek zeer degelijk voorbereid. Zij werkten met vragenlijsten, identificeerden bruikbare symptomen en onbetrouwbare symptomen, deden een polariteitsanalyse van symptomen en werkten met LM potenties in opklimmende sterkte. Dit is een bijzonder goed onderzoek.

7. Steinsbekk A, Fønnebø V, Lewith G, Bentzen N (2005). Homeopathic care for the prevention of upper respiratory tract infections in children: a pragmatic, randomized, controlled trial comparing randomized homeopathic care and waitinglist controls. Complementary Therapies in Medicine,13:231–238.
Er is door een Noorse onderzoeksgroep een gerandomiseerde 12 weken durende pragmatische studie gedaan bij 169 kinderen met bovenste luchtweginfecties, met wachtlijstcontrole. De kinderen in deze groep hadden lagere symptoomscore en minder dagen met symptomen van bovenste luchtweginfecties. In de homeopathiegroep waren de resultaten significant beter. Bij 11 kinderen werd meer dan één middel voorgeschreven en het was mogelijk om het voorschrift te wijzigen tijdens het onderzoek. Dit is een mooi voorbeeld van onderzoek waarin “real life” zo veel mogelijk wordt benaderd.

Fundamenteel onderzoek

Fundamenteel onderzoek heeft aangetoond dat geneesmiddelen die zo vaak zijn verdund dat sommigen denken dat er “niets” meer in zit, toch werkzaam blijken te zijn. Dit betekent een doorbraak. Sinds het begin van deze eeuw wordt in onderzoeken de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen bij herhaling bewezen. Wetenschappers pleiten voor verder onderzoek naar de verklaring van de activiteit van deze verdunningen.

Similiawet

8. Cultured mammalian cells in homeopathic research. The similia principle in self-recovery (1994) Utrecht. Van Wijk R., Wiegant F.A.C.
De Nederlandse onderzoekers Van Wijk en Wiegant hebben aangetoond dat het similia-principe terug te voeren is op de werking van de individuele cellen! Hun onderzoek toont aan dat zelfherstel op celniveau wordt gestimuleerd door lage doses van toxische stoffen of bedreigende omstandigheden, als deze volgens het similia-principe worden toegepast. Daarmee is een belangrijke aanzet geleverd voor onderbouwing van de herstelmechanismen die tengrondslag liggen aan het similia-principe. Een overzichtsartikel:
Wiegant Fred, van Wijk, Roeland, The similia principle: results obtained in a cellular model system. Homeopathy (2010) 99, 3-14.

Biologisch onderzoek

9. Histamine dilutions modulate basophil activation. Belon P. , Cumps J., Ennis M., Mannaioni P.F., Robertfroid M., Sainte-Laudy J., Wiegant F.A.C. Inflammation research 53, (2004) 181-188.
Dit is een onderzoek naar de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen in vitro (in het laboratorium, met cellen). In 1999 wordt in 3 van de 4 laboratoria de uitkomst bevestigd dat histamine in hoge verdunningen (100 tot de 15e en hoger) een remmend effect heeft op de degranulatie (= uiteenvallen van de cel met vrijkomen van bepaalde inhoudsstoffen die een rol spelen bij allergische reacties) van basofiele granulocyten (gespecialiseerde witte bloedlichaampjes) ten gevolge van anti-IgE (antistoffen die deze degranulatie kunnen veroorzaken). Dit onderzoek is een verfijning van eerder onderzoek van Sainte-Laudy et al (1982, 1987) en Benveniste et al (1988). Het bewijst wat Benveniste ontdekte.

Fysisch onderzoek

10. Louis Rey. Thermoluminescence of ultra-high dilutions of lithium chloride and sodium chloride. (2003) Physica A: Statistical mechanics and its applications, Vol 323,67-74, DOI 0.1016/S0378-4371(03)00047-5
Recent onderzoek door de Zwitserse chemicus Louis Rey toont aan dat water dat in aanraking is geweest met een bepaalde stof iets andere natuurkundige eigenschappen heeft dan gewoon water. Zelfs als de vloeistof zo sterk wordt verdund dat er van de toegevoegde stof geen molecuul meer over kan zijn, is het effect meetbaar.

Overige relevante onderzoeken

Christien: “Ook onderzoek naar kostenbesparing door homeopathie is belangrijk. Naast mijn top tien aan onderzoeken zijn er nog tal van andere onderzoeken die voor de homeopathie belangrijk zijn. Zo werd in juni 2010 bekend dat de ‘semi-alternatieve huisarts een stuk goedkoper werkt’, naar aanleiding van een onderzoek van de Tilburgse hoogleraar gezondheidseconomie Peter Kooreman en de Leidse epidemioloog en lector antroposofische gezondheidszorg Erik Baars. Volgens Kooreman gaat het om ‘spectaculaire’ kostenverschillen die ‘niet te verwaarlozen zijn, zeker met het oog op de stijgende zorg uitgaven’ (citaat uit De Volkskrant van 7 juni 2010).

Slapeloosheid

In juli 2001 werd in het wetenschappelijke tijdschrift Sleep Medicine een artikel gepubliceerd over de ‘meetbare effecten van homeopathische medicijnen bij slapeloosheid’, de conclusie van een onderzoeksteam van de University of Arizona College of Medicine in Tucson (USA). In dit onderzoek werd het effect van een dosis Coffea Cruda 30C of Nux Vomica 30C getest in relatief gezonde volwassenen met een historie van koffie-geïndiceerde slapeloosheid (met een placebo controlegroep). Met positieve resultaten”.
Bell IR, Howerter A, Jackson N, Aickin M, Baldwin CM, Bootzin RR. Effects of homeopathic medicines on polysomnographic sleep of young adults with histories of coffee-related insomnia. Sleep Med. 2010 Jul 27.

Christien: “Het zou dan ook goed zijn dat homeopaten zich wat meer informeren over deze wereldwijde ontwikkelingen op het gebied van onderzoek. Mijn beste bron is www.pubmed.com van de US National Library of Medicine. De samenvattingen kun je gratis inzien. Artikelen bestellen kost geld”.

Veel vind je ook op www.hominform.soutron.com, bij www.nikim.nl (Nationaal Informatie- en Kenniscentrum Integrative Medicine) en op www.homeoinst.org van het Homeopathic Research Institute.

“Er is gebleken dat in Nederland en de ons omringende landen eczeem de klacht is waarmee de meeste mensen bij een homeopaat komen. Daar zouden we onderzoek naar moeten doen”.

Christien Klein is homeopatisch arts met een praktijk in Oosterbeek (bij Arnhem). Ze is oud voorzitter van de VHAN, huidig voorzitster van de commissie Onderzoek bij de VHAN en ze doet onderzoek naar homeopathie en PMS.

Gerda Hofste en Frans van Rooijen’

5 opmerkingen:

Oebele zei

Hier over het laatste onderzoek van het Zwiterse "Bundesamt fuer Gesundheit" 2012: http://naturheilt.com/blog/homoeopathie-findet-zuspruch-in-schweiz/.In Zwitserland wordt complementaire geneeskunst ten dele weer voor een periode opgenomen in de ziektekostenverzekering.

Erik zei

"Geen wonder, als je het volgens de inleiding bij het volgende betoog laat:
‘Homeopaten zijn geldwolven en kwakzalvers? Onzin! En zeg niet dat wetenschappers de wijsheid in pacht hebben, want reguliere middelen werken ook niet altijd. Dat betoogt Jos Klaver, klassiek homeopaat.’"


"Hier stipt Hoenders een kernpunt aan. Een groot deel van de reguliere medicatie en overige behandelmethoden ontbreekt het aan voldoende wetenschappelijke basis. Hier past slechts bescheidenheid."

Hier geef je in het begin van je artikel aan dat het geen argument is te stellen dat reguliere geneeskunde ook niet altijd werkt, om het vervolgens als kernpunt later in je artikel terug te laten komen? Spreek je nu niet jezelf tegen?

Michel Gastkemper zei

Beste Erik,
Ik gebruik verschillende bronnen en laat zien wat daarin betoogd wordt. Je eerste citaat is van Jos Klaver en komt uit de Volkskrant van gisteren, je tweede van Frans van Rooijen in het vakblad voor klassiek homeopaten van de NVKH (Nederlandse Vereniging van Klassiek Homeopaten), ‘Dynamis’, nummer 64 van december 2010. Bij Jos Klaver heb ik alleen de redactionele inleiding aangehaald, waarin de reactie van de Volkskrant in een paar zinnen samenvat wat hij in zijn opinieartikel schrijft. Het artikel van Frans van Rooijen heb ik volledig overgenomen.
Overigens vind ik het ook zelf als bewijsmiddel van homeopathie weinig overtuigend om aan te voeren dat er ook weinig bewijs is van reguliere geneesmiddelen. Veel sterker is om aan te tonen dat homeopathie wel werkt, en hoe dat gebeurt.

Michel Gastkemper zei

Dank je, Oebele! Dat is inderdaad een artikel dat ook leken een goed overzicht geeft. Ik zal voor het gemak hier een directe link maken.

Homeootje zei

Je had ook hier kunnen kijken:
www.infowebweistra.eu/homeopathie-wetenschap.htm

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – Hoofdredacteur a.i. van ‘Motief, maandblad voor antroposofie’, uitgegeven door de Antroposofische Vereniging in Nederland – – Bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland 2012-2014 – – Redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – Voormalig lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – –Voormalig redacteur van het inmiddels ter ziele gegane ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ , uitgegeven door een onafhankelijke stichting en niet meer verschenen sinds september 2006 – – Voormalig redacteur van ‘de Sampo’, het in 2001 opgeheven tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het eind 2006 in een fusie opgegane Heilpedagogisch Verbond (HPV)

Mijn Facebookpagina

Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Laatste reacties

Recent Comments Widget

Zoeken in deze weblog

Wordt geladen...

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)