Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

zaterdag 16 februari 2013

Speelveld

De Aardespiegel gaat op halve kracht of minder voort, moest ik op 7 en 15 december 2012 in ‘Brui’ en ‘Hokjesman’ melden. Eergisteren schreef Wiljan Hoes het bericht ‘Wat heeft Goethe gedaan?
‘Het is ook allemaal niet bij te benen. Een voorbeeld: in de NRC van 7 februari stond een artikel/interview “Culturele elite was blij met Adolf Hitler” van Bart Funnekotter, waarin:

“De Duitse intellectuelen volgden Hitler in de jaren dertig van harte. Dat hielp het regime in het zadel, zegt historicus Frits Boterman... Mijn vrouw zet elke avond rond elf uur muziek van Beethoven op. Daarin hoor ik het onweer nog niet naderen. Maar als ik naar Wagner luister, of ik lees Goethes Faust, dan realiseer ik me goed dat de nazi’s niet uit het niets zijn verschenen.”

Deze Frits Boterman is niet zomaar iemand, maar professor “Duitsland”. In mei verschijnt zijn boek bij de Arbeiderspers (!): Cultuur als macht. Cultuurgeschiedenis van Duitsland, 1800-heden.

Je kan er je over opwinden en een ingezonden brief schrijven. Dat deed Aardespiegelschrijfster Evelien Nijeboer dan ook en de brief is gisteren in de papieren nrc-next te lezen geweest ( met weglating van de begin- en slotalinea...).

Hier is de hele tekst die Evelien instuurde:

Wat heeft Goethe gedaan

De mening van Frits Botermans is niet nieuw: de hele na-oorlogse twintigste eeuw is doordrenkt van een instinctief wantrouwen jegens religie, idealisme en spiritualiteit, want “dat had de Nazi’s voortgebracht”. Deze redenering is echter slordig en tendentieus.

De Duitsers hadden moeite met de onttovering van de wereld? Dat lijkt me een understatement. Duitsland werd in de jaren ’20 en ’30 door de “herstelbetalingen” (een soort boete voor verliezers) in een sociaal-economische afgrond gestort. Hitler was geen Goetheanist maar een overtuigd en consequent darwinist. Goethe staat als wetenschapper lijnrecht tegenover deze Angelsaksiche wetenschapsbenadering. De kwaadaardige Nazi’s namen Darwin natuurlijk met opzet letterlijk (rassenleer, natuurlijke selectie op mensen). Dat Duitsers misschien meer dan anderen geneigd zijn om consequent te zijn in hun denken heeft misschien inderdaad met romantiek te maken. Maar het bewijs dat ‘het recht van de sterkste’ de nieuwe wereldorde uitmaakte werd geleverd door de totale economische vernedering die Duitsland als “verliezer” doormaakte – daar was het oude ideaal van “bildungsbürgertum” inderdaad niet tegen opgewassen. Goethe had afgedaan, darwinisme was de nieuwe ideologische norm en daardoor had men voor Hitler geen ideologisch alternatief. Als de Duitsers Goethe werkelijk in ere hadden gehouden hadden ze elkaar met gedichten bestookt in plaats van concentratiekampen op te richten.

Botermans lijkt juist die hoge menselijke vaardigheden als inspiratie en het kunnen scheppen van cultuur verantwoordelijk te willen maken voor de ergste misdaden tegen de menselijkheid, en dat is een gotspe. Het is het onderbuikgevoel van iemand die de slechtheid van de mensen wil thuisbrengen in het feit dat zij gevoelens en idealen hebben. (ps, ik kan evt. in een iets langer artikel schetsen hoe Duits Goethe zich fundamenteel onderscheidt van Darwin en de Angelsaksische wetenschapsbenadering (zoals geformuleerd door lord Francis Bacon).

Ja, zo hoort ‘n ingezonden brief er uit te zien! Maar of het veel in de Waage zal leggen? Wie leest er nog van papier? En zo’n inhoud is niet een twee drie te twitteren ;-)

Hurrumph.

Gelukkig is er nog een enkele wakkere Duits-Nederlandse blogger – geen Goethefan – die het ook teveel werd: “Frits Botermans kurzer Weg von Goethe zu Hitler. Ich hab es ja nicht so mit Goethe, aber wenn jemand sagt ‘Aan Goethes Faust zie ik dat de nazi’s niet uit het niets kwamen’ verschlägt es mir erst einmal die Sprache.”

Onder dat blog staat ook nog 1 hele beste reactie, van M. Appleton, in het Duits: “Hurrumph. So was macht mich eher wütend. Zurückverfolgungen der abstrusesten Art sind unhistorisch, populistisch und reichlich naiv (‘hat der nicht auch immer Deutschland so hoch gelobt!’) Man kennt das ja von Hölderlin etc. etc. Goethes Ursprung aus der Aufklärung, seine Abneigung gegen die ‘irrationale’ Romantik und seine (m.M.nach merkwürdige) Begeisterung für Napoleon lassen ihn auf jeden Fall – wenn man sich auf eine solche Argumentation überhaupt einlassen möchte – unverdächtig erscheinen.”

Bron: http://cafe-deutschland.blogspot.nl/2013/02/frits-botermans-kurzer-weg-von-goethe.html
Gisteren plaatste hoofdredacteur John Hogervorst van Driegonaal dit bericht ‘De Amerikaanse droom ontleed’:
‘Opmerkelijk genoeg wordt één van de oudste berichten op deze website volgens de statistieken nog steeds regelmatig gelezen. Het gaat over de “ver-Amerikanisering” van de samenleving. In onze uitgebreide archieven diepten we een héél oude boekbespreking op die John Hogervorst in 1994 schreef over een klein maar razend interessant boekje van Noam Chomsky: What America really wants. We zijn bijna 20 jaar verder en dat geeft de lezer de gelegenheid om te beproeven of Chomsky’s visie op het Amerikaanse buitenlands beleid inmiddels op de mesthoop van de geschiedenis thuis hoort...

“Het feit dat de werkelijke situatie anno 1994 in grote mate overeenkomt met wat ruim veertig jaar geleden in de VS als doel is gesteld, toont dat het ‘Anglo-Amerikaans streven naar wereldheerschappij’ serieuze aandacht verdient en niet zonder meer als anti-Amerikanisme of complottheorie kan worden afgedaan.”

In het bijzonder in voordrachten uit de jaren 1917-1920 wees Rudolf Steiner herhaaldelijk op het Anglo-Amerikaanse streven naar wereldheerschappij. Hij noemde het een van de drie grote impulsen die de ontwikkelingen in onze tijd bepalen. Hoe is het anno 1994 met dit streven?

In haar boek Midden-Europa – balans van onze eeuw bood Renate Riemeck, op basis van historisch onderzoek, enig inzicht in dit Anglo-Amerikaanse streven, waarbij zij met name liet zien hoe dit streven zich in eerste instantie tegen Midden-Europa richtte.

Vrij recent verscheen een klein boekje waarin dit streven verder wordt vervolgd, vanaf de laatste jaren van de tweede wereldoorlog tot in de jaren ’90. De auteur, Noam Chomsky, is linguïst en internationaal bekend als kritisch beschouwer van de westerse beschaving. Hij zal Riemecks Midden-Europa, noch de symptomatologische wijze van geschiedsbeschouwing kennen. Maar op basis van het volgen van het wereldgebeuren, aangevuld met de studie van onder meer enkele voormalig geheime Amerikaanse beleidsdocumenten, en een inzicht in de gezonde sociale behoefte van de moderne mens sluit What Uncle Sam really wants in zekere zin direct aan op het werk van Renate Riemeck.

Chomsky begint met een omschrijving van het doel waarop de Amerikaanse buitenlandse politiek is gericht: het behouden van de dominante positie die Amerika na de tweede wereldoorlog innam. Met een verwoest en overwonnen Duitsland, Engeland verzwakt en diep in de schulden aan de VS, de Sovjet-Unie deels vernietigd en een overwonnen Japan dat voor zijn olie-invoer afhankelijk van de VS werd gemaakt, waren de VS uitgegroeid tot een macht die de wereld beheerste zoals niet eerder in de geschiedenis is voorgekomen. Daarbij gaat het om een economische wereldheerschappij, waarin niet zozeer een politieke maar een economische ideologie het heersende principe vormt. In geheime documenten uit de jaren ’40 en ’50, die na 30 jaar openbaar toegankelijk werden, wordt een en ander duidelijk uiteengezet: “...wij bezitten 50% van de rijkdommen van de aarde, maar vormen slechts 6% van haar bevolking ... Onze werkelijke taak in de komende periode is om een patroon van verhoudingen te creëren dat ons in staat stelt deze onevenwichtige situatie in stand te houden Om dit te verwezenlijken moeten we sentimentaliteit en dagdromen van ons afzetten en moeten we ons op onze directe nationale belangen richten... We moeten niet langer spreken over vage en onrealistische belangen als mensenrechten, het verhogen van de levensstandaard en democratisering. Het zal niet lang duren voordat we met duidelijke machtsconcepten moeten werken. Hoe minder we dan door idealistische slogans worden belemmerd, hoe beter” (Policy Planning Study 23, van de hand van Georg Kennan, 1948). Deze Kennan wordt overigens nog als een “duif” beschouwd. Paul Nitze, onder Reagan nog wapenonderhandelaar met de Sovjet-Unie, behoorde tot het kamp van de “haviken”. Hij schreef, ten behoeve van het ministerie van buitenlandse zaken in 1950 National Security Council Memorandum 68, waarin een strategie ten opzichte van de Sovjet-Unie wordt beschreven, met de aanbeveling dat “het zaad van vernietiging in het Sovjet-systeem wordt ingeplant” opdat er vervolgens “met de Sovjet-Unie of een opvolgerstaat of -staten” een regeling op Amerikaanse voorwaarden kan worden gesloten.

Het feit dat de werkelijke situatie anno 1994 in grote mate overeenkomt met wat ruim veertig jaar geleden in de VS als doel is gesteld, toont dat het “Anglo-Amerikaans streven naar wereldheerschappij” serieuze aandacht verdient en niet zonder meer als “anti-Amerikanisme” of “complottheorie” kan worden afgedaan.

De wereld als speelveld

De economische wereldheerschappij betekent de ondergeschiktmaking van staten en volkeren aan de belangen van de Amerikaanse economie. Tijdens de tweede wereldoorlog ontwierpen Amerikaanse beleidsmakers hun plannen voor het na-oorlogse tijdperk, en kwamen zo tot het begrip Grand Area, het grote gebied dat speelveld voor het Amerikaanse streven werd en dat Noord- en Zuid-Amerika, West-Europa, het Verre Oosten, het voormalige Britse rijk, het Midden-Oosten, de rest van de Derde Wereld en uiteindelijk de gehele aarde omspant. Alle gebieden op het grote speelveld kregen in het geheel een eigen functie toebedeeld. De industriële landen zouden moeten worden voorgegaan door ... Duitsland en Japan (beiden natuurlijk onder Amerikaans toezicht), die the great workshops (de grote werkplaatsen) worden genoemd. De Derde Wereld vervult de functie van grondstoffenbron en afzetgebied en zou in eerste instantie dienen voor de wederopbouw van West-Europa (Afrika) en Japan (Zuidoost-Azië). In de naoorlogse jaren deden de Amerikanen, waar en wanneer dat mogelijk leek, stappen om de Grand Area in overeenstemming met het grote streven in te richten.

Misleiding

Daarbij werd overigens ingecalculeerd dat het Amerikaanse volk niet zonder meer achter dit streven zou staan. Het moest daarom worden misleid. In de economische principes die in het grote streven worden nagejaagd, gaat het er uiteindelijk om dat de rijken de situatie zodanig beheersen dat zij ongehinderd voort kunnen gaan met het plunderen van de armen. Nationale welvaart (of verdeling van de welvaart) en democratische besluitvorming zijn slechts relevant voor zover ze het doel van de economische machthebbers dienen. Met een open en al dan niet in naam democratische samenleving zoals de Amerikaanse samenleving is, kunnen de economisch machtigen goed leven, zolang hun positie overeind blijft en hun belangen niet geschaad worden.

In het kader van deze misleiding bleek het opportuun dat de VS zich ten opzichte van de Sovjet-Unie altijd opstelde als de wereldwijde voorvechter van de democratische waarden terwijl tegelijkertijd de bemoeienis van de VS in een lange reeks van landen als El Salvador, Nicaragua, Panama, Guatamala, Vietnam, Laos, Korea of Zuid-Afrika feitelijk altijd gericht was op het vernietigen van democratische bewegingen. Chomsky’s beknopte beschrijving van de Amerikaanse bemoeienis in bijvoorbeeld El Salvador geeft nog een diepere betekenis aan de reeks van veelal in grote lijnen bekende gebeurtenissen: de Amerikaanse training van Salvadoraanse militairen en politiefunctionarissen leidde in vele gevallen tot werkelijk demonische misdaden. De Amerikaanse experts maakten daarbij gebruik van technieken die een inwijdingskarakter hebben en die ook door de SS werden toegepast.

Als mede-overwinnaar van Nazi-Duitsland schroomden de VS overigens niet om Nazi-spionagenetwerken intact te laten en over te nemen, om anti-fascistische verzetsgroepen in het na-oorlogse Europa op een zijspoor te rangeren en al het andere dat noodzakelijk werd geacht om de West-Europese bondgenoten in de juiste richting te “helpen”. De juiste richting bestond (en bestaat) uit het vervullen van de juiste functie in het concept van de Grand Area.

“Elegante oplossingen”

De opeenstapeling van feiten die Chomsky in dit boekje van slechts 111 pagina’s kwijt kon, toont een vast patroon in de Amerikaanse omgang met economisch minder ontwikkelde staten. De meest hechte banden worden steevast gesmeed met de militaire top in die landen. Zij krijgen onder meer wapenhulp en opleidingen van de Amerikanen en zijn, als de roep om democratie in de bewuste landen te sterk wordt, niet alleen geschikt om het vuile werk uit te voeren maar dienen indien nodig ook om onbereidwillige of aarzelende politieke machthebbers in het gareel te krijgen of van het politieke toneel te verwijderen. Wanneer dit alles niet mogelijk blijkt is er nog altijd de mogelijkheid van een Amerikaanse interventie, zoals in Panama, waar Noriega, die al jaren op de loonlijst van de CIA stond en daarnaast, zoals de Amerikanen heel goed wisten, voor aanvullende inkomsten zorgde via de drugshandel, meende tegen de belangen van zijn broodheer in te kunnen gaan. Dat was voor de Amerikanen extra vervelend omdat begin 1990 een overeenkomst tussen Panama en de VS over de geleidelijke overdracht van het Panama-kanaal aan Panama zou worden ondertekend. De VS waren best bereid het Panamakanaal aan een Panamese regering over te dragen, zolang deze regering maar voldoende oog zou hebben voor de Amerikaanse belangen. Omdat Noriega wat al te eigenzinnig werd, volgde in december 1989 de Amerikaanse invasie in Panama.

Chomsky signaleert overigens een verband tussen de activiteiten van de CIA in onder andere Centraal-Amerika en Zuidoost-Azië en het opkomen van de internationale drugshandel in die landen.

Overigens blijkt het voor deze verborgen lijn in de Amerikaanse buitenlandse politiek niet van belang of het Witte Huis door een president van democratische of republikeinse huize bewoond wordt.

Wie meent dat deze praktijken tot het verleden behoren, doet er goed aan de kwestie Haïti nauwkeurig te volgen. In De Volkskrant van 30 juni jongstleden [dus in 1994, MG] stond een interessant bericht waarin een “elegante oplossing” voor de kwestie Haïti werd beschreven. Een fragment uit dit bericht:

“De speculaties over de invasie worden hoofdzakelijk aangewakkerd door de suggestie in Haïtiaanse en Amerikaanse media dat president Clinton geen andere keus heeft dan een militaire interventie, zodra blijkt dat alle sancties zijn uitgeput en de coupplegers nog steeds aan de macht zijn.

De miljoenen arme Haïtianen hopen dat president Clinton woord houdt. Zij gaan ervan uit dat Amerikaanse mariniers hen zullen komen bevrijden van het militaire driemanschap Cedras, Francois en Biamby. Want, zo redeneren ze, Clinton steunt Aristide, wil de democratie herstellen en zal hen de president teruggeven die ze eind 1990 met twee derde van de stemmen hebben gekozen.

De werkelijkheid is hoogstwaarschijnlijk anders. Het Witte Huis probeert zich te profileren als kampioen van de democratie, maar zit in zijn maag met de bevrijdingstheoloog Aristide, die het beschouwt als een gevaarlijk ongeleid projectiel. Washington wil volgens veel waarnemers het liefst dat de oude vertrouwde situatie wordt hersteld waarin de Amerikaanse ambassadeur bepaalt wat er in Haïti gebeurt.

De scenario’s liggen al klaar...”

De angst voor een voorbeeld

En hoe past de enorme hardnekkigheid en inzet waarmee de Amerikanen zich jarenlang met bijvoorbeeld Vietnam of Nicaragua bezighielden in dit beeld? Niet vanwege de economische belangen in die landen, aldus Chomsky, die waren immers maar zeer beperkt. Maar wel om te voorkomen dat waar dan ook ter wereld een land zou bestaan dat zich economisch kon bedruipen, dat een regering had die steunde op een meerderheid van het volk en niet zijn functie vervulde ten behoeve van de Amerikaanse economische belangen. Zo’n land, zelfs als het om een onbeduidend vlek op de kaart als Grenada ging, zou een voorbeeld voor andere landen kunnen worden en daarmee een echte bedreiging voor de Amerikaanse economische hegemonie. Chomsky stelt dan ook dat, ondanks de vernederende militaire aftocht uit Vietnam, de Amerikanen hun ‘geheime agenda’ grotendeels uitgevoerd hebben: Vietnam was zozeer verwoest dat het andere landen nimmer als voorbeeld zou dienen.

Overigens valt uit de berichtgeving over Vietnam van de laatste maanden op te maken dat het land inmiddels alsnog op weg is om in de Grand Area te worden ingelijfd. De recente geschiedenis geeft er blijk van dat met economische krachten doelen mogelijk worden die langs militaire weg niet konden worden bereikt.

Zo is de Amerikaanse suprematie in wezen onuitgedaagd en bleef het concept van de Grand Area intact: een geheel van industriële werkplaatsen, grondstoffengebieden en afzetmarkten, waarbij het kapitaal per saldo alsmaar in dezelfde richting stroomt: naar de economisch machtigen. Ook voor Oost-Europa en het gebied van de voormalige Sovjet-Unie heeft Amerika een functie, meldt Chomsky. Het moet rijp worden gemaakt voor westerse exploitatie.

Chomsky beschrijft ook de rol van de Amerikaanse media, die uiteindelijk steeds de machthebbers hebben gediend, onder meer door het verdoezelen van minder passende berichtgeving over de Amerikaanse activiteiten in Zuid-Amerika, door het mede in stand houden van de Koude Oorlogstoestand en door de schone schijn van the American Dream te koesteren. Ook Amerikaanse economische ideologische stokpaardjes als internationale vrij handel en economie zonder staatsinmenging zouden door adequate berichtgeving al lang naar het rijk der fabelen verwezen zijn. Van internationale vrijhandel is geen sprake, betoogt Chomsky, en de Amerikaanse speerpunt-industrieën zijn alleen dankzij de Amerikaanse belastingbetaler concurrerend.

In zijn slotbetoog wijst Chomsky op het belang van individueel bewust handelen. Wakker worden voor de schijnvoorstellingen die ons slapend moeten houden en samen met anderen actief worden, op welk vlak dan ook, om daarmee meer en meer zelf te bestemmen en de democratie inhoud te geven.

Ook daarin lijkt Chomsky een geestverwant te zijn van anderen die zich met het Anglo-Amerikaanse streven naar wereldheerschappij bezighielden. Hij kiest namelijk voor het “zelfbeschikkingsrecht van het individu”, het recht dat Rudolf Steiner formuleerde als Midden-Europees antwoord op het Amerikaanse streven naar wereldheerschappij.

Noam Chomsky
What Uncle Sam really wants
Odonian Press, Berkeley (Cal.)
1 -878825-01-1’
Lees dan eens dit bericht van Broer Scholtens gisteren op de website van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Ik heb deze vereniging een hele tijd links laten liggen, want haar ideeën stellen meestal weinig voor. Maar dit is weer zo grotesk, je gelooft je ogen niet; waar gáát het over denk je dan. Maar ja, het gebeurt. ‘Wetenschapsjournalistenvereniging steunt kwakzalverbank’ heet het:
‘In de Vereniging van Wetenschapsjournalisten in Nederland (VWN), een club waarbij veel journalisten zijn aangesloten, is de pleuris uitgebroken.

Het bestuur van de VWN heeft, tot grote ergenis van enkele leden, een nieuwe bank uitgekozen: de Triodos-bank. De contributie voor 2013, 35 euro, moet op rekening NL40 TRIO 0777 8268 95 worden overgemaakt, is te lezen op de website. De recente overstap van de ING, waar de vereniging sinds haar oprichting in 1985 een rekening had lopen, naar de Triodos-bank is enkele leden in het verkeerde keelgat geschoten. Zij vinden dat wetenschapsjournalisten, die geacht worden zich te spiegelen aan wetenschappelijke degelijkheid en onderbouwing, zich niet zouden moet binden aan een bank die haar oorsprong heeft in de antroposofische leer van Rudolf Steiner.

De bank financiert met enige regelmaat bedrijven die homeopathische middelen produceren en gebruiken waaronder Weleda, is te lezen op haar website. Een deel van de producten van Weleda zijn homeopathisch gepotentiëerde middelen. Verder investeert de bank, met haar hoofdvestiging in de antroposofen/homeopatenregio bij uitstek Zeist/Driebergen, in onder meer acupunctuurpraktijken.

In 2010 kreeg de bank de Meester Kackadoris-prijs van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, een prijs die jaarlijks wordt uitgereikt aan een persoon of instantie die “kwakzalverij het meest heeft bevorderd”. De bank kreeg de prijs vooral vanwege donaties van de Triodos Foundation, een stichting die alternatieve behandelwijzen in arme landen bevordert. Deze financierde de herbouw van een acupunctuurkliniek in Indonesië. In 2008 stak de organisatie geld in activiteiten van Homeopaten zonder Grenzen, ten behoeve van een opleiding homeopathie in Kenia. Met dit laatste, zo oordeelde de vereniging in haar onderbouwing, worden grote gezondheidsrisico's genomen ten koste van de bevolking in ontwikkelingslanden.

Ook is de bank monomaan aanhanger van biologische landbouw. Vooruitgang, zoals genetische manipulatietechnieken, wordt categorisch en gelovig afgewezen. Een gegeven dat bij een wetenschapsjournalist minstens tot enig wenkbrauwgefrons zou moeten leiden. De Triodos-bank, de afgelopen jaren een financieel succesnummer waar steeds meer spaarders hun geld heenbrengen, komt maar niet los van onbewezen vaagheden. Triodos stak recentelijk veertigduizend euro in tientallen apparaatjes die vermeende elektrosmog in haar kantoorgebouwen zou neutraliseren. Ze zouden stress van de werknemers tegengaan. TNO ontdekte, in opdracht van de consumentenrubriek TROS Radar, dat de apparaatjes waren gevuld met parkietenzand en geen enkele elektrische of magnetische functie hebben.

De voorzitter van de VWN, landbouwingenieur en freelance-journalist Joost van Kasteren, stelt dat de slechte service van de ING-bank de belangrijkste reden is geweest voor een overstap. Toen er een bankkeuze werd gemaakt, herinnerde het bestuur zich nog een oude wens van de Algemene Ledenvergadering (ALV) uit 2009 om te kijken naar een “wereldvriendelijkere” bank. Er is vervolgens, in grote naïviteit, voor Triodos gekozen. Van Kasteren: “In alle onschuld. Ik moet toegeven, ik wist niet van die homeopathische achtergrond en ben niet meer zo gelukkig met het besluit.”

Er is een heftige discussie ontbrand op het ledendeel van de website van de vereniging. Zo'n tachtig tot negentig leden – van de in totaal driehonderd – hebben twijfels geuit over het besluit. De meeste leden begrijpen niet goed waarom de keuze is gemaakt. Van Kasteren reageert laconiek: “Er is eind maart een algemene ledenvergadering en dan kan de keuze ter discussie worden gesteld.”’
Tsjonge, wat laten mensen zich in hun zelfstandig oordeel toch beïnvloeden. En dat heet dan journalisten! Gisteren twitterde Erik Baars, lector Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden, deze boodschap:
‘Presentatie “Is anthroposophic medicine a scientific research field?” geaccepteerd (ICCMR congres 2013 London) http://tinyurl.com/cev6q2xDAY 1 - DAY 2 - DAY 3
ICCMR 2013 will focus on the global sustainability of healthcare for long term conditions such as diabetes, chronic pain, cardiovascular disease, psychological problems, neurodegenerative conditions and arthritis.’
En inderdaad, we zien daar bij ‘Oral Presentations – day 2, 11:45-13:00, April 12’ bij ‘WS13’ staan:
‘621: Erik Baars
Is anthroposophic medicine a scientific research field?’
Op haar Facebookpagina schreef ‘Stichting Vrijescholen Athena’ gisteren ‘Kleine vrijescholen blijven open’:
‘De Onderwijsraad heeft gisteren het Ministerie van Onderwijs een nota aangeboden met daarin het advies basisscholen met minder dan 100 leerlingen binnen vijf jaar te sluiten. Kleine scholen zouden volgens de Onderwijsraad vaker een matige tot zwakke kwaliteit hebben. De Onderwijsraad vindt daarom dat het aantal kleine scholen beperkt moet worden. Op dit moment hebben in Nederland ruim 1300 scholen minder dan 100 leerlingen.

Binnen de Stichting Vrijescholen Athena hebben vijf basisscholen minder dan 100 leerlingen, nl. de scholen in Emmen, Enschede, Oldenzaal, Winterswijk en Doetinchem. Sluiting van deze vrijescholen zou een verschraling van het onderwijsaanbod in die gemeenten betekenen en zou de vrijheid van onderwijskeuze van ouders beperken.

De kleine scholen binnen Athena hebben alle een positieve beoordeling van de Inspectie van het Onderwijs: de kwaliteit is dus goed op orde! De scholen zijn financieel gezond en ouders zijn tevreden over het onderwijsaanbod dat deze vrijescholen verzorgen.

Maar bovenal: het leerlingenaantal van deze vrijescholen stijgt; in Oldenzaal en Doetinchem bijvoorbeeld is het leerlingenaantal het afgelopen jaar met ca. 20% gestegen!

Er is dus wel degelijk – anders dan de Onderwijsraad voorstelt – toekomst voor kleine scholen, in ieder geval voor de kleine vrijescholen binnen Athena.’
En dan is er nieuws van het front van De Hokjesman. Gisteren twitterde hij namelijk eerst
een half uur later gevolgd door:
‘Nog ééntje dan. Baron Paul Mackay, van de Vorstand (executive council) der Antroposofen. Meer verklappen we niet. Sst pic.twitter.com/4KXaDQr5
Foto weergeven
Ramon De Jonghe ontdekte het persbericht voor de aflevering aanstaande donderdag, blijkbaar al op 29 januari geplaatst. Het zijn de originele formuleringen van een buitenstaander, die zich wel terdege in de materie heeft verdiept. Maar het juist daarom weer eens heel anders onder woorden brengt:
‘Er was er eens een godsdienst die geen godsdienst was...

Antroposofie (van het Griekse anthropos “mens” en sophia “wijsheid”) is een spirituele filosofie en occulte wetenschap gebaseerd op de leer van Rudolf Steiner (1861-1925), die het bestaan postuleert van een geestelijke wereld die toegankelijk zou zijn via innerlijke ontwikkeling.

De antroposofie gaat er vanuit dat de reguliere wetenschap veel te beperkt is, omdat die enkel uitgaat empirie en deductie. Nee, er is ook een geesteswereld waar de wetenschappelijke wetten niet gelden. En zo is de antroposoof bereid het bestaan te aanvaarden van geesten, onzichtbare wezens; van klein tot groot, van bos tot heelal. En dat alles om te pogen een verklarend systeem te vinden voor de opkomst en ondergang van volken, rassen en beschavingen; want de mens en zijn ontwikkeling staan centraal.

Onze hokjesman onderzoekt deze opmerkelijke combinatie van wetenschap en mystiek en aanschouwt hoe deze zelfbouwpakket-religie-zonder-god leidt tot een worsteling tussen de aanhangers onderling en met de non-believers. Hoe het in pacht hebben van de wijsheid verplicht tot het verspreiden en toepassen ervan op veel terreinen. Zoals vrije schoolpedagogie, heilpedagogie, euritmie, spraakvorming, kunstzinnige therapieën, antroposofische geneeskunde, sociale driegeleiding, en biologische landbouw. Hoe verder de hokjesman afdaalt in deze geestelijke mijnen van Koning Salomo hoe duisterder de diepten worden. Is er terugkeer mogelijk als hij zelf de wijsheid eenmaal heeft mogen ontvangen?

klik hier voor beeld

Uitzending: donderdag 21 februari, 21.30 uur, Nederland 3’
Dat beeld is daar nog niet te vinden. Dat volgt ongetwijfeld later op de website van De Hokjesman.
.

1 opmerking:

John Wervenbos zei

Zal in de kring bij ledenavond AViN Rotterdam aanstaande maandag attenderen op uitzending Hokjesman over antroposofen d.d. 21-2-2013 (week 8). We zullen zien.

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)