Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

woensdag 4 september 2013

Tegengeluiden

Ik heb toch wel interessant nieuws. De NVAZ (Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders) maakt op haar website een ‘EO-reportage antroposofie en vaccinatie’ bekend:
‘Op woensdag 4 september 2013 om 20.30 uur zal (in principe, actualiteit kan dat altijd veranderen) op Nederland 2 in De Vijfde Dag van de EO een reportage uitgezonden worden met als onderwerp Antroposofie en vaccinaties. Madeleen Winkler, huisarts en CB arts in Gouda heeft hieraan meegewerkt.’
Die begintijd klopt niet; dat moet 21.10 uur zijn. [Update 17.30 uur: Foutje van mij: het begint toch om 20.25 uur. Eerder stond die andere tijd op de website, maar nu niet meer. Misschien was het vorige week om die tijd? MG] En de reportage zit zeker in het programma. Want Hans van der Steeg, ‘Reporter Dutch TV “De vijfde dag”’, liet gisteren via twitter (@hansvandersteeg) weten:
‘Niet alleen streng gelovigen laten hun kinderen niet vaccineren tegen mazelen. Ook antroposofen hebben bezwaren. Waarom? Woe in #devijfdedag

Update 17.45 uur:

Inmiddels staat op de website van ‘De Vijfde Dag’ deze toelichting, getiteld ‘Waarom antroposofen hun kind niet inenten’:
‘Kinderen niet inenten zou het risico op kanker verminderen. Antroposofen hebben zo hun eigen opmerkelijke beweegredenen om hun kinderen niet in te enten. “Vertrouw op het eigen afweersysteem.”

Er klonk alom verbazing en protest toen de mazelenepidemie afgelopen maanden losbarstte en mensen uit reformatorische kringen standvastig voor hun overtuiging bleven staan dat God volgens hen niet toestond om kinderen in te enten. Maar zij zijn niet de enige die fel tegen inenten zijn.

In De Vijfde Dag een portret van antroposofen. Want ook in die groep leven grote bezwaren tegen vaccinaties. Wie zijn zij en waarom enten zij hun kinderen niet in?

Kanker

We spreken onder meer met de antroposofische huisarts Madleen Winkler die ook voorzitter is van de Nederlandse Vereniging voor Antroposofische Artsen. Bij deze vereniging zijn 150 artsen aangesloten. Als Winkler met ouders praat, legt ze hen de voor- én nadelen uit van inenten. Daarbij betrekt ze een opmerkelijke stelling: niet inenten zou de kans op kanker verkleinen. Dat baseert ze op een wetenschappelijk artikel.

Maar klopt dat ook? We leggen haar verhaal voor aan Jaap van Dissel, directeur infectieziektenbestrijding van het RIVM.

Onnatuurlijk

En we bezoeken het echtpaar Matthias en Eline van Oostwaard. Samen met hun drie (niet-ingeënte) kinderen leven zij op hun biologische dynamische boerderij. “Ik wil niet iets onnatuurlijks in mijn kind gespoten hebben.”’

Update 18.15 uur:

Ik moet dit er nog aan toevoegen (staat ook op de website van ‘De Vijfde Dag’):
‘RIVM verwacht 30.000 mazelenpatiënten
Antroposofisch arts: “Niet-vaccineren verkleint kans op kanker”

Het RIVM verwacht dat uiteindelijk 30.000 Nederlanders de mazelen zullen krijgen. Dat zegt directeur Infectieziektenbestrijding prof. dr. Jaap van Dissel vanavond in het programma De Vijfde Dag (EO).

Van Dissel is de opvolger van de bekende epidemioloog Roel Coutinho, die afgelopen juni vertrok bij het RIVM.

Het RIVM heeft nu enkele duizenden gevallen van mazelen geregistreerd. Volgens Van Dissel leren eerdere epidemieën dat het werkelijke aantal ziektegevallen tien keer zo hoog is. Hij denkt daarom dat tussen de twintig- en dertigduizend personen de mazelen zullen krijgen. “We verwachten (...) dat deze epidemie dezelfde grootte zal krijgen als de vorige epidemie”. De piek zal dit najaar zijn, aldus Van Dissel.

Minder kans op kanker

In de media was tot nu toe veel aandacht voor de mazelenepidemie onder orthodoxe christenen, omdat die inenting afwijzen. De Vijfde Dag portretteert vanavond de andere groep Nederlanders die bekend staat om haar bezwaren tegen inenten: de antroposofen. In de reportage komt dr. Madleen Winkler, antroposofisch huisarts en voorzitter van de Vereniging van Antroposofisch Artsen aan het woord. Bij haar vereniging zijn 150 artsen aangesloten. Veel antroposofen kiezen ervoor hun kinderen niet te vaccineren tegen ziektes als de mazelen.

Winkler stelt in de reportage dat niet-vaccineren de kans op het krijgen van kanker verkleint. Zij baseert zich daarbij op een artikel dat in 2006 verscheen in een voorloper van het wetenschappelijke tijdschrift “Cancer Epidemiology”, een uitgave van Elsevier.

Winkler: “In de groep die mazelen doorgemaakt heeft, komt minder kanker voor dan in de groep mensen die ingeënt is. Dan trek je dus de conclusie dat het doormaken van acute infecties waarschijnlijk een beschermende factor is waardoor je krachtiger in je immuunsysteem komt en bijvoorbeeld ziektes als kanker zich minder snel ontwikkelen”.

Onverstandig

Van Dissel van het RIVM noemt de uitspraak van Winkler “onverstandig”. Van de zeven studies die in het artikel besproken worden, geven er zes aan dat er geen verband is tussen vaccineren en het krijgen van kanker. Van Dissel: “Het lijkt een voorbarige conclusie van Winkler te zijn”.’

Ander interessant nieuws gisteren in ‘De Nieuwsbode Heuvelrug’, namelijk ‘Antroz en Warande samen?
‘Stichting Antroz en Stichting Warande gaan de mogelijkheden onderzoeken om op korte termijn tot een fusie te komen.

Tot Stichting Antroz behoren verzorgingshuis Huize Valckenbosch en Valckenhof-woningen in Zeist, Woonoord Kraaijbeek in Driebergen en verpleeghuis Leendert Meeshuis in De Bilt. In juli 2013 is Antroz gestart met thuiszorg. In totaal werken er ruim 300 medewerkers bij Antroz (168 fte), en 131 vrijwilligers. Antroz werkt vanuit het antroposofisch gedachtegoed.

Stichting Warande bevat verpleeghotel Bovenwegen en de wooncentra Heerewegen en Klein Heerewegen in Zeist, De Loericker Stee in Houten en Schutsmantel in Bilthoven. In het Diakonessenhuis Zeist heeft Warande een dependance voor geriatrische revalidatie. Bij Warande werken 1.030 medewerkers (563 fte) en 470 vrijwilligers. De vestiging Schutsmantel is van oudsher katholiek.

Antroz en Warande werken al sinds enkele jaren samen. Het doel van de fusie is om te komen tot een achttal vestigingen aan de oostkant van Utrecht. De antroposofische woonzorg behoudt daarbinnen een eigen identiteit met woonmogelijkheden in Driebergen, Zeist en De Bilt.

Met deze mogelijke combinatie ontstaat een breder aanbod aan voorzieningen voor de ouderen bij Antroz en Warande. Voor de medewerkers ontstaan ruimere mogelijkheden voor uitwisseling en ontwikkeling.

De mogelijke samenvoeging van Antroz en Warande leidt ook tot zorg voor ouderen in de thuissituatie rondom de vestigingen, samen met de eerste lijn en andere ondersteuners op wijkniveau.’
Dat zou een majeure verandering zijn. Een pad ook dat een aantal antroposofische organisaties eerder is ingeslagen, namelijk samenwerking of fusie met een reguliere instelling. Ik noem Christophorus en Amerpoort, Zonnehuizen en LSG-Rentray, Zonnehuizen en DeSeizoenen, allemaal in de gezondheidszorg. Is dat soms een teken aan de wand?

Ik heb nog een heel mooie update gevonden op de Facebookpagina van de in oprichting zijnde Vrijeschool in Amsterdam-Noord. Dit initiatief kwam hier eerder aan bod in ‘Indoctrinatie’ op 23 juni en in ‘Koppig’ op 6 juli. Dezelfde Nicoline Vink gaf nu opnieuw een prachtig geschreven ‘Update # 5: “China in our hands”’:
‘Hallo allemaal,

Vanmorgen (ma 2 september 2013) hadden we dan de afspraak bij wethouder Coby van Berkum van Stadsdeel Noord. Erg spannend! Onze inititatiefgroep was goed vertegenwoordigd: 3 dames van de kerngroep (Juleh van Velzen, Fleur Renes en ik), samen met Ruud van Velthoven (dagelijks bestuurder van de Geert Groote Scholen in Amsterdam en Parcival School in Amstelveen).

Dit was een onze eerste kennismaking met de wethouder. We hoopten natuurlijk allemaal dat ze ons zou ontvangen als langverwachte vrienden en dat we de deur uit zouden lopen met een prachtig pand in een lommerrijke omgeving in onze achterzak, zodat we dan volgende week de deuren open konden gooien voor onze eerste kleuterklas... Zoiets.

Dat... gebeurde niet. Het was zeker wel een (voorzichtig) positief gesprek. Mevrouw Van Berkum zei geen “nee”. Ze was onder de indruk van de belangstelling en het aantal aanmeldingen (de teller stond gisteren op 146! En vandaag waarschijnlijk al op 150!). Bovendien vertelde ze dat ze persoonlijk het Vrijeschoolonderwijs een warm hart toedraagt.

Maar in de hoedanigheid van wethouder heeft ze andere belangen te behartigen en moet ze zich verantwoorden voor gemeenschapsgelden. Ze vertelde bijvoorbeeld dat er momenteel 34 basisscholen zijn in Amsterdam-Noord! En dat sommigen hiervan kampen met leegstand (en er 1 is die zelfs moet sluiten). Om alle feiten wat betreft het primaire onderwijs in Amsterdam-Noord in kaart te brengen, heeft mevrouw Van Berkum uitvoerig onderzoek laten doen en dat heeft geresulteerd in een Integraal Huisvestingsplan. Dit IHP is net voor de zomer gepresenteerd aan de deelraad. Het ligt hier voor me, het ziet er indrukwekkend uit: 55 pagina’s inventarisaties, prognoses en berekeningen. Mevrouw Van Berkum heeft een goed zicht op de stand van zaken in het basisonderwijs hier in Noord.

Wat onze Vrije School betreft heeft dit de volgende consequentie: Zij wil dat wij (in elk geval in de opstartfase) ergens in een bestaande school de lege ruimtes gaan gebruiken.

Ik wil graag even open kaart spelen met jullie: Persoonlijk zie ik hier erg tegenop. Ik denk dat de school; het gebouw en -plein en de docenten een totaalpakket vormen dat ons “visitekaartje” moet worden. En als je hieraan niet vorm kan geven zoals je wilt, hoe duidelijk kun je dan de visie van deze Vrije School vormgeven en uitdragen? Zowel naar eigen leerlingen als naar potentiële geïnteresseerden? Ik weet het niet. Misschien valt het wel mee.

In elk geval hebben we nu de volgende stappen in het vooruitzicht: 1.Ruud van Velthoven gaat “om de tafel” met mevrouw Caroline Spaander van het stadsdeel om te bekijken welke school of scholen in aanmerking zouden komen om mee samen te werken en 2. Ruud van Velthoven onderzoekt m.b.v. zijn uitgebreide netwerk of er toch nog andere (onafhankelijke) mogelijkheden zijn wat betreft huisvesting. We hopen dat hij hiermee resultaten boekt en dat we bij de volgende kerngroepvergadering op 14 september a.s. iets nieuws te melden hebben.

Kort samengevat: het was eigenlijk best een positief gesprek. We kwamen binnen met niks en gingen de deur uit met een mogelijke school. We zijn al 1 stap verder: we zoeken nu (voorzichtig) naar een locatie! Best goed toch?

Het blijft wel heel spannend. Hoe gaan we ervoor zorgen dat dit prachtige plan, deze mooie droom van een veilige plek waar onze kinderen kunnen opgroeien en ontwikkelen in al hun eigenheid, en al dat vertrouwen van alle mensen die hun kroost hebben aangemeld, niet straks kapot spat op een betegeld pleintje van een schooltje ergens in Noord? “China in our hands.” (dat jaren ’80 hitje speelt al de hele dag in mijn hoofd). Het is nog zo precair.

Dus hup, aan de slag! We gaan we nog meer flyers printen en verspreiden. Hoe meer kinderen, hoe steviger de start. We hebben waarschijnlijk al een directeur: 1 van de directrices van de GGS. We zoeken een paar fijne docenten. We gaan ervoor, het gaat lukken!

Groeten van Nicoline Vink’
Kunnen ze bij de Vereniging van vrijescholen niet zo iemand als Nicoline Vink aannemen voor de Public Relations? Dat zou een boost geven! Dat doet me denken aan de reactie gisteren van Joep Eikenboom op een artikel in de Volkskrant. Op de website van deze krant schreef Maud Effting ‘Zwembond komt met concurrerend diploma – crawl vóór schoolslag’:
‘De KNZB komt met een concurrent van het traditionele zwemdiploma. Niet de “ingewikkelde” schoolslag, maar de crawl is de basis ervan. Het papiertje moet in tien maanden te halen zijn.’
Joep Eikenboom becommentarieerde op zijn persoonlijke Facebookpagina:
‘KNZB, opnieuw een club, die niets van de ontwikkeling van kinderen weet, want:

– Zwemles is pas echt effectief vanaf 6-7jr. (Vroeger beginnen duurt langer),
– Crawl doet veel meer een appel op spierkracht, voor 9jr. beginnen verhardt het lichaam,
– competitie en wedstrijden is echt iets voor vanaf 12jr. Daarvoor moet sport gewoon spel zijn.
– niks “ingewikkelde schoolslag”. Kinderen moeten gewoon goed motorisch zijn uitgerijpt om goed te kunnen zwemmen. In de Schoolslag gaat beweging samen met gratie en lichtheid. Crawl is een primitieve beweging, die het lichaam in de zwaarte drukt, dierlijk, zoals een hondje zwemt.’
Zoiets zou je dan wel eens op de opiniepagina’s willen lezen, het liefst ingestuurd door de Vereniging van vrijescholen... Er zijn wel tegengeluiden, maar die komen niet met zulke gezichtspunten. Zo publiceerde de Volkskrant op basis van het ANP gisteren wel ‘Zwemplatform betreurt nieuwe opzet zwemles’:
‘Het Nationaal Platform Zwembaden (NPZ) betreurt dat zwembond KNZB zonder overleg nieuwe lesmethoden op basis van de borstcrawl introduceert.’
Maar dat is toch niet hetzelfde wat Joep Eikenboom schrijft. – Verder moet ik nodig eens terugkomen op de kwestie Judith von Halle. Maar omdat die nogal complex is en ik niet zo gelukkig ben over de manier waarop de discussie elders gevoerd wordt, zou dat betekenen dat ik daar zelf iets beters tegenover zou moeten stellen. Dat zou echter veel tijd kosten, wat ik me nu niet kan permitteren. Daarom houd ik me terug, wachtend op betere tijden, of op uitingen die ik in dezen wél nieuwswaardig, interessant of passend vind. Zoiets is wat Michael Eggert gisteren op zijn website schreef, Die Wut des Löwen’, als nieuw stadium op zijn persoonlijke zoektocht naar wat waar, authentiek en oprecht is in deze kwestie, waarbij ik allerlei eerdere en tussentijdse bijdragen voor het gemak maar even oversla. Wanneer hij het bij zijn persoonlijke queeste houdt, en niet allerlei anderen ruimte biedt voor veelal speculatief en denigrerend commentaar, spreekt mij dat het meeste aan:
‘Hella Wiesberger fasst Rudolf Steiners Darstellung des echten zeitgenössischen Rosenkreuzerweges (abgesehen von den zahllosen Verzerrungen und Verdrehungen, in denen dieser auch noch erscheint) in “Rudolf Steiners esoterische Lehrtätigkeit”* so zusammen: Der heute “maßgebende christlich-rosenkreuzerische Einweihungsweg hat die sieben Stufen: Studium zur wahren Selbsterkenntnis, Imagination, Lernen der okkulten Schrift oder inspirierten Erkenntnis, Rhythmisierung des Lebens (Bereitung des Steins der Weisen), die Entsprechung von Mikrokosmos und Makrokosmos (Erkenntnis des Zusammenhangs von Mensch und Welt), Verweilen oder Sichversenken in den Makrokosmos, Gottseligkeit.” (S. 92)

Frau Wiesberger sieht vor allem in der fünften Stufe, der Entsprechung von Mikrokosmos und Makrokosmos, die in der “fünften Kulturepoche” insofern maßgebliche, als es in dieser um das Halten des Gleichgewichts im Erkennen um das “Böse als die Abirrungen davon” ginge. Sie ignoriert in dieser Schwerpunktsetzung, dass als Voraussetzung jeglicher Imagination, die ja schon ein völlig von allen physischen Einflüssen autonomes geistiges Erkenntnis darstellt, bereits die erste Stufe des Einweihungsweges, die “wahre Selbsterkenntnis” eine Transparenz bezüglich der inneren und äußeren Einflüsse des Individuums erfordert, die notwendig einen Umgang mit dem eigenen Ego und dessen Schattenwürfen nötig macht – einen Umgang, der zweifellos keine nur intellektuelle Angelegenheit sein kann, sondern eine scharfe und vollkommen ehrliche Konfrontation mit dem Subjekt jeder Erkenntnis – mit sich selbst. Das ist übrigens der Grund, warum diese Website ihren Namen trägt. Die Autonomie des Erkenntnissubjekts muss mit aller Intensität deshalb gewonnen werden, weil es sonst bezüglich jeglicher äußeren (bei Anderen wahrgenommenen) oder inneren geistigen Erfahrung keine Erkenntnisgrundlage geben kann- denn solche Erfahrungen sind nicht abgleichbar mit gegebenen moralisch-ethischen Setzungen, mit dem inneren Kontext, mit der Erwartungshaltung, mit Wahrscheinlichkeit oder anderen aus der sinnlichen Welt gewonnenen Prämissen. Nur die vollkommene Transparenz des Erkenntnissubjektes kann die geistige Erfahrung als das stehen lassen, als was sie sich in ihrer Transparenz ausdrückt. Das erkennende Subjekt muss sich seiner Natur als “Gedanke” – als Gewordenes, als Konstrukt von Erziehung, Denk- und Reaktionsgewohnheiten, als Verteidigungsbastion gegen Infragestellung der eigenen Selbstbilder, als psychisches Empfindungsbündel, als begehrendes Wesen, das den Selbstverwirklichungs- Maximen seiner Zeit folgt; kurz, als liebgewonnene Projektion gewahr werden. Dagegen – gegen diese Zumutung, situativ-meditativ aus dem Nichts zu leben, als im Sinne des Neuen Testamentes “Armer” – laufen alle inneren Kräfte Sturm. Die Auseinandersetzung mit dem “Bösen” ist daher keinesfalls eine Aufgabe, die eine ferne Stufe des Einweihungsweges darstellt, sondern die notwendige existentielle Voraussetzung.
Es geht also nicht um das Sich-Wohlgefallen in Selbstbildern von Ausgewogenheit, sozialer Neigung, Geistesforscher- oder Sinnsuchertum, nicht um moralische Überlegenheit, nicht um das Gefühl intellektueller oder spiritueller Brillanz, um das lebenslange Schmökern in geheimen Schriften und kabbalistischen Spezialkenntnissen, sondern um die zunehmende Bereitschaft, dem ins Auge zu blicken, was “Identität” ausmacht und was an haftenden und berückenden Kräften aus dem Inneren aufsteigt. Es aushalten zu können, nicht auszuweichen, nichts zu beschönigen und nicht sich selbst zu verdammen. Aber auch Situationen in innerer Mitte zu meistern, in denen man unversehens zur Zielscheibe wird, in denen eine ganze Menge die “Wut des Löwen” an einem auslässt. Die innere Gelassenheit bewährt sich im Sturm, aber die Würde bewährt sich erst, wenn man verliert, wenn man der Verstossene ist, der, den der eherne Blick der Verachtung trifft.

In Rudolf Steiners Notizbuch (1906, Archiv-Nr B 105) findet sich hierzu: “Die Meister sind nicht ein Schutzwall gegen das Böse, sondern die Führer zur Absorption des Bösen. Wir sollen nicht das Böse aussondern, sondern es gerade aufnehmen und in der Sphäre des Guten verwenden. Die Wut des Löwen ist nur so lange böse, solange sie am Löwen egoistisch verwendet wird; könnte sich ein Herrscher diese Wut des Löwen aneignen und damit Wohlfahrtseinrichtungen machen, so wäre sie gut. Deshalb ist das Böse als Nicht- Wirkliches zu erkennen. Es gibt kein Böses. Das Böse ist nur ein versetztes Gutes. Erst mit dieser Erkenntnis ist geistige Alchemie möglich.”

So steigen wir in Gelassenheit die Treppen hinab in das kochende Grau. Hier sind wir nichts als als aktive Präsenz, die Mitte haltend im Ansturm der Wut des Löwen. Hier findet die Verwandlung statt.

* Dornach 1997’
Ik kwam nog een ouder artikel tegen op de website van maandblad ‘Erziehungskunst’ dat ook een tegengeluid laat horen, namelijk ‘Enträtselung der Symptomatologie. Von Johannes Kiersch, März 2010’:
‘Rudolf Steiner hat in seiner »Geheimwissenschaft im Umriß« von 1910, in dem zentralen Kapitel »Die Weltentwickelung und der Mensch«, ein umfassendes Panorama der Menschheitsgeschichte entworfen, ein grandioses Bild, hinter dem die Idee eines zielgerichteten »Weltenplans« höherer Mächte zu stehen scheint. Der dogmatische Eindruck, der hiervon ausgeht, wird heute vielfach als problematisch empfunden. (1) Auch die daraus hervorgehende Lehre von den sieben nachatlantischen Kulturepochen, von Steiner in zahlreichen historischen Vorträgen immer wieder herangezogen, erregt deshalb Anstoß. Steht sie nicht im Widerspruch zur Ethik der »Philosophie der Freiheit«?

Die bisher vorliegenden Darstellungen anthroposophisch orientierter Historiker wie Hans Erhard Lauer, Erich Gabert, Karl Heyer, Johannes Tautz, Jens Heisterkamp haben auf diese Frage keine völlig befriedigende Antwort gefunden. Sie alle, und auch Christoph Lindenberg, der wohl als erster auf diesen bemerkenswerten Tatbestand hingewiesen hat, haben nicht hinreichend berücksichtigt, dass Steiner erst während des Ersten Weltkriegs, etwa ab 1916, seinen Begriff einer »symptomatologischen Geschichtsbetrachtung« oder »geschichtlichen Symptomatologie« zu entwickeln beginnt, der den Widerspruch löst. Was Lauer eine »Geschichte als Stufengang der Menschwerdung« genannt hat, Steiners Vision der Menschheitsgeschichte, wird deshalb bis heute als eine Art Kulturgeschichte aufgefasst, eine bewusstseinsgeschichtliche Morphologie, mit spirituellem Hintergrund zwar, aber doch am Ideal einer »objektiv« gültigen Darstellung des »wirklichen« Geschehens orientiert. Die »Symptome«, von denen Steiner redet, sind da nichts weiter als charakteristische Merkmale vergangener Ereignisse, wie psychologisch und künstlerisch begabte Kulturhistoriker sie auch früher schon herauszuarbeiten vermocht haben.

Andre Bartoniczek hat nun in dem hier vorzustellenden Buch einen Durchbruch zu einer neuen Sichtweise erzielt. Dies gelingt ihm vor allem durch den Kunstgriff, die wissenschaftstheoretischen und erkenntnispsychologischen Ausführungen Steiners in dem – auch unter Anthroposophen – viel zu wenig bekannten Buch »Von Seelenrätseln« von 1917 (GA 21) heranzuziehen, umsichtig zu kommentieren und auf die Enträtselung des Begriffs der »Symptomatologie« anzuwenden. Das Ergebnis ist ein methodologischer Basistext zur Einführung in die anthroposophische Geschichtsbetrachtung, an dem künftig niemand mehr vorbeikommen wird, der das Thema seriös behandeln will, besonders im Bereich der Lehrerbildung.

Einen breiten Grund für seine Argumentation legt Bartoniczek, indem er sachkundig an Beispielen der letzten zweihundert Jahre zunächst die Aporien diskutiert, in denen das Streben nach wissenschaftlich »objektiv« gültiger Beschreibung vergangener Ereignisse sich verloren hat. Barthold Georg Niebuhr, Leopold von Ranke, Theodor Mommsen werden mit dem Verlauf ihrer tragischen Erkenntnisschicksale liebevoll porträtiert. Am Geschichtsdenken Goethes und seiner Geistesverwandten zeigen sich erste Auswege aus einer verfahrenen Forschungssituation. Vor allem aber eröffnet der Ansatz bei den Grundbegriffen des Buches »Von Seelenrätseln« Zugänge zu den Entdeckungen Steiners: zu der Einsicht, dass die Realität des historischen Geschehens in einer Seelenregion unterhalb des Wachbewusstseins zu suchen ist (»Geschichte wird geträumt«!); zur Funktion der Bilder dabei; zu der Unterscheidung von »Abbild«, »Sinnbild« und »Vorbild«; zu dem Umgehen mit Imagination, Inspiration und Intuition beim »Symptomatologisieren«; zu dem Vergleich des historischen Erkennens mit dem »Lesen« einer Schrift, im Gegensatz zum »Buchstabieren« vordergründiger »Fakten«. Mit dem damit gewonnenen Instrumentarium interpretiert Bartoniczek dann die ersten fünf Vorträge der Reihe über »Geschichtliche Symptomatologie« von 1918 (GA 185), an denen sich vieles Grundsätzliche zeigen lässt. In reicher Fülle enthält das nicht ganz leicht zu lesende Buch Anregungen für den Geschichtsunterricht im Sinne der Waldorfpädagogik.

Noch unterbelichtet bleibt für mein Gefühl, was Steiner – leider nur andeutungsweise – über den Zusammenhang des historischen Geschehens mit dem persönlichen Schicksal des historisch Erkennenden ausführt. Wie Johannes Tautz am Beispiel des ersten Geschichtslehrers der Waldorfschule, Walter Johannes Stein, gezeigt hat, eröffnen sich mit dieser Perspektive Erkenntniswege, die noch weit über das Feld einer »imaginativen« Geschichtserkenntnis hinausgehen und besonders für einen authentischen, eigenverantwortlich praktizierten Unterricht für junge Leute im dritten Jahrsiebt entscheidend wichtig werden könnten. Bartoniczek berührt diesen Punkt (S. 231), geht aber noch nicht hinreichend ausführlich darauf ein.

(1) Als das Magazin »Der Spiegel« in den 80er Jahren in Fortsetzungen eine Reportage über »die Anthroposophen« brachte, geschah das unter dem Titel: »Der Weltenplan vollzieht sich unerbittlich.«

Andre Bartoniczek: Imaginative Geschichtserkenntnis. Rudolf Steiner und die Erweiterung der Geschichtswissenschaft. Stuttgart: Verlag Freies Geistesleben, 2009. 284 Seiten.’

2 opmerkingen:

John Wervenbos zei

Ik ga zeker kijken naar die EO reportage. Madleen Winkler, antroposofisch huisarts en voorzitter van de Vereniging van Antroposofisch Artsen, stelt nogal wat:

"Winkler stelt in de reportage dat niet-vaccineren de kans op het krijgen van kanker verkleint. Zij baseert zich daarbij op een artikel dat in 2006 verscheen in een voorloper van het wetenschappelijke tijdschrift Cancer Epidemiology, een uitgave van Elsevier.

Winkler: “In de groep die mazelen doorgemaakt heeft, komt minder kanker voor dan in de groep mensen die ingeënt is. Dan trek je dus de conclusie dat het doormaken van acute infecties waarschijnlijk een beschermende factor is waardoor je krachtiger in je immuunsysteem komt en bijvoorbeeld ziektes als kanker zich minder snel ontwikkelen”
.
Bron: RIVM verwacht 30.000 mazelenpatienten.

Judith von Halle en weblogs van Michal Eggert. Gooi en smijtwerk kan zeker ook van een aantal Von Halle adepten komen. 'Subtiel' of minder subtiel. Als ik bijvoorbeeld terugdenk aan een zekere uitspraak van Wolfgang Stadler, lyrisch over Von Halle, op een weblog van Eggert over Peter Selg in relatie tot Von Halle, dan denk ik: how low can you go en rijst bij mij daarbij ook de vraag vanwaaruit en door wie zoiets gevoed is. Eggert biedt op zijn blogsites ook ruimte voor gastbijdragen. Bijvoorbeeld die van Adam Michaelis (pseudoniem).

John Wervenbos zei

Het moet zijn: Madeleen Winkler. Hier een radio-interview dat haar werd afgenomen (pakweg twee jaar geleden?): Antroposofische geneeskunde: Is die gebaseerd op wetenschap, geloof, geluk of wijsheid? (Labyrinth)

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)