Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

maandag 20 januari 2014

Pijn

Had ik op donderdag 16 januari in ‘Blokkeren’ nog geschreven over school De Lans in Brummen, wist de dag erop Richard Heeres van de Nationale Onderwijsgids (NOG) een ‘Daling aantal leerlingen De Lans’ te melden:
‘Sinds De Michaelshoeve Brummen heeft verlaten, is het leerlingenaantal op de Lans van 101 tot 65 gedaald. Dit heeft gevolgen voor de personele bezetting. Dertien van de 32 formatieplaatsen op De Lans zouden komen te vervallen.’
Dit heeft de NOG niet van zichzelf. Want:
‘Daarover bericht de website van De Stentor.’
Inderdaad is daar onder de datum van 17 januari ‘Roerige tijden voor school de Lans in Brummen’ te vinden:
‘De Lans valt onder de stichting Athena. Het bestuur werkt inmiddels aan een fusie met de Anne Flokstraschool (ook speciaal onderwijs) in Zutphen, bestuurlijk vallend onder De Onderwijsspecialisten. Het streven is die fusie op 1 januari 2015 rond te hebben. De situatie is onomkeerbaar, maar leerkrachten van de Lans hechten eraan hun zorgen naar buiten te brengen. Zij zijn bang dat het antroposofisch gedachtegoed ondergesneeuwd raakt in de nieuwe fusieschool.

Lees meer in de Stentor van vrijdag 18 januari 2014.’
In het naburige Zutphen is het stil, we hebben in het nieuwe jaar nog weinig gehoord van de stand van zaken daar met het vrijeschoolonderwijs. Maar het Weekbericht van vrijeschool De Zwaan kwam op 16 januari wel met ‘Algemene informatie’ over de ‘Verwachte verhuizing in de zomer van 2014’:
‘Enkele maanden voor de zomervakantie van 2013 hebben wij naar jullie gecommuniceerd dat de verwachting was dat wij in maart/april 2014 tijdelijk zouden gaan verhuizen naar de Rechercheschool. De stand van zaken op dit moment is dat wij nog geen goedkeuring van de gemeente hebben ontvangen op het door ons ingeleverde Ruimtelijk Programma van Eisen. Wij verwachten de reactie van de gemeente uiterlijk vóór 1 februari. Na de goedkeuring door de gemeente kunnen de volgende stappen in het traject worden gezet en wordt duidelijk wanneer de geplande (tijdelijke) verhuizing naar de Rechercheschool zal plaats vinden. Dit zal waarschijnlijk zomervakantie 2014 worden. Let wel, dit is een indicatie en staat dus nog niet vast. Zodra er meer duidelijkheid over de totale planning is brengen wij jullie daarvan op de hoogte.

Ceciel’
In ‘Blokkeren’ op 16 januari had ik het ook over het programma Kassa Groen op 14 januari, met daarin de Groenteclub. Maar al op 15 januari stond op de website van Biojournaal ‘Groenteclub: Bespaar flink op de aankoop van biologisch voedsel. Bekijk reportage Kassa Groen’:
‘In Kassa Groen van 14 januari werd een reportage over de Bussumse Groenteclub vertoond. De verslaggever neemt een kijkje bij de garagebox, die één keer in de twee weken dienst doet als groente-uitgiftecentrum. “De Groenteclub is er om biologisch-dynamische groenten bereikbaar te maken voor mensen met een kleine portemonnee”, vertelt initiatiefnemer Barbara Bolt.

Goedkoop biologisch eten met je groenteclub

Wie droomt er niet van om elke week je eigen kratje met verse seizoensgroente en fruit, direct van de boer uit de Noordoostpolder, biologisch geteeld en kakelvers, te hebben. Wat ooit met een klein groepje van negen vrouwen begon, is nu uitgegroeid tot een club met meer dan honderd leden en een flinke wachtlijst.

Groenteclub

Barbara Bolt startte in 2012 een groenteclub nadat zij in de Volkskrant een berichtje las over boer Krispijn uit Emmeloord die 6000 kilo aardappelen op de Dam in Amsterdam had gestort. Zijn schuren lagen nog vol met prachtige aardappelen, maar er waren alweer nieuwe aardappelen uit het buitenland geïmporteerd. Hij raakte daarom zijn biologische aardappelen niet kwijt. Met zijn ludieke actie in Amsterdam kwam hij volop in het nieuws. Met een aantal boeren vatte hij het plan op om groente, fruit en aardappelen weer direct aan de consument te verkopen. Zo krijgen de boeren een eerlijke prijs per kilo en betalen consumenten minder per kilo als in de winkel.

Goedkoper

Bolt nam contact op met Krispijn en de groenteclub was geboren. Door gezamenlijk in te kopen, is de prijs van de groente nu lager dan de prijs van biologische groente uit de supermarkt. Iedere woensdag rijdt de biologische boer Digni van den Dries, of een van de andere aangesloten boeren, met een kar vol groente van Ens naar Bussum. Daar staat een groepje leden hem op te wachten om de bestelde groenten te verdelen over de diverse kratten. Tussen 12:00 en 14:00 uur kan iedereen zijn/haar krat op komen halen, want regel nummer één van de groenteclub luidt: iedereen helpt mee.

Start je eigen club

Hoe stamp je een duurzaam consumentenidee als dit uit de grond? Barbara Bolt: “Het is belangrijk om met een kleine groep te beginnen. Het groeit via mond-op-mond-reclame al heel snel. Je moet het eerst goed hebben geregeld eer je een grote groep aan kan. Wat ook heel belangrijk is dat je uitzoekt welke levensmiddelen je wilt opnemen in je pakket. Bij vlees en melk moet je koelruimtes hebben. Wij hebben gekozen voor niet bederfelijke waar. Dan heb je de minste problemen.”’
In Biojournaal was ook aandacht voor melk. Of eigenlijk voor: ‘Jan Zomerdijk blikt terug rond afscheid bij Ecomel. “Er ontstaat nu een generatie waarvoor bio vanzelfsprekend is”’. Lenneke Schot schreef:
‘Vandaag (16 januari) wordt in Limmen de afscheidsreceptie van Jan Zomerdijk gehouden. Jan is in 1980 begonnen met de verwerking van biologisch-dynamische melk en dit leidde tot het ontstaan van de alom bekende zuivelproducent Ecomel, bekend van het merk Zuiver Zuivel. Na meer dan 30 jaar was het in oktober tijd voor de directeur om het stokje over te geven. Jan Kuil is nu als Business unit manager bij Ecomel verantwoordelijk voor de algemene zaken en Edwin Crombags is manager marketing&sales.

Een dag vóór zijn officiële afscheid vertelt Jan tevreden te zijn met wat er de afgelopen jaren is neergezet. “Biologisch is inmiddels niet meer weg te denken. Er ontstaat nu een generatie waarvoor bio vanzelfsprekend is. Dat is mooi.” De ondernemer heeft vertrouwen in de toekomst van de biologische branche. Wel plaatst hij daarbij een kanttekening: “Wanneer we in het verleden met een economische crisis kampten, had de afzet van de biologische producten er nooit onder te lijden. Tijdens deze crisis is het nu toch voor het eerst zo dat sommige consumenten als het gaat om de aanschaf van bio-producten een pas op de plaats maken. Maar als ik zie wat er allemaal gaande is in de bio-branche, heb ik alle vertrouwen in de toekomst.”

Contact met boeren

Sinds 1980 is het aantal boeren waarmee Jan nauw samenwerkte toegenomen van 2 tot ongeveer 150. “We hebben duidelijk grote stappen gemaakt.” Jan kijkt met een goed gevoel terug op het goede contact dat hij met de boeren heeft gehad. “Dit contact verliep over het algemeen in een goede sfeer. Natuurlijk is het niet zo dat er in al die jaren geen onvertogen woord is gevallen. Dat hoort er bij, maar in de regel verliep het overleg in goede harmonie.”

Groei

Toen hij begon met de verwerking van BD-melk had hij niet verwacht dat dit zo zou gaan groeien. “Dat had ik toen echt niet kunnen denken. Vanaf het begin is er weliswaar altijd sprake geweest van groei, maar we waren ook afhankelijk van de situatie in de natuurvoedingwinkels in Nederland en België. Het idealistische gehalte was toen nog erg hoog. Later kwam ook de vraag vanuit de supermarkt, daarvoor produceerden we zuivel in karton onder het merk De groene koe. Dat was een heel andere wereld. Langzamerhand durfde de natuurvoeding ook van glazen flessen over te gaan op de minder milieubelastende kartonnen verpakking. Al ging dit niet zonder slag of stoot, omdat men lange tijd dacht dat juist de glazen fles minder milieubelastend was.”

Melkprijs

Jan geeft aan zijn hele leven lang al te maken te hebben gehad met boeren en de melkprijs. “Ik ben in 1979 min of meer per toeval betrokken geraakt bij de verwerking van BD-melk. Een boer en Koos Bakker van Odin vroegen mij om dit op te pakken, tot op dat moment konden wij enkel kaas en boter maken. Vanaf dat moment heb ik altijd intensief contact met de biologische boeren gehad. De meerprijs voor biologische melk werd belangrijk, toen nog op basis van meerkostenvergoeding. Nadat de BV Zuiver Zuivel in 1998 overgenomen is door Campina-MelkUnie wordt met een andere melkprijs gewerkt, de reguliere prijs met daarbovenop een meerprijs voor biologisch.”

De meerprijs lag voorheen gemiddeld op 8,5 eurocent. Sinds 2013 is het principe van een meerprijs op de gangbare melkprijs veranderd in een Bio Garantieprijs. Deze prijs is gebaseerd op de biologische markt in Noord West Europa. Jan vindt het belangrijk dat de melkprijs nu is afgestemd op de markt. "Boeren zijn terecht kritisch over de melkprijs, maar het lijkt soms erger dan het is. Iedereen wil het beste voor zichzelf, dat is logisch. En je kunt als boer nu eenmaal vinden dat je een bepaalde prijs verdient, alleen moeten de klanten het ervoor over hebben.”

Voor meer informatie: Jnzomerdijk@gmail.com
‘Gisteren (donderdag 16 januari) was de afscheidsreceptie van Jan Zomerdijk in het Cobra museum in Amstelveen. Hij gaf na ruim dertig jaar aan de leiding te hebben gestaan in oktober het stokje over aan Jan Kuil en Edwin Crombags. De receptie werd door zo’n 75 genodigden bijgewoond. “Het was een waardig en verdient afscheid met vele gasten en veel cadeaus”, vertelt Corine Witkamp van Ecomel.

Tot de gasten behoorden veel relaties en bekenden, waaronder een aantal melkveehouders die leveren aan Ecomel en diverse buitenlandse agenten van Ecomel. Corine geeft aan dat er ook heel veel “oude bekenden” van Jan aanwezig waren, zoals Joop Kalksma, Koos Bakker en vele anderen.

Er zijn ook diverse speeches gegeven. Edwin Crombags vertelde onder andere wat er in de loop der jaren aan veranderingen hebben plaatsgevonden. Edwin is nu manager marketing&sales en runt Ecomel samen met Jan Kuil (Business unit manager). Ook Bas van der Berg van FrieslandCampina nam het woord. “Hij gaf onder meer aan dat er een bijzonder persoon met pensioen gaat.”

Jan Zomerdijk nam zelf ook nog het woord en nam diverse cadeaus in ontvangst. Eén van de cadeaus was een sweater met daarop het logo van Loverendale. Deze kreeg Jan overhandigd van Jos Pelgröm. Jan is onlangs namelijk voorzitter geworden van Loverendale. Ook ontving Jan een verzamelboek met daarin bijdragen van allerlei mensen met wie hij de afgelopen jaren in aanraking is gekomen.

Voor meer informatie: info@ecomel.nl, www.ecomel.nl
Al eerder, op 10 januari, bracht Biojournaal het nieuws van ‘Holle babyvoeding bestaat 80 jaar’:
‘Holle uit Riehen (Zwitserland), één van de oudste babyvoedingproducenten in Europa, vierde in 2013 haar 80-jarig bestaan. Holle produceert haar babyvoeding in biologisch-dynamische kwaliteit. Er zijn inmiddels zestig Holle babyvoedingproducten beschikbaar in 41 landen over de hele wereld.

Holle richt zich sinds haar oprichting in 1933 al op de antroposofische voeding en doet afstand van de chemische verwerking- en conserveringsmiddelen. Hille was één van de eerste verwerkingsbedrijven voor Demeter-voedingsmiddelen (bio-dynamisch).

In 1999 verwierven Peter Kropf en Udo Fischer de wereldwijde merkrechten van Holle babyvoeding. Tot op heden wordt het assortiment nog voortdurend verder uitgebreid. Holle claimt nu de enige leverancier in Europa te zijn die een volledig zuigelingenvoedingsassortiment biedt in Demeterkwaliteit. Daarnaast biedt Holle onder het merk “Lebenswert bio” babyvoeding in biologische kwaliteit aan.

En de gehele levenscyclus van de zuigelingenvoeding, van de melkproductie tot het vervoer, is CO2-neutraal.

Voor meer informatie: www.holle.ch
Dan was er eveneens op 10 januari nieuws uit Vorden, met ‘Urtica De Vijfsprong doet mee aan Europees Ontwikkelproject’:
‘Inclufar, zo heet het project waar Henk Poppenk, zorgcoördinator van Urtica De Vijfsprong aan deelneemt. Het woord Inclufar  is samengesteld uit twee woorden, namelijk “inclusive” en “farming” en dit project beoogt onder andere het ontwikkelen van een leerplan voor mensen die werken op een zorgboerderij. Het gaat echter verder dan alleen het ontwikkelen van een leerplan; het gaat er ook om hoe inclusie vorm gegeven kan worden op boerderijen en khoe gewerkt kan gaan worden aan een sociaal milieu waar mensen met een beperking zich thuis voelen.

Het project wordt voor 75% gefinancierd als een Leonardo project (Life long Learning) door de EU . De overige 25 % wordt opgebracht door de deelnemers. Dit zijn er 10, namelijk:

– Loidholdhof uit Oostenrijk; een bd-bedrijf waar 24 mensen met een beperking wonen en werken
– Camphill Sylvia Koti en Tapolan uit Finland
– Hofgemeinschaft Weide-Hardebek uit Noord Duitsland. Daar werken 9 BD-bedrijven nauw samen wat betreft hun agrarische activiteiten.
– Een onderzoeker van een groot Fins onderzoeksbureau (MTT Agrifood Research Finland)
– Een onderzoeker van de Akdeniz universiteit, Antalya, Turkije
– Een vertegenwoordiger van de heilpedagogische en sociaaltherapeutische vereniging in Bulgarije
– Een onderzoeker van Petrarca, Europaische Akademie fuer Landschafskultur
– Een vertegenwoordiger van een Camphill Pakhla in Estland
– Een vertegenwoordiger van de Camphill instituten uit Scandinavië en de Baltische landen.
– En Urtica De Vijfsprong, Vorden, Nederland

Wat is de bijdrage van Urtica? Door onze deelname kan Henk Poppenk ervaringen inbrengen vanuit Urtica De Vijfsprong. Het gaat hierbij onder andere om thema’s zoals gemeenschapsvorming, scholing, inrichting van de zorg, etc. Verder zal hij gedurende dit tweejarig project samen werken met de Warmonderhof, Universiteit van Wageningen en andere initiatieven in Nederland op het gebied van Landbouw & Zorg. Dit om dat wat gedurende dit traject ontwikkeld wordt te delen met anderen die werkzaam binnen het gebied van Landbouw & zorg.

Medio 2014 kan Urtica een delegatie verwachten van drie mensen die met ons willen uitwisselen over wederzijdse ervaringen om zo kennis te delen. Zelf zal Henk in 2014 deelnemen aan twee gezamenlijke bijeenkomsten, één in Noorwegen of Finland en één in Bulgarije. Het project loopt tot eind december 2015. Nog meer info? Lees:http://www.adam-europe.eu/adam/project/view.htm?prj=10805
Dan is er een ‘Driebergs Initiatief Antroposofisch Huisarts’, zoals AntroVista al eerder vandaag ook wist te melden:
‘Op 1 januari 2014 is antroposofisch huisarts Dhr. C. Dirks met pensioen gegaan. De praktijk in Driebergen is overgenomen door Mevr. L. Kramer, zelf geen antroposofisch arts. Ze is op de hoogte van dit initiatief. De pensionering van dokter Dirks betekent dat er momenteel in Driebergen geen antroposofisch huisarts meer is. Voor ons en vele anderen een onwenselijke situatie.

Daarom hebben wij het patiënteninitiatief “Driebergs Initiatief Antroposofisch Huisarts” opgericht om te zorgen dat er voor diegenen die een antroposofisch huisarts willen, een goede oplossing gevonden wordt. Voor een antroposofisch huisarts, die zich hier wil vestigen, is het erg belangrijk om te weten hoeveel mensen aan deze vorm van zorg behoefte hebben. Wij schatten in dat de vraag naar een antroposofisch huisarts groot is. Maar hoe groot weten wij niet. Vul daarom onderstaande enquête in, en help dit initiatief verder!

Wie zijn wij?

De patiënteninitiatiefgroep “Driebergs Initiatief Antroposofisch Huisarts” bestaat uit zeven personen, woonachtig in Driebergen:
Dafne Boukema
Hélène Henselmans
Maria van der Zalm
Max Rutgers van Rozenburg
Merlijn Baron
Wanne Roetemeijer
Yvonne Hermsen

De groep is op dit moment groot genoeg om dit initiatief organisatorisch verder te brengen. Uitbreiding met nieuwe leden is op dit moment niet nodig. Maar dat kan natuurlijk veranderen. Dan kunnen wij extra hulp waarschijnlijk wel gebruiken.

Wat willen wij?

Wij willen dat er in Driebergen voldoende en laagdrempelige antroposofische huisartsenzorg is. Op korte termijn moeten we beter zicht hebben op het aantal patiënten dat deze vorm van zorg zou willen. Immers, voor een arts die zich wil binden aan Driebergen is duidelijkheid over het (potentieel) aantal patiënten van groot belang. Met deze gegevens staan wij veel sterker en kunnen wij concrete stappen ondernemen.

Wat doen wij?

De initiatiefgroep coördineert het onderzoek naar de vraag naar antroposofische huisartsenzorg onder meer door middel van deze enquête. Daarnaast voeren wij gesprekken met zorgaanbieders die een rol kunnen spelen bij het aanbieden van antroposofische huisartsenzorg in Driebergen. In eerste instantie is dit Mevrouw L. Kramer, die bereid is samen te werken met een antroposofisch huisarts. Daarnaast brengen wij andere personen en organisaties die ons inziens in aanmerking komen, in beeld.

Wat kunt u doen om dit initiatief verder te helpen?

U kunt twee dingen doen om ons initiatief verder te brengen.
– Vul onderstaande enquête in.
– Download deze toelichtende brief (pdf van brief) en stuur deze door naar familie, vrienden en bekenden in Driebergen waarvan u denkt dat zij dit initiatief ondersteunen. Of print de brief uit en verspreid deze onder belangstellenden. Hoe meer mensen dit initiatief ondersteunen, des te sterker wij staan!

Agenda

Medio februari willen wij een openbare bijeenkomst organiseren. Hierop kunnen wij de resultaten van de enquête presenteren. Daarnaast horen wij dan graag wat uw vragen, wensen en ideeën zijn. U kunt in deze enquête invullen dat u op de hoogte wilt blijven van dit initiatief. U hoort dan vanzelf meer over de details omtrent deze avond.

Op de hoogte blijven

U kunt op de hoogte blijven van dit initiatief door dit aan te geven in de enquête. Maar u kunt ook onze facebookpagina “liken”.

Vul hier de enquête in!

Steun ons initiatief en vul deze enquête uiterlijk 9 februari 2014 in. Het verplicht u tot niets! Wij zullen vertrouwelijk omgaan met uw gegevens en deze uitsluitend voor dit initiatief gebruiken. We zullen uw persoonlijke gegevens niet doorgeven aan derden.

NB: deze persoonlijke gegevens worden beheerd door Dafne Boukema; zij worden uitsluitend getalsmatig gebruikt en vernietigd zodra het doel van de initiatiefgroep is bereikt, dan wel dat de werkzaamheden worden beëindigd.’
Op dat moment stond er bovenaan de website: ‘Al 278 mensen ondersteunen dit initiatief’. Dan krijgen we ‘Pijn – een teer punt. Medische Sectie conferentie op 8 februari 2014’. Gek genoeg kon ik dit niet vinden op de website van de Antroposofische Vereniging en ook niet alleen een link er naartoe. Want dit staat op een aparte, eigen website:
‘Op zaterdag 8 februari 2014 organiseert de Medische Sectie van de Antroposofische Vereniging de conferentie “Pijn – een teer punt” in het Geert Groote College in Amsterdam.

De conferentie is gericht op medewerkers in de gezondheidszorg die geïnteresseerd zijn in een integratieve visie op dit thema, waar antroposofische menskunde deel van uitmaakt.

“Tegenwoordig hoef je toch geen pijn meer te hebben?” Aan het ziekbed van een ernstig zieke horen we die gedachte vaak hardop geuit worden. Het is moeilijk om iemand pijn te moeten zien lijden. Pijn lijkt een straf. Als zodanig werd het in de geschiedenis van de mensheid ook lang in de rechtsspraak gehanteerd. Het woord pijn is etymologisch te herleiden tot pena dat komt van het Latijnse poena, dat straf betekent. Dat is nog terug te vinden in het woord penalty.

Pijn is ook nuttig. Het betekent bedreiging, alarm. Daarmee is het een onontbeerlijke levensfunctie, althans voor bewuste wezens. Maar soms is die functie niet meer van belang, omdat het onheil niet meer is af te wenden. Heeft pijn dan geen zin meer?

Nog niet zolang geleden was de gedachte algemeen dat pijn lijden louterend zou kunnen werken. In zijn gedicht ‘Schicksal’ schrijft de Duitse, eind achttiende-, begin negentiende-eeuwse dichter Hölderlin dat leed en pijn “der Hohen Geister höchsten Gabe” (het mooiste geschenk van de hoogste geesten) is en dat lust of plezier alleen gedijt na leed en smarten. Die gedachte is niet meer populair. Ziekte en pijn moeten de wereld uit. Dan hebben we een betere wereld. Is dat zo? Bestaat er zonder lijden wel medelijden? Kunnen we nog wel over empathie of sympathie beschikken als we niet af en toe patiënt zijn? Zou pijn en lijden de ontwikkeling die wij gaan in ons leven niet positief kunnen beïnvloeden?

Volgens de huidige opvatting wordt pijn in de hersenen waargenomen. Hoe valt dat te rijmen met het antroposofische mensbeeld waar bij pijn het astraallichaam de hoofdrol speelt? Het was een verrassing voor neurowetenschappers toen werd gevonden dat “zielepijn” dezelfde centra in de hersenen activeerde als lichamelijke pijn. Maar zo opmerkelijk is dat misschien niet. Misschien speelt de “ziel” wel de belangrijkste rol bij pijn. Dat zou betekenen dat behandeling van pijn veel meer aangrijpingspunten zou kunnen hebben dan alleen medicinale pijnstilling. Om die reden kunnen antroposofische therapieën zinvol zijn.

Tijdens de conferentie willen we de huidige wetenschappelijke én de gezichtspunten over pijn vanuit het antroposofisch mensbeeld bij elkaar brengen. In de voordrachten komen bijdragen vanuit de eigen ervaring en vanuit de wetenschap aan de orde. Tijdens de werkgroepen staat de eigen beleving van praktische toepassingen hoe om te gaan met pijn centraal, zowel vanuit antroposofische als ook vanuit andere gezichtspunten. ’s Middags zal er muziek klinken die helend, pijn milderend kan werken.

Lees meer over de conferentie op de volgende pagina’s of in de digitale brochure.

In inleidingen en werkgroepen staan thema’s centraal als:
– Welke ervaringen zijn er met het hebben van pijn?
– Wat kan het hebben van pijn betekenen?
– Hoe kunnen we omgaan met pijn of pijn bestrijden?
De thema’ s worden verder uitgewerkt in interactieve werkgroepen.

Programma
09.30 Inloop, koffie en thee
10.00 Opening
10.10 Twee verhalen van ervaringsdeskundigen
10.40 Arie Bos: Waar zit de pijn?
11.25 Werkgroepen
13.00 Lunch
14.00 Werkgroepen vervolg
15.15 Thee
15.45 Yolanthe Cornelisse: Muziek verlicht
16.15 Hannie Bakker: De patiënt met pijnklachten in therapie
16.50 Afsluiting’
Er is een pagina met daarop over de ‘Sprekers’:
‘Ella Amse, ervaringsdeskundige

Wilma Boevink, ervaringsdeskundige, verbonden aan “Herstel, Empowerment, Ervaringsdeskundigheid”, wetenschappelijk medewerker aan het Trimbos Instituut.

Arie Bos, oud-huisarts in Amsterdam en onderzoeker. Schreef het boek “Hoe de stof de geest kreeg”

Yolanthe Cornelisse, therapeutisch musicus in het Johanneshospitium Vleuten en bij de stichting de Rijnhoven in Harmelen

Hannie Bakker, fysiotherapeut en biografisch consulent, verbonden aan therapeuticum Aquamarijn in Arnhem en de Academie Antroposofische Gezondheidszorg’
Verder zijn er deze ‘Werkgroepen’:
‘1. Pijn en pijnbestrijding aan het einde van het leven: hoe kunnen we daar in deze tijd mee omgaan?
Marie-José Gijsberts, specialist ouderengeneeskunde en palliatief consulent IKNL

In deze werkgroep wordt een panorama geschetst over de technische en wettelijke mogelijkheden om pijn en lijden te bestrijden in deze tijd. Deze mogelijkheden (en hoe die worden ingezet aan het eind van het leven) laten ook zien hoe wij, als patiënten, hulpverleners en dierbaren, ons verhouden tot pijn en lijden. Deze werkgroep wil hierin inzicht geven en van daaruit ook andere mogelijkheden zichtbaar maken om met pijn en lijden om te gaan.

2. Sporen van pijn
Maathe Commerina Booth, sociaal pedagoog en psychosociaal therapeut en Joke Goudswaard, psychosociaal therapeut

We lopen tijdens onze levensreis krassen op onze ziel op, die sporen trekken van pijn. Lopen deze sporen dood of leiden ze ergens heen? En is er ook een balsem voor de zielenpijn die helend werkt? In gesprek en biografische oefeningen zoeken we naar antwoorden op deze vragen.

3. Begrijp jij mijn pijnlijke zijn?
Ada Colijn, kunstzinnig therapeut en Elma Thiel, psychiater

Deze werkgroep gaat over het fenomeen emotionele pijn. Deze pijn heeft veel te maken met verdriet. Wij gaan de basisemotie verdriet vanuit de invalshoek van de driften en de zintuigen bespreken en ervaarbaar maken opdat er enthousiasme voor het doorleven van emotioneel leed kan ontstaan. Met als doel dat het verband tussen doorleefde pijn en schoonheid van de ziel zichtbaar wordt.

4. Van pijn naar parel
Hannie Bakker, fysiotherapeut en Paula Boon, beiden biografisch consulent

Pijnlijke hindernissen in het leven kunnen ons soms (pijnlijk) bewust maken van bepaalde ontwikkelingsthema’s in onszelf. De diverse levensfasen bieden hiervoor specifieke metamorfosekrachten. We willen een cruciale levenshindernis-situatie in een drieluikvorm onderzoeken. Met behulp van tekenen kan onderliggende thematiek oplichten en kunnen parels ontdekt worden. Onder het motto: “Je pijn is het breken van de schaal, die je inzicht omsluit” K. Gibran

5. Baringsnood
Cobi van de Coevering en Marja Brakman, verloskundigen

Hoe gaan wij in de huidige tijd om met pijn bij de baring? Wat is er zoal mogelijk op het gebied van pijnbestrijding. De voorlichting over pijn bij de baring. De functie van pijn bij de baring. Het open staan voor ontvangst van het nieuwe kind, een grenservaring (?).

6. Pijn in geurig perspectief – Aromazorg en de dimensies van pijn
Madeleine Knapp Hayes-Wellhüner, Complementair Zorgspecialist & Auteur

Geurige essentiële oliën en basisstoffen kunnen een belangrijke invloed hebben op de 4 dimensies van het bekende Pijnmodel van Löser: de nociceptie, de pijngewaarwording, de pijnbeleving en het pijngedrag. Ze kunnen beïnvloed worden door specifieke essentiële oliën die zich richten op fysieke, emotionele, mentale en spirituele ondersteuning. In de workshops worden deze besproken en in praktische handvatten omgezet.

7. Veiligheid, innerlijke pijn en zelfdestructie.
Silvie Otter, Minke de Haan, behandelcoördinatoren en Joke Hageman, kunstzinnig therapeut

Een korte presentatie van een nieuw behandelaanbod dat sinds kort wordt aangeboden bij de Lievegoed kliniek. De werkgroep wordt begeleid door de therapeuten van dit behandelaanbod. Er is ruimte voor oefening met een aantal onderdelen uit de methodiek aan de hand van casuïstiek. Waarom hanteren mensen met PTSS hun innerlijke pijn vooral door onveilige coping strategieën, zoals middelen gebruik en andere zelfdestructieve acties?

8. Het afleiden van pijn met ritmische massage
Chris Vree, fysiotherapeut

Is het mogelijk om zonder de pijnlijke plaats aan te raken toch tot pijnvermindering te komen. Welke rol speelt het pentagram hierbij. Zijn er nog andere afleidingsmogelijkheden?
Aan de hand van een casus en demonstratie wordt dit toegelicht. Gesprek, demonstratie en casusbehandeling

9. Voor wie ik liefheb wil ik heten?
Aglaé Alleman, psychiater-psychotherapeut en Kim van Veen, kunstzinnig therapeut

Het incarnatieproces gaat over een weg vol hindernissen. Hoe worden en maken we onszelf zichtbaar op aarde? Zielenpijn als voorwaarde tot bewustwording en ontwikkeling. In deze interactieve werkgroep onderzoeken we in gesprek en kunstzinnig werk de verschillende aspecten van zielenpijn in de reis tot menswording.

10. Uit het hospice en de huisartsenpraktijk
Josien van Sandick, verpleegkundige en Madeleen Winkler, huisarts

Wat kun je doen voor patiënten met pijn met medicatie en uitwendige therapie? Inleiding, gesprek en mogelijkheid ervaring op te doen met de uitwendige behandelingen.

11. Artrosepijn: gemberkompres op de nieren
Toke Bezuijen en Tiny Ros, verpleegkundigen

Artrose (OA) is een van de meest voorkomende gewrichtsaandoeningen en zal in de komende decennia verdubbelen. Uit recent onderzoek blijkt dat gemberkompressen op de nieren de pijn bij knieartrose duidelijk vermindert, maar in tegenstelling tot analgetica en steroïdale ontstekingsremmers, zonder bijwerkingen. In deze werkgroep gaan we kijken naar de gemberplant, werpen licht op de nier-dynamiek, voelen mee in de pijn van de artrose en leggen heel praktisch een gember-kompres bij elkaar aan.

12. Omgaan met pijn, op weg naar genezing
Marieke Krans, arts en Jaap van de Weg, arts voor psychosomatiek en ontwikkelingsvragen

Pijn maakt ons wakker, of we dat nu willen of niet. Er speelt iets in ons lichaam of onze ziel dat aandacht trekt. Op deze wekroep kunnen we vele antwoorden geven: onderzoeken, verdoven, negeren, leren kennen, verdragen, ermee leven, proberen te veranderen. We werken met elkaars ervaringen, in gesprek en kleine opstellingen.

13. Omgaan met de pijn van traumatische ervaringen
Marko van Gerven, psychiater en Erik Baars, arts-onderzoeker, epidemioloog

Patiënten met psychologisch traumatische ervaringen hebben ondraaglijke pijn in de ziel. De kennis en therapieën van de antroposofische gezondheidszorg kunnen bijdragen aan een fasen-georiënteerde behandeling van trauma patiënten (stabilisatie en symptoomreductie, behandeling van traumatische herinneringen en re-integratie en rehabilitatie). We bespreken en demonstreren de bijdragen en bediscussiëren dit in de werkgroep.

14. Herstel, Empowerment en Ervaringsdeskundigheid van mensen die ernstig en aanhoudend psychisch lijden
Wilma Boevink, wetenschappelijk medewerker en Simone Koch, ervaringswerker/trainer bij Mentrum en HEE-docent

In de werkgroep wordt ingegaan op HEE, zoals boven genoemd. Sinds jaar en dag ontwikkelt het HEE-team, bestaande uit cliënten van de langerdurende psychiatrie, herstelondersteuning, manieren om psychiatrische patiënten zich te laten ontwikkelen tot ervaringsdeskundige en innovaties in de psychiatrie. HEE staat voor een vernieuwende visie op aanhoudend psychisch lijden. Documentaire, informatieoverdracht en een “herstel-oefening” voor professionals.

15. Omgaan met pijn
Pauli van Engelen, verpleegkundige

In deze werkgroep onderzoeken we welke houding je hebt in het omgaan met pijn en lijden bij een ander of bij jezelf. Instinctief reageren we vaak op pijn door vermijding of actie. Het is vaak moeilijk om pijn te accepteren als onderdeel van het leven. Je bewuster worden van je neigingen kan zinvol zijn om meer vrijheid te ervaren in het contact met iemand die pijn heeft of lijdt. We werken met oefeningen.

16. Pijn trekt onze aandacht
Sonja van Hees, verpleegkundige

Pijn trekt altijd onze aandacht. Pijn vraagt van ons als omstanders om wat te doen. We gaan in op eigen ingebrachte voorbeelden waar we er een aantal van kunnen bespreken. Uitgangspunt is samen zoeken welke mogelijkheden we hebben tot doen en misschien wel niet doen en daarmee toch wat doen. Deelnemers leren een handinwrijving aan. Zie de Samariter voordracht van RS, 14-8-1914: zolang jij de pijn voelt, die mij mijdt...

17. Pijn en aandacht
Bram Tjaden, huisarts/mindfulnesstrainer

Na een korte verkenning van wat mindfulness is zullen we m.b.v. oefeningen onderzoeken welke mogelijkheden en beperkingen mindfulness heeft in het omgaan met pijn en ongemak. Daarbij komt ook aan de orde hoe je met lijden kunt leven. Interactieve presentatie en meditatieve oefeningen.

18. Welke rol speelt pijn in de ontwikkeling van kinderen?
Hedy van Loon, kinder- en jeugdpsychiater

Aan de hand van praktijkvoorbeelden gaan we verkennen wat de invloed is van omgeving op de wijze waarop kinderen pijn waarnemen en beoordelen. Aan de hand van verschillende beelden (kind met traumatische ervaringen of het autistische kind) uitzoeken hoe deze inwerken op het ontwikkelen van lichaamsbesef. Dissociatie in beeld krijgen. We zullen dit koppelen aan passende interventies.

19. Trauma, verwonding en het genezingsproces
Kore Luske, huisarts en Christina van Tellingen, consultatief arts

Hoe kunnen we omgaan met trauma’s? Na zowel psychische als lichamelijke verwonding vinden genezingsprocessen plaats. In deze interactieve workshop verkennen we deze processen, zowel in onszelf als in de fysiologie. Ook pathologische genezingsprocessen komen aan bod.

20. Euritmietherapie als hulp om met pijn om te gaan
Gertrud Mau, euritmist

Er zal geoefend worden: oefeningen bij pijnlijke aandoeningen in de breedste zin, maar ook zullen wij onze eigen bewegingen zo verfijnen dat ze als gebaren voor anderen therapeutisch ingezet kunnen worden.’
Dan zijn er uiteraard nog de ‘Praktische gegevens’:
‘Plaats: Geert Groote College, Frederik Roeskestraat 84, Amsterdam
Tijd: Zaterdag 8 februari 2014 vanaf 9.30 uur, aanvang 10.00 uur, einde 17.00 uur

Aanmelding en informatie: Bij voorkeur via het aanmeldformulier via de website. Bij eventuele aanmelding per e-mail of post: graag bericht sturen met naam, volledig adres en postcode, e-mail adres en telefoonnummer, beroep, student ja/ nee, vegetarisch ja/ nee, 1e t/m 5e voorkeur (het nummer van de werkgroep is voldoende).

U kunt uw aanmelding per e-mail sturen naar info@medischesectie.nl of per post naar: AViN, Boslaan 15, 3701 CH Zeist

Sluiting aanmelding: 5 februari 2014 via deze website. Daarna eventueel wel per mail. Betaling moet binnen zijn uiterlijk op 6 februari. Lukt dit niet, dan kan de betaling contant voldaan worden bij de inschrijfbalie voor aanvang van de conferentie. (...)

De voorbereidingsgroep, in afstemming met de Medische Sectie raad: Erik Baars, Arie Bos, Ghiti Brinkman, Wim Cornelisse, Koop Daniëls, Marko van Gerven, Marie-José Gijsberts, Mirjam Lugthart, Joukje Pothoven, Madeleen Winkler.

Logistieke organisatie: Mirjam Lugthart, info@medischesectie.nl

De Medische Sectie maakt deel uit van de Antroposofische Vereniging in Nederland en van de Vrije Hogeschool voor Geesteswetenschap.

Download hier de digitale flyer
Een heel ander verhaal is afkomstig van Ruud Thelosen en gaat over de ‘Lerarencoöperatie als organisatievorm’ (misschien wel naar aanleiding van mijn bericht erover op 10 januari in ‘Kernwaarden’), dat gisteren verscheen op zijn weblog ‘Vrije Scholen’:
‘Al enige tijd, mede door het uitroepen van het speciale VN-jaar in 2012, ben ik geïnteresseerd in het verschijnsel coöperatie. Door deze extra aandacht is er ook bekend geworden dat wereldwijd meer mensen werken bij coöperaties dan voor multinationals.

De meeste coöperaties treffen we natuurlijk aan in de land- en tuinbouwsector maar ook in de voedselproduktie zoals Campina, Friesland foods, Avébé etc. In de industrie zijn er ook een aantal zoals de Baskische werknemerscoöperatie Mondragon bewijst met maar liefst 83.000 werknemers die zich ook ondernemer voelen. Daarnaast zijn er ook cooperaties in de financiële sector zoals de Rabobank, maar ook verzekeringsmaatschappijen zoals VGZ. Los daarvan ontstaan er de afgelopen jaren ook opvallend veel nieuwe coöperaties zoals energie-coöperaties die samen zonne- of windenergie opwekken. Op andere plaatsen waar lokale winkels dreigen te verdwijnen worden buurt(coöperatie-)winkels opgezet. Ook in de thuiszorg is met de opkomst van de nieuwe lokale buurtzorgcoöperaties voorzien in een grote behoefte. Tot mijn grote verbazing echter ontdekte ik ook het bestaan van coöperaties in het onderwijs. De koepelorganisatie Verenigde Bijzondere scholen (VBS) heeft enige jaren geleden het concept van lerarencoöperatie onder de aandacht gebracht.

De VBS verenigt bijzondere scholen die vanuit een zelfgekozen levensbeschouwelijke of pedagogische waardeoriëntatie inhoud geven aan het onderwijs. Vrije Scholen, Freinet- , Dalton- Jenaplan- en Montessorischolen vallen hieronder. De VBS gelooft in de kracht van pedagogisch ondernemerschap, wat het best tot zijn recht komt door samenwerkingsvormen waarin ruimte is voor zelfbestuur en zelforganisatie zoals een (leraren-)coöperatie.

Vrijescholen bestaan al zo’n 90 jaar in Nederland en gaan uit van een pedagogiek afgestemd op de mens- en maatschappijvisie van de antroposofie, een geesteswetenschap ontwikkeld door Rudolf Steiner. Vanaf het allereerste begin is daarbij gewezen op het belang van een vorm van lerarenzelfbestuur en autonomie voor leerkrachten. Samen zouden zij existentieel met de school verbonden moeten zijn en ook gezamenlijk de verantwoording dragen over alle bestuurlijke, financiële en schoolbeleidstaken. In het maatschappij-ideaal van Rudolf Steiner, dat ook wel sociale driegeleding wordt genoemd zouden organisaties in het geestesleven, waar het onderwijs toe behoort, bestuurd moeten worden door de uitvoerende professionals. Het primaire proces van het onderwijs moet leidend zijn in alle besluiten. In reguliere scholen en schoolstichtingen kan het zijn dat juridische, organisatorische of financiële doelstellingen leidend zijn en dus het onderwijs ondergeschikt wordt.

Naar nu blijkt is er één vrije school die gekozen heeft voor de vorm van een lerarencoöperatie en dat is de Vrije School Utrecht. Vandaar dat ik geïnteresseerd raakte en de school opzocht. In het oude centrum van Utrecht achter de Domtoren ligt aan een rustig plantsoen de basisschool. De school is vrij onopvallend gehuisvest in een oud rijzig gebouw. Pas als je voor de ingang staat zie je een klein bordje met de naamsaanduiding.

In de Utrechtse vrije school voor primair onderwijs zitten zo’n 270 leerlingen, verdeeld over vijf kleuterklassen en zes basisschoolklassen. Binnen de school was er een kleine groep van personeelsleden waaronder bestuurder Harrie Stokkel, die beseften dat een lerarencoöperatie de beste manier was om lerarenzelfbestuur praktisch vorm te geven. Harrie vertelde dat hij al geïnteresseerd was in de sociale driegeleding (de sociale impuls van de antroposofie) sinds hij zo’n jaar of 20 was. Pas later leerde hij de antroposofie kennen. Hij heeft jaren geleden de werkgemeenschap voor sociale driegeleding uitgenodigd op school om er de jaarvergadering te houden, waar ik zelf ook aanwezig was. Utrecht was ook jaren het centrale verzamelpunt van de studiebijeenkomsten onder leiding van Mouringh Boeke en dat ging meestal over Filosofie der Vrijheid en de Kernpunten van het sociale vraagstuk. Hetzelfde geldt voor bijeenkomsten van de eerste driegeledingsopleiding, die ook in Utrecht plaats vonden. Utrecht zou je daarom een soort episch centrum van de sociale driegeledingsimpuls kunnen noemen. Het is daarom bijzonder dat juist hier gekozen is voor de lerarencoöperatie.

De school heeft de VBS om advies en ondersteuning gevraagd en na een reeks van vergaderingen en voorlichtingen is begin 2006 besloten om de rechtsvorm te wijzigen van een stichting in een coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid (U.A.). De maatschapsvorm die in het verleden in vrije scholen ook heeft bestaan om het pedagogisch ondernemerschap concreet te maken is ook overwogen maar toch afgevallen. De financiële verantwoordelijkheid dragen is (nog?) een stap te ver.

De keuze voor een coöperatie had ingrijpende gevolgen voor de organisatie en de besluitvormingsstructuur. De kern en het hoogste besluitvormingsorgaan is de algemene ledenvergadering (ALV) waar alleen personeelsleden met een vaste aanstelling (dienstverband) deel van kunnen uitmaken. Je kunt ook pas een vaste aanstelling krijgen als personeelslid als je schriftelijk akkoord gaat met de doelstelling van de coöperatie. Als je lid wil worden moet je dat kenbaar maken en moet de lerarencoöperatie daarover beslissen met een drie/vierde meerderheid. Zo kunnen zij ook besluiten leden te royeren. Verder hebben zij de bevoegdheid om ook het coöperatiebestuur te kiezen en te benoemen, maar eventueel ook te ontslaan. Het bestuur krijgt daarmee het daadwerkelijke mandaat of vertrouwen van de leerkrachten, maar kan het dus ook verliezen. Je bent dus niet bestuurder voor het leven. Jaarlijks stelt de ALV ook het schoolbeleid en de begroting vast. In vrije scholen met een stichtingsvorm bestaat er ook een beleidsvergadering waarin leerkrachten met een vaste aanstelling zitting hebben die het schoolbeleid bepalen, maar dan moet het bestuur (veelal ouders of voormalige ouders) daar ook mee akkoord gaan. De uiteindelijke bevoegdheid ligt wettelijk gezien echter bij het bestuur.

Wie nu denkt dat dit een onwerkbare situatie oplevert omdat “iedereen over alles beslist”, vergist zich. In de school is een uitgebreide taakverdeling opgesteld waarin duidelijk staat vermeld wie over wat besluit danwel adviseert . Over de hoofdzaken zoals opheffing of fusering van de school, het schoolbeleid, het directiestatuut, de organisatiestructuur, de toezichtsstructuur beslist de ALV. Daarnaast heeft het bestuur van de coöperatie dat ook de dagelijkse leiding heeft nog genoeg schoolzaken waarover zij beslist zoals leerlingenplanning, arbobeleid, schoolvoorzieningen, schoolvakanties, leerlingenreglement etc. Ouders kunnen invloed uitoefenen via de medezeggenschapsraad (MR) met wettelijke advies- en instemmingsbevoegdheden. Anders dan bij reguliere Stichtingsscholen zitten hier geen personeelsleden of leerkrachten in. In een coöperatie heb je met de MR van ouders ook geen aparte Ouderraad meer nodig.

De Raad van Toezicht heeft volgens de statuten in deze coöperatievorm alleen een ondersteunings- of adviesfunctie. Zij hebben hier niet de bevoegdheid om in te grijpen in het bestuur of beleid. Hoe zit dat dan met het wettelijke bestuur kun je je dan afvragen. Is er wel een schoolleiding of dagelijks bestuur? In de coöperatie is het bestuur onderdeel van de lerarencoöperatie en dus geen losstaand juridisch orgaan zoals bij Schoolstichtingen wel het geval is en waar ouders of onderwijsdeskundigen zitting in kunnen nemen met wettelijke bevoegdheden. Dit kan op vrije scholen wel eens aanleiding zijn voor conflictsituaties. In de organisatie is er wel een schoolleider als leidinggevende en eindverantwoordelijke. Het dagelijks bestuur van de lerarencoöperatie bestaat momenteel uit een voorzitter die tevens schoolleider is en een secretaris/penningmeester die tevens medewerker ICT en administratie is. De algemene vergadering zou echter ook een ander of extra personeelslid kunnen benoemen als bestuurder.

In de zeven jaar dat de vrije schoolcoöperatie nu bestaat zijn er geen wijzigingen geweest in de statuten en schijnen dus goed te werken. Wel zijn er in het huishoudelijk reglement aanpassingen geweest zoals een procedure rondom de vervanging van de schoolleiding.Functioneert deze school dan naar volledige tevredenheid? Daarvoor zou je natuurlijk een personeelstevredenheidonderzoek moeten uitvoeren of ouders moeten bevragen. Om een goede indruk te krijgen heb ik een uitvoerig gesprek gevoerd met bestuurder en medewerker ICT en Financiën Harrie Stokkel. Hij vertelde dat er tot dusver geen arbeidsconflicten zijn geweest of voor de kantonrechter zijn uitgevochten. Het is natuurlijk wel van belang dat veel leerkrachten ook inzien dat hun taak niet alleen het lesgeven en de zorg voor de klas omvat, maar zich ook verantwoordelijk voelen voor de hele school (-organisatie). Als teveel personeelsleden geen lid van de coöperatie willen worden heeft deze structuur geen bestaansrecht. Daarnaast is het ook van belang dat de meeste personeelsleden ook kennis hebben van financiële en organisatorische zaken en bijgeschoold worden via VBS of Vakbonden. De schoolleiding moet hun daartoe in de gelegenheid stellen en ook alle personeelsleden maximaal informeren.

Als aan deze randvoorwaarden is voldaan kan de lerarencoöperatie een prima manier zijn om leerkrachten en ondersteunend personeel te binden aan het schoolbelang en het ideaal van vrijheid van onderwijs een concrete vorm te geven. Harrie vertelde ook dat het belang en nut van de ALV inmiddels ook wel gebleken is. Toen het bestuur met een voorstel kwam voor het invoeren van een nieuw systeem van functiedifferentiatie is dat verworpen. Men was bang voor misplaatste onderlinge concurrentie. Hetzelfde gebeurde toen er een voorstel kwam om een vorm van bonus en prestatiebeloning in het voeren, wat het ministerie van Onderwijs ook graag wilde. Ook hier heeft de ALV het voorstel weggestemd. De vrijeschool Utrecht is met deze organisatievorm een pioniers-school gebleken.

Nog geen jaar na invoering kwam oud SER-voorzitter Rinnooy Kan als voorzitter van de commissie Leraren in opdracht van minister van Onderwijs Plasterk met een lijvig rapport over de problemen in het onderwijs (september 2007). In dit rapport LEERKRACHT worden aanbevelingen gedaan om de beloning van leerkrachten te verbeteren, het beroep van leerkracht te versterken en de school verder te professionaliseren.

Opvallend in dit rapport is dat de commissie het beroep van leraar opnieuw versterkt en nieuw elan wil geven door leraren meer inspraak en inbreng te geven bij onderwijsontwikkelingen. De laatste jaren zijn er allerlei signalen geweest dat onderwijsveranderingen veelal top down en op aandringen van overheid of externe adviseurs over de hoofden van het onderwijzend personeel werden ingevoerd . De managers kregen steeds meer invloed ten koste van de onderwijsgevenden.

De commissie Leraren stelt zelfs voor om schoolbesturen een gedragscode voor goed bestuur te laten opstellen waarin het beginsel van zwaarwegende betrokkenheid van leraren wordt opgenomen. Simpel gezegd “geef het onderwijs terug aan de professionals(leerkrachten)”! Hoe desastreus overheids- en managers-invloed in het onderwijs is geweest, heeft het parlementaire onderzoek van de commissie Dijsselbloem in 2008 aangetoond voor het middelbaar onderwijs.

Sinds de resultaten van deze parlementaire commissie bekend zijn, streeft men ernaar om alleen nog wijzigingen in het onderwijs door te voeren als deze “evidence based” zijn en scholen mogen geen slachtoffer worden van de vernieuwingsdrift van politici.

Uit onvrede hebben een aantal leerkrachten en docenten een aantal jaren geleden zich verenigd in Vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON). Hun kernpunten zijn:
– Geef de docent zijn vak terug.
– Organiseer goed onderwijs door hoogopgeleide docenten.
– Het grootste deel van het onderwijsbudget moet gaan naar het primaire proces.
– Het management moet in dienst staan van het primaire proces.
– Zeggenschap over de inrichting van het onderwijs binnen de instituten moet liggen bij leraren en docenten.

Interessant in dit verband zijn ook de PISA-onderzoeken. Daarbij wordt bij 15- jarige scholieren het kennisniveau gemeten voor leesvaardigheid en de vakken wiskunde en natuurwetenschappen. Het is een zeer grootschalig onderwijsonderzoek dat in 65 landen wordt afgenomen. Daaruit blijkt al jaren dat Finland er in positieve zin steeds uitspringt. Waar ligt dat aan? Vergeleken met Nederland hebben Finse leerlingen minder lessen en zijn de klassen kleiner. Nog belangrijker is de hogere opleidingsgraad en status van leraren in Finland. Het belangrijkste echter is het feit dat de Finse regering ooit de moed heeft gehad om centrale verplichte examens helemaal af te schaffen! Scholen hebben daarmee de volledige vrijheid terug gekregen. De overheid stelt alleen minimumeisen aan de hoeveelheid lesuren per leeftijdsgroep en het opleidingsniveau van de leerkracht. Deze moeten een universitaire opleiding hebben alvorens voor de klas te mogen staan. De Finse overheid heeft verder geen inhoudelijke bemoeienis hebben met het onderwijs, dus geen inspectie en geen kerndoelen of eindtermen en toetsen!

Het onderwijs wordt dan weer teruggegeven aan competente leraren die het beste weten hoe en welke de stof ze moeten overdragen. Het vertrouwen over de kwaliteit is terug waar het hoort, namelijk in de relatie tussen leerkracht, ouder en leerling. Bijkomend voordeel is dat we het hele ministerie van Onderwijs kunnen opheffen en dat scholen vrijwaart zijn van veel bureaucratische rompslomp. Met dat vrijgekomen geld kunnen we dan ook leerkrachten beter belonen, waardoor het aanzien van het beroep verbetert.

Vrijheid van onderwijs is ook een ideaal dat in artikel 23 in de grondwet is vastgelegd. Op basis hiervan kunnen ouders, als hun aantal groot genoeg is, een nieuwe school oprichten en moet de overheid daarvoor de middelen beschikbaar stellen. Dit artikel impliceert ook dat schoolorganisaties vrij moeten zijn om leerkrachten de mogelijkheid te geven het onderwijs te geven zonder overheidssturing en controle. In Nederland kan dat alleen als je ook afziet van bekostiging zoals de kleine autonome staatsvrije school Anfortas in Breda dat heeft gedaan.

Concluderend kun je vaststellen dat een lerarencoöperatie de beste voorwaarden creëert voor lerarenzelfbestuur binnen de wettelijke en bekostigingsvoorwaarden en zeker past bij de tijdgeest. Je zou verwachten de andere (vrije) scholen dit voorbeeld snel zouden volgen, maar helaas is dat niet het geval. De overkoepelende Vereniging van Vrije Scholen heeft er geen bijzondere aandacht aan besteedt. Zij lijken zich meer bezig te houden met schaalvergroting en professionalisering. Reden temeer om er nu wel aandacht aan te besteden, want goed onderwijs is de basis van onze kenniseconomie en wordt gegeven door competente en verantwoordelijke leerkrachten en docenten!’
Tot slot een paar korte Duitstalige berichten. Weekblad ‹Das Goetheanum› schreef eergisteren op Facebook over ‘Beuyslab’:
‘Nach wie vor ist Joseph Beuys umstritten. Während die einen in ihm den wichtigsten deutschen Künstler seit Albrecht Dürer sehen, halten andere ihn für einen dreisten Scharlatan. Sein Werk ist nicht leicht zugänglich. Eine amüsante Einstiegshilfe bietet das neuerdings eingerichtete ‹Beuyslab›, das die Besucher mithilfe von Zeichnungen und kurzen Texten durch Beuys’ Kosmos führt: beuyslab.de
Een dag eerder had hetzelfde Das Goetheanum op Google+ dit gemeld:
‘Evolve heißt ein neues, spirituell orientiertes Magazin, das viermal jährlich erscheint und in der Tradition der ‹Integralen Spiritualität›, wie sie Andrew Cohen lehrt, Themen zur Bewusstseinsbildung und Kultur aufgreifen möchte. Tom Steininger, der die Internetplattform ‹Enlightennext› führt, ist Herausgeber. Eine grössere Spende für die Startfinanzierung scheint den Weg des Zeitschriftprojektes zu ermöglichen. Im redaktionellen Beirat arbeitet auch Anna-Katharina Dehmelt mit. Das Magazin erscheint in einer Auflage von 5000 in Deutschland, Österreich und der Schweiz sowie online.’
Info3 voegde daar vandaag op Facebook aan toe:
‘Gratulation zur Start-Ausgabe an unsere Freunde und Nachbarn: In “Evolve” haben auch zahlreiche Info3-Autoren und Themen aus dem Umfeld der Anthroposophie Aufnahme gefunden. “Evolve will ein Forum für Freunde einer progressiven Spiritualität jenseits aller Lagerbildungen sein – viel Glück! “Evolve” will Kultur entwickeln | Magazin Info3
Dat doet me denken aan wat ik schreef op zondag 17 april 2011 in ‘Vlucht’: een nieuw tijdschrift vanuit de burelen van Info3. Het betreft ‘Wir – Menschen im Wandel.’ Maar helaas moet ik nu daarover lezen:
‘Liebe WIR-Interessierte und AbonnentInnen,

WIR – Menschen im Wandel wird eingestellt.

Wir haben uns diese Entscheidung nicht leicht gemacht, sie zuletzt dann aber doch einvernehmlich getroffen: Die Ausgabe Nr. 9 wird das letzte reguläre Heft sein, dem im Dezember noch eine weniger umfangreiche Abschiedsausgabe folgen wird.

Wir betrachten die Einstellung des Magazins gleichwohl nicht als Scheitern, sondern vielmehr als Abschluss eines Projektes, das seine Zeit gehabt und diese sinnvoll genutzt hat. Wir rechnen fest damit, dass die von uns gegebenen guten Impulse neue Ideen und Projekte beflügeln und inspirieren werden und vertrauen darauf, dass die von uns ausgebrachte Saat aufgehen wird. Dazu können auch Sie beitragen, indem Sie die Inspirationen, die Sie in dem Heft finden, weitergeben.

Von Herzen danken wir unseren treuen Abonnenten und den Mitgestaltern, die dieses Projekt ermöglicht haben.’

2 opmerkingen:

matthijs zei

Kijk Michel één pijnpuntje minder;
http://www.antroposofie.nl/algemeen/pijn-een-teer-punt-conferentie-medische-sectie-2014/

Michel Gastkemper zei

Da’s heel mooi, Matthijs! Dank je.

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)