Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

donderdag 13 februari 2014

Achterban


Op woensdag 5 februari berichtte ik in ‘Fout’ over problemen in Breda.
‘Op de website van “Breda vandaag” schreef Nadine Kieboom eergisteren “Rudolf Steiner School berispt om gedrag leraar”’.
Dezelfde auteur kwam op 11 februari met ‘Rudolf Steiner School houdt vertrouwen in leraren’:
‘Het bestuur van de Rudolf Steiner School in Breda deelt het oordeel van de Landelijke Klachtencommissie van onderwijs over het onacceptabele gedrag van leraren en het te laat ingrijpen door het bestuur. Dat staat in de officiële reactie van bestuurder Paul Appel op het oordeel van de commissie. Volgens Appel zijn er inmiddels voldoende acties ondernomen. “Maar we zijn er natuurlijk nog niet.” De reactie werd dinsdag gepubliceerd op de website van de school.

Onacceptabel gedrag

Vorige week stapte een moeder van een leerling naar de pers naar aanleiding van onacceptabel gedrag van een leraar en een lerares uit dezelfde klas van de vrije school in Breda. De ouders verwijten de leraren van denigrerend en intimiderend gedrag richting de leerlingen. De moeder heeft bandopnames gemaakt van de lessen door een recorder in de tas van haar dochter te stoppen. De klachten van de ouders werden gedeeltelijk gegrond verklaard door de klachtencommissie.

“Toon afkeuren”

Nadat deze kwestie in de pers naar buiten kwam, stuurden directie en het bestuur een brief aan alle ouders. Hierin staat dat zij de toon waarop tegen de kinderen gesproken wordt door de betreffende docenten afkeuren. Met de betrokken docenten zijn gesprekken gevoerd en afspraken gemaakt om herhaling te voorkomen. Daarnaast onderzoekt de schoolleiding ook het eigen functioneren. “We dwingen onszelf op alle niveaus te kijken naar eigen handelen en hier stappen in te zetten”, zo staat in de brief.

“Vertrouwen in leerkrachten”

Directrice Anja de Vos schrijft verder dat ze er alle vertrouwen in heeft dat de betrokken leerkrachten in staat zijn het probleem samen met bestuur en directie op te lossen. “Aan hun kwaliteiten als leerkracht heb ik überhaupt nooit getwijfeld”. Ook Appel zegt nog steeds vertrouwen te hebben in de leerkrachten. “Ze zijn ermee eens dat bepaalde zaken onacceptabel waren.”

Grote uitstroom

De moeder heeft haar twee kinderen inmiddels van de vrije school gehaald. In de betreffende klas, groep zeven, zouden sinds oktober 2012 al 13 van de 30 leerlingen door ouders zijn overgeplaatst naar een andere school. Het bestuur spreekt zelf van een uitstroom van 11 leerlingen. “Er is meer verloop dan we willen zien. Maar de redenen van het vertrek van de kinderen verschillen. Soms is er bijvoorbeeld sprake van verhuizing.”

Maatregelen

Nadat de klachten bij Appel bekend waren, heeft hij diverse maatregelen genomen. Een van de twee leraren, die het grootste deel van de tijd voor de klas stond, is in november tijdelijk met ziekteverlof gestuurd. Daarnaast liet de bestuurder een veiligheidsscan uitvoeren onder leerlingen van de hoogste klassen en loopt er momenteel nog een tevredenheidsonderzoek onder ouders. Ook was er vrijdag een ouderavond over dit onderwerp. Verder is deze maand een tweedaagse trainingsdag gepland voor het hele team met een externe begeleider.

Impact

De sfeer op de school is verder “wel goed”, vertelt Appel. “Maar dit soort dingen zijn nooit leuk natuurlijk.” Volgens de bestuurder hebben de bandopnames een impact op de leerkrachten. “Het is natuurlijk bijzonder dat er zonder toestemming opnames worden gemaakt. Het geeft een dreigend gevoel aan de docenten en het leverde nogal wat discussie op.”

“Belang van kinderen”

De moeder die naar de klachtencommissie stapte, blijft van mening dat de school het belang van de leerkrachten boven het belang van de kinderen stelt. “Wanneer wordt de toestand van de kinderen nu eens goed belicht? Het gaat alleen maar over het team. Niemand die begint over het effect van de leraren op de leerlingen. Toen ik mijn dochter van school haalde, werd het een heel ander kind.” Appel deelt deze mening niet. “Wij kijken altijd naar het effect op de kinderen. We hebben hier ook specifieke acties op ondernomen.”

Zwijgcultuur

Daarnaast verwijt de moeder de school van reactief in plaats van proactief gedrag. “De school reageert alleen op de punten waar die kritiek op kreeg. Wanneer gaat het doek eraf en vertelt de school nu eindelijk eens het hele verhaal?” Volgens de moeder is er sprake van een zwijgcultuur. “Het is een gesloten systeem. Ouders die kritiek hebben, durven niet op te staan. Doen ze dat wel, dan krijgen ze de hele bups over zich heen.”

Paul Appel wil niet spreken van een zwijgcultuur. “Ik vind wel dat de cultuur binnen de school wat opener mag worden. Daarvoor hebben we ook die tweedaagse georganiseerd.” Ook vindt hij dat hij met zijn brief aan de ouders voldoende openheid geeft.

Directrice Anja de Vos gaf aan zelf geen reactie te willen geven.’
BN DeStem, editie Breda van woensdag 12 februari, besteedde hier ook aandacht aan, blijkens het bericht ‘Docenten Rudolf Steinerschool Breda mogen blijven’ daar op de website. Op de website van de school zelf is te lezen:
‘Geachte ouders en bezoekers van onze website,

Onlangs is er door ouders van een leerling van onze school een klacht ingediend bij de Landelijke Klachtencommissie voor het Algemeen Bijzonder Onderwijs (LKC). Via onderstaand schrijven willen wij u graag inzicht geven in de ingediende klacht en de reactie van de klachtencommissie en het college van bestuur.

Breda, 11 februari 2014

Op 14 november 2013 hebben de ouders van een leerling van de Rudolf Steiner School Breda twee klachten ingediend bij de Landelijke Klachtencommissie voor het Algemeen Bijzonder Onderwijs (LKC).

De klachten met kenmerk 13-31 en 13-32 gaan over het optreden van twee leerkrachten in dezelfde klas van de school. Op 24 januari 2014 heeft de LKC haar oordeel over de klachten kenbaar gemaakt aan de klagers en de beklaagden. Het schoolbestuur dient uiterlijk binnen 4 weken te reageren naar de klagers en de LKC; dit is gebeurd op 10 februari 2014.

De klachten en het oordeel van de LKC luiden in het kort:

1. De leerkracht gaat met grote regelmaat op een manier tekeer die niet acceptabel en schadelijk is;
Op dit onderdeel is klacht 13-32 door de LKC gedeeltelijk gegrond verklaard. Behandeling van dit onderdeel van klacht 13-31 is door de LKC tijdens de behandeling op 13 december jl. opgeschort in verband met ziekte van de betrokken leerkracht.

2. De directeur neemt de geluiden rondom de leerkracht niet serieus, handelt de klachten niet juist af en houdt de situatie in stand;
Dit onderdeel is bij beide klachten door de LKC ongegrond verklaard.

3. De voorzitter van het bestuur handelt de klacht niet correct af. Hij houdt de (schadelijke) situatie voor de leerlingen in stand;
Dit onderdeel is in klacht 13-31 door de LKC gedeeltelijk gegrond verklaard en in klacht 13-32 ongegrond verklaard.

De LKC heeft de klachten en haar oordeel daarover inmiddels geanonimiseerd gepubliceerd. U kunt deze nalezen op www.geschillencommissiesbijzonderonderwijs.nl

In de week van 3 februari jl. verschenen berichten in de lokale en regionale pers over de klachten. Omdat het antwoord van het bestuur op het oordeel van de LKC nog niet gereed en gecommuniceerd was naar de klagers en de LKC, kon op vragen nog geen volledig antwoord worden gegeven.

Door middel van dit bericht informeren wij de stakeholders van onze school over ons antwoord op beide klachten. Medewerkers en ouders van onze leerlingen zijn vooraf geïnformeerd over de strekking van ons antwoord.

Tot slot hecht ik eraan te melden, dat wij de gang van zaken en het gebeurde uitermate betreuren en het ons spijt, dat wij er niet eerder in geslaagd zijn tot een passende oplossing te komen. Intussen zijn individueel en schoolbreed maatregelen getroffen die herhaling zullen voorkomen.

Stichting Vrije School Breda
P.C.W. Appel,
voorzitter College van Bestuur

Geanonimiseerde reactie College van Bestuur van de St. Vrije School Breda in pdf-file.
Vorige keer, op maandag 10 februari in ‘Ongerust’, berichtte ik dankzij het Weekbericht van vrijeschool De Zwaan traditiegetrouw over de stand van zaken bij de onderbouwen van de vrijescholen in Zutphen. Er was daarover echter nog meer te melden, blijkens de ‘Algemene informatie’ in het weekbericht van 30 januari:
‘Bericht van de MR

De medezeggenschap van IJssel en Zwaan zijn een samenwerking aangegaan. Afgelopen vergadering hebben we voor het eerst gezamenlijk vergaderd en we vonden het allemaal een meerwaarde hebben. Daarom vergaderen we vanaf nu elke keer (deels) gezamenlijk en afwisselend op IJssel en Zwaan, hiermee vast een voorschot nemend op de toekomst. Zo kunnen we met elkaar nadenken over de bouw en verbouwing en alles wat met de samenvoeging van de twee scholen samenhangt. Bijvoorbeeld de te vormen nieuwe eerste klassen, we blijven hameren op zo transparant mogelijke informatiestromen. Lees hier verder...

Brief MT aan MT/bestuurder Stichting VSNON

Beste Ceciel, Gijs en Lizzy,

Op 30 oktober jl. heeft MR de Zwaan jullie een brief gestuurd met daarin een aantal concrete vragen over het gelopen proces om van 3 naar 2 scholen te gaan en aanverwante zaken die nog onduidelijk zijn. Onze intentie daarin was en is nog steeds: helderheid en antwoorden krijgen, voor onszelf en onze achterban: de ouders van de betreffende scholen. Lees deze brief hier verder...’
Die twee gaan we eens nader bekijken. Eerst het ‘Bericht van de MR’:
‘De medezeggenschap van IJssel en Zwaan zijn een samenwerking aangegaan. Afgelopen vergadering hebben we voor het eerst gezamenlijk vergaderd en we vonden het allemaal een meerwaarde hebben. Daarom vergaderen we vanaf nu elke keer (deels) gezamenlijk en afwisselend op IJssel en Zwaan, hiermee vast een voorschot nemend op de toekomst. Zo kunnen we met elkaar nadenken over de bouw en verbouwing en alles wat met de samenvoeging van de twee scholen samenhangt. Bijvoorbeeld de te vormen nieuwe eerste klassen, we blijven hameren op zo transparant mogelijke informatiestromen.

Ook kunnen we elkaars expertise benutten bij thema’s als passend onderwijs, inzet van de ouderbijdrage, eigenlijk bij bijna alle onderwerpen zijn er raakvlakken. Per agenda zullen we nadenken welke onderwerpen we wel en niet gezamenlijk zullen bespreken. Deze keer was de vergadering bij ons. Volgende keer is het op de IJssel. Ook het voorzitterschap, de agenda en notulen zullen rouleren.

Vanuit de studiedag op 23 november is het punt “structuur van de medezeggenschap” naar voren gekomen, waarbij een werkgroep gaat onderzoeken hoe binnen de veranderingen van VSNON de medezeggenschap effectief kan blijven functioneren. Voor ons, als MR van de Zwaan, is dit een belangrijk thema in de samenvoeging met MR de IJssel, maar ook hoe de MR zich verhoudt tot de GMR, als meer zaken bovenschools worden aangepakt en er meer uniformiteit gaat ontstaan in de kern van beleidszaken.

In november hebben we in een brief aan het MT en de bestuurder aangedrongen op helderheid over een aantal punten aangaande het besluit om van 3 naar 2 scholen te gaan en de uitvoering daarvan. De vragen in de brief werden ons op het schoolplein gesteld en de lijn of de inhoud van deze onderwerpen leken niet (meer) helder te zijn. De bestuurder heeft antwoord gegeven op een aantal van onze vragen, maar op een aantal ook niet. Wij zullen die vragen dan ook opnieuw stellen.

Onze volgende vergadering is op donderdag 26 februari. Vanaf nu is de donderdag onze vaste vergaderdag. We vergaderen deze keer op de IJssel. Wil je als toehoorder aanwezig zijn dan kan dat natuurlijk. We stellen het op prijs als je dat vooraf meldt. Heb je een agendapunt dan kun je dat schriftelijk indienen, uiterlijk een week voor de vergadering. Zo kunnen we er rekening mee houden en ons werk goed voorbereiden. Contact verloopt via de secretaris, Natasja van Dijk (nlvdijk@xs4all.nl).

Colette Schelfhorst,
Voorzitter MR’
En dit is de hele brief ‘Aan: MT/bestuurder Stichting VSNON’:
‘Zutphen, 29 januari ’14
Betreft: uw brief d.d. 19 november 2013

Beste Ceciel, Gijs en Lizzy,

Op 30 oktober jl. heeft MR de Zwaan jullie een brief gestuurd met daarin een aantal concrete vragen over het gelopen proces om van 3 naar 2 scholen te gaan en aanverwante zaken die nog onduidelijk zijn. Onze intentie daarin was en is nog steeds: helderheid en antwoorden krijgen, voor onszelf en onze achterban: de ouders van de betreffende scholen.

Op 19 november heeft u, bestuurder, MR de Zwaan een kort antwoord gestuurd. U verwijst daarbij naar een beschrijving van het gelopen proces op de site van de GMR. Wij hebben gelezen dat daar het een en het ander redelijk staat gedocumenteerd; U geeft aan niet in te gaan op de financiële onderbouwing omdat u die reactie wilde laten samenvallen met haar reactie op de tegenbegroting; deze hebben we gelezen.

Tevens verwijst u naar de informatieavond over de bouw, die nog steeds geen concreet stappenplan over medezeggenschap in het bouwtraject bracht en u geeft aan dat er recent opdracht is gegeven via de gemeente voor een onderzoek naar de luchtkwaliteit op de Valckstraat. Tot slot geeft u impliciet aan geen tijd meer te willen besteden aan het uitleggen van zaken maar zich te willen richten op de toekomst.

Voor een deel kunnen we ons vinden in de verwijzingen naar eerdere publicaties. Op vragen waarop u geen antwoord geeft, willen wij toch graag alsnog antwoord hebben. Mede omdat in een aantal van die vragen de onrust zit die nog bij veel ouders, ook bij de initiatiefgroep, leeft. Daarom vragen we nogmaals uw aandacht voor een aantal onderwerpen die wij nav vragen uit onze eerdere brief aan u voorleggen:

3. Wat was de onderbouwing van het voorgenomen besluit dat aan de GMR ter advisering is voorgelegd, welke documenten, welke bronnen zijn gebruikt voor krimpcijfers? 
U antwoordt hierop in de brief d.d. 9 december in het weekbericht, de reactie op de tegenbegroting. MR de Zwaan wilt u hierover (nogmaals) mee geven dat we graag zouden zien dat er beleid gemaakt wordt vanuit de visie en mogelijkheden om op groei in te zetten. Wij zouden zo graag een sprankelende toekomstgerichte visie zien/voelen, waarbij mensen (ouders en leerkrachten) weer meegenomen worden, weer enthousiast kunnen raken en vrijeschoolonderwijs mogelijk is voor elk kind. Zo zou er nu al nagedacht moeten worden welke mogelijkheden er wél zijn voor zij-instromers en voor een kleuterinstroomgroep.

4. Wat is er met het raamplan gebeurd dat opgesteld zou worden n.a.v. de vorige studiedag met MT en (G)MR? 
We denken dat een raamplan over de invulling van de concrete veranderingen rust kan geven aan medewerkers en (toekomstige) ouders. Wij adviseren z.s.m. een raamplan / planning te maken en die ook aan ouders te communiceren zodat iedereen weet waar hij aan toe is. Waarbij onduidelijkheden worden aangegeven als zijnde een onduidelijkheid.

5. Hoe is aan het besluit over herverdeling van leerlingen verder invulling gegeven? De MR had slechts een adviesrol over de criteria die daarbij gebruikt zouden worden.

We zouden graag meer helderheid zien over de verdere invulling van de herverdeling van de leerlingen. We merken weer een toename van onrust bij de ouders, omdat er in augustus 2014 toch 2 i.p.v. de eerder toegezegde 3 eerste klassen starten.

10. De plaats van BSO en Morgenster en daaraan gekoppeld de kindcentra in de plannen voor de 2 nieuwe scholen. Welke visie heeft het MT t.a.v. het koppelen van een of meerdere kindcentra aan de vrijescholen PO. Welke mogelijkheden ziet het MT. Hoe denken de teams hierover? Welk beleid gaat hier uit voort komen? 
Het opzetten van een kindcentrum vereist een visie en daaruit volgend beleid. Wij verwachten dan ook dat dit onderwerp ter advisering aan de GMR en de betreffende MR-en voorgelegd wordt.

11. Onderzoek luchtkwaliteit Valckstraat: welke opdracht is aan de gemeente gegeven, hoe wordt dit onderzoek uitgevoerd en wanneer zijn de resultaten bekend? 
Graag horen we op korte termijn hoe het staat met het onderzoek, en wanneer we daar verdere verduidelijking over kunnen verwachten.

Wij verwachten op deze vragen antwoord. Wij voelen ons als MR niet geheel serieus genomen met de antwoorden die u tot nu toe gegeven heeft. Onze vragen zijn niet bedoeld om een wij-zij situatie te creëren, maar om helderheid en antwoorden te krijgen, die helpend zijn om de toekomst goed te kunnen blijven overzien. Wij zien graag dat er vanuit een door het MT gedragen visie met kracht en enthousiasme aan een mooie toekomst voor vrijeschoolonderwijs in Zutphen wordt gewerkt.

Met vriendelijke groet,
namens MR de Zwaan,
Colette Schelfhorst, vz’
Er blijkt ook een aparte website van MR De Berkel te zijn:
‘Welkom op de website van MR De Berkel

Via deze website houden wij u geïnformeerd over onze activiteiten.

Met vriendelijke groet
MR De Berkel’
Hier zijn ook de notulen van de vergaderingen te vinden. Van de laatste, die van 8 januari, is deze ‘Communicatie met de achterban’ afkomstig:
‘De MR wil graag serieus werk maken van de communicatie met de achterban. Ze wil hiervoor gebruik maken van de website van school, mits die actueel is. De directeur heeft hierop gereageerd per mail en ter vergadering uitgelegd dat hij nu een ouder zoekt om de site actueel te houden. De MR besluit hierop niet te wachten en een eigen site te lanceren waarop alle informatie over MR De Berkel te vinden is (site: actie Rik). Het heeft overigens nog steeds de voorkeur van de MR om een eigen deel binnen de schoolsite te hebben.

In het jaarplan van de MR staat een paragraaf over de communicatie met de achterban.’
Goed, dan naar nieuws van de Begeleidingsdienst van vrijescholen, met dit op zijn website:
‘Een special in verband met de Conferentie “Vraag het de kinderen” op 14 maart a.s. Samen met Vrijeschool Pabo organiseren we deze conferentie. Het is de derde op rij. Ieder jaar in maart willen we een conferentie organiseren die aansluit op de nieuwe ontwikkelingen en voeding geeft aan leraren en leidinggevenden op het gebied van vrijeschoolonderwijs. Schrijft u zich snel in, zodat we u op 14 maart op de locatie van Vrijeschool Pabo in Leiden zullen ontmoeten.’
We vinden daar onder meer:
‘Conferentie “Vraag het de kinderen”: Programma

Vaak weten kinderen heel goed te benoemen hoe zij het liefst geholpen zouden worden, maar is het de leraar die vergeet deze vraag te stellen. Iedereen komt op aarde met een raadsel, een vraag. Je zou het ook intentie kunnen noemen. En de volwassenen helpen hen daarbij. Een simpele vraag kan een wereld van verschil maken. Maar hoe kom je op die vraag? LEES MEER

Conferentie “Vraag het de kinderen”: Lezingen

De dag wordt geopend door Helma Koomen. Zij geeft een lezing over de relatie “Leerkracht-Leerling”. De tweede lezing, in de middag, wordt gegeven door Marcel Seelen. “Het wonder van de vraag” LEES MEER

Het geheim van een goed verhaal

Leerlingen die gemotiveerder zijn en betere teksten schrijven. Wat wil je als leraar nog meer? Je leert meer over jezelf als je een betere schrijver bent Het gaat erom als schrijver en lezer samen te denken en te zoeken. Dat je elkaar bevraagt: wat bedoel je daarmee? LEES MEER
‘Bedankt voor de aanhoudende stroom aanmoedigingen en bijvallen voor ons initiatief. We groeien nog steeds door en zijn blij met alle respons! We hadden ons voorgenomen elke twee weken een nieuwsbrief te sturen, maar iedere week hing er alweer nieuws in de lucht dat het nieuws van die week zelf anders zou belichten. De keuzes en afspraken volgden elkaar in snel tempo op. Er was veel te doen in januari, en er moest een keuze worden gemaakt om de voortgang van ons initiatief door te laten gaan! Vandaar dat we ervoor hebben gekozen om het proces dat we in de wintermaand hebben gestart eerst helemaal af te ronden, zonder jullie allemaal omslachtige tussenstanden mee te delen. Nu is er dan resultaat!

De knoop doorgehakt!

Nadat we in het afgelopen jaar alle mogelijkheden hebben geïnventariseerd hebben we de verschillende mogelijkheden tegen elkaar afgewogen. In alles verlangen wij het sterkst naar goed en zorgvuldig vrijeschoolonderwijs, met de voordelen van een krachtige en dynamische organisatie en de nodige kennis en ervaring die voor dit bijzondere onderwijs nodig is. We hebben daarom definitief gekozen voor de variant waarin we openen als dependance van de vrijeschool Widar in Groningen, ondersteunt door het overkoepelende bestuur VS Athena.

We hebben deze voorkeur voorgelegd VS Athena. De interim-bestuurder dhr. Hans Jansen reageerde onmiddellijk positief en heeft aangegeven leiding te willen geven aan het verdere proces. Ook Widar is verheugd en kijkt uit naar de samenwerking. Voor een dependance van Widar buiten de gemeente Groningen zal een uitzondering in de wet moeten worden gerealiseerd. Een moeilijke maar niet onmogelijke opgave. Chris Cornelisse, die vorm geeft aan de visie van De Nieuwe Basis zal in opdracht van Athena de inhoudelijke kant verder vorm geven. Zij zal daarin gaan samenwerken met Rian Renting die vanuit Athena de organisatorische kant op poten zal gaan zetten. Gezamenlijk zullen we een gedegen financieel en ondernemingsplan schrijven. VS Athena zal onderzoek doen naar alle juridische aspecten van deze bijzondere situatie.

Van start in september 2014?

De vraag die op ieders lippen brandt is natuurlijk: lukt het om dit jaar al te starten? We weten het nog steeds niet zeker! Nu de knoop is doorgehakt gaan we als allereerste onderzoeken of de wetgeving het toelaat op zo’n korte termijn te openen en of wij zelf op deze korte termijn de organisatie voldoende inhoud en fundament kunnen geven. Halverwege maart weten we dan of we toch van start kunnen in 2014 of dat het nodig is de opening uit te stellen naar september 2015. Zodra we uitsluitsel hebben brengen we jullie natuurlijk op de hoogte!

Werkgroepen...

Er bereiken ons voortdurend vragen van ouders/belangstellenden die zich graag in willen zetten voor De Nieuwe Basis. Fantastisch! Nu het duidelijk is dat we met Widar verder gaan hopen we op korte termijn ook concretere invulling te kunnen geven aan ons initiatief. Dat is dan ook het moment dat we werkgroepen willen gaan vormen om dit vorm en inhoud te geven. Middels deze nieuwsbrief en de mail zullen we jullie op de hoogte houden van deze plannen. We zien er naar uit De Nieuwe Basis handen en voeten te geven!

Promotie...

Wilt u ons initiatief bekend maken in uw omgeving? Dan kunt u onze poster downloaden en printen. Hang de poster op in de bibliotheek, supermarkt of verspreid hem via de mail!’
Van vrijeschoolnieuws kun je nooit genoeg krijgen. Daarom ook dit bericht van Nana Göbel op de website van maandblad Erziehungskunst:
‘Licht der Menschlichkeit 
Von Nana Goebel, Februar 2014 
Janpen und Porn Panosot – Waldorfpioniere in Thailand.

1996 eröffnete die erste Waldorfschule in Thailand. Wie kam es dazu? Janpen und Porn Panosot studierten beide an der Chulalongkorn Universität. Für das Studium hatte der in Sukhotai geborene und nicht in privilegierten Verhältnissen aufgewachsene Porn aufgrund seiner exzellenten Schulabschlüsse ein Stipendium bekommen.

Beide waren an der Universität bereits Aktivisten; sie gaben nach dem Militärputsch eine der bekanntesten Untergrundzeitungen heraus. Ende der 1980er Jahre begleitete Ingrid Liebig-Hundius ihren Mann Harald Hundius, einen auf Bergdialekte im Norden von Thailand und Laos spezialisierten Professor für Orientalistik an der Universität Passau, bei einem Forschungsaufenthalt.

Sie führte immer wieder Gespräche zu Bildungsfragen, sowohl in Bangkok als auch in Chiang Mai. Während einer dieser Begegnungen ergab sich ein Gespräch mit Janpen und Porn Panosot. Beide waren schon in dieser Zeit sozial aktiv. Porn arbeitete damals tagsüber an einem staatlichen Hospital als Kinderarzt. Er kümmerte sich um die medizinische Versorgung missbrauchter Mädchen, half beim Aufbau einer Anlaufstelle für missbrauchte Kinder mit und wurde Gründungsmitglied der »Child Protection Foundation«, die später für bis zu hundert Kinder eine Heimat schuf.

Als er mehr über die Waldorfpädagogik erfahren hatte, wuchs in ihm die Überzeugung, dass er lieber vorsorgend die seelischen und physischen Widerstandskräfte der Kinder stärken wolle, anstatt nur Nachsorge zu betreiben. In der Waldorfpädagogik sah er eine solche Möglichkeit. Gleichzeitig – und auf der Suche nach einer geeigneten Schule für seine Kinder – entdeckte er in ihr auch eine Alternative zum staatlichen Schulsystem, das auf reinem Auswendiglernen und scharfem Wettbewerb basiert.

Vom Kinderarzt zum Kindergärtner...

Kurzerhand wurden die Zelte in Bangkok abgebaut. Die Familie zog in die USA, um nördlich von New York an dem damals in Spring Valley bestehenden Waldorflehrerinstitut Sunbridge College zu studieren. Vier Jahre blieb die Familie in den Vereinigten Staaten und zwei weitere Kinder wurden geboren, bevor die Familie 1994 nach Thailand zurückkehrte. Aus dem Kinderarzt wurde ein Kindergärtner, der in seinem Wohnzimmer mit einer ersten Waldorfkindergartengruppe begann.

Janpen hat neben der Arbeit im Kindergarten und der Pflege der hinzugekommenen Zwillinge erste Werke Rudolf Steiners in Thai übersetzt und so künftigen Erzieherinnen und Lehrerinnen zugänglich gemacht. Da hinter der Gründung ein großes Konzept für die Veränderung des Schulwesens in Thailand stand, folgten ab 1996 Einführungsveranstaltungen an der Chulalongkorn Universität und ein Arbeitszusammenhang mit der Fakultät für Kleinkindpädagogik wurde aufgebaut.

...und dann zum Klassenlehrer

Dem Kindergarten folgte 1996 eine Schule und Porn Panosot wurde Klassenlehrer für eine zunächst sehr kleine Kinderschar. Die »Panyotai« Waldorfschule war staatlich nicht anerkannt, denn ein solcher Schultyp war im Bildungsgesetz nicht vorgesehen. Es musste also etwas unternommen werden. Porn Panosot konzipierte 1998 das Netzwerk für Freiheit im Erziehungswesen, das sich aus zwanzig einzelnen Gruppen aufbaute. Mühsame Gespräche mit dem Ministerium wurden geführt – mit Erfolg, wie sich zeigen sollte. Der 1999 verabschiedete »National Education Act« eröffnete dann tatsächlich eine größere Freiheit im Erziehungswesen. Das Netzwerk wurde zum »Alternative Education Council« ausgebaut und Porn Panosot von der nationalen Erziehungskommission die Aufgabe übertragen, eine Studie zur alternativen Erziehung weltweit zu erstellen, sowie ein Konzept für ein Waldorflehrerseminar in Thailand zu entwickeln. Im Jahr 2000 wurde er Mitglied eines Komitees, das Bestimmungen für das alternative Schulwesen entwerfen sollte. Widerspruch zu leben war also möglich, denn einerseits betrieben die Panosots eine illegale Schule, andererseits wurde Porn zum Berater des Bildungsministeriums in Fragen der Schulvielfalt und der Freiheit im Bildungswesen. Ein Artikel von Panosot in der Bangkok Post führte im Jahr 2000 zur Entstehung einer zweiten Waldorfschule mit dem Namen Tridhaksa, die auch heute noch, allerdings unter einem anderen Namen, besteht.

Illegal und trotzdem international

2002 zog die Schule in ein größeres Gebäude, das nun alle Klassen beherbergen konnte, aber immer noch nicht den Vorschriften entsprach. Die weit über Bangkok hinaus bekannte Schule blieb nach wie vor illegal. Wie bekannt die Panyotai Schule war, zeigte sich, als sie als eine von fünf innovativen Schulen ausgewählt wurde, die den internationalen Teilnehmern einer staatlich organisierten Bildungskonferenz vorgestellt wurden. Einige konventionelle Schulen und Kindergärten hatten inzwischen Methoden der Waldorfpädagogik übernommen. Nun musste eine Schule gebaut werden, denn in den Provisorien konnte die Schule nicht weiter existieren. Auch das gelang, denn mittlerweile waren so viele begeisterte Eltern dazugestoßen, dass die entsprechenden Ressourcen aufgebracht werden konnten. Dazu kamen ein Darlehen der Schwester, einer Lehrerin sowie erhebliche Mittel der Freunde der Erziehungskunst und einiger Stiftungen. Der neue Schulbau wurde 2007 eingeweiht. Damals weilten auch die Teilnehmer der »Asian Waldorf Teacher Conference« hier, die aus dem Staunen über das hier Dargebotene kaum mehr heraus kamen.

Chinesische Kaiser statt germanische Götter

Nach acht Jahren wurde Porn Panosot Oberstufenlehrer und unterrichtete manchmal drei Klassen gleichzeitig, Biologie in der einen, Literatur in der anderen und Chemie in der dritten. Janpen Panosot kümmerte sich um die Schulverwaltung, erledigte alle Post, führte Elterngespräche, gab Kurse, erarbeitete weitere Übersetzungen und kümmerte sich um alles, was »liegen blieb«.

Porn entwickelte den Lehrplan für eine Thai-Waldorfschule, suchte nach Märchen­bildern für die unteren Klassen, fand Sagenstoffe in der buddhistischen Tradition, ersetzte Erzählungen von römischen Kaisern durch Darstellungen der großen chinesischen Kaiser, entwickelte ein neues Konzept für den Musikunterricht und passte den Lehrplan den Bedürfnissen der Kinder in Thailand an.

Janpen und Porn Panosot haben viele Gelegenheiten wahrgenommen, im Land über die Waldorfpädagogik zu sprechen und haben daran mitgewirkt, dass heute weitere Waldorfinitiativen in Chiang Mai, Khonkaen und in einigen anderen Städten entstehen.

Janpen Panosot beschrieb den gemeinsamen Impuls des Ehepaars folgendermaßen: »Das Licht von Rudolf Steiners heilenden Hinweisen, das uns in unserer Arbeit mit den Kindern geleitet hat, ist Nahrung für ihr Wachstum und ihre Entwicklung und hilft ihnen, zu kreativen und moralisch verantwortlichen Erdenbürgern zu werden, die in Zukunft zur Menschlichkeit der Welt beitragen werden.«’
Op ‘De grote Rudolf Steiner Citatensite’ van Ridzerd van Dijk vond ik van Roelof Jan Veltkamp deze reactie op 10/02/2014 om 11:15, waarin hij zijn artikel van april 2008 in de ‘Lerarenbrieven’, getiteld ‘De naam van onze schoolsoort’, weergaf:
‘Vanaf 1996 ben ik met de spelling van onze schoolsoort bezig. Vanaf het bekend worden van de laatste spellingswijziging opnieuw, en nu op het hoogste niveau. Dat heeft er onlangs in geresulteerd dat de Commissie van de Taalunie over één afzonderlijk woord heeft vergaderd, wat hoogst zeldzaam is. Helaas zijn mijn inspanningen vergeefs geweest: ook in de komende editie van Van Dale en de Woorden-lijst zal er vrije school staan.

Over de uitslag van die vergadering en de implicaties daarvan heb ik de mening gepeild van een veertigtal min of meer “identiteitsdragende” collega’s, om een gezamenlijke koers te bepalen. Het ontbreken van die gezamenlijkheid ook in de spelwijze heeft n.l. in de discussie die ik jullie ga voorleggen een niet onbelangrijke rol gespeeld.

Het geheel is bedoeld als een oproep die beter dan ooit onderbouwd is, om nu echt van gewoonte te veranderen als je nog niet bij alle gelegenheden vrijeschool schrijft.

Wie nu de officiële spelling van onze schoolsoort opzoekt, komt uit op vrije school, en niet op vrijeschool zoals wij al sinds lang in de Lerarenbrieven schrijven, in artikelen verantwoord hebben en in vele gesprekken met direct betrokkenen hebben besproken.

De schrijfwijze vrije school heeft het grote nadeel dat voor wie de oorspronkelijke betekenis niet kent, de betekenis “vrijblijvend” op de loer ligt, of positiever “vrijzinnig”, etc. Die oorspronkelijke betekenis staat in de Van Dale, voor het eerst met als voorbeeld onze eigen schoolsoort:

“vrij”, betekenis 8:
– niet van de staat uitgaand, synoniem: bijzonder
een vrije universiteit
een vrije school
– in toepassing op antroposofische scholen e.d.
– Belgische school die deel uitmaakt van het gesubsidieerd vrij onderwijs: in het Belgische onderwijssysteem, onderwijs dat niet door staat, provincie of gemeente wordt georganiseerd.
Antoniem: gesubsidieerd officieel onderwijs, gemeenschapsonderwijs.

Van “vrije school” naar “vrijeschool”: zou de Commissie van de Taalunie te bewegen zijn om onze spelwijze over te nemen?

Na wat begingesprekken via de telefoon en een degelijke uiteenzetting van mijn standpunt kreeg ik als antwoord van de ambtenaren die het werk van de Commissie voorbereiden:

Correct is “vrije school”. Het vrijeschoolonderwijs in Nederland blijkt een bepaald type steineronderwijs te zijn. U kunt dus eventueel ook “steinerschool” gebruiken.

Toelichting

Anders dan in “montessorionderwijs” en “daltononderwijs” bestaat “vrije school” of “vrij onderwijs” uit een combinatie van een adjectief en een substantief, net zoals bijvoorbeeld “katholieke school” of “katholiek onderwijs”. Dergelijke combinaties schrijft u normaal gezien in twee woorden. In enkele gevallen groeien combinaties of woordgroepen aaneen. Dat gebeurt enkel wanneer aan de criteria in 6.8 voldaan is:

– er is slechts een hoofdklemtoon: “zwart boek” vs. “zwartboek”
– de woordgroep wordt verbogen in het meervoud: “zwarte boeken” vs. “zwartboeken”
– een woordgroep groeit aaneen door veelvuldig gebruik: “groene kool” vs. “rodekool”
– de oorspronkelijke woordgroep heeft een verzwakte betekenis: “hoge school” (hoog schoolgebouw) vs. “hogeschool” (hoger niet-universitair onderwijs).

De combinaties “vrij onderwijs” en “vrije scholen”, “katholieke school” en “katholiek onderwijs” voldoen niet aan die criteria.

Mijn tegenwerpingen aan de ambtenaren rondom de Commissie, een pleidooi voor vrijeschool

Wat correct zou moeten zijn, wordt m.i. in dit geval bepaald door de taalgebruiker, in het bijzonder door de behoeders van de schoolsoort met de naam “vrijeschool”.

Op dit punt is er een verschil tussen Nederland en België. In België was de term “vrij onderwijs” etc. al bezet op de wijze zoals correct in de Van Dale omschreven. Daarom is in België gekozen voor “steinerschool”.

De vrijeschool in Nederland bestaat al veel langer: in 1923 werd in Den Haag de eerste vrijeschool buiten Duitsland gesticht, met de naam De Vrije School Den Haag. (In Duitsland heten vrijescholen “Freie Waldorfschule”; Waldorf naar de fabriek waarvan de arbeiders aan Rudolf Steiner om “vrij onderwijs” voor hun kinderen vroegen.) “Vrij” betekende in die beginjaren inderdaad “niet van de staat uitgaand”, vgl. de Vrije Universiteit.

Sinds de wederopbouw na de tweede wereldoorlog is er subsidie aangevraagd en is de vrijeschoolbeweging gestaag en in de jaren ’70 stormachtig gegroeid, naar ca. 100 scholen in Nederland nu. De vrijescholen worden tegenwoordig door alle overheden geheel gelijkwaardig behandeld met de andere erkende schoolsoorten, ze nemen bijvoorbeeld examens af op alle niveaus van vwo tot vmbo.

Het begrip “vrijeschool” is wijdverbreid en veelgebruikt. De oorspronkelijke betekenis ervan is inmiddels danig vervaagd, waarmee ruimte is gekomen voor de interpretatie van vrije school als “vrijblijvende” of “vrijzinnige” school: betekenissen die ongewenst en onjuist zijn. Bij de spelling “vrijeschool” treedt dit minder op. Een naamswijziging in “steinerschool” zou het probleem oplossen, maar is gezien de naamsbekendheid van “vrijeschool” niet zo gewenst.

De belangrijkste taalgebruikers, de identiteitsdragers van deze schoolsoort, schrijven het woord aaneen, zoals in de naam van de “koepel” van onze schoolsoort tot uitdrukking wordt gebracht: Vereniging van vrijescholen.

Volgens mij voldoet het begrip “vrijeschool” aan alle criteria van de Taalunie om een samengesteld woord te zijn (bepalingen onder 6.8):

– er is slechts een hoofdklemtoon: men spreekt van “vrijeschóól” en niet van “vrije schóól”.
– “vrijeschool” wordt veelvuldig gebruikt, dus net als “rodekool” aaneengeschreven
– de oorspronkelijke woordgroep heeft een verzwakte betekenis: “vrije school” (“niet van de staat uitgaand”) is veranderd in “vrijeschool”: iets als “traditionele vernieuwingsschool waar met antroposofische achter gronden de ontwikkeling van het kind centraal gesteld wordt”.

Vele telefoongesprekken en mailtjes volgden de afgelopen twee jaar, met een citaat als voorbeeld:

Als ik afga op de schrijfwijzen die op internet te vinden zijn, lijkt er overigens in Nederland geen sprake te zijn van consensus over het al dan niet aaneenschrijven. Op http://www.vrijescholen.nl is op de openingspagina bijvoorbeeld sprake van “een onderwijsbegeleidingsdienst die zich richt op vrije scholen in Nederland”.

Hier blijkt hoe belangrijk het is als we zelf onze naam op een eenduidige manier hanteren. In de telefoongesprekken verzekerde men mij dat het probleem er niet geweest was als iedereen inmiddels vrijeschool was gaan schrijven, volgens het principe “de taalgebruiker bepaalt”.

Eindoordeel

Onlangs is de kwestie in de officiële Commissie behandeld, met als uitkomst:

De Commissie is van oordeel dat de schrijfwijze van vrije school, volgens de gangbare spellingregels (niet veranderd in 1995 of 2005!), een spatie vereist zoals dat in woordgroepen de standaardspelling is. Het accentpatroon van vrije school verschilt overigens niet van dat van vergelijkbare woordgroepen die wel degelijk met spatie geschreven worden, zoals bv. hervormde school, katholieke school, vast voorzetsel. Dat steinerschool zonder spatie geschreven wordt is het directe gevolg van het feit dat het een samenstelling is, met als linkerdeel een zelfstandig naamwoord. Daarin verschilt het van de woordgroep vrije school met het bijvoeglijk naamwoord vrije als voorbepaling.

In niet-officieel taalgebruik staat het iedereen vrij te spellen zoals hij of zij dat wenst. Zo lang u niet namens de overheid optreedt, staat het u dus vrij de letterreeks “vrijeschool” als naam van een onderwijstype te spellen zoals wenst, dus ook zonder spatie.

In de vervolgcorrespondentie op deze beslissing blijkt dat we wél echt vrij zijn om onze naam als handelsmerk te behandelen.

De Taalunie geeft algemene regels voor de schrijfwijze van woorden. Het staat ieder vrij om spelwijzen te gebruiken die op welke manier dan ook gemotiveerd, de voorkeur hebben, in het bijzonder als het namen betreft.

In namen van producten, bedrijven en diensten wordt daar ook veelvuldig gebruik van gemaakt. Denk aan het schrijven van de letter x in namen als Connexxion en Axion, de curieuze hoofdletter halverwege een woord (WordPerfect) en de historiserende spelling, die in de horeca en de makelaardij de indruk van ouderwetse degelijkheid moeten wekken (Waelstaete, Pannenkoekenhuys).

Gezien dit citaat is het niet waarschijnlijk dat de Commissie binnenkort al van standpunt verandert. We moeten geduld hebben, maar wél met één schrijfwijze consequent voor de dag komen.

De spelling vrije school zal dus voorlopig officieel blijven, en door de woordenlijst, de Van Dale-woordenboeken en waarschijnlijk ook door de meeste media, gebruikt worden.

Peiling

Moeten we wellicht naar aanleiding van deze uitslag dan toch een andere koers gaan varen? Om dit te bepalen heb ik een peiling gehouden.

Ik schreef 40 mensen aan wier oordeel ik om uiteenlopende redenen inhoudelijk op hoge prijs stel. Laten we zeggen: samen kunnen ze een representatief antwoord geven op de vraag naar de schrijfwijze van onze schoolsoort. Het betreft hier vertegenwoordigers van de Vereniging van Vrijescholen, de Landelijke Schoolbegeleidingsdienst voor Vrije scholen, Hogeschool Helicon, de Vrije Opvoedkunst, de Stichting voor Rudolf Steiner Pedagogie, de Centrale Administratie voor scholen, de pedagogische sectie, redactieleden van de Lerarenbrieven, neerlandici e.a. uit de vrijeschoolbeweging.

Van de 40 aangeschreven personen hebben er 21 gereageerd. Daarvan plaatsen 15 “vrijeschool” bovenaan. Over de alternatieven heerst verdeeldheid, waarbij “vrije school” een goede tweede is, maar slechts van 2 mensen de eerste voorkeur geniet.

Verreweg de meesten willen de afspraak bestendigen, want het is een soortnaam aan het worden en dwingt op den duur de Taalunie zich aan ons aan te passen. Iemand beargumenteert: “omdat we dit afgesproken hebben, ik schoorvoetend akkoord ging te zijner tijd, maar nu vind dat je met deze naam en schrijfwijze je inderdaad plaatst naast daltonschool, montessorischool, jenaplanschool. Het is dan een soort onderwijs. Helder.”

Er zijn er genoeg die gewoon “vrije school” schrijven (maar inmiddels zonder hoofdletters), maar slechts enkelen plaatsen het bovenaan. Representatief is bijvoorbeeld: “Ik ben het met de commissie van de Taalunie eens en heb me nooit kunnen vinden in de schrijfwijze vrijeschool. Je ziet – ik ben behoudend!” Iemand anders zou het kiezen om principiële en historische/nostalgische redenen, maar beëindigen van de verwarring en internationalisering gaan voor, dus hij pleit voor “waldorfschool”, vanwege het aansluiten bij de internationale schoolbeweging en die naam zou een einde maken aan de verwarring. Om die laatste reden wordt ook het alternatief “steinerschool” door een enkeling bepleit: “dan zijn alle misverstanden de wereld uit. De onbekendheid kan juist een voordeel zijn.”

Schematisch uitgedrukt:

21 personen personen 1e voor-keur 1e t/m 3e voorkeur
(3 pnt 1e, 2 pnt 2e, 1 pnt 3e)
vrijeschool 15 57 % (51 pnt)
vrije school 2 21 % (19 pnt)
waldorfschool 2 9 % (8 pnt)
steinerschool 1 7 % (6 pnt)
overige 1 6 % (4 pnt)

Dit is een overduidelijke uitslag, lijkt mij. Daarom: niet lang gewacht!

We kunnen zelf wat doen

In iedere tekst waar het een soortnaam is moeten we uiteraard vrijeschool gaan schrijven. We moeten onze eigennamen en logo’s zo snel mogelijk gaan veranderen, zodat het woordbeeld vrije school en zelfs Vrije School verdwijnt!

De landelijk werkende instellingen hebben met elkaar besloten deze spelling uit te voeren. Ik heb hen gevraagd dat uit te dragen, in navolging van de Hogeschool Helicon, de Vereniging van vrijescholen en de Antroposofische Vereniging in Nederland die voorlopers waren.

Bij deze stel ik dezelfde vraag aan de afzonderlijke leraren en hun scholen!

Een naamsverandering doorvoeren gaat altijd zeer langzaam, ook al wordt het nog zo stringent doorgevoerd (denk maar aan “TNT”).

Toch zullen we er aan moeten werken, want de ongewenste connotaties bij vrije school zullen alleen maar in kracht toenemen, naarmate de oorspronkelijke betekenis zoals hij nu in Van Dale staat steeds onbekender en minder realistisch wordt. En uit oogpunt van PR is onze naam met de gewenste associaties en connotaties daarbij bijzonder belangrijk: “Nomen est omen”.

P.S. Samenstellingen zoals “vrijeschool-leerplan”, “vrijeschool-ouder”

Voor de volledigheid ook nog even over samenstellingen op basis van vrijeschool. Het standpunt van de Taalunie geeft ons daarin voldoende vrijheid om onze eerder gemaakte keuze te volgen. In het hanteren daarvan staat hier een eenheidsbevorderend voorstel. Daar bepleit ik wél een kleine koersverandering bij onze afspraken tot nu toe.

De Taalunie eist het aaneenschrijven, zoals wij dat al vanaf 1997 in dit blad doen:

Samenstellingen met dergelijke woordcombinaties schrijft u aaneen, volgens de regels van de Woordenlijst.

Toelichting

Andere vergelijkbare samenstellingen zijn: “langeafstandloper” (woordgroep “lange afstand”), “nepopenhaard” (woordgroep “open haard”). In zulke samenstellingen moet u alles aan elkaar schrijven omdat u anders een andere betekenis kunt hebben: een “vrijeschoolouder” is een ouder van een kind uit een vrije school, en een “vrije schoolouder” is een ouder waarvan het kind naar een school gaat en die ouder is vrij, die ouder zit niet in de gevangenis.

U kunt steeds een streepje plaatsen om de leesbaarheid of de woordstructuur van de samenstelling te verduidelijken:

“vrijeschool-leerplan” en “vrijeschool-ouder”.

Het mág “vrijeschool-leraar” en “vrijeschool-beweging” worden. Dat is dan ook het voorstel: omdat het duidelijker en mooier is, maar vooral omdat het woordbeeld “vrijeschool” dan weer beter in slijpt: altijd een streepje na onze schoolsoortnaam.

De nieuwe interne “regel” is makkelijk uit te leggen: vrijeschool altijd aan elkaar en bij samenstellingen ook alles aan elkaar en een streepje na de soortnaam vrijeschool.

Deze duidelijke koers zouden we op basis van het besluit van de landelijke instellingen zo gezamenlijk mogelijk moeten gaan varen:

– leraren
– besturen
– ouders
– leerlingen
– hopelijk ook een heleboel grafisch ontwerpers die nieuwe logo’s mogen ontwerpen
– drukkers die de nieuwe huisstijl helpen uitvoeren
– notarissen waar de eigennamen veranderd zullen moeten worden

Denk ook aan alle andere taalgebruikers om de scholen heen die vrijeschool normaal moeten gaan vinden, zoals de oud-leerlingen, oud-ouders, zakenrelaties, etc., opdat de media, Van Dale en de Taalunie uiteindelijk óók om gaan.

Roelof Jan Veltkamp
De Vrije School Den Haag’
Nu heb ik nog één ander ding te melden. Twee eigenlijk. Maar het gaat over dezelfde Stichting Grondbeheer:
‘Stichting Grondbeheer is een onafhankelijke stichting, die met schenkgelden landbouwgrond aankoopt en verpacht aan biodynamische boeren en tuinders. We hanteren eerlijke pachtprijzen, die gebaseerd zijn op het duurzaam producerend vermogen van de grond. Op die manier hoeven onze pachters geen “roofbouw” te plegen en kunnen ze de vitaliteit van de bodems juist opbouwen.

Met het vrijmaken van biodynamische landbouwgrond biedt Grondbeheer een eigentijdse oplossing voor duurzaam landbeheer en bedrijfsopvolging. Deze werkwijze heeft diverse voordelen. Nieuwe, vaak jonge, boeren hebben geen groot startkapitaal nodig. Ze huren als het ware hun bedrijf voor de periode dat ze er werkzaam zijn. Als ze aan het eind van hun loopbaan met pensioen gaan, zoekt Grondbeheer samen met hen naar een geschikte opvolger. Vruchtbare landbouwgrond gaat op deze manier zonder tussenkomst van de fiscus van generatie op generatie.

Dankzij alle donaties, schenkingen en pachtinkomsten heeft Grondbeheer inmiddels 188 hectare biodynamische landbouwgrond vrijgemaakt. Wij zijn trots op onze 13 pachters die deze hectares vitaal en vruchtbaar houden. Zij steken dagelijks hun handen uit de mouwen om gezond voedsel te produceren in harmonie met hun omgeving.

Meer info: www.bdgrondbeheer.nl
Op 11 februari plaatste het dit leuke, korte, anderhalve minuut durende filmpje:


Op 31 januari liet ‘Stichting Grondbeheer’ op Facebook weten:
‘Heb je al gehoord over De Nieuwe Rentmeester? Dat is het piepjonge zusje van Stichting Grondbeheer die landbouwgrond beschikbaar maakt voor bio en Demeter boeren en tuinders. Met leengeld (in plaats van schenkgeld). Dagblad Trouw schrijft er vandaag over. Onder de titel SUPERCOMBI: SUIKEROOM EN BIOBOER. Heb je het artikel toevallig al gelezen? We horen graag hier je mening!

Het artikel staat ook op onze website: www.bdgrondbeheer.nl/artikel-dagblad-trouw
En zo is het voor vandaag wel weer even genoeg, dunkt mij.
.

maandag 10 februari 2014

Ongerust


Het Louis Bolk Instituut bracht vrijdag 7 februari dit persbericht naar buiten, ‘Patiënten van complementair werkende huisartsen goedkoper’:
‘Resultaten onderzoek vragen om vervolgonderzoek naar kostenreductie in de zorg

De zorgkosten van patiënten met een regulier werkende huisarts liggen substantieel hoger dan die van patiënten met een huisarts die aanvullend complementair werkt. Dat blijkt uit gezondheidseconomisch onderzoek van de Tilburgse hoogleraar Peter Kooreman en Erik Baars, Leids lector en onderzoeker bij het Louis Bolk Instituut. Vrijdag 7 februari publiceert het economische vakblad ESB hun artikel hierover.

Anderhalf miljoen verzekerden

Kooreman en Baars analyseerden de zorgkosten van 1,5 miljoen verzekerden van zorgverzekeraar Agis en hielden hierbij rekening met vergelijkbare sociaal-economische omstandigheden en verzekeringsvormen. Complementair werkende huisartsen passen in hun praktijk naast reguliere geneeswijzen aanvullend complementaire behandelwijzen toe, zoals antroposofische geneeskunde, homeopathie en acupunctuur. Uit het onderzoek blijkt dat patiënten van deze laatste groep huisartsen minder kosten maken voor medicijngebruik en ziekenhuiszorg. Vooral in het laatste levensjaar – dat bekend staat als het jaar waarin de meeste zorgkosten gemaakt worden – zijn de kosten opvallend lager, zo constateren Kooreman en Baars.

Meer onderzoek nodig

De auteurs zien in dit onderzoek aanleiding om nader onderzoek te doen naar de mogelijkheden om met complementaire geneeswijzen te sturen op kosteneffectiviteit in de zorg. Kostenreductie wordt namelijk breed gezien als dé grote uitdaging om de zorg in Nederland betaalbaar te houden. Zij moedigen de Nederlandse overheid aan dit soort onderzoek te stimuleren en wijzen op bijvoorbeeld de Verenigde Staten, waar de overheid dergelijk onderzoek duidelijk faciliteert.

Kooreman en Baars deden eerder vergelijkbaar onderzoek bij een veel kleinere onderzoeksgroep. De toenmalige resultaten – dat patiënten van complementair werkende huisartsen goedkoper zijn – blijken dus ook te gelden bij een fors grotere populatie. Download het artikel, “Patients whose GP knows complementary medicine tend to have lower costs and live longer”, gepubliceerd in European Journal of Health Economics.

Over de onderzoekers

Peter Kooreman is hoogleraar gezondheidseconomie aan de Universiteit van Tilburg. Erik Baars is lector Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden en senior onderzoeker Gezondheidszorg bij het Louis Bolk Instituut. Het artikel “Complementair werkende huisartsen en de kosten van de zorg” is op 7 februari 2014 gepubliceerd en te lezen op de site van ESB, Economisch Statistische Berichten. De Universiteit van Tilburg heeft eveneens een persbericht verspreid.’
Dit persbericht is trouwens ook te vinden op de website van Hogeschool Leiden. Het persbericht van de Universiteit van Tilburg is uitgebreider, zo blijkt uit ‘Minder zorgkosten in laatste levensjaar bij patiënten met complementair werkende huisarts’:
‘De zorgkosten gedekt door de basisverzekering van patiënten met een huisarts die zich heeft geschoold in complementaire geneeswijzen zijn gemiddeld 225 euro (12,4%) per jaar lager dan die van sociaal-economisch vergelijkbare patiënten met een reguliere huisarts. In het laatste levensjaar is het verschil zelfs 1161 euro. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Tilburgse hoogleraar Gezondheidseconomie Peter Kooreman en de Leidse lector Erik Baars.

Een klein aantal Nederlandse huisartsen heeft zich, naast het voltooien van de reguliere huisartsenopleiding, aanvullend geschoold in complementaire behandelwijzen. De meest voorkomende aanvullende opleidingen zijn acupunctuur, antroposofische geneeskunde en homeopathie. De onderzoekers vergeleken de zorgkosten van patiënten van complementair werkende huisartsen met die van reguliere huisartsen. Ze keken hierbij alleen naar kosten die door de zorgverzekeraar worden vergoed, met een onderscheid tussen de verplichte basisverzekering en de vrijwillige aanvullende verzekering.

Kooreman en Baars laten ook zien dat de zorgkosten voor patiënten met een complementair werkende huisarts gedekt door aanvullende verzekeringen gemiddeld 33 euro hoger zijn dan de kosten van patiënten met een reguliere huisarts. De totale kosten (basisverzekering plus aanvullende verzekering) zijn 192 euro (10,1%) lager. Volgens de onderzoekers is het kostenverschil vooral te verklaren door lagere kosten voor ziekenhuis- en farmaceutische zorg. Bij patiënten in hun laatste levensjaar blijkt de kostenbesparing volledig veroorzaakt door lagere ziekenhuiskosten. Dit gaat niet gepaard met hogere kosten gedekt door aanvullende verzekeringen.

Mogelijke oorzaken

De onderzoekers noemen diverse mogelijke verklaringen voor de kostenverschillen. Eén daarvan is dat verzekerden die zo weinig mogelijk medische ingrepen willen of bewust een gezonde leefstijl nastreven eerder een complementair werkende huisarts kiezen. Een andere mogelijke verklaring is een kwalitatief betere praktijk van complementair werkende huisartsen, met minder overbehandeling.

Nederlands zorgbeleid

“In tegenstelling tot landen als Duitsland, Zwitserland en de Verenigde Staten staat de Nederlandse overheid overwegend afhoudend tegenover complementaire geneeswijzen. De vraag is of het Nederlandse beleid verstandig is. Ons onderzoek laat zien dat complementaire geneeswijzen, toegepast onder supervisie van artsen die eerst een reguliere opleiding hebben voltooid, mogelijk leiden tot forse lagere kosten van collectief gefinancierde zorg. De Nederlandse overheid zou onderzoek naar financiële en gezondheidseffecten van complementaire behandelwijzen moeten faciliteren, niet afremmen”, aldus Kooreman en Baars.

Agis Health Database

Het onderzoek is gebaseerd op geanonimiseerde gegevens uit de Agis Health Database, waarin gegevens voor verzekerden van Agis zijn vastgelegd. In het databestand komen 9323 huisartsen en huisartsenpraktijken voor, waarvan 109 als complementair werkend konden worden geïdentificeerd. Het merendeel van hen is antroposofisch huisarts. Het bestand bevat zorgverzekeringsgegevens van ruim 1,5 miljoen verzekerden in de jaren 2006-2011.

Peter Kooreman en Erik Baars deden al eerder onderzoek naar de zorgkosten bij complementaire huisartsen. Uit het vorige onderzoek, in 2012 gepubliceerd in de European Journal of Health Economics, bleek dat het verschil in kosten van een patiënt met een complementair werkende huisarts en een vergelijkbare patiënt met reguliere huisarts (zonder onderscheid tussen de basis- en aanvullende verzekering) varieerde tussen 0 en 30 procent. “In een toenmalig persbericht werd dit grofweg samengevat met ‘ongeveer 15 procent’. Dat was een te weinig genuanceerde weergave van de toenmalige resultaten. In dit nieuwe onderzoek, dat tienmaal zoveel verzekerden omvat, ligt dit percentage op 10,1%”, aldus Kooreman.’
Dat onderzoek meldde ik op dinsdag 8 juni 2010 in ‘Resultaat’. Het Louis Bolk Instituut meldde een dag eerder, op 6 februari, ‘Interview Huber in Medisch Contact’:
‘Arts-onderzoeker Huber uitgebreid geïnterviewd door artsenvakblad over haar nieuwe concept gezondheid.

Op 6 februari 2014 is een interview met Machteld Huber in Medisch Contact gepubliceerd, met als titel: “Het vermogen om zelf regie te voeren”.

Sinds 2011 werkt Huber aan een nieuw concept gezondheid, dat inmiddels getoetst is bij diverse zorgprofessionals en patiënten. Lees verder over dit project. Voor dit werk heeft Huber in 2012 de ZonMw-parel ontvangen. Lees het toenmalige persbericht.’
Ik had het hierover eerder onder andere op woensdag 31 augustus 2011 in ‘Augustusoogst’ en op donderdag 21 november 2013 in ‘Weren of accepteren’. Op de website van ‘Medisch Contact’ is onder de datum van 30 januari ook ‘Uitgedokterd’ te vinden, een tekst van Cisca Koning waarin dit onderzoek van Machteld Huber ter sprake komt:
‘Vrijdag 13 december 2013 staat in mijn geheugen gebeiteld. Was het dan een ongeluksdag? Integendeel! De Adviescommissie Innovatie Zorgberoepen & Opleidingen organiseerde op die dag het Zorgberoependebat, de start van een traject naar een nieuw ontwerp voor alle opleidingen in de zorg gericht op een passend zorgaanbod in 2030.

De kers op de taart was voor mij de presentatie van het eindrapport van de Nationale Denktank met de aansprekende titel: “Uitgedokterd”. 25 jonge academici bogen zich over de vraag hoe zorgkosten in de toekomst draagbaar kunnen blijven en kwamen met oplossingen.

Het grote wonder vond ik dat juist deze niet op voorhand in de gezondheidszorg gepokte en gemazelde frisse denkers tot de conclusie kwamen dat er meer aandacht moet komen voor gezond gedrag in plaats van behandeling van ziekte, dat participatie zoveel mogelijk moet worden gestimuleerd, dat de eigen regie over gezondheid en de zorg groter wordt en dat de financiering gebaseerd moet worden op toegevoegde gezondheid in plaats van op het aantal verrichtingen.

Nu u onze sociaalgeneeskundige normen, waarden en competenties een beetje kent, zult u begrijpen dat ik hiervan heel vrolijk werd: als de toekomstige zorgberoepen op deze leest worden geschoeid, past dat perspectief onze beroepsgroepen als een tweede huid.

Uitgangspunt voor de analyses van de Nationale Denktank vormde het nieuwe concept voor gezondheid, zoals gedefinieerd door Machteld Huber: “Health as the ability to adapt and to self manage”. Op de bijeenkomst van 13 december bleek niet alleen bij de Nationale Denktank, maar bij álle aanwezigen vanuit de volle breedte van het zorgveld opvallende eensgezindheid voor dit nieuwe uitgangspunt voor de te ontwikkelen plannen voor toekomstige zorg.

Het nieuwe concept gezondheid richt zich niet uitsluitend – zoals de WHO-definitie – op de afwezigheid van ziekte. Huber noemt gezondheid een dynamisch fenomeen: “aandacht voor gezondheid moet worden gezien als een onlosmakelijk onderdeel van de levenskunst en niet als iets dat pas nodig is als zich ziekten aandienen. Natuurlijk moet ziekte, waar mogelijk, worden behandeld, maar daarnaast moet er ook aandacht zijn voor het versterken van veerkracht, zelfregie en basisgezondheidsvaardigheden.”

Voor sociaalgeneeskundige beroepsgroepen is deze herdefiniëring welhaast vanzelfsprekend. Het streven burgers – met collectieve acties – optimaal toe te rusten voor een gezonde interactie tussen mens en maatschappij (waarvan arbeid een essentieel deel uitmaakt) vormt immers het wezen van ons vak.

Algemene aanvaarding van het nieuwe concept gezondheid stemt me hoopvol. Verandering van het denken over volksgezondheid opent immers nu al de weg om gezamenlijk oplossingen te zoeken die over de traditionele, veelal door financiering beperkte, grenzen heen gaan. De nationale denktank bedacht er een tiental, die een bron van inspiratie zijn: ze zijn stuk voor stuk waard in de praktijk onderzocht te worden! Wij, sociaalgeneeskundigen in de publieke zorg, bieden ons graag aan om regionaal en landelijk onze sector overstijgende en verbindende bijdrage te leveren. We zijn nog lang niet uitgedokterd.

Cisca Koning, voorzitter KAMG’
Ik heb even opgezocht wat dat is, KAMG:
‘De Koepel artsen Maatschappij en Gezondheid (KAMG) verenigt de wetenschappelijke en beroepsverenigingen binnen de Maatschappij en Gezondheid, een onderdeel van de Public Health.

Artsen Maatschappij en Gezondheid werken bij GGD’en, ministeries, de thuiszorg, ziekenhuizen, de GGZ, het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), inspecties van de Volksgezondheid, universiteiten, zorgverzekeraars, meldpunt Kindermishandeling etc. Zij hebben zowel uitvoerende taken als verantwoordelijkheden voor management, staf, beleid en onderzoek. Zij verrichten hun werk vaak in multidisciplinair teamverband.

De KAMG heeft zich sinds de oprichting in 2OO1 ontwikkeld tot een professionele koepelorganisatie.

Het uitgangspunt is dat de Koepel die taken op pakt waar meerwaarde door samenwerking te verwachten is en dat de aangesloten verenigingen blijven doen waar zij sterk in zijn.

De volgende Wetenschappelijke en beroepsverenigingen van artsen zijn aangesloten bij de KAMG. De verenigingen vertegenwoordigen veelal een beroepsgroep uit de brede stroom van Artsen maatschappij en Gezondheid.

AJN – Artsen Jeugdgezondheidszorg Nederland
FMG – Forensisch Medisch Genootschap
NVAG – Nederlandse Vereniging Artsen Beleid Management en Onderzoek
NVDG – Nederlandse Vereniging voor Donor Geneeskunde
NVMM – Nederlandse Vereniging voor Medische Milieukunde
VAGZ – Vereniging Aviserende Artsen bij Zorgverzekeraars
VIA – Verenging voor Indicerende en adviserende Artsen
VIZ – Sectie Infectieziektebestrijding van de Vereniging van Infectieziekten
VvAwt – Vereniging van Artsen werkzaam in de Tuberculosebestrijding

Ga naar de website van Koepel Artsen Maatschappij en Gezondheid (KAMG)
Op 4 februari zette Antroposana een fout in Trouw recht, met ‘Rectificatie bericht Trouw d.d. 3 februari 2014’:
‘In een artikel van dagblad Trouw van 3 februari 2014 over “Bijwerkingen van kruidenpreparaten” is onjuiste informatie verstrekt.

In een artikel van dagblad Trouw van 3 februari 2014 over “Bijwerkingen van kruidenpreparaten” (door het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb) staat dat een patiënt na gebruik van een antroposofisch geneesmiddel, waarin 6,2% lood bleek te zitten, ernstige gezondheidsklachten kreeg. Verificatie van deze informatie leerde echter dat het geneesmiddel “Mahayograi guggulu”-tabletten betreft, een ayurvedisch middel, dat wordt geproduceerd in India. Het blijkt dus helemaal niet te gaan om een antroposofisch geneesmiddel.

Het is bijzonder onzorgvuldig van Lareb om deze vergissing te maken en bovendien te laten publiceren in een toonaangevend tijdschrift. Ook Trouw is zo op het verkeerde been gezet. Deze onjuiste informatie stelt de antroposofische geneeskunde in een verkeerd daglicht en maakt patiënten onnodig ongerust.

A. Reigersman, bestuurslid Antroposana’
Een dag eerder meldde deze landelijke patiëntenvereniging een ‘Nieuw bestuurslid Antroposana’:
‘Wieneke Groot is in november 2013 benoemd als bestuurslid van Antroposana. In de Ledenraadsvergadering van november 2013 werd Wieneke Groot als bestuurder voorgedragen en met algemene stemmen gekozen.

Twee aspirantbestuursleden

Het bestuur is verheugd te kunnen melden dat er nog twee kandidaat-bestuursleden zijn; in de bestuursvergadering van 13 januari 2014 zaten er zes mensen aan tafel. In Stroom van april 2014 zullen zij zich voorstellen. Als zij het Antroposanabestuur blijvend willen versterken zullen zij in de LRV van juni 2014 worden voorgedragen.’
De vorige keer, op woensdag 5 februari in ‘Fout’, had ik twee artikelen van ‘De Gelderlander’ over ‘Eusebiuskerk wordt collegezaal voor universiteit’ op 31 januari en ‘Arnhem blij met komst universiteit in Eusebius’ op 3 februari. Omroep Gelderland bleek al op vrijdag 31 januari geschreven te hebben dat ‘Eusebiuskerk Arnhem wordt collegezaal’:
‘De Bernhard Lievegoed University gaat colleges geven in de Arnhemse Eusebiuskerk. Zo’n twee keer per maand zou de kerk het toneel worden van colleges in kunst, creatief ondernemerschap en economie.

De Bernhard Lievegoed University is nu nog gevestigd in Driebergen Zeist, maar wil zich op termijn graag in Arnhem vestigen. Ze willen daarvoor op het plein voor de kerk een nieuw gebouw neerzetten. Zover is het nog lang niet volgens Hans Winters van Stichting Eusebius, maar het is wel een wens voor de toekomst. “We zouden graag van Arnhem een universiteitsstad willen maken, maar er gaat nog veel water door de Rijn voordat het zover is.”

Dinsdag tekenen de stichting en de Bernhard Lievegoed University wel al een overeenkomst voor het gebruik van het kerkgebouw. Voor het geven van de colleges zijn geen aanpassingen in de kerk nodig en ook geen vergunningen vanuit de gemeente. “Er komen groepen van zo’n 200 studenten; die kunnen hier prima terecht.”’
Er blijkt ook een video van bijna vijf minuten op ‘Kanaal 13’ te zijn, van 4 februari, getiteld ‘College in de kerk’:
‘De Bernard Lievegoed University uit Driebergen gaat zich vestigen in Arnhem. De Arnhemse Eusebiuskerk wordt de collegezaal van deze nieuwe particuliere hogeschool. Ook zijn er plannen voor nieuwbouw op het Kerkplein. Dat heeft de onderwijsinstelling bij bezoek aan Arnhem bekendgemaakt.’


Op 7 februari kwam ook de Vereniging van vrijescholen met een persbericht naar buiten, ‘Behoud kleinescholentoeslag, vrijescholen werken samen’:
‘De kleine scholentoeslag, een toelage voor scholen met minder dan 145 leerlingen, blijft behouden. Wel krijgen schoolbesturen, als voorwaarde voor de kleinescholentoeslag, de “niet vrijblijvende verplichting” om aan te geven hoe zij samenwerken. Dat zei Sander Dekker, staatssecretaris van Onderwijs, afgelopen woensdag in het Tweede Kamer debat.

Vrijescholen werken nu al veel samen

Vrijescholen werken al veel samen en maken vaak onderdeel uit van een regionaal, overkoepelend bestuur. Daar is lokaal hard aan gewerkt de laatste jaren. Dat geldt zeker ook voor kleinere vrijescholen in krimpgebieden. Het behoud van de kleinescholentoeslag betekent voor deze scholen bestaanszekerheid en dat is goed nieuws.

De voorzitter van de Vereniging van vrijescholen benadrukt in haar reactie dat het van belang is dat bestaande samenwerkingsverbanden en regionale besturen op dezelfde wijze kunnen doorgaan. “Het is belangrijk dat overal diversiteit mogelijk is, ook buiten stedelijke gebieden en in krimpregio’s”, zegt voorzitter Rian van Dam.’
Vrijdag 24 januari meldde ik in ‘Appelsap’ dat het in Krimpen aan den IJssel zover is dat ‘Rudolf Steinerschool start tweede kleutergroep’. Op 6 februari berichtte ‘dichtbijredacteur’ Martijn Kuiler ‘Tweede kleutergroep Rudolf Steinerschool van start’:
‘Onderwijswethouder Lex Hofstra heeft woensdag op de Rudolf Steinerschool in Krimpen aan den IJssel de tweede kleutergroep feestelijk geopend. Naast de peuters en kleuters verbonden aan de school, waren er ook veel ouders met kinderen in de peuterleeftijd uit de omgeving aanwezig bij de opening.

In zijn toespraak benoemde Hofstra de groeiende behoefte van ouders om onderwijs te kiezen, wat naast de cognitieve vaardigheden ook aandacht heeft voor de sociaal-emotionele en motorische ontwikkeling van een kind.

Na het doorknippen van het lint, konden de kinderen in de zaal genieten van een poppenspel. In het kader van de groei van de school, kregen de kleintjes een potje met bloembolletjes als presentje mee naar huis.’
En op maandag 20 januari meldde ik in ‘Pijn’ dat het Weekbericht van vrijeschool De Zwaan op 16 januari met ‘Algemene informatie’ kwam over de ‘Verwachte verhuizing in de zomer van 2014’. Dat is nu aangevuld met deze ‘Algemene informatie’ van 6 februari over ‘Stand van zaken “Herinrichting PO-scholen”’:
‘Velen van jullie hebben er al naar gevraagd; Hoe staat het met de voorgenomen verhuizing?

Graag nemen wij jullie mee in het afgelegde proces tot nu. In november 2013 is het ruimtelijk programma van eisen (Ruimtelijk PvE) aan de gemeente Zutphen aangeboden. Nadat de gemeente instemt met dit PvE, kunnen wij echt starten met het bouwtraject. Deze week vindt hierover weer een gesprek plaats met de betrokken gemeenteambtenaar. Wij hopen op een spoedig groen licht, zodat wij verdere stappen mogen en kunnen gaan zetten. Na goedkeuring is het te door lopen proces inzichtelijk en kunnen wij een eerste planning afgeven op basis van de definitieve afspraken met de gemeente. Zodra wij meer weten zullen wij u dit uiteraard laten weten.

De leden van het Kernteam Bouw staan in de startblokken om te beginnen en u te informeren over de plannen. De bedoeling is dat er op structurele basis een Nieuwsbrief over alle bouwactiviteiten uitgebracht wordt. Hierin kunt u straks kennismaken met onder andere de projectleider, de architect en de aannemer. Ook komt de planning aan de orde en informeren wij u over andere belangrijke bouwgerelateerde aspecten.

Verder kunnen wij u vertellen dat de gemeente opdracht heeft gegeven voor het onderzoek naar de lucht-kwaliteit aan de Valckstraat. Het onderzoek is inmiddels gestart. Medio mei verwachten wij de onderzoeks-resultaten en een samenvatting van die resultaten zullen wij met u delen.

Antonette van Beem
Bestuursadviseur Communicatie’
De Iona Stichting heeft op haar website dit bericht geplaatst, ‘Erebestuurslid mevrouw Van Beuningen overleden’:
‘Woensdag 29 januari jl. is ons erebestuurslid mevrouw Jops van Beuningen op 100-jarige leeftijd overleden. In 1968 trad zij toe tot het bestuur van de Iona Stichting, waarna zij 25 jaar later, in 1993, terugtrad en als erebestuurslid betrokken bleef bij de ontwikkeling van de stichting. Mevrouw van Beuningen heeft buitengewoon veel voor de stichting betekend en haar invloed op ons werk is zeer groot geweest. Haar respectabele leeftijd heeft haar nimmer belet om actief mee te denken en kundig te adviseren. Via gesprekken en brieven bleef zij tot het laatste moment op de hoogte van de gang van zaken.

Erebestuurslid Michiel ter Horst haalde mevrouw Van Beuningen aan tijdens zijn afscheidstoespraak als voorzitter op onze vorige jaarvergadering: “zij heeft ons geleerd wat het is om werkelijk op niveau te vergaderen: wat dat betekent – en wat het vereist”. Haar laatste twee overwegingen voor een jaarthema waren Gebruik de tijd en vrees niet (2012) en Het noodzakelijke in plaats van het toevallige (2013).

Met haar heengaan nemen wij afscheid van iemand die met hart en ziel met ons verbonden is.’
Over de relatie tussen de familie Van Beuningen en Warmonderhof heb ik een paar keer geschreven: op woensdag 20 januari 2010 in ‘Thedinghsweert’ en op zondag 28 maart 2010 in ‘Flowforms’. Vrijdag 16 maart 2012 kwamen in ‘Vrijplaatsen’ de ‘Voornemens voor 2012’ van de Iona Stichting ter sprake:
‘Iona motief voor 2012. Ons erebestuurslid Mevrouw M.J. van Beuningen (98) schreef als motto: “Gebruik de tijd en vrees niet”. Met andere woorden: benut de kansen van de tijd, de eenmaligheid.’
En nog een overlijden is er te melden, namelijk van Holger Lampson van de ‘Alfred Schnittke Akademie International’:
‘Holger Lampson ist am 31.1.2014 über die Schwelle des Todes gegangen. Mit ihm verliert die Akademie ihren Gründer, Leiter und Ideengeber. Wir, Dozenten, Mitarbeiter und Studenten verlieren einen Menschen, den wir geliebt und verehrt haben. Wir werden sein Erbe bewahren und versuchen, die Akademie in seinem Sinne weiter zu führen.’
Holger Lampson werd 61 jaar.
‘Die Alfred Schnittke Akademie International ist eine in Hamburg-Altona ansässige Musikakademie. Seit 2009 gilt die von der Kulturbehörde anerkannte Ausbildungsstätte als eine der ersten Adressen für Aus- und Weiterbildung in diversen Fachrichtungen der klassischen und zeitgenössischen Musik.

Neben den Studiengängen in Gesang und Instrumentalspiel mit pädagogischer oder künstlerischer Ausrichtung organisiert die Alfred Schnittke Akademie International regelmäßig Meisterkurse mit international renommierten Künstlern, initiiert künstlerische Projekte und veranstaltet Konzerte.

Sie kooperiert mit den Hamburger Festivals altonale, blurred edges, dem Interkulturellen Festival eigenarten und ab Sommer 2013 mit dem Schleswig Holstein Musikfestival.

Auf die Studenten zugeschnittener Einzelunterricht, kleine Studiengruppen und ein hohes Maß an studentischer Selbstorganisation ermöglichen eine persönliche und intensive Ausbildung, die die Studierenden optimal auf die fachlichen und konzeptionellen beruflichen Aufgaben und Herausforderungen vorbereitet.

Werk und Mission Alfred Schnittkes stehen für ein Studium mit Schwerpunkt Zeitgenössischer Musik, moderner Pädagogik und stringenten Anforderungen

Klicken Sie auf das Bild um das Video in voller länge anzusehen.

Website: www.schnittke-akademie.de
Adresse: Max-Brauer-Allee 24, 22765 Hamburg’

woensdag 5 februari 2014

Fout


‘Er is een kritieke fout opgetreden. The device is not ready.’
Dat zie je als je op de website van Warmonderhof gaat kijken. Gelukkig alleen op de homepage. Maar lastig blijft het. Daarom is er nu ook dit:
‘Welkom op de tijdelijke website van Warmonderhof. Omdat de provider van www.warmonderhof.nl een langdurige storing heeft, hebben we de belangrijkste informatie op deze website geplaatst.

Eerstvolgende informatiedag donderdag 20 maart 10.00 uur (graag vooraf aanmelden via Warmonderhof@groenhorst.nl)

Warmonderhof, onderdeel van Groenhorst, biedt sinds 1947 opleidingen voor biologisch dynamische land- en tuinbouw aan jongeren en volwassenen. Voor de mensen in de studentenleeftijd is er de voltijds opleiding (BOL). Voor deze groep hebben we huisvesting op eigen erf. Voor volwassenen is er een deeltijd opleiding (BBL).

Voor informatie kunt u ons op de volgende manieren bereiken:
Algemeen: Willeke de Lange (administratie), warmonderhof @ groenhorst.nl of 088 0205130
Bezoekadres: Wisentweg 10, 8251PC Dronten
Postadres: Postbus 369 8250AJ Dronten
Informatie BBL, Bart Willems: b.willems@groenhorst.nl of 06 53129756
Informatie Stichting Warmonderhof: Leon Veltman via 06 20625411
Informatie over de zaal en catering: Nelleke Gordijn of Maarten Roelofs, 0321 337090, warmonderhof@solcon.nl (adres: Wisentweg 12)’
Iets anders heel kritieks werd afgelopen vrijdag 31 januari bekend. De NOS meldde ’s middags ‘Eigenaar opvang weg na agressie’:
‘De eigenaar van een kinderopvangcentrum in Venray mag niet meer op het centrum komen. De gemeente grijpt in, omdat de vrouw agressief met de kinderen omging. Twee ouders meldden zich bij de politie met vermoedens van mishandeling. Daarop liet de gemeente het antroposofische kindercentrum Nissehof, waar zo’n 50 kinderen tussen de 0 en 13 jaar op zitten, inspecteren.

Bang

De vrouw pakte de kinderen hardhandig beet, schudde ze door elkaar en duwde ze hard terug in hun stoel. Zeker één van de kinderen liep daarbij blauwe plekken op. Ook was ze verbaal agressief tegen de kinderen. De kinderen op het verblijf waren bang voor de vrouw, zegt de gemeente. Ze voelden zich niet veilig op de opvang. Het toegangsverbod voor de eigenaar geldt in ieder geval een half jaar.

“Complexe zaak”

Wethouder Twan Jansen van Venray noemt het verbod een zware maatregel. “Het is een complexe zaak met ook veel menselijke aspecten. We hebben echter als gemeente het belang van de kinderen voorop staan. Die moeten veilig kunnen opgroeien en zich ontwikkelen, ook in een kinderdagverblijf. Als dat niet gegarandeerd is, kunnen we niet anders dan ingrijpen.” Nu de eigenaar niet meer op het kindercentrum komt is het er veilig, benadrukt de gemeente. De kwaliteit van de opvang “voldoet aan alle eisen”.’
Het was oorspronkelijk Omroep Limburg die vrijdag met het nieuws kwam, in ‘Gemeente Venray grijpt hard in bij kinderdagverblijf’:
‘De directrice van kinderdagverblijf de Nissehoff in Venray zou fysiek en verbaal geweld hebben gebruikt tegen kinderen. De vrouw mag daarom niet meer op de opvang komen wanneer daar kinderen aanwezig zijn. De gemeente heeft haar een verbod voor een half jaar opgelegd, op straffe van een dwangsom van 10.000 euro per overtreding.

Onderzoek door GGD

De gemeente heeft deze maatregel genomen naar aanleiding van een inspectierapport van de GGD. Daaruit blijkt dat de veiligheid van de kinderen sociaal en emotioneel niet gegarandeerd kon worden.

Kinderen onveilig

De directrice zou geregeld fysiek en verbaal geweld hebben gebruikt, waardoor de kinderen zich onveilig voelden. Ze zou ze door elkaar schudden en hard vastpakken, waardoor een van de kinderen blauwe plekken opliep. De kinderen zouden bang zijn voor de vrouw en gaan huilen als ze binnenkwam. Ook het personeel zou worden geïntimideerd.

Klachten ouders

De GGD deed het onderzoek na klachten van ouders. De Nissehoff in Venray is een kinderdagverblijf op antroposofische grondslag, voor kinderen tussen de 0 en 13 jaar. In totaal zitten er zo’n 50 kinderen.’
‘Kinderdagverblijf De Nissehoff in Venray gaat dicht als de directrice zich daar de komende zes maanden nog laat zien. De vrouw mag niet meer op de opvang komen omdat ze volgens de gemeente verantwoordelijk is voor een onveilig pedagogisch klimaat. Behalve de dreiging met sluiting is er ook een dwangsom van 10.000 euro per overtreding als de directrice toch opduikt bij De Nissehoff.

Geen aangifte

Tegen de vrouw is geen aangifte gedaan. De incidenten waarvan ze wordt verdacht, zijn volgens de gemeente niet ernstig genoeg. De vrouw zou drie kinderen uitgescholden, stevig vastgepakt en door elkaar geschud hebben waardoor één kind blauwe plekken opliep. De kinderen zouden bang zijn voor de vrouw en huilden als ze binnenkwam.

Personeel

Ook het personeel voelde zich geïntimideerd door de directrice van het kinderdagverblijf. Ongeveer de helft van de medewerkers van De Nissehoff zit ziek thuis.’

Update 6 februari, 12.25 uur:

Gisteravond is de situatie gewijzigd, zo meldde de NOS in ‘Venray sluit kindercentrum’:
‘De gemeente Venray heeft kindercentrum De Nissehoff per direct gesloten. De gemeente vindt dat het klimaat er niet langer veilig genoeg is voor de kinderen. Vorige week verbood de gemeente de eigenares van De Nissehoff nog in het antroposofische kindercentrum te komen. 
Ouders hadden zich bij de politie gemeld met vermoedens van mishandeling. De vrouw was verbaal agressief tegen de kinderen en schudde ze door elkaar. Zeker één van de kinderen liep daarbij blauwe plekken op. 
Meer meldingen 
Er zijn sinds vorige week meer meldingen van ouders binnengekomen. Ook zijn er, volgens een inspectierapport van de GGD, oplopende spanningen tussen de leiding en het personeel. Dat rapport is nog niet openbaar. Voor morgen en overmorgen is noodopvang voor de kinderen geregeld. Daarna moeten de ouders van de 50 kinderen zelf een oplossing zoeken.’
De gemeente heeft vandaag (donderdag dus) ‘Veelgestelde vragen over kindercentrum De Nissehoff’ op een rijtje gezet.

Update 6 februari, 14.55 uur:

De Telegraaf wist gisteravond nog meer te melden, in ‘Kindercentrum in Venray per direct gesloten’:
‘Het centrum mag van de gemeente weer open als het alsnog voldoet aan de kwaliteitseisen van de Wet Kinderopvang, zei wethouder Twan Jansen van Venray woensdagavond tijdens een bijeenkomst, die werd bijgewoond door zo'n 50 ouders. Donderdag praat de gemeente met de tien medewerksters van het centrum. Onduidelijk is of zij door de maatregel hun baan kwijt zijn. De gemeente benadrukt dat de pedagogische kwaliteiten van de medewerkers niet ter discussie staan.

Onderzoeksrapport

De directrice van het centrum heeft woensdag een voorlopig onderzoeksrapport van de GGD gekregen. Daarin staat wat de GGD de afgelopen dagen en weken heeft geconstateerd op de Nissehof. De directrice noemt de beschuldigingen dat zij kinderen zou hebben mishandeld laster en leugens. Zij heeft hiervan aangifte gedaan bij de politie.’
Einde update.


Problemen zijn er ook in Breda. AntroVista meldde het gisteren al. Op de website van ‘Breda vandaag’ schreef Nadine Kieboom eergisteren ‘Rudolf Steiner School berispt om gedrag leraar’:
‘Twee leerkrachten van de Rudolf Steiner School in Breda worden door ouders beschuldigd van onacceptabel gedrag tegenover leerlingen. De leerlingen van de vrije school in de wijk Doornbos-Linie zouden worden blootgesteld aan kleinerend, intimiderend en denigrerend gedrag van leraren. Een van beide leraren werd eind vorig jaar met ziekteverlof gestuurd door de school.

Na een half jaar van gesprekken met leerkracht, directie en bestuur zonder enig resultaat heeft een moeder lessen van de leerkrachten opgenomen door een opnameapparaat in de tas van haar dochter te stoppen. Vervolgens trok ze aan de bel bij de landelijke klachtencommissie. Die heeft kennis genomen van de opnames en verklaarde de klachten gedeeltelijk gegrond.

Een van de twee docenten, een lerares, wordt verweten “in constante staat van irritatie” te zijn. Zo dreigde de lerares de leerling “zo verschrikkelijk op zijn falie te geven dat de leerling het zijn hele leven zal heugen”. Deze commissie verklaarde deze klacht gegrond. De lerares in kwestie is nog steeds werkzaam op de school.

De andere docent worden uitbarstingen, schreeuwpartijen en onacceptabel taalgebruik verweten. Omdat de leerkracht in november door de school tijdelijk met ziekteverlof is gestuurd, is deze klacht nog niet behandeld. Deze leraar komt sinds kort af toe weer kijken in de klas.

De school valt onder Markant Onderwijs. Bestuurder Paul Appel wilde maandag nog geen inhoudelijke reactie geven op de kwestie. Hij wil eerst alle betrokkenen gesproken hebben. Wel bevestigt hij dat er problemen zijn. “Hier wordt vrij veel aan gedaan.” Hij stelt komende maandag met een verklaring te komen.

Volgens de klachtencommissie had het bestuur deze leerkracht eerder moeten confronteren met de bandopnames en ook eerder met verlof moeten sturen. In plaats daarvan heeft bestuurder Paul Appel de betreffende moeder dringend verzocht de kinderen van school te halen vanwege de onhoudbare situatie. De commissie oordeelt dat de ouders ten onrechte zijn aangewezen als veroorzakers van het probleem.

Hoewel er klachten lopen bij twee leerkrachten, zouden meer ouders moeite hebben met de wijze waarop leraren lesgeven op de vrije school. De moeder, die anoniem wil blijven, heeft haar zoontje van 5 en dochter van 10 onlangs van school gehaald. Volgens haar durven de meeste ouders niet aan de bel te trekken. “Ze zijn bang dat hun kinderen het mikpunt worden van pesterijen door de leraren. In plaats van een klacht in te dienen, halen ze hun kinderen van school weg.”

De moeder vertelt alle wegen te hebben bewandeld. Zo heeft ze ook een vertrouwensinspecteur ingeschakeld. “Maar bij die instantie kun je niet meer dan je verhaal doen. Er wordt niks ondernomen.”

De directrice van de school was maandag niet in de gelegenheid te reageren.

UPDATE: Directrice Anja de Vos van de Rudolf Steiner School liet dinsdag weten nog niet inhoudelijk te willen reageren op deze kwestie. Zij komt eveneens maandag met een reactie naar buiten.’
Heel anders zijn de berichten uit Amsterdam (zie ook Van Brooklyn tot Honululu’ op donderdag 30 januari 2014). Carlijn Schepers schreef 31 januari op ‘Nieuw Amsterdams Peil’ (‘Nieuw Amsterdams Peil is een website voor nieuwsgierige Amsterdammers gemaakt door studenten van de opleiding Journalistiek en Media van de Universiteit van Amsterdam’) ‘Het kind centraal, niet de leerstof’:
‘Al bijna 350 kinderen staan op de wachtlijst voor een nieuwe vrije school in Amsterdam Noord. Dat meldde AT5 vorige week. Waarom is deze vorm van onderwijs zo populair? Een kijkje bij de enige vrije school van Amsterdam: de Geert Groote School in Zuid.

De kleuters zitten in een kring met hun handjes achter de rug. Sommige wippen op hun houten stoeltjes van plezier. Een blond jongetje met een groen gebreid vest staat ongeduldig in het midden. Hij moet raden wie de sneeuwbal heeft. Dan wijst hij het juiste meisje aan, die de sneeuwbal van stof met een grote lach achter haar rug vandaan tovert. Iedereen juicht.

Antroposofische leer

Dit tafereel vindt plaats op de Geert Groote School. Het is de enige vrije school van Amsterdam, met twee vestigingen in Zuid. In totaal zitten er zo’n 550 kinderen op en ze breiden nog uit. Aan een vrije school wordt onderwezen op basis van de antroposofische leer: niet alleen cognitieve vaardigheden zijn belangrijk. “De kinderen leren hier met hun hoofd, hart en handen”, zegt directeur Sascha Holthaus. “Ieder kind is uniek en krijgt de ruimte zijn eigen talent te ontwikkelen. Daarom hebben we veel creatieve vakken.”

“Welke dag is het vandaag?” vraagt de juf nadat ze met z’n allen een lied hebben gezongen. De vingertjes van de kinderen schieten de lucht in. “Vrijdag!”, roept de jongen die de beurt krijgt. “Schilderdag!”, vult een ander aan. Een meisje met een bos krullend haar zet de wijzer van de gouden klok op de juiste dag. Dan zingt de juf één voor één de namen van de kinderen en wijst ze naar hun plek aan de schildertafel.

“Er is, naast schilderdag, ook bakdag, tekendag, zingdag en euritmiedag”, vertelt Holthaus. “Het vak euritmie wordt alleen op vrije scholen gegeven. Met muziek van een pianist of harpist leren de kinderen wat ze horen zichtbaar te maken in bewegingen.”

Kronenfeest

Op de Geert Groote school wordt geteld van klas 1 tot en met 6, in plaats van groep 1 tot en met 8. “We creëren bewust een scheiding met de kleuterklassen. Bij de kleuters staat het spel centraal. En oudere en jongere kleuters zijn gemengd zodat ze van elkaar kunnen leren. Aan het einde van de kleuterperiode volgt het ‘kronenfeest’: een ritueel waarmee we de kinderen begeleiden naar de eerste klas.”

In een lokaal zijn ouders druk bezig de versiering van de ramen te schrapen. “Er is een hoge ouderparticipatie, een belangrijke bijdrage voor vrije school.” In een ander klaslokaal staan krijttekeningen van allerlei dieren op het schoolbord. Eronder staan hun namen: Katze, Maus... In het Duits? “Alle kinderen krijgen hier standaard vanaf klas 1 Engels. En soms dus ook Duits of Frans”, zegt Holthaus.

Seizoenstafels

Het gebouw van de school is bijzonder: bijna nergens zijn hoeken van negentig graden. “Het is een organische architectuur, die onder andere de fantasie van de kinderen moet stimuleren”, volgens Holthaus. De plafonds zijn puntig of zeshoekig. Zelfs het glas in de deuren is niet vierkant. Ook is er veel hout gebruikt. Daar ruikt het overal naar. In elk lokaal staan ‘seizoenstafels’, waarop met attributen het seizoen wordt uitgebeeld. Er zijn nu winterse taferelen te zien: sneeuwvlokken, dennenbomen en poppetjes met dikke winterkleding.

Een moeder met felrood haar heeft zojuist haar kinderen afgezet. Ze vertelt dat met de aandacht voor de seizoenen kinderen attent worden gemaakt op de wereld buiten de school. “Het gaat niet alleen om binnen tv kijken, de wereld is buiten.” Ze is enthousiast over de school. “Kijk wat een mooie natuur om het gebouw heen! Dat zie je toch bijna nergens in Amsterdam? Mijn kinderen hebben het erg naar hun zin. Ieder kind kan hier op zijn eigen manier leren.”

Heemkunde

Uit één van de klassen komt de geur van pinda’s en boter. De kinderen zijn druk in de weer met het maken van vetbollen voor vogels. Het is voor het vak “heemkunde”: onderzoek doen naar je leefomgeving, een soort aardrijkskunde. Holthaus: “De kinderen leren vanuit hun eigen belevingswereld om zich heen te kijken.”

Holthaus denkt dat de vrije school zo populair is, omdat kinderen zich er ook creatief ontwikkelen. “Misschien komt het wel omdat de samenleving steeds sneller wordt en kennis veel belangrijker. Bij ons staat het kind centraal, niet de leerstof. Veel ouders hebben een gevoel van opluchting als ze binnenlopen: door spelenderwijs te leren kan hun kind hier nog wat langer kind zijn.”’
Het Parool kwam diezelfde dag met ‘Noord heeft straks eigen vrije school’:
‘Noord krijgt een vrije school. Het bestuur van de Geert Grooteschool in Zuid, gestoeld op de antroposofische leer van de Oostenrijkse filosoof Rudolf Steiner, begint er een dependance, op verzoek van een groep ouders. Tot nu toe zijn 350 toekomstige leerlingen opgegeven. De gemeente is op zoek naar huisvesting. Ruud van Velthoven, uitvoerend bestuurder van Geert Groote, gaat het bestuur op zich nemen.

Klassieke lessen

Nicoline Vink, de initiatiefnemer in Noord: “Ik praat veel met vriendinnen over de scholen van onze kinderen. Het gaat dan vaak over verbeterpunten en het aanbod. Zo'n vrije school, dat leek ons wel wat. Het begon steeds serieuzer te worden en steeds meer mensen volgden. Het is blijkbaar iets wat veel ouders willen tegenwoordig. Het is een alternatieve vorm van onderwijs, maar ook de klassieke lessen worden gegeven. Dat spreekt ons aan.”

Maar de ouders in Noord hadden in eerste instantie helemaal niet de bedoeling een dependance naar het stadsdeel te halen. “Het begon allemaal erg kleinschalig. Het was puur om de interesse te peilen en uit te zoeken hoeveel vraag er nou werkelijk is naar zo’n school. In Noord zijn al 34 basisscholen, dus als je de gemeente bij het plan wilt betrekken, moet je wel kunnen aantonen hoeveel behoefte ouders hebben aan een nieuwe school.”

Talent

Een vrije school is een school waar veel aandacht wordt besteed aan lichamelijke en expressieve vaardigheden. Leerlingen krijgen seizoensgebonden onderwijs en worden pas getoetst als ze daar klaar voor zijn. In de onderbouw wordt de schoolklas gezien als een soort samenleving in het klein. Het uitgangspunt is dat leerlingen ook van elkaars talent kunnen leren, meer dan in het normale basisonderwijs.

Lees vandaag (31-1) meer in Het Parool.’
Dan meldde op 31 januari de vrijeschool in Den Haag ‘De essentie van het vrijeschoolonderwijs in een veranderende tijd’:
‘Lezing door Christof Wiechert, oud-voorzitter Internationale Pedagogische Sectie en oud-collega van de Vrije School Den Haag.

Tijden veranderen, dat is niet nieuw. In hoeverre veranderen mensen? In hoeverre veranderen de kinderen in hun ontwikkeling? Vragen die minder eenvoudig te beantwoorden zijn dan de eenvoudige vaststelling dat de tijden veranderen. Uit de statistische gegevens van kinderartsen is gebleken dat ook de kinderen van tegenwoordig net zo gezond ter wereld komen als 60 jaar geleden. Het zijn de invloeden vanuit een snel veranderende wereld waardoor het traditionele kindbeeld ter discussie staat. Deze veranderingen hangen samen met lifestyle en opvoeding. Op deze avond wordt ingegaan op vraagstukken die momenteel spelen in opvoeding en onderwijs.

De hoogleraren Luc Stevens en Gerd Biesta (Sterling University) hebben op dit moment de meest vooruitstrevende wetenschappelijke benadering van de pedagogie in Nederland. Zij staan een benadering van pedagogie voor, die enerzijds de democratische legitimatie van de “meetcultuur” in twijfel trekt (Biesta) en anderzijds een nieuw paradigma zoekt in de verhouding leraar leerling, onder het begrip “pedagogische tact.” (Stevens). Zij beiden staan, met vele andere wetenschappers, een nieuw pedagogisch paradigma voor.

De (vrije)scholen hebben de taak een visie te ontwikkelen op wat onderwijs zou moeten betekenen. Voor de vrijescholen betekent het vooral te onderscheiden wat van blijvende waarde is, en wat moet veranderen om het kind en de leerling vandaag de dag in zijn ontwikkeling te helpen.

Datum: 19 februari 2014
Tijd: 20.00 uur
Adres: De Vrije School Den Haag Abbenbroekweg/ ingang: Gerrit Kasteinweg 10
Toegangskaarten voor een serie van 3 lezingen: € 25,-
Losse lezing: € 10,-
Te koop bij de administraties Abbenbroekweg of Waalsdorperweg of reserveren per mail bij: info@vsdenhaag.nl
Do. 13 maart 20.00 uur lezing Jeanne Meijs aan de Waalsdorperweg 12
Wo. 2 april 20.00 uur lezing Mark Mieras aan de Waalsdorperweg 12’
Het volgende had ik al kort gemeld op vrijdag 24 januari in ‘Appelsap’. Maar er is meer te vertellen over de ‘Conferentie vrijescholen Voortgezet Onderwijs’, zo liet de Vereniging van vrijescholen eergisteren in een persbericht weten:
‘Op woensdag 19 maart aanstaande wordt de jaarlijkse conferentie voor leerkrachten in het voortgezet vrijeschoolonderwijs georganiseerd. De studiedag vindt dit jaar wederom plaats op de Stichtse Vrije School in Zeist. Leerkrachten komen jaarlijks op deze conferentie samen voor studie, verdieping en om van elkaar te leren. Het plenaire programma wordt afgewisseld met paralelsessies die uit zowel vakgroepen als werkgroepen bestaan.

De kwaliteit van de leerkracht

In de vrijeschool draait het om ontwikkelingsgericht onderwijs. Essentieel is daarbij de ontmoeting tussen de leraar en de leerling. De leraar is de bemiddelaar die leerlingen in contact brengt met bronnen van waarde. De leraar kan ook zelf zo'n bron zijn door een voorbeeld te zijn. ‘De kwaliteit van de leerkracht’ is in Nederland een belangrijk terugkerend thema. Tijdens de conferentie zullen vragen rondom vorming versus opbrengstgericht leren en de scholing van de leraar centraal staan.

Lees meer over het thema van dit jaar: “Bildung en LEER-KRACHT”.

Aanmelden

Leerkrachten uit het voortgezet vrijeschoolonderwijs kunnen zich tot 27 februari aanstaande aanmelden voor de conferentie. Let op: bij diverse vak- en werkgroepen zijn beperkte plaatsen beschikbaar.’
Onder de link vinden we deze beschouwing over het ‘Thema: “Bildung en leer-kracht”’:
‘In de Vrijeschool draait het om ontwikkelingsgericht onderwijs, essentieel is daarbij de ontmoeting tussen leraar en leerling. Met deze conferentie sluiten we aan op het in Nederland actuele thema van de kwaliteit van de leraar.

De Onderwijsraad heeft in 2011 het thema “Bildung” (vorming) op de agenda gezet met de publicatie van vier essays. www.onderwijsraad.nl In het essay met als titel Oriëntatie voor het leven. Vorming in het voortgezet onderwijs van Pieter Vos staat o.a. te lezen dat in het onderwijs steeds meer de nadruk is komen te liggen op opbrengstgericht leren waarin vooral het meetbare eindresultaat telt. Kennis moet bruikbaar, effectief en maatschappelijk relevant zijn. Verder wordt leren opgevat als “leren leren” of “levenslang leren”, waarbij vooral flexibiliteit en aanpassingsvermogen beklemtoond wordt.

Vos houdt een pleidooi voor vorming van de persoon met het oog op levensoriëntatie. Volgens hem komt het aan op de juiste condities voor een goed vormingsklimaat. Als één van de belangrijkste noemt hij “bevlogen leraren die inzetten op de pedagogische relatie met hun leerlingen om ze te vormen voor het leven”. Over vorming zegt hij verder; het is een proces, waarvan de leerling in toenemende mate 'eigenaar' is. Het is niet een leerprogramma dat de leraar uitvoert en dat cijfermatig getoetst kan worden, maar wordt bevorderd door een stimulerende omgeving waar de persoon van de leerling tot bloei kan komen.

Bildung en vrijeschool

Vos citeert Wil Derkse, volgens wie vormend onderwijs tot doel heeft mogelijkheden, interesses en vermogens in de leerling te wekken en te laten groeien in contact met bronnen van waarde. Daarbij heeft de leraar, die gedreven wordt door de wens om in zijn leerlingen cognitief en pedagogisch de juiste snaren te raken, een grote vormende waarde.

Deze omschrijving raakt in grote lijnen de essentie van het vrijeschool onderwijs. Aan de basis van de vrijeschool pedagogie staat een visie op de ontwikkeling van mens en wereld. Dit geeft houvast in de keus van “bronnen van waarde” passend bij de ontwikkeling stap die de leerling op een bepaald moment maakt.

Tijdens de conferentie van vorig jaar sprak Frans Lutters over de twee leermeesters van Parzival, Gurnemanz en Trevrizent. Van de eerste leerde hij alle concrete vaardigheden die hij nodig had voor het ridderschap. Van de tweede leerde hij over de geheimen van mens en wereld, over schuld en morele goedheid, over de ware minne en het verwerven van de graal. “Schools” leren enerzijds naast vorming voor het leven anderzijds.

Lopen we in de vrijescholen dus voorop wat de algemene vorming betreft?

Aandacht en ruimte voor kunstzinnige en muzische vakken, de periodes literatuur, muziekgeschiedenis, Parzifal en bouwkunde zijn bij uitstek vormend in bovenstaande zin.

Maar ook vrijescholen moeten voldoen aan de omvangrijke verantwoordingsplicht naar de overheid, ze staan op de scorelijsten en kwaliteitskaarten en worden beoordeeld via kwantitatieve criteria. De examenresultaten doen er toe. Het gevaar bestaat dat ruimte en tijd die vorming nodig heeft in de verdrukking komen.

Van cruciaal belang is de leraar.

Vos beschrijft in zijn essay dat goed onderwijs meer is dan een vak doceren. De leraar neemt ook altijd zichzelf als persoon mee. Volgens Vos bezit een goede leraar de nodige vakkennis op niveau en de mogelijkheid om met passie de kennis te didactiseren zodanig dat de leerlingen kunnen leren. Ook liefde voor en interesse in de leerlingen is van groot belang. Hij moet ze iets voor het leven willen meegeven, alleen dan kan hij bijdragen aan hun persoonsontwikkeling. Pieter Vos besluit zijn betoog dan ook zo: De vorming, die oriëntatie biedt voor het leven, is afhankelijk van relaties met betekenisvolle personen. De leraar is de bemiddelaar die leerlingen in contact brengt met bronnen van waarde. De leraar kan ook zelf zo’n bron zijn door een voorbeeld te zijn.

In vrijescholen wordt er gewerkt vanuit een visie op mens en wereld. Dit is geen kant en klare visie, wel biedt het een krachtige scholingsweg voor de leraar. De leerling staat centraal en de leraar is cruciaal.’
Deze opzet leidt tot het volgende ‘Programma en sprekers’:
‘Tijdens deze conferentie dag zullen de vragen rondom vorming versus opbrengstgericht leren en de scholing van de leraar centraal staan.

Opzet van de conferentie

– Inhoudelijke inleiding door Frans Lutters en Rob v.d. Meijden
– Twee rondes werk- en vakgroepen
– Verrassend intermezzo door Op Sterk Water
– Plenaire afsluiting met onder meer Robert Viëtor

Sprekers

Drs. Frans Lutters (1958) studeerde theologie en onderwijskunde en tevens aan de Vrije Pedagogische Academie. Hij is leerkracht aan de Stichtse Vrije School Zeist, onderzoeker en auteur van o.a. Het mysterie van de Graal en de Zeven vrije Kunsten( 2006) Assen; Wie is Harry Potter? ( 2011) Amsterdam, De vraag naar het lot van de vrijeschoolbeweging (2002) Driebergen; Geboren aan het begin van het lichte tijdperk ( 2005) (biografie over vrijeschoolpionier Daniel van Bemmelen).

Robert Viëtor is directeur lerarenopleidingen Hogeschool Leiden. Hij zal spreken over de ontwikkeling van lerarenopleidingen en de ontwikkeling van het lectoraat waarde(n) van vrijeschoolonderwijs.

Intermezzo

Op Sterk Water: Met een theatertour langs meer dan 70 theaters per seizoen is Op Sterk Water de afgelopen jaren een graag geziene speler op festivals als Lowlands, Laughing Matters, en Zwartecross. Op Sterk Water verzorgde een gastoptredens bij Het Groninger Studenten Festival, Cameretten en het Leids Cabaretfestival. Daarnaast leverde de cabaretgroep bijdragen aan de radio-uitzendingen van Stenders Eetvermaak op 3FM en BNN Today op Radio1.

Op Sterk Water bestaat uit: Arjen Lubach, Roemer van der Steeg, Tim Zeegers, Dave Luza & Daniel Koopmans’
De Gelderlander verraste ons op 31 januari met ‘Eusebiuskerk wordt collegezaal voor universiteit’:
‘De Bernard Lievegoed University uit Driebergen gaat zich vestigen in Arnhem. De Arnhemse Eusebiuskerk wordt de collegezaal van deze nieuwe particuliere hogeschool. Dat heeft de onderwijsinstelling in Arnhem bekend gemaakt.’
Is dat niet verrassend?
‘De Bernard Lievegoed University is een nieuwe vorm van hoger onderwijs, zegt rector Jeroen Lutters. De instelling is in 2012 voortgekomen uit de voormalige Vrije Hogeschool in Driebergen en wil creatieve ondernemers afleveren. De vestiging in Driebergen blijft voorlopig als dislocatie gehandhaafd. Rector Lutters benadrukt dat zijn “universiteit” moet worden gezien als aanvulling op het bestaande onderwijs in hogescholen en universiteiten.’
Op 3 februari voegde De Gelderlander hier aan toe dat ‘Arnhem blij met komst universiteit in Eusebius’ is:
‘Het Arnhemse college van burgemeester en wethouders is erg blij met de komst van de Bernard Lievegoed University naar Arnhem. “Wij hebben dat van begin af aan toegejuicht omdat het aansluit bij ons profiel als creatieve stad. Vanuit de gemeente bestaat al langer de wens om onderwijs in het centrum van de stad te huisvesten”, zo laten B en W weten.’
De Eusibiuskerk is vernoemd naar Eusebius van Vercelli uit de tijd van het vroege christendom, een tijdgenoot van keizer Julianus de Afvallige. De Gelderlander schreef verder:
‘De Bernard Lievegoed wil de Eusebiuskerk gaan gebruiken als collegezaal. Ook lanceerde de school een plan voor nieuwbouw op het Kerkplein.’
Dit is een goede reden om weer eens op de website van deze opleidingsinstelling te kijken, onder ‘Algemeen’:
‘De Bernard Lievegoed University is een innovatieve universiteit die zich richt op een levenlang leren en in samenwerking met bestaande universiteiten en hogescholen erkende diploma’s kan afgeven. Wij bouwen verder op het ontwikkelingsgerichte werk van Bernard Lievegoed en zijn opvolger Cees Zwart; beide hoogleraar sociale pedagogiek aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

Het onderwijsmodel is geënt op de biografische fasen van de mens; de culturele fasen van onze heterogene samenleving; en het natuurlijk ritme van de planeet als geheel. Ieder individu is vrij en is verantwoordelijk voor de eigen levensloop. Daarmee heeft ons onderwijsmodel veel overeenkomsten met hoger onderwijs gericht op Bildung, Liberal Arts en 21ste century skills.

De eerste fase is de pré-propedeuse-fase. Het onderwijs in het Bernard Lievegoed Liberal Arts College is met name gericht op de student als adolescent en besteedt veel aandacht aan brede culturele ontwikkeling en persoonlijke verdieping als een proces van Bildung.

De tweede fase is de bachelor-fase. De student specialiseert zich meer en legt zich toe op de professionele beroepspraktijk. De student van de Bernard Lievegoed University kan daarbij speciaal terecht bij de Bernard Lievegoed Leadership Academy die in samenwerking met de Alanus University een onderwijsmodel ontwikkelt vanuit 21st century skills.

De derde fase is de master en postinitiële-fase. De deeltijd student is werkzaam (of werkzaam geweest) in de beroepspraktijk en komt op basis van zijn levens- en werkervaring tot verdieping van zijn kennis om daarmee zichzelf en ander te verrijken. De University Services zijn het platform voor deze activiteiten die wortelen in de Liberal Arts & Sciences.

Hoogwaardig onderwijs is voor ons – i.t.t. research universities – de belangrijkste functie van een universiteit. Daarbij is het van belang onderzoeken, ontwerpen en ondernemen voortdurend te laten interacteren. Steeds weer gaat het om de integratie van wetenschap, kunst en ondernemen. Dat wij dat doen in een internationale context is als deelnemers aan een 21e eeuwse samenleving voor ons vanzelfsprekend. Overzicht instituten
Onder ‘Organisatie’ vinden we ‘Hoger onderwijs dat heel de mens aanspreekt’:
‘Wij geloven dat ieder mens een onuitputtelijke hoeveelheid talenten heeft. Die talenten verdienen het ontwikkeld te worden in de context van heel de mens. Waar het hoger onderwijs zich steeds meer is gaan specialiseren, kiest de Bernard Lievegoed University voor verbreding en verdieping. Inspiratie als bron van ontwikkeling.

Rector
Rector Bernard Lievegoed University Dr. Jeroen Lutters

Directie
Liberal Arts College: Drs. Gerrie Strik
Leadership Academy: interim Dr. Jeroen Lutters
University Services: interim Dr. Jeroen Lutters
Financiën: Naomi van der Horst BA

Wetenschap
Algemene wetenschap: Drs. Joris van Nieuwburg
Cultuurwetenschap: Drs. Gerrie Strik
Natuurwetenschap: Drs. Jurjen van de Groep
Sociale wetenschap: Etrona van der Heijden BA

Kunst
Beeldend: Peggy Ravoo
Theater & Film: Karianne den Boer
Dans: Maxi Hill
Muziek: Imre Ploeg

Ondernemen
Leiderschap & Organisatie: Drs. Clarine Campagne
Markt & Ondernemen: Hans Hoogerdijk BA
Decanaat: Drs. Saar Frieling

Ondersteuning
Hoofd bedrijfsbureau: Marrigje Nieuwenstein
Medewerker bedrijfsbureau: Eline Beukers
Medewerker onderwijsbureau: Jurjen van de Groep

Raad van Toezicht
Voorzitter: Dr. Adriaan Bekman
Lid: Prof. Dr. Arjo Klamer
Lid: Drs. Jose Teunissen
Lid: Drs. Harry Starren

Wetenschappelijke Raad
Prof. Dr. Cees Zwart
Prof. Dr. Arjo Klamer
Prof. Dr. Klaas van Egmond
Dr. Adriaan Bekman
Frank Willems (Hanzehogeschool)

Raad van de Kunsten
Gijs Frieling
Herman Bartelds
Selma Susanna
Jos Groenier

Vriendenkring
Jan Tulner
Henk Olyrhook
Cock van Woersem-Kortz
Betsie Govers
Claartje Rols
Marrigje Nieuwenstein

Comité van Aanbeveling
Voorzitter: Drs. Emilie Randoe
Prof. Dr. Arjo Klamer (Erasmus Universiteit)
Prof. Dr. Cees Zwart (Erasmus Universiteit)
Prof. Dr. Klaas van Egmond (Universiteit Utrecht)
Prof. Dr. Klaas IJkema (Lonnrot University)
Prof. Dr. Jan Willem Erisman (Bolk instituut)
Prof. Dr. Gert Biesta (University of Stirling)
Prof. Dr. Rosi Braidotti (Universiteit Utrecht)
Prof. Dr. Arthur Zajonc (Anherst College)
Lector Dr. Adriaan Bekman (Hanzehogeschool)
Lector Dr. Cees Sprenger (Politieacademie)
Lector Dr. Anke Coumans (Hanzehogeschool/HKU)
Lector Drs. Jose Teunissen (ARTEZ)
Lector Mr. Eric van de Luytgaarden (Hogeschool Zuyd)
Lector Frank Willems (Hanzehogeschool)
Onderzoeker Dr. Cees Leijenhorst (Radboud Universiteit)
Onderzoeker Dr. Bibi Straatman (ARTEZ)
Onderzoeker Drs. Hanke Drop (Hogeschool Utrecht)
Kunstenaar Herman van Veen (Podiumkunstenaar)
Kunstenaar Koen Jantzen (De Noorderlingen)
Kunstenaar Gijs Frieling
Kunstenaar Herman Bartelds
Kunstenaar Selma Susanna
Kunstenaar Jos Groenier
Kunstenaar Rosalind Veltman (Bureau Kelpie)
Kunstenaar Drs. Stijn Schreurs
Ondernemer Lideweij Edelkoort (Trend forecaster)
Ondernemer Drs. Harry Starren (Dutch Creative Industries)
Ondernemer Drs. Peter Blom (CEO Triodosbank)
Ondernemer Drs. Happy Megally (IMO)
Ondernemer Drs. Rogier Boon (Fonk)
Ondernemer Mr. Floris Lambrechtsen (Double Dividend)
Ondernemer Drs. Merlijn Trouw (CEO OlmenEs)
Ondernemer Drs. Dave Jongeneelen (Better Future)
Ondernemer Drs. Bernhard Kloke (IMO)
Ondernemer Thomas Vaasen Msc. (The Hub/ Blik-opener)
Ondernemer Frans de Lange (Vrij ondernemer)
Ondernemer Engbert Breuker (Blue Economy)
Ondernemer Adriaan de Man (Blue Economy)
Ondernemer Daphne Mol (Nederlands Watermuseum)
Ondernemer Anne Mieke Eggenkamp (Topteam Creative Industrie)
Docent Drs. Jan Ewout Ruiter (Leren Filosoferen)
Docent Drs. Frans Lutters (Stichtse Vrije School)
Docent Drs. Erno Eskens (ISVW)
Docent Frans van de Goorbergh (Hogeschool van Hall Larenstein)

Lectoraten i.o.
Liberal Arts: Dr. Jeroen Lutters
Bedrijvigheid i.o.: Drs. Rogier Boon
Recht i.o.: Mr. Eric van de Luytgaarden’
Dat is een hele rits. – Dan ga ik even terug naar maandag 20 januari met ‘Pijn’. Daarin stelde ik het DIAH voor. Maar Wanne Roetemeijer schreef in ‘Nieuwsblad De Kaap’ op 31 januari aanvullend ‘Patiënteninitiatief peilt grote behoefte antroposofisch huisarts in Driebergen’:
‘Zeker 700 patiënten in Driebergen geven aan een antroposofisch huisarts te willen. Dat blijkt uit een peiling door patiënten, verenigd in het Driebergs Initiatief Antroposofisch Huisarts (DIAH).

Na een periode van twaalf jaar ging eind vorig jaar Cor Dirks als (enig) antroposofisch huisarts in Driebergen met pensioen. Een opvolgend gecertificeerd antroposofisch huisarts is echter nog niet gevonden. Daarom heeft een groep Driebergenaren DIAH opgericht. Via de website www.diah.nl kunnen bewoners van Driebergen en omstreken een interessepeiling naar de behoefte invullen om zo het initiatief voor een nieuwe antroposofisch huisarts te ondersteunen. Dit kan nog tot 9 februari.

Al 700 mensen gaven hun steun

Binnen twee weken nadat de website op 17 januari jl. in de lucht was, gaven al bijna 700 mensen hun steun. De initiatiefnemers gaan ervan uit dat er in Driebergen uiteindelijk plaats is voor een volwaardige huisartsenpraktijk van minimaal 1800 patiënten. “Als op 9 februari het resultaat van de peiling bekend is, zal dit het zoekproces zeker bevorderen”, zegt Dafne Boukema, één van de initiatiefnemers.

Antroposofische instellingen

In Driebergen en naaste omgeving zijn veel door antroposofen opgerichte instellingen. Denk maar aan vrije school de Vuurvogel, de zorgboerderijen Wederkerigheid, de Hondspol en de Dijckhof, Huize Salvia, het Louis Bolk Instituut, Landgoed De Reehorst met Congrescentrum Antropia ,de Bernard Lievegoed University, Woonoord Kraaybeek en het Landgoed Kraaybeekerhof. Boukema: “Meer dan 1000 bewoners van Driebergen zijn hier direct aan verbonden of voelen zich betrokken: jonge mensen, gezinnen en gepensioneerden. Zij laten zich, net als ik, inspireren door antroposofie. Goede antroposofische gezondheidszorg, waarbij een holistische benadering centraal staat en het zelfgenezend vermogen van het lichaam wordt aangesproken, is van groot belang voor deze groep mensen. De vele positieve reacties op onze peiling spreken wat dat betreft boekdelen.”’
Tot slot keren we terug bij onze beroemde boer Willem. We verlieten hem op vrijdag 10 januari in ‘Kernwaarden’. Maar komen hem nu weer tegen in De Stentor op 4 februari (gisteren dus), met ‘Boer Willem vertelt zijn levensverhaal bij GroenLinks in Lochem en Gorssel’:
‘Willem Beekman (“Boer Willem” uit Boer Zoekt Vrouw) is hoofdpersoon op twee GroenLinks-bijeenkomsten in Lochem en Gorssel. In Tante Pos op 13 februari en de Gorsselse kerk op 28 februari. Beekman is kandidaat-raadslid voor GroenLinks, maar hij is gevraagd zijn levensverhaal te vertellen. Maar dat levensverhaal is ook zijn politieke verhaal. “Juist vanwege de manier waarop ik in het leven sta, mijn maatschappelijke betrokkenheid, mijn liefde en zorg voor mens, dier en natuur, wil ik de politiek namelijk in”, aldus Beekman. Beide bijeenkomsten beginnen om 20.00 uur.’

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Translate

Volgers

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code