Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

zondag 18 januari 2009

Owen Barfield

‘Antroposofische boekhandels’, zoals ze vroeger wel werden aangeduid, bestaan niet meer. Maar wel algemene boekhandels met antroposofie als specialisatie. Je hebt als bekendste bijvoorbeeld de ‘Nieuwe Boekerij’, in Zeist, en de ‘Haagse Boekerij’, uiteraard in Den Haag, terwijl in Amsterdam ‘De Zaailing’ is gevestigd. De Haagse Boekerij heeft zelfs een eigen weblog (waar nog weinig op staat), daar valt te lezen:

‘Inge Ebbinge, boekhandelaar te Den Haag sinds mensenheugenis en Herman Boswijk, boekhandelaar sinds 2008, daarvoor 21 jaar bibliothecaris. Samen “doen” we de Haagse Boekerij, een kleine zelfstandige boekhandel in de Frederikstraat in Den Haag.’

Op de eigen website van de Haagse Boekerij is sinds vorige maand een heuse Nieuwsbrief nr. 1 van 18 december 2008 te vinden. Daaraan ontleen ik de volgende bespreking, van het boek van Simon Blaxland-de Lange, ‘Owen Barfield. Romanticism come of age’, die naar ik aanneem door Herman Boswijk zal zijn geschreven:

‘Owen Barfield (1898-1997) is een grote onbekende, zowel in Nederland als in zijn geboorteland Engeland. Jelle van der Meulen heeft wel eens aandacht aan hem besteed in zijn boek Om gegronde redenen, maar dat is het dan wel. In Engeland was hij vooral bekend binnen de antroposofische beweging, als bestuurslid, maar met name als Steiner-vertaler en -inleider. In de VS daarentegen heeft hij veel meer invloed gehad.

Owen Barfield was een volstrekt authentiek persoon, ook in zijn omgang met de antroposofie, die hij begin jaren ’20 leerde kennen met zijn vriend Cecil Harwood. Hij had zijn eigen thema’s, die hij o.a. ontwikkelde in zijn levenslange vriendschap en dialoog met C.S. Lewis (hier te lande vooral nog bekend van de Narnia-boeken). Zij ontmoetten elkaar in de kring van de Inklings, een groep jonge academici waar ook Tolkien deel van uitmaakte. Hun later vooral via briefwisseling gevoerde discussie werd door henzelf aangeduid als “The Great War”, vanwege diepgaande verschillen van inzicht. Toch schreef Lewis: “...Barfield towers above us all”.

Door uiterlijke omstandigheden gedwongen zag Barfield af van een academische loopbaan en werkte tot zijn pensionering in 1959 als advocaat. Maar publiceren deed hij wel. Naast allerlei artikelen voor antroposofische bladen verschenen enkele boeken, waarin hij zijn eigen ideeën uitwerkte. Zijn twee belangrijkste, samenhangende, thema’s waren: de evolutie van het bewustzijn en de taal, als het medium waarin dit bewustzijn zich in de loop der eeuwen heeft uitgedrukt. Titels: History in English words (1926), Poetic Diction (1928), Romanticism comes of age (1944), Saving the appearances (1957).

Na 1959 begon een hele nieuwe carrière. Op uitnodiging van studenten stak hij de oceaan over voor enkele voordrachten en gedurende 21 jaar daarna bezocht hij vele malen de VS voor het geven van voordrachten en cursussen aan diverse universiteiten. Eén van de bekendere mensen met wie hij daar in contact kwam was Saul Bellow, die vooral via Barfield “iets” met de antroposofie kreeg. Een deel van hun briefwisseling is in het besproken boek te vinden.

Simon Blaxland-de Lange had gedurende de laatste jaren van Barfields lange leven vele gesprekken met hem en kreeg de beschikking over veel materiaal. Daarmee heeft hij een levendig en indringend boek geschreven.

Temple Lodge – Gebonden – 367 p. – € 33,00’

‘Jelle van der Meulen heeft wel eens aandacht aan hem besteed in zijn boek Om gegronde redenen’: dat is wel heel zuinig uitgedrukt. Van der Meulen wijdt in zijn boek ‘Om gegronde redenen. Antroposofie hier en nu’ uit 1996 een heel hoofdstuk aan Owen Barfield, en dat vormt samen met de twee hoofdstukken over Saul Bellow en Joseph Beuys het hart van dit boek, waarin op geheel eigen wijze monumenten voor deze drie persoonlijkheden worden opgericht. Zo schrijft hij onder andere (blz. 176-177):

‘In Romanticism comes of age, dat artikelen en lezingen bevat, vertelt Barfield grotendeels hetzelfde verhaal [over de ontwikkeling van het bewustzijn, MG], echter nu voor mensen die bekend zijn met de antroposofie. In sommige van de hoofdstukken steekt hier en daar een polemisch slangetje de kop op [waar Barfield zich gewoonlijk ver van houdt, MG] en vaak met betrekking tot hetzelfde punt: de eenzijdige oriëntatie in de antroposofische beweging op de Duitse cultuur.

Het is duidelijk dat hij zich daar aan ergert. Met klem wijst hij op het feit dat Goethe en Fichte niet de enige voorlopers waren van de antroposofie; ook in de Engelse cultuur zijn die te vinden, zoals Shakespeare en vooral Samuel Taylor Coleridge. Hij lijkt het belangrijk te vinden – hij maakt niet geheel duidelijk waarom – dat de antroposofie wordt beschreven in “Engelse” termen, als een logische voorzetting van elementen die al in de Engelse cultuur aanwezig waren.

Hetzelfde had Rudolf Steiner gedaan met betrekking tot de Duitse cultuur. Zo was Goethe volgens Steiner een van de vaders van de antroposofie; de wijze waarop deze als natuurwetenschapper werkte (anders dan veel mensen denken, was Goethe niet alleen een dichter) was een onbewuste stap in de richting van de geesteswetenschap. (...)

Wat Goethe voor Duitsland was, zo stelt Barfield, was Coleridge voor Engeland. Goethe was echter verbonden met de Duitse cultuur en Coleridge uiteraard met de Engelse, wat enig verschil maakt. En dat lijkt precies de kern van zijn betoog te zijn: dat een transplantatie van de “Duitse” antroposofie naar de situatie in Engeland niet zonder meer mogelijk is. Om de “Engelse” antroposofie te begrijpen moet je eerst aanknopen bij de Engelse cultuur zelf en de antroposofie daaruit laten ontstaan, precies zoals Steiner de antroposofie uit de Duitse cultuur heeft ontwikkeld.

Al het werk van Barfield draait om dit streven. Vandaar dat hij in al zijn boeken – Romanticism comes of age uitgezonderd – het gebruik van antroposofische termen vermijdt. In wat Barfield als zijn hoofdwerk beschouwde, What Coleridge thought uit 1971, doet hij met Coleridge wat Steiner met Goethe heeft gedaan.’

Wanneer Van der Meulen verderop zijn – enige – persoonlijke ontmoeting met Owen Barfield beschrijft, doet zich een mooie anekdote voor. Hij is zelf een grote fan van Coleridge, en brengt het gesprek graag op deze illustere schrijver:

‘Ik vroeg hem wat zijn inziens de betekenis van opium voor Coleridge was geweest. Immers, Coleridge gold als één van de eerste romantische opium-dichters. Ik had mijn vraag nog niet gesteld, of Barfield zei: “Ach ja, die laudanum van Coleridge... Daar beginnen de antroposofen altijd over. Maar dezelfde antroposofen willen niet weten dat hun Goethe iedere dag niet minder dan twee flessen wijn dronk.”’

Het gesprek komt ook op Saul Bellow. Barfield en Bellow ontmoetten elkaar in 1975, maar dat werd geen succes.

‘We hadden elkaar weinig te zeggen’, zegt Bellow daar later over. ‘Maar ja, wat wil je: een straatjongen uit Chicago in gesprek met een aristocraat uit Kent, dat gaat nu eenmaal niet. Niettemin blijf ik Barfield beschouwen als een belangrijke leermeester.’

In de VPRO-gids van deze week (nr. 3 van 17 januari t/m 23 januari) staat een prachtig artikel van Dirk-Jan Arensman (helaas niet online, dus ik kan geen directe link geven) met de titel ‘Stadsromancier’ [update 21 januari 2009: dankzij zijn onvermoeibare naspeuringen heeft John Wervenbos dit artikel achterhaald, vandaar dat ik nu toch een directe link kan geven]:

‘Van de Nobelprijswinnaar Saul Bellow (1915-2005) verschijnen binnenkort fraaie Nederlandse heruitgaven van drie van zijn grootste romans’.

Het gaat om ‘De avonturen van Augie March’, ‘Herzog’ en ‘De decaan en diens december’. Helaas zit daar niet ‘Humboldts nalatenschap’ (uit 1975) bij, waarin een belangrijke rol is weggelegd voor ‘De weg tot inzicht in hogere werelden’ van Rudolf Steiner. Ook over die rol is na te lezen bij Jelle van der Meulen.

5 opmerkingen:

René zei

Tja en dat vind ik dus reuze jammer dat er geen antroposofische boekhandels meer zijn ... ik herinner me de Nieuwe Boekerij nog in Zeist achter het huis van een oudere dame (ben haar naam vergeten). Uren en uren heb ik er rondgedwaald en er meer geld uitgegeven dan ik me toentertijd kon veroorloven.

John Wervenbos zei

De Haagse Boekerij vind ik een fijne boekwinkel met een goed assortiment. Kom er regelmatig, het is met de trein zo aangereisd vanuit Rotterdam en de bediening daar vind ik prettig en terzake kundig.

Het pijnpunt van Barfield kan ik me goed voorstellen. Lijkt me inderdaad niet makkelijk. Opmerkelijk die kring van de Inklings. De werken van Tolkien zijn natuurlijk ook belangrijk, ze hebben miljoenen mensen, overdrijf niet denk ik, over de hele wereld bezig gehouden. De verfilming van In de ban van de ring was ook een groot succes. Tolkien had veel affiniteit met het katholicisme als ik het wel heb.

Kwam onlangs een interessant website tegen van naar het lijkt een Amerikaanse antroposoof die met mij en vele anderen belangstelling voor het leven en werk van de schrijfster Sylvia Plath deelt. Daarover berichtte ik in Sylvia Plath in perspectief en het gaat om de website Ego, Blood, and Spirit.

Als je die website goed bekijkt, zie je dat hij ook plaats inruimt voor Barfield en alles verbind met de mysteriedrama’s van Rudolf Steiner.

De ontwikkeling van antroposofie in de Angelsaksische wereld is inderdaad een zeer interessant gegeven, waarvoor ook hier in Nederland meer belangstelling zou mogen bestaan. Steiner omschrijft de Engelse cultuur als representant van de (wereldwijde) ontwikkeling van de cultuur van de bewustzijnsziel, terwijl Amerika naar de volle ontwikkeling van de bewustzijnsziel op weg is. Hij stelt nog meer opmerkelijke dingen over Amerika en de Amerikaanse cultuur, met name in de derde voordracht van de cyclus Het leven van mens en aarde.
Zie het volgende fragment daaruit dat ik de volgende subtitel heb meegegeven:
Amerika en het lentepunt in Waterman

Daarin stelt Steiner dat zodra de zon in het lentepunt van Waterman is getreden (zie de dikgedrukte regels in alinea‘s 8 en 9 van dat fragment) de ware karakteristieken van de Amerikaanse cultuur (vitale essenties van de bewustzijnszielecultuur, dat is althans mijn interpretatie) krachtig aan de dag zullen treden. Ondermeer de bekende antroposofische astronome Elisabeth Mulder gaf aan dat dit lentepunt omstreeks 2200 in Waterman zou opkomen. Dit lentepunt moet niet verward worden met het tijdstip dat de cultuur van het geestzelf ontwaken zal en wel op representatieve wijze bij de Slavische volkeren zijn intrede zal doen; een nieuwe algemeen menselijke culturele ontwikkeling onder het teken van de Waterman.

In dit verband is het ook interessant om het boekwerkje van Zeylmans van Emmichoven er op na te slaan: Amerika en het Amerikanisme.

Hier de Engelstalige versie: America and Americanism

John Wervenbos zei

Dag Michel,

Stadsromancier door Dirk-Jan Arensman staat op de site van de VPRO.

Vriendelijke groet,
John

John Wervenbos zei

De snelkoppeling werkt niet, dan maar zo:

http://boeken.vpro.nl/artikelen/41256416/

k.n. zei

Leuk artikel om te lezen; ben zelf een groot liefhebber van Barfield's filosofische en artistieke werken, maar Steiner heeft me nooit zo aangetrokken. Had me eigenlijk nooit zo beseft dat dat waarschijnlijk is omdat Barfield een duidelijk Engelse versie van antroposofie uitdraagt

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)