Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

maandag 8 februari 2010

Infrastructuur

Er gebeurt veel op webloggebied momenteel; alsof er voorjaar in de lucht zit. Het is bijna niet bij te benen. Moest ik zo’n anderhalf jaar geleden, kort nadat ik hier begonnen was, nog constateren dat er weinig viel te beleven, tegenwoordig is dat wel anders. Er wordt echt hard gewerkt, zeg maar aan het opbouwen van een antroposofische weblog-infrastructuur. Dat wil ik staven, niet uitputtend, want dat zal niet lukken, maar wel met een aantal concrete voorbeelden.

Een bekende en heel mooie, zijn de aforismen van Rudolf Steiner die Ridzerd van Dijk bijeen vergaart op zijn ‘Grote Rudolf Steiner Citatensite’. Gisteren had hij een paar treffende onder de kop ‘Goethe kon vóór zijn negende jaar lezen noch schrijven’, zoals deze:

‘Er zouden artikelen moeten verschijnen vanuit de meest verschillende standpunten, dat het eenvoudigweg van grote betekenis is voor het kind wanneer het pas tussen het achtste en negende levensjaar echt leert lezen. Men kan daar als voorbeeld aanhalen dat Goethe vóór zijn negende jaar niet kon lezen of schrijven ... en dat daartegenover mensen die uiteindelijk zwakzinnig zijn geworden al op hun vierde, vijfde jaar konden lezen en schrijven.

Bron: GA 200 – Dornach 15 maart 1922’

Ik vraag me af hoe hij er steeds aan komt. Misschien is hij een van de weinige mensen die nog gewoon Steiner lezen. Maar vertaalt hij dan zelf die passages in het Nederlands? Dat moet haast wel.

Dan gaan we naar de tweede. Dat is Frans Wuijts, een vaste contribuant aan de weblog van Hugo Verbrugh. Maar hij heeft ook een eigen weblog. Eerst was deze ‘Humaan ontslaan, een ontwikkelingsgerichte kijk op ontslag’. Maar tegenwoordig is hij vaker te vinden op ook weer een Volkskrant-weblog, getiteld ‘Een stem uit Friesland met een eigen geluid’. Vandaag heeft hij een mooie bijdrage over ‘Ontslag en taalgebruik’ (u ziet het al, hetzelfde thema komt ook hier langs). Hij onderzoekt welke specifieke woorden en begrippen in organisaties bij ontslag worden gebruikt, en vooral door wie, en wat daar dan uit spreekt:

‘Er is ten behoeve van “afvloeiing” van personeel zelfs een (oneerbiedig uitgedrukte) “lozingsindustrie” op gang gekomen en uitgegroeid “tot een geolied netwerk van kleine bureaus en bedrijven die onderling samenwerken”. Met een omzet in outplacement van naar schatting al een 160 miljoen euro per jaar.

Deze begrippen [hij noemde eerder onder meer: ‘kostenaanpassing’, ‘herstelplan’, ‘afvloeien’, ‘personeelsreductie’, ‘ontslagvergoeding’ en ‘inkrimping’, MG] roepen een karakteristiek beeld op van een arbeidsorganisatie als een fysiek-ruimtelijke vorm of constructie, die kan worden verkleind, vergroot of gewijzigd, als ware een organisatie slechts een “lay-out”. Een vorm met een inhoud die kan worden gevuld of geleegd. Maakbaar, bruikbaar en hanteerbaar als een constructie. Instrumenteel. Een “constructie” die blijkbaar slechts zou kunnen worden omgevormd met technische of bedrijfseconomische ingenieursingrepen.

Er zijn echter ook auteurs van managementliteratuur die de arbeidsorganisatie typeren als een sociaal organisme, een spirituele entiteit, een werkgemeenschap of vereniging van mensen. Als je een andere bril opzet of anders kijkt, zie je ook een andere werkelijkheid en stel je je anders op. En als je andere begrippen niet kent of daaraan geen belang hecht, dan zie je de daarbij behorende werkelijkheid eigenlijk niet.’

Hij eindigt zijn bijdrage met de treffende woorden van Henry Mintzberg:

‘Ik ben geen voorstander van de term human resources. Ik ben geen human resource, ik ben een human being. De term human resource werd geïntroduceerd toen er veel ontslagen begonnen te vallen. Resources kan je namelijk weggooien, mensen niet.’

Dan is er natuurlijk de prachtige weblog van Hugo Verbrugh zelf. Hij laat niet af, en komt de laatste dagen met opmerkelijke stukken. Je moet je weliswaar vaak door een brij van woorden heenwerken – hij is nogal op woorden, waarover hij trouwens vaak gekapitteld wordt; maar ja, een vogeltje zingt zoals het gebekt is – maar dan opeens komen er weer juweeltjes tevoorschijn. Zo eentje was er naar mijn smaak afgelopen donderdag. De titel (Verbrugh heeft altijd krankzinnig lange titels – maar daarmee onderscheidt hij zich weer duidelijk van anderen): ‘De wetenschap ontdekt opnieuw de hoeksteen van het mensbeeld van de antroposofie, nu in de dyslexie’. Die gaat zo:

‘Toekomstige geschiedschrijvers zullen onderkennen hoe in deze tijd telkens weer motieven die in de antroposofie al ongeveer een eeuw bekend zijn als wielen die opnieuw worden uitgevonden door reguliere wetenschappers ontdekt worden. Dezer dagen heeft een Amerikaanse psychologe ontdekt hoe dyslexie verholpen kan worden als je het drieledig mensbeeld in zijn manifestatie van motorische intelligentie doorziet.

Op de voorpagina van de NRC Handelsblad 30-01-2010 stond een plaatje met curieuze letters van grafisch ontwerper Renee Seward van de Universiteit van Connecticut. Binnenin staat de volgende korte toelichting:

“Een extra associatielaag in het hoofd van de dyslecticus. Dat is het doel van deze curieuze letters van grafisch ontwerper Renee Seward van de Universiteit van Connecticut. Ze werkte nauw samen met psychologen en pedagogen. Het idee is dat een kind met dyslexie op een scherm een tekst leest in gewone letters, maar dat de hier afgebeelde speciale letters of lettergroepen (zoals de ch) zichtbaar worden als het kind de letters met de muis aanraakt. De visuele associatie (zoals ch->chair, p-> peppermint of peach) moet helpen om bij een letter sneller de bijbehorende klank op te roepen. Want dat is de kern van dyslexie. De voor andere lezers vanzelfsprekende klankassociatie is bij dyslectici problematisch. Het ‘erin hameren’ van klankassociaties is dan ook de standaardtherapie: oefenen, oefenen, oefenen. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen of dit ontwerp beter werkt dan gebruikelijke technieken. [HS]”

Wat hier staat, heeft alles te maken met motorische intelligentie. Dat is sinds enkele jaren een thema in de neurowetenschappen. Ik vat in mijn eigen woorden samen wat daarover in het boek “Motorische Intelligentie: tussen muziek en natuurwetenschap” (2007) van György Ligeti en Gerhard Neuweiler staat.

Een klein kind dat leert lopen, maakt zo doende het essentiële verschil zichtbaar tussen mens en dier. Dat essentiële verschil is de motorische intelligentie van de mens.

Motorische intelligentie is de vaardigheid om tegelijkertijd intelligent te bewegen en te handelen en bewegelijk waar te nemen en te denken. Om het een beetje poëtisch te zeggen: het is de kunst om overal en altijd hoofd en hand mooi te laten samenwerken. “Goed, dat is dan duidelijk”, hoor ik de lezer zeggen, “maar je zegt terecht dat ook dieren over die vaardigheid beschikken – en is niet juist die vaardigheid bij dieren veel sterker ontwikkeld? Kijk naar hoe dieren zich bewegen – kijk, als je een tuin hebt, hoe een poes op een vogel jaagt of een muis vangt, kijk in het Kralingse Bos hoe paarden daar draven of galopperen, kijk aan de Kralingse Plas hoe meeuwen stukjes brood die je in de lucht gooit oppikken – dat zijn toch allemaal bewegingen die minstens zo intelligent zijn als die van mensen?” Ja, zo lijkt het, en op zichzelf zijn het ook allemaal bewonderenswaardig mooie en effectieve bewegingen, maar als je nauwkeurig kijkt en goed doordenkt, zijn er toch essentiële verschillen. Om te beginnen hebben dieren altijd een beperkt repertoire. Het ene dier kan heel goed dit, het andere dier blinkt uit in dàt. En weliswaar heeft ieder individueel mens ook een beperkt repertoire, maar “de” mens als zodanig heeft een schier oneindig repertoire aan intelligente bewegingen. Het menselijk repertoire van motorische intelligentie is ook oneindig veelzijdiger is dan dat van enige diersoort. Denk aan muziek maken en de bijbehorende vingervaardigheid, het vermogen tot spreken en schrijven. En dan hebben we het nog niet eens over de bewegingen die we vanuit onze vrije wil uitvoeren. En het motto “erin hameren” en “oefenen, oefenen, oefenen” in het eerste citaat accentueert dit. Geen enkel dier doet dat zo expliciet, bewust, met feedback via verbale en lichaamstaal van ouders en opvoeders.

Omdat dit alles in de antroposofie al bijna een eeuw bekend is, leren kleine kinderen op de vrije school eerst schrijven, dan pas lezen. En de letters die ze leren schrijven, worden aangeboden op een manier die sterk lijkt op wat Renee Seward nu doet. Ruim veertig jaar geleden verscheen in Nederland een vertaling van voordrachten van Rudolf Steiner waarin hij dit uiteenzette. Ik citeer uit een bespreking uit 1967 [ruim veertig jaar geleden!]:

“De Vrije School, waar de leerlingen onderwezen, opgevoed en anderszins benaderd worden vanuit Rudolf Steiners ‘antroposofie’, heeft de laatste twintig jaar in Nederland een onstuimige groei vertoond (die overigens de laatste jaren tot stilstand is gekomen). De eerste Vrije School werd in 1919 opgericht in Stuttgart en bij die gelegenheid heeft Steiner intensief gewerkt met de nieuwe leerkrachten van deze school, o.a. via verschillende series voordrachten. Dit boek is de schriftelijke – door Steiner zelf niet gecorrigeerde – versie van een van deze series. Hij bespreekt een groot aantal principes, ideeën en inzichten in verband met het Vrije School-onderwijs, en omdat de hele situatie voor veel van de toehoorders destijds nieuw was, doet hij dit zonder bij zijn publiek veel voorkennis van de algemene antroposofie te vooronderstellen. Daardoor geeft dit boek een geschikte documentatie van waarom, bij voorbeeld, Vrije School kinderen eerst leren schrijven, waarom ze de letters ‘design’-achtig leren schrijven, bij voorbeeld de letter ‘B’ als ‘Beertjes-letter’, en pas daarna leren lezen.”

“Lopen, spreken, denken”: eerst de motoriek, dan het ritme van de ademhaling en de eerste zintuigelijkheid, dan het zuivere innerlijke leven, en dan weer opnieuw “lopen, spreken denken”. Zo hoort het. Nu zegt de reguliere wetenschap het. Hoe lang moet het nog duren voordat deze wijsheid eindelijk mainstream in de Nederlandse wetenschap en cultuur wordt?’

Ik vraag me af welk boek van Steiner er dan 43 jaar geleden werd besproken. Wat zou er in 1967 zijn uitgekomen? Voordrachten voor leerkrachten, toen al? En waarin stond die bespreking? – Het leuke bij Verbrugh is dat hij vaak schrijft: ‘in de krant van dan en dan las ik’, waarmee hij ontegenzeggelijke NRC Handelsblad bedoelt; en dat op een weblog van de Volkskrant! Maar de Volkskrant scoort toch mooi met deze dienst: we hebben nu al drie wakkere en actieve antroposofen daar aan het werk. Zolang als het duurt, want er heerst ook vrees dat als de Volkskrant moet gaan bezuinigen, de weblogs in deze vorm niet langer kunnen blijven bestaan. Ze zijn zo mooi, dat ik die eerste twee eigenlijk ook op mijn blogroll hier helemaal onderaan moet opnemen. Ik heb tot nu toe even gewacht om te zien of ze wel frequent genoeg verschijnen, voldoende kwaliteit leveren én uiteraard over antroposofie gaan. Hetzelfde geldt trouwens voor een vierde weblog: de Haagboekblog. Die is al een paar keer hier ter sprake gekomen. Maar zou ook zo’n vermelding moeten krijgen. Nu weer met een mooie tip, onder de titel ‘Signalering: Cisterciënsers’. Daarin schrijft Herman Boswijk:

‘Ekkehard Meffert, Die Zisterzienser und Bernhard von Clairvaux: Ihre spirituellen Impulse und die Verchristlichung der Erde. Verlag Engel, 2010. 360 p.
ISBN 978-3-927118-21-8; € 59,50

Ekkehard Meffert (1940) schreef eerder interessante monografieën over Nicolaus Cusanus (filosoof/theoloog, 1401-1464), Carl Gustav Carus (arts en natuuronderzoeker, 1789-1869) en Mathilde Scholl (grande dame uit de begintijd van de antroposofie, 1868-1941).

In dit nieuwe boek beschrijft hij hoe hij, 18 jaar oud en werkend op een schapenfarm in Yorkshire, tijdens een wandeling stuit op de ruïnes van de cisterciënzer abdij Fountains Abbey. De betovering die hij hier ervoer leidde tot een levenslange belangstelling, die uiteindelijk tot dit boek heeft geleid.

De Cisterciënzer orde werd gesticht in 1098 in Citeaux/Bourgondië maar werd vooral bekend door de invloed van Bernard van Clairvaux (1090-1153). De stichting was een reactie op de vervlakking van het kloosterleven de Franse Benedictijner kloosters, m.n. Cluny. Binnen een halve eeuw had de orde zich middels honderden kloosters verspreid over heel Europa, van Polen tot Ierland en van Zweden tot Zuid-Spanje. De nadruk in het werk (labora, naast het gebed, ora) lag vooral in het bewerken van de aarde.

Uit het voorwoord: “Der Zisterzienser-Orden ist zweifellos derjenige Orden, der die stärkste Erd- und Raumverbundenheit aufweist. Das gilt nicht nur für seinen räumlichen Ausbreitungsprozess, nicht nur für seine sorgfältig ausgewählten, spezifischen Klosterstandorte, nicht nur für die innere Raumorientierung der Klosteranlagen, sondern vor allem auch für seinen kolonisatorischen Umgang mit der Erde und ihren Lebenskräften.
An den von den Zisterziensern geschaffenen Standorten und Kulturlandschaften haben durch Jahrhunderte hindurch Mönche an der Erde gearbeitet, diese verwandelt, und sie haben dort gebetet. Es sind ‘sakrale Orte’ geworden. [...]

Ein übergeordnetes Motiv ist das Aufzeigen der besonderen Beziehung des Zisterzienser-Ordens zur elementarischen Welt, d.h. zur Erde, Wasser, Licht und Leben sowie deren Ordnungszusammenhänge wie z.B. Klang und Raumproportionen. Diese sind Ausdruck der Lebenskräfte der Erde selbst, denen die Zisterzienser durch ihre christliche Spiritualität verbunden sind.”

Meffert concentreert zich op de eerste anderhalve eeuw, de bloeitijd, waarin de oorspronkelijke impulsen nog duidelijk zijn. Naast de historische aspecten en de gestalten van de grondleggers Stephan Harding en Bernard van Clairvaux, gaat hij ook uitgebreid in op de verschillende aspecten van de kloosterbouw. Het boek is verder rijk geïllustreerd met fraaie kleurenfoto’s. Alleen een register ontbreekt helaas.’

Dit boek is niet bij een van de grotere en bekende antroposofische uitgeverijen verschenen, maar bij ‘Buchhandlung, Verlag, Antiquariat, Engel’ uit Stuttgart. Daar lezen we over dit boek ook:

‘Kein anderer Orden hat sich so rasch ausgebreitet, und keiner hat die Kulturlandschaften Europas so nachhaltig geprägt, wie es die Zisterzienser im Mittelalter getan haben. Ihre Arbeitsethik, d.h. ihr Gebot, vom Ertrag der eigenen Hände Arbeit zu leben, hebt sie sowohl von der antiken Sklavenhaltergesellschaft als auch vom mittelalterlichen Lehenswesen und Pfründenwesen scharf ab. Ein wichtiges Motiv ist das Aufzeigen der besonderen Beziehung der Zisterzienser zu den Elementen, d.h. zu Erde, Wasser, Licht und Wachstum. Diese sind Ausdruck der Lebenskräfte der Erde selbst, denen die Zisterzienser durch ihre christliche Spiritualität verbunden sind. Sie kannten und handhabten die Geheimnisse von Proportion, Maß und Zahl, Klang und Licht.’

Zij werkten met recht aan een christelijke infrastructuur. Dat was trouwens een centraal begrip van Bernard Lievegoed: het ontwikkelen van een christelijke infrastructuur.

Wie ik in dit rijtje ook beslist moet noemen, is Ad van der Hulst met zijn ‘Adjustintime blog. Allerlei over P&O, Lean, GTD en Sociale kunst’. Hij staat al geruime tijd op mijn blogroll. Hij heeft het niet direct over antroposofie, maar ondertussen levert hij de een na de andere mooie bijdrage waar je veel antroposofie aan af kunt lezen. Vandaag nog over ‘Meer waarde toevoegen dus meer verdienen’. Altijd de moeite waard om te lezen wat hij nu weer heeft gevonden of onder handen heeft.

Tot slot van deze weblog-rondgang, toch nog een keertje Hugo Verbrugh. Hij heeft vandaag iets bij de kop gevat dat ook hier niet misstaat, ‘Een discutabel boek met sensationele speculaties over Rudolf Steiner: voer voor antroposofen?’ Daarin schrijft hij:

‘Onlangs verscheen een boek waarin actuele gebeurtenissen en vorige levens en karma van belangrijke “spelers” op het politieke wereldtoneel op een zeldzaam concrete manier in verband worden gebracht met historische persoonlijkheden uit de antroposofische beweging. (...) Het boek heet “De verborgen waarheid achter drie Amerikaanse presidenten”, en is geschreven door Wilma ter Mull.’

Verbrugh maakt zich zorgen over zo’n boek, omdat:

‘Een eerste oordeel gebaseerd op eerste kennisname is verontrusting over het contrast tussen (1) enerzijds de draagwijdte van de mededelingen over vermeend-feitelijke karmisch-historische oorzakelijke samenhangen en anderzijds de slordigheid en onvolledigheid van de documentatie, en (2) enerzijds de indruk van kwantitatieve precisie en wetenschappelijke onderbouwing van de astronomische gegevens die het boek geeft en anderzijds het speculatieve karakter van de mededelingen over daarmee samenhangende niet controleerbare karmisch-historische relaties tussen personen en gebeurtenissen.’

Hij vraagt zich af wat hij er mee moet. Nee, wat antroposofen ermee moeten. Moeten die er iets mee? Dat lijkt mij ook een infrastructurele vraag te zijn.

Geen opmerkingen:

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)