Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

zondag 2 november 2008

Alle zielen

Vandaag Allerzielen, het aan het begin van de maand november herdenken van alle gestorvenen. Dagblad Trouw brengt op zijn website al de resultaten van een onderzoek dat vanavond in een KRO-programma op televisie wordt gepresenteerd.

‘De dood is een weinig besproken onderwerp. Twee derde van de Nederlanders bezoekt nooit het graf van dierbaren en heeft de eigen dood nog nooit met familieleden besproken. Dat blijkt uit een enquête van onderzoeksbureau Kaski in opdracht van de KRO.

Uit de enquête blijkt ook dat veel mensen wel een beeld hebben hoe hun uitvaart eruit moet zien, maar dat ze dit bijna nooit met dierbaren bespreken of opschrijven. Ruim tachtig procent van de ondervraagden heeft nog nooit iets gezegd over de wensen rondom de eigen uitvaart. Verder wil zeventig procent van de respondenten niet thuis worden opgebaard en bijna de helft vindt dat kinderen overledenen niet moeten zien.’

Verder blijkt uit het onderzoek:

‘Ruim een derde van de Nederlanders (36 procent) gelooft in een leven na de dood. In 2006 geloofde nog 40 procent daarin en in 1996 was dat nog 45 procent. Ruim een kwart van de nabestaanden ervaart de aanwezigheid van overleden dierbaren en bijna de helft (45 procent) praat hardop of in gedachten met hen. Dat geldt vooral voor vrouwen.’

Je denkt dan meteen aan het boek van Pim van Lommel. Niet toevallig wordt dat ook genoemd in een artikel van Bastiaan Baan, ‘Aan alles komt geen eind’, opgenomen in de laatste Nieuwsbrief (nr. 19) van de Rudolf Steiner Vertalingen. Deze werd meegestuurd met de novemberuitgave van Motief, maandblad voor antroposofie, maar staat nu ook al op de website van de Rudolf Steiner Vertalingen. Hij schrijft daarin:

‘De cardioloog Pim van Lommel publiceerde in november 2007 zijn boek Eindeloos bewustzijn. Een wetenschappelijke visie op de bijna-doodervaring. Het boek staat tot de dag van vandaag op de bestsellerlijst (90.000 verkochte exemplaren). Kort gezegd, maakt Van Lommel door zijn uitgebreide onderzoek op het gebied van de bijna-doodervaring duidelijk: “Aan alles komt geen eind.” Zijn conclusie naar aanleiding van jarenlang empirisch onderzoek luidt: “Ik denk dat de dood wel duidelijk is. Het lichaam sterft en het bewustzijn gaat door.” (Wilma de Rek, ‘Interview Pim van Lommel, cardioloog’, de Volkskrant 10 november 2007)’

(Het zijn er intussen al meer dan honderdduizend, die ervan verkocht zijn.) Niet alleen Van Lommel, ook een andere op de gangbare wetenschap gerichte auteur haalt Baan aan, de hier op deze weblog al eerder gememoreerde Arie Bos:

‘De arts en docent van het Universitair Medisch Centrum Utrecht Arie Bos publiceerde eerder dit jaar Hoe de stof de geest kreeg. De evolutie van het ik (met een voorwoord van Pim van Lommel). Bos is een wetenschapper, die de kloof tussen levensbeschouwing en wetenschap overbrugt – met middelen die de wetenschap aanreikt. De conclusie van zijn betoog is, net als dat van Pim van Lommel maar langs andere wegen en methoden: “Aan alles komt geen eind.”

Ook in dit werk wordt aan de geest een eigen bestaan toegekend – met de conclusie, dat de geest het leven heeft voortgebracht. Het is ondoenlijk om het betoog van Arie Bos, in een boek van ruim 400 bladzijden, recht te doen. Het gaat mij hier om het signaal dat uitgaat van zijn betoog en van dat van Pim van Lommel. Twee wetenschappers die geheel op de hoogte zijn van de wetenschappelijke denkbeelden van onze tijd, komen onafhankelijk van elkaar tot een nieuwe conclusie.

Dat deze conclusie wordt aangevallen door materialistische paradigma’s is voorspelbaar en vanzelfsprekend. Pim van Lommel zegt hierover in een interview: “Vroeger werden wetenschappers ingeperkt door de terreur van kerk en godsdienst. Dat is weggevallen, maar we hebben er een materialistisch paradigma voor teruggekregen.” Wanneer je de felle reacties van sceptici op deze publicatie volgt, krijg je wel eens de indruk dat deze critici over alles sceptisch zijn – behalve over hun eigen opvattingen, die als absolute waarheid worden gepresenteerd. Je hoeft geen profeet te zijn om te voorzien dat deze felle strijd zich in de komende jaren zal voortzetten en verscherpen. Want het gaat niet om objectieve, waardevrije wetenschap, waar je zus of zo over kunt denken! Het gaat om opvattingen die verregaande gevolgen hebben voor ons leven en (voor wie het geloven wil) voor het leven na de dood.’

Baans artikel is geschreven naar aanleiding van het verschijnen van ‘De wereld van de gestorvenen’, het nieuwste deel in de Nieuwe reeks van de Werken en voordrachten van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen. Hij schrijft hier onder meer over:

‘De wijze van omgang met de stervenden en de gestorvenen zegt iets over de aard van een cultuur. In ons geval drukt dit gebrek aan omgang uit, dat de westerse cultuur de verbinding met spiritualiteit (vergeleken met alle voorgaande culturen) nagenoeg verloren heeft. Ongetwijfeld is dit ook de reden waarom de zoektocht naar spiritualiteit in onze tijd zo’n hoge vlucht neemt. Dat van deze zoektocht tegenwoordig veelvuldig misbruik wordt gemaakt, behoeft geen toelichting. (...)

Bij het lezen van dit werk viel mij de nuchterheid op waarmee deze grote thema’s besproken worden. Enerzijds worden we geconfronteerd met een ontnuchterende werkelijkheid – die in de populaire literatuur over dit onderwerp vaak wordt verzwegen: relaties die in het leven gevormd zijn, kunnen in het leven na de dood niet “herzien” of veranderd worden. De gestorvene wordt met voldongen feiten geconfronteerd, die hij vooralsnog niet ongedaan kan maken. Alledaags gezegd: hij schept zijn eigen hemel of zijn eigen hel. Maar in deze ontnuchterende werkelijkheid kunnen de levenden iets voor de gestorvenen doen en hun bestaan draaglijk maken of zelfs verlichten. Hier krijgen de voordrachten een bijzondere toon, door het appel dat Rudolf Steiner aan zijn toehoorders doet.

De gestorvenen zijn met handen en voeten gebonden aan de gevolgen van hun daden, zowel ten goede als ten kwade, maar wij, de levenden, hebben speelruimte om hun wereld te verlichten – bijvoorbeeld door het voorlezen van geestelijke inhouden aan de gestorvenen. De morele techniek van dit voorlezen wordt door Steiner concreet beschreven.’

Mensen denken dat de wereld alleen uit materie kan bestaan, iets wat een overledenen niet kan begrijpen. Als het gaat om ontkenning van de dood en wat een mens dan te wachten staat, schrijft Baan:

‘Aan het begin van de twintigste eeuw was deze materialistische instelling ten opzichte van de dood al net zo bekend als nu. Rudolf Steiner geeft en passant in zijn voordrachten – naast het spirituele realisme, waarmee hij het leven na de dood beschrijft – een filosofische weerlegging van deze opvatting.
Ook hier komt het nuchtere karakter van de antroposofie tot zijn recht. Het is een nuchtere wereldbeschouwing in die zin, dat zij de volle werkelijkheid – die door de mens fysiek, psychisch en geestelijk wordt ervaren – beschrijft. Ook wanneer iemand meent dat de werkelijkheid alleen uit fysieke materie bestaat, leeft hij psychisch en geestelijk in een andere realiteit.’

Tot slot komt hij te spreken op het nawoord van Judith van der Bend:

‘Het is niet gemakkelijk om bij een dergelijke cyclus lezingen een nawoord te schrijven. Wat moet je nog toevoegen aan het werk van een geschoolde helderziende, die met een in zichzelf volmaakte logica de wereld van de gestorvenen toegankelijk maakt? Judith van der Bend heeft in haar nawoord geprobeerd een brug te slaan van de inhoud van deze voordrachten naar de huidige praktijk van stervensbegeleiding. Enerzijds laat ze maatschappelijke en medische ontwikkelingen zien tot aan de nieuwste trends. Daarnaast beschrijft ze de praktijk van stervensbegeleiding en begeleiding van gestorvenen, zoals die in de Christengemeenschap gangbaar is. Uit de context wordt duidelijk dat ze op dit gebied een ruime ervaring heeft.’

6 opmerkingen:

barbara2 zei

lieber michel,
ist es absicht, dass du das "r" in der überschrift weggelassen hast?
und hier kommt pim van lommel. das ist gedankenübertragung;-)
seit einigen tagen überlege ich, ob ich dich auf ihn aufmerksam machen soll.
herzlich
barbara

Ramon De Jonghe zei

Michel,

Een onderwerp dat me wel kan boeien, want ik heb beroepsmatig enkele jaren tussen overledenen vertoefd.
Ik heb op volgend citaat iets aan te merken:
‘De cardioloog Pim van Lommel publiceerde in november 2007 zijn boek Eindeloos bewustzijn. Een wetenschappelijke visie op de bijna-doodervaring. Het boek staat tot de dag van vandaag op de bestsellerlijst (90.000 verkochte exemplaren). Kort gezegd, maakt Van Lommel door zijn uitgebreide onderzoek op het gebied van de bijna-doodervaring duidelijk: “Aan alles komt geen eind.” Zijn conclusie naar aanleiding van jarenlang empirisch onderzoek luidt: “Ik denk dat de dood wel duidelijk is. Het lichaam sterft en het bewustzijn gaat door.” (Wilma de Rek, ‘Interview Pim van Lommel, cardioloog’, de Volkskrant 10 november 2007)’

Uit het citaat blijkt dat Van Lommels conclusie over de dood zou zijn gebaseerd op jarenlang empirisch onderzoek naar bijna-dood-ervaringen. Maar zijn dat geen twee verschillende zaken; dood of bijna dood?

Zou de onderzoeker zijn conclusie niet beter beperken tot het onderzoeksgebied, de bijna-dood-ervaring?

Groeten

Ramon

Michel Gastkemper zei

Liebe Barbara,
Das ist nett von Ihnen, mein Blog wieder einmal zu besuchen! Ja, das ist ein altes Wort in Holland: ‘Allerzielen’, genau wie auf Deutsch: ‘Allerseelen’. Aber man kann auch nur sagen (in heutiges Niederländisch): ‘alle zielen’, so wie auf Deutsch: ‘alle Seelen’. Damit meint man nicht gerade die Toten, sondern die Lebenden.
Herzlich,
Michel Gastkemper

Michel Gastkemper zei

Beste Ramon,
Dat zijn inderdaad twee verschillende zaken. Maar als ik het goed begrepen heb, gaat Van Lommels boek vooral over het bewustzijn en hoe dat ook onafhankelijk van de stoffelijke hersenen kan functioneren. Daar zijn hersendeskundigen het trouwens totaal niet mee eens (Dick Swaab en Mark Mieras bijvoorbeeld). In ieder geval concludeert Van Lommel hieruit dat een mens die overleden is en dus geen werkende stoffelijke hersenen meer bezit, dan ook niet volledig van zijn bewustzijn verstoken zou hoeven blijven.
Met vriendelijke groet,
Michel Gastkemper

Jan Cornelissen zei

Maar Van Lommel tracht dat (bewustzijn) te bewijzen a.h.v. bijna-doodervaringen, als zouden de hersenen in zo'n toestand helemaal niet meer functioneren. Daar is terecht veel kritiek op gekomen. En hoewel het hier uiteraard gaat over de visie van 'verstokte materialisten', wil ik het toch graag even plaatsen als tegengeluid:
- http://www.skepsis.nl/blog/2008/04/eindeloos-bewustzijn/
- http://evolutie.blog.com/2539520/?page=4

Jan Cornelissen zei

Voor de volledigeheid, hier alle bijdragen van Gert Korthof op zijn blog.
Fouten in het boek van Pim van Lommel
- Deel 1
- Deel 2
- Deel 3
- Deel 4
- Deel 5
en daarnaast nog:
- Pim van Lommel en kwantummechanica
- Pim van Lommel over hersenen en bewustzijn
- Pim van Lommel interview in NRC

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)