Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

dinsdag 24 februari 2009

Gesprekken

Dit is misschien wel het mooiste plaatje uit de hele reeks. Commentaar overbodig lijkt mij.

Vandaag maakt Aertjan Grotenhuis op zijn weblog ‘Geld’ op de website van NRC Handelsblad melding van de gesprekken die plaatsvinden tussen minister van Volksgezondheid Ab Klink en met artsenorganisaties uit het complementaire veld (‘Gesprekken over alternatieve geneeswijzen’). Dit in het kader van de voorgenomen btw-regel voor niet-reguliere behandelwijzen.

‘Hij wil nagaan of misschien enkele van hun behandelingen aan de geldende medische normen voldoen. Voor die gevallen hoeven de artsen geen btw te berekenen. Later gaat hij ook nog praten met chiropractoren en osteopaten. Acupuncturisten ontbreken in het lijstje dat de minister aan de Kamer verstrekte.’

Grotenhuis constateert dat er nog niet veel vaart zit in die gesprekken. De Tweede Kamer heeft in december bij de minister een half jaar uitstel bedongen, tot 1 juli 2009. De zorgen zijn dus nog niet voorbij. Wat gaat er dan gebeuren? Grotenhuis schrijft:

‘Het is voor de Tweede Kamer lastig uit te maken welke behandelwijzen misschien wetenschappelijk acceptabel zijn en welke gedecideerd als kwakzalverij in de hoek moeten worden gezet. Wat minister Klink betreft, deugen ze geen van alle, maar dat gaat de Kamer te ver. In andere landen worden bijvoorbeeld acupunctuur en chiropraxie als normale medische benaderingen beschouwd.

De minister lijkt geen haast te hebben. Vóór half mei 2009 hoeft de Kamer geen nader bericht te verwachten. Dat is krap, want na 30 juni 2009 geldt de btw automatisch voor alle niet-erkende alternatieve geneeswijzen van toepassing. De deadline is niet flexibel dus de minister hoeft dat ook niet te zijn. Twee maanden na de opdracht van de Kamer schrijft de minister dat hij inmiddels kans heeft gezien “contact te leggen” met twee artsenorganisaties. “Op korte termijn” kan een echt gesprek beginnen, zo denkt hij. Echt vaart zit er nog niet in.

In de artsenorganisaties zijn verscheidene zeer uiteenlopende alternatieve geneeswijzen vertegenwoordigd. Slechts een hoogst enkele komt voor ministeriële erkenning in aanmerking. De overkoepelende organisaties moeten dus kiezen vóór één deel van hun leden en tegen een ander deel. De minister zit comfortabel achter het controlebord. Dat geeft ruimte voor het aloude spel van verdeel-en-heers.’

Wat doen de complementaire artsenorganisaties op het moment eraan? Dat is mij niet bekend, op hun websites lees ik hier niets over. Wel is duidelijk dat de Vereniging tegen de Kwakzalverij het liefst druk bezig is het terrein voor te bereiden waarop de minister straks kan gaan oogsten. Voorzitter Cees Renckens himself kwam op 15 januari aan het woord in een column over dit onderwerp, ‘Btw-heffing op medische kwakzalverij voor de tweede maal uitgesteld. De minister gaat praten met artsen en chiropractors’, die in werkelijkheid dateerde van 18 december; een eerdere versie was namelijk op die datum op www.care4cure.nl geplaatst. Hij schrijft daarin met behulp van zijn bekende stijlbloempjes:

‘In een brief van 18 november 2008 van minister Klink is de Kamer meegedeeld dat eventuele btw-vrijstelling niet bedoeld is voor zorg van twijfelachtige kwaliteit. Kwalitatief goede zorg zou recht op btw-vrijstelling kunnen opleveren, maar minister Klink stelt vast dat voor de beoordeling van de kwaliteit van “complementaire zorg” (Klink heeft het dieventaaltje van de kwakzalvers al snel overgenomen) geen objectief normenkader bestaat. Alleen als de CAM-artsen, zoals minister Klink hen noemt, kunnen aantonen dat hun hulp beter is dan die van kwakzalvers die geen arts zijn, dan kan er verschil gemaakt worden. De minister studeert momenteel op dit punt.’

De webredactie (dit is ongetwijfeld Jan Willem Nienhuuys, de hoofdredacteur van de website) voegde er op het eind aan toe:

‘Op 7 januari 2009 deelde dr. A. Klink aan de Tweede Kamer mede dat contact was gelegd met de KNMG en met de organisatie van CAM-artsen, en dat hij daarna ook zou overleggen met organisaties van chiropractoren en osteopaten. “Op basis van de resultaten van deze overleggen zal bezien worden welke onderscheidende criteria er zijn, op grond waarvan btw-vrijstelling voor individuele complementaire/alternatieve gezondheidszorg kan worden toegekend, dit conform de wens van de Tweede Kamer.”

De minister kan nog voor verrassingen komen te staan, want het aantal chiropractoren en osteopaten dat ook nog arts is en niet al lid is van een CAM-artsenclub, is waarschijnlijk aan de vingers van één hand te tellen.’

Op 5 februari was het Jan Willem Nienhuys zelf die dit vraagstuk uitdiepte, in een artikel met de titel ‘Hoeveel niet-reguliere artsen zijn er eigenlijk? Analyse van een randverschijnsel’. Hij had telwerk verricht en kwam daarbij tot andere aantallen dan de zes organisaties van niet-reguliere artsen zelf opgeven in het ‘positionpaper’ (PP) uit augustus 2008, getiteld Complementaire Geneeskunde (CAM), effectief, veilig en patiëntgericht: De betekenis van de complementaire geneeskunde in Nederland:

‘Het wemelt van de ongefundeerde beweringen, en onder andere overdrijft het PP het belang van de niet-reguliere genezerij door artsen. Zo staat er te lezen (pag. 4 sectie 3): “In Nederland zijn ruim 1200 artsen lid van een van de verenigingen van complementaire geneeskunde die het onderhavige document hebben opgesteld.” Dit is onjuist. De zes artsenclubs die het PP steunen hebben samen maar ongeveer 880 artsen en tandartsen op hun websites staan, als de meervoudige adressen en lidmaatschappen verrekend worden (wat de opsteller van het PP niet gedaan heeft). Navraag leerde dat er nog 200 overige leden zouden zijn die niet of niet irregulier praktiseren of die geen arts zijn. De VHAN heeft bijvoorbeeld naar verluidt ook dierenartsen en tandartsen als lid, maar die staan niet op hun lijst van te consulteren homeopathische artsen. Buiten deze achterban van het PP heb ik nog eens naar schatting 470 artsen en tandartsen gevonden die hun niet-reguliere activiteiten vermelden in diverse adreslijsten, websites en dergelijke. Zo staan er in de Geneeskundige Adresgids circa 300 artsen vermeld als niet-regulier actief, en dezelfde bron vermeldt er nog eens ruim 100 die elders hun niet-reguliere belangstelling laten merken. Die 880 is fors minder dan de 1200 alternatieve artsen die het PP suggereert.’

Ter vergelijking onthult Nienhuys ook hoeveel leden de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK) heeft:

‘de VtdK telt onder haar leden ruim 900 artsen en tandartsen (en nog bijna eens zoveel anderen)’.

Even verderop schrijft hij over zijn monnikenwerk:

‘In 1993 was bijna 10 procent van alle huisartsen niet-regulier, nu is het nog maar 2 procent, te weten circa 265 van de 12.500 (ik heb van alle 1350 door mij gevonden niet-reguliere artsen in het BIG-register opgezocht of ze huisarts of zo waren). Er zijn overigens ook reguliere huisartsen die wel eens homeopathische middelen bij wijze van placebo voorschrijven.’

Maar dat is nog niet alles. Nienhuys weet nog meer:

‘De zes genoemde artsenverenigingen vertegenwoordigen een aantal belangrijke niet-reguliere stromingen, maar zelfs binnen hun eigen richting omvatten ze lang niet alle leden van die stromingen. Zo zijn er nog bijna 200 andere arts-acupuncturisten dan de 306 van de NAAV en ruim 100 arts-homeopaten buiten de 286 van de VHAN. De ABNG-2000 vertegenwoordigt eigenlijk niet een echte richting, want de leden passen, afgaande op wat ze op hun eigen websites en dergelijke vermelden behalve de technieken uit de andere vijf clubs ook nog een allegaartje aan methoden toe (...)’.

Opvallend is dat hij de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen (NVAA) geen enkele keer expliciet noemt. Dat blijft ook zo op 21 februari, wanneer hij de homeopathie eruitpikt, in ‘De roze bril van de homeopathie’.

‘Zes verenigingen van irreguliere artsen hebben hun mening in een “Positionpaper” neergelegd. Dat zegt onder meer dat homeopathie wetenschappelijk is. De onderbouwing is een literatuurlijst op pagina 13, een non-exhaustive list of systematic reviews van wel 21 artikelen. Maar nader onderzoek van die lijst geeft een veel minder rooskleurig beeld.

Nienhuys neemt de reeks publicaties in het positionpaper door ‘waarvan ze denken dat die de voortreffelijkheid van de homeopathie aantonen’. Hij ontdekt dat

‘de hele lijst inclusief de Engelse kop is gekopieerd uit Complementary medicine (CAM). Its current position and its potential for European health care (March 2008). Dus of de auteur(s) de referenties überhaupt gelezen hebben, moet betwijfeld worden.’

En ook vandaag is de Vereniging tegen de Kwakzalverij er weer als de kippen bij. Minister Klink stuurde gisteren een brief naar de Tweede Kamer over een ‘effectievere aanpak van misstanden in de zorg’, met daarin ‘de uitkomsten van het onderzoek naar de mogelijkheden om een effectievere aanpak van de uitwassen binnen de (alternatieve) gezondheidszorg mogelijk te maken.’ Dat is natuurlijk koren op de molen van deze vereniging:

‘Minister Klink wil artikel 96 in de wet BIG aanscherpen. Een zonde daartegen moet een misdrijf worden in plaats van een overtreding. IGZ moet meer bevoegdheden krijgen, bijvoorbeeld om op staande voet een boete op te leggen, of om ook tegen kwakzalversinstituten en niet alleen maar individuen op te treden. Misleidende namen en aanprijzingen worden ook strafbaar.’

Maar men is hier toch niet helemaal tevreden mee:

‘De VtdK is natuurlijk blij dit te horen. Echter, van het huidige artikel 96 werd nauwelijks gebruik gemaakt. Het knelpunt zit bij IGZ en het OM. Die toonden tot nu toe weinig animo om zich met de niet-reguliere genezerij te bemoeien.’

Iocob, de natuurlijke tegenstrever van de VtdK, laat vandaag het nieuws van een andere kant zien in Ab Klink bevordert rechtsongelijkheid’:

‘Nu geldt het schaden van de gezondheid door een arts nog als een overtreding, met hoogstens drie maanden cel of een boete tot 3700 euro. De minister wil er een misdrijf van gaan maken, te vergelijken met mishandeling en dood of zwaar lichamelijk letsel door schuld. Straffen voor deze delicten kunnen oplopen tot negen jaar of 74.000 euro.

Nou, dat geldt natuurlijk voor alle artsen die de gezondheid van de patiënt schaden. Niet zo gemakkelijk met het grote aantal sterfgevallen door iatrogeen handelen in het ziekenhuis! Al die reguliere dokters ook in het gevang?’

2 opmerkingen:

René zei

Ruim baan voor de kwakzalverij! Ik wens zelf uit te maken, hoe, wat, waar, ik me laat behandelen voor dit, dat, zus of zo.

Herman Boswijk zei

In het NRC-katern Opinie en Debat van afgelopen zaterdag 21-2 stond een stuk van Trudy Dehue over de innige verstrengeling van farmaceutische industrie en wetenschappelijk onderzoek en de buitengewoon kwalijke gevolgen daarvan. Desondanks is onze overheid voorstander van een vrijwillige meldingsplicht voor de industrie betreffende werkzaamheid en schadelijkheid van geneesmiddelen, op grond van belachelijke argumenten, waaronder: een groter draagvlak!
Dit staat in schril contrast met de bolsjewistische maatregelen waarmee Klink de 'alternatieve' artsen het werken onmogelijk wil maken.

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)