Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

dinsdag 1 februari 2011

Basisonderwijs

‘Omroep Brabant blijft je verrassen’, staat op de website van deze regionale zender. Onder de titel ‘Cito-toets van start – Doe de test zelf’ schrijft Henrieke Graven vandaag:
‘Het moment van de waarheid is aangebroken voor de leerlingen van groep 8. Dinsdag gaat de Cito-toets van start. De uitslag van de test helpt leerlingen en hun onderwijzers het juiste type middelbare school te kiezen.

Ruim 157.000 kinderen van circa 6200 basisscholen in Nederland buigen zich de komende drie dagen over de opgaven van de Cito-Toets. Dit jaar doet 85 procent van de basisscholen mee, evenveel als vorig jaar.

Ben je benieuwd wat de leerlingen van groep 8 allemaal moeten weten? Ben je benieuwd wat je er zelf van bakt? Doe hier de Cito-toets. Klik rechts in het menu op “Eindtoets voor ouders” en je krijgt twintig vragen over rekenen, taal en wereldoriëntatie op het niveau van een twaalfjarige. Je krijgt na afloop direct te zien hoeveel je er goed had. Door technische problemen bij Cito kan het lang duren voor de test geladen is.

Paniek
Voor veel kinderen en hun ouders is de toets erg belangrijk. Een zo hoog mogelijke score is het doel en daarom worden sommige leerlingen in de laatste weken voor de toets klaargestoomd met cursussen, bijles en stapels oefentoetsen. Op basisschool De Doelakkers in Hilvarenbeek doen ze niet zo paniekerig over de test. Marga Paridaans, leerkracht van groep 8, zegt zo normaal mogelijk om te gaan met de toets zodat de kinderen zich niet al te druk maken.

Op de Vrije School Brabant in Eindhoven wordt de test helemaal niet afgenomen. Directeur Ray Kusters vindt de toets in deze vorm, met nadruk op cognitieve kennis, ongeschikt. “Wij willen meer van onze kinderen weten.”

Vragen
De Cito-toets heeft dit jaar een verplicht deel met tweehonderd meerkeuzevragen over taal, rekenen en wiskunde, en studievaardigheden. Daarnaast kunnen scholen meedoen met het onderdeel wereldoriëntatie. Kinderen die deze negentig opgaven onder hun neus krijgen, moeten vragen beantwoorden over onder meer geschiedenis.

Problemen
Er waren maandag wel meteen wat opstartproblemen. Bij basisscholen waar ze de toets digitaal maakten, was de site tijdelijk onbereikbaar. Later op de ochtend was het probleem verholpen. Ook de test voor ouders kon niet altijd worden geladen.

Op openbare basisschool de Sleutelaar in Bladel zou een leerling de Niveau-toets digitaal maken. De andere leerlingen maken de toets op papier. Het kind dat de Niveau-toets online zou maken, kon dinsdagmorgen niet beginnen aan de vragen. “Het scherm bleef uren hangen bij de eerste vraag”, aldus directeur John van Rijsingen. Vervolgens kreeg hij een uur lang het Cito niet aan de telefoon. De school liet de leerling alvast schriftelijk enkele vragen maken. Op basisschool De Klimop in Reusel konden drie leerlingen pas om half elf inloggen. Een van de kinderen werd na een uur weer uit het systeem gegooid, zegt Roy Pellegrom, leraar van groep acht. Hij is verontwaardigd dat de site overbelast raakte, ondanks dat Cito al lang weet hoeveel kinderen de toets moeten maken.

De uitslag van de toets wordt in de week van 28 februari bekend.’
Van het ongemak met Cito-toetsen maakte ik gisteren al melding in ‘Wikkelgoed’, wat niet ging over de elektronische onbereikbaarheid, maar vandaag komt dit pas goed naar voren. Ricus Dullaert van Trouw begon er al over op 15 januari in ‘We willen dit liever niet, maar je moet meehollen’. Hij was op bezoek bij de christelijke basisschool ’t Kruispunt in Hilversum:
‘(...) groep 8 bereidt zich voor op de Citotoets, die ze begin februari moeten maken. Dat gebeurt behoorlijk intensief, zegt juf Saskia Zieleman. “We oefenen de hele maand januari om de dag een uur met oude Citotoetsen. Puur om de kinderen voor te bereiden op de toetsvorm.” Het is voor het eerst dat ’t Kruispunt zoveel oefent. De reden: de Citoscores waren de afgelopen jaren te laag.

Eigenlijk is het te gek voor woorden, zegt directeur Ronald de Moor. “We willen dit liever niet, dat trainen. Het voelt niet oké. Maar als je het niet doet, val je buiten de boot.” Want, zegt De Moor, er is bijna geen school te vinden die niet oefent op de Citotoets. “Collega’s vroegen me: Ronald, hoezo doen jullie dat niet? Je moet wel meehollen met de meute.”

De Moor legt uit: zowel de school als de leerling wordt afgerekend op lage Citoscores. De inspectie vergelijkt de Citoscores van de school met soortgelijke basisscholen. Die tikte ’t Kruispunt enkele jaren geleden op de vingers vanwege de lage resultaten. En de leerlingen worden op hun score afgerekend door de middelbare school.

De Moor: “De scholen in Hilversum zijn de laatste jaren een stuk strenger geworden. Ze eisen een bepaalde Citoscore, anders laten ze een leerling niet toe. Onze leerkracht van groep 8 moet praten als Brugman als een kind een punt te laag scoort voor de havo, maar er eigenlijk wel thuishoort.”’
Ik kom straks terug op de Trouw van hedenmorgen, maar nu eerst ‘Erik van Muiswinkel, Wouke van Scherrenburg, Sylvia Witteman e.a.’ met een Open Brief op de website van de Volkskrant vandaag over ‘Cito paniek: brief aan alle grote mensen’:
‘Vandaag begint de Cito-toets. Voor veel bekende en onbekende Nederlanders reden om in een open brief het op te nemen voor het vmbo en de vmbo’er.

In deze periode vinden er adviesgesprekken plaats op de basisscholen met ouders en leerlingen van groep 8. Op 1, 2 en 3 februari wordt op veel basisscholen de Cito-toets afgenomen. Hierna volgt een definitief schooladvies met betrekking tot het vervolgonderwijs voor deze leerlingen.

Met andere woorden: het is tijd voor de Cito paniek bij veel ouders. Er wordt over gesproken op het schoolplein, aan de eettafel, per telefoon in de auto, op weg naar de muziekles, in de rij bij de kassa, in de keuken en tijdens het bezoek aan opa en oma. Kinderen vangen hier flarden van op of zelfs onbedoeld het hele gesprek. Ouders praten met kinderen en oefenen de Cito nog maar weer eens: “Schatje, doe je best dan kun je zeker havo halen.” Of: “Kind, er is niks mis met het vmbo, maar jij kunt echt beter.” De toon van deze gesprekken is er niet zelden één van angst. Mijn kind naar het vmbo? Dat zullen we nog wel eens zien.

Vakkanjers
En inderdaad zien we dat. Het vmbo-onderwijs telt circa 450 duizend leerlingen. Is dat erg? Nee. Sterker nog. Dat moet, want ze zijn onmisbaar. Circa 65 procent van de beroepsbevolking bestaat uit vakkanjers die eerst vmbo en dan mbo hebben gevolgd. Velen denken dat het wél erg is. Maar wat pas erg is, is dat we op deze manier kinderen het idee geven dat ze falen als er een vmbo-advies uitkomt. En de leerlingen die al op het vmbo zitten krijgen een etiket mee.

Nou ja, op de tennisbaan klinkt het misschien lekkerder als je kunt zeggen dat je kind vwo-advies heeft. En in een familie van bollebozen waar de verontwaardiging over het kabinetsbeleid ten aanzien van universiteiten groot is, is het moeilijk enthousiast te vertellen over zoon of dochter die naar die leuke vmbo gaat waar ze van die prachtige praktijklokalen hebben (die bestaan namelijk echt!).

Passie
Waarom? Grote mensen, wees eens heel eerlijk. Willen we het beste voor onze kinderen? Of het hoogste onderwijsniveau in ons systeem? Dat is niet altijd hetzelfde. Ouders mogen (moeten) kinderen helpen hun passie te ontdekken en kwaliteiten en vaardigheden zo goed mogelijk te ontwikkelen. Het doel is een zinvolle plek in de werkende maatschappij in een vak waar ze blij van worden en goed in zijn. Dat leidt tot gelukkige mensen en economische zelfstandigheid.

Ambities zijn gezond en brengen ons verder in het leven. Ambities gaan over het inzetten van al je kennen, kunnen en emoties om iets te bereiken, dat bij jou en onze samenleving past. Niet de ambitie om het (v)mbo te ontlopen, maar de ambitie om al je talenten passend te ontwikkelen! De meeste vmbo’s zijn bemenst met bevlogen docenten en kinderen die zin hebben in de toekomst en in het vak dat ze voor ogen hebben.

Kritiek en vooroordelen richting een onderwijssysteem, of dat nou terecht of onterecht is, is één ding.

Oordeel
Dit vooroordeel laten verworden tot een oordeel over de jongens en meisjes van het vmbo is een ander. Als het imago van het vmbo gedeukt en gebutst is, is dat de verantwoordelijkheid van ons grote mensen. Maar “don’t blame the kids!” Het voert te ver om hier in te gaan op het hoe en waarom en hoe anders. Waar wij aandacht voor vragen is het vooroordeel wat we vooral in deze periode van schooladviezen uitdragen naar de kinderen. Kleine potjes hebben grote oren. Groep 8-kinderen die tegen elkaar zeggen dat ze hopelijk niet naar het vmbo hoeven, hebben dat echt niet zelf bedacht. En wie vraagt zichzelf weleens serieus af hoe reëel zijn/haar beeld van een vmbo-opleiding eigenlijk is?

Als we dit niet bijsturen, worden zij de volgende generatie grote mensen die het vooroordeel in stand houden en dezelfde negatieve boodschap uitzenden naar de generatie daarna. En als wij grote mensen het vmbo echt zo erg vinden, zullen we dan in het vervolg zelf maar ons haar knippen, de wasmachine repareren, onderhoud aan onze auto plegen en de badkamer verbouwen? Kunnen we het vmbo tenminste binnenkort opheffen. Zijn we daar van af.

Beroepsdromers
Of bedoelen we dat het kind van de buurman wel naar het vmbo mag, maar die van ons liever niet? Dat mogen we vinden. Maar doe dat dan in stilte. Want kleine potjes hebben grote oren. En deze kleine potjes vormen toevallig wel de toekomstige generatie vakkanjers en beroepsdromers. Van wie er trouwens ook nog eens enkelen hun droom van arts of advocaat worden waarmaken. U kent ze wel: de stapelaars.

“Alles mag je worden. Behalve ongelukkig. Beloofd?” (dichter Erik van Menkveld). Wij grote mensen en ondertekenaars doen deze belofte aan jongeren. U ook?

Catelene Passchier; bestuurslid FNV Vakcentrale
Erik van Muiswinkel; theatermaker, cabaretier, imitator, presentator, zanger
Frans Meijers; lector Pedagogiek van de Beroepsvorming, Meijers Onderzoek & Advies
Jack Spijkerman; TV presentator, cabaretier, programmamaker
Jos Leenhouts; bestuurslidr MBO raad
Marinka Kuijpers; lector Pedagogiek van de Beroepsvorming, CarrièrePerspectief
Pieter Jouke; tekstschrijver, comedian en presentator
Richard Lamb; Trendwatcher en futuroloog, spreker
Sylvia Witteman; schrijfster en culinair journaliste
Wouke van Scherrenburg; oud parlementair verslaggever, dagvoorzitter, politiek cafe Piment
e.a.

Opsteller en contactpersoon:
Bedenker Onderwijs On Stage: Corine Korrel
06-5247 1269/corine@onderwijsonstage.nl’
Dat liegt er niet om; de boodschap is heel duidelijk. Zo mogelijk nog duidelijker is Trouw vandaag met ‘“Inspectie misbruikt de Citotoets”. Petitie tegen afrekencultuur op school. Binnen week 13.000 handtekeningen’:
‘De Citotoets is veel te eenzijdig en bovendien wordt hij misbruikt om scholen de maat te nemen. Daardoor is in het basisonderwijs een “afrekencultuur” ontstaan die scholen verlamt. Een petitie met die strekking is in een week tijd door ruim 13.000 mensen ondertekend.

(...) Steen des aanstoots voor de initiatiefnemers van de petitie is onder meer de Citotoets. “Die is bedoeld om in kaart te brengen wat leerlingen weten”, zegt een van hen, oudschooldirecteur Ad Boes. “Maar de inspectie gebruikt de resultaten om scholen af te rekenen. Daarvoor is de toets niet bedoeld, dat vindt ook het Cito zelf.”
De bedoelde website is gauw gevonden: ‘Red het basisonderwijs! Stop de afrekencultuur!’ Daar staat te lezen:
‘Kinderen gaan naar school om te leren. Het spreekt voor zich dat er veel aandacht is voor de basisvaardigheden. De wijzer is echter doorgeslagen. Door de overdreven nadruk van de overheid op taal en rekenen daalt de kwaliteit van het onderwijs als geheel. Er treedt namelijk verschraling op en leraren verliezen het plezier in hun werk. Hadden we ooit een onderwijsinspectie met stimulerend toezicht, tegenwoordig is de inspectie gedegradeerd tot met rekenmachines uitgeruste ambtenaren die slechts nog geïnteresseerd mogen zijn in “opbrengsten”.

Er is de laatste jaren door veel deskundigen uit de wetenschappelijke en onderwijswereld ernstig gewaarschuwd tegen de negatieve effecten van deze ontwikkeling. Scholen en leerlingen worden gereduceerd tot cijfertjes. De natuurlijke ontwikkeling van met name het jonge kind wordt verstoord.

Het is hoogste tijd om het tij te keren. Vandaar de actie: RED HET BASISONDERWIJS.

Door het verzoekschrift te ondertekenen, steunt u de oproep aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om het onderwijsbeleid en het onderwijstoezicht fundamenteel te herzien, opdat leraren hun beroep en hun enthousiasme terugkrijgen en het onderwijs zijn balans en zijn glans.’
‘Drs. Pier Bergsma – Studeerde na de kweekschool Nederlandse Taal en Letterkunde. Hij was gedurende lange tijd werkzaam in het onderwijs als directeur van een basisschool. Hij publiceert regelmatig over onderwijs onder andere als vaste columnist van het Friesch Dagblad.

Drs. Ad Boes – Vanaf 1961 achtereenvolgens werkzaam in het (toen nog) lager onderwijs en in een pedagogische academie. Auteur van “Een streep door de eindtoets” (Boes, A en K. Both, 2001) en “Elke school is er één” (Boes, A., 2007), waarin voorstellen worden gedaan om het toezicht te verbeteren.

Herman Godlieb – Sinds 1974 werkzaam in het onderwijs. Momenteel meerschoolsdirecteur van enkele basisscholen. Is auteur van “De weging gewogen” (Godlieb, 2008). Een onderzoek naar de beoordelingssystematiek van de onderwijsinspectie.

Dr. Henk van der Weijden – Onderwijspedagoog en oud-inspecteur van het onderwijs. Was leraar en directeur in het basisonderwijs en aan een pedagogische academie. Is van 1983 tot 2009 werkzaam geweest als inspecteur in het (primair)onderwijs. Promoveerde met een studie over het leren samenleven in basisscholen.’
Interessant is ook het ‘Comité van aanbeveling “Red het basisonderwijs”’, met uiteraard veel bekende namen, waarbij mij meteen Gert Biesta en Jan Dirk Imelman om uiteenlopende redenen in het oog springen (de eerste sprak in 2009 op de MichaëlConferentie van de Vereniging van vrijescholen, terwijl de tweede vroeger een verklaard tegenstander van de vrijeschool was, zie zijn met P.B.H. van Hoek geschreven boek uit 1983, ‘Hoe vrij is de vrije school? Een analyse van de antroposofische pedagogiek’):
‘Dr. J.W.A. Berding, Hogeschool Rotterdam
Prof. dr. G. Biesta, University of Stirling, Schotland, UK
Dr. G. Breeuwsma, Rijksuniversiteit Groningen
Dr. M.F. Delfos, Twente School of Education
Prof. dr. S.M. Goorhuis-Brouwer, Rijksuniversiteit Groningen
Prof. dr. P.L.C. van Geert, Rijksuniversiteit Groningen
Prof. dr. J.D. Imelman (em.), Universiteit Utrecht
Prof. dr. G.A. Kohnstamm (em.), Rijksuniversiteit Leiden
Prof. dr. G. Kelchtermans, Katholieke Universiteit Leuven
Dr. Y.A.M. Leeman, Hogeschool Windesheim Zwolle
Dr. B. Levering, Universiteit Utrecht
Prof. dr. R. Martens, Open Universiteit
Prof. dr. J. Masschelein, Katholieke Universiteit Leuven
Dr. W.A.J. Meijer, Rijksuniversiteit Groningen
Prof. dr. S. Miedema, Vrije Universiteit Amsterdam
Drs. W. Pols, Hogeschool Rotterdam
Prof. dr. D.J. de Ruyter, Universiteit van Amsterdam
Prof. dr. M. Simons, Katholieke Universiteit Leuven
Dr. P.J. Tellegen, Rijksuniversiteit Groningen
Dr. E. Vervaet, Stichting Histos, Amsterdam
Prof. dr. L.J.A.Vriens, Universiteit Utrecht
Dr. W. Wardekker, Hogeschool Windesheim Zwolle’

1 opmerking:

Joep Eikenboom zei

Vanmorgen om 7 uur werd ik aan de ontbijttafel al getrakteerd op een Radio-1-interview met een kind dat vandaag aan de eerste dag van de Cito-toets (3 dagen) zou beginnen.

Als je al niet gek was, dan werd je het elk jaar opnieuw van al die aandacht en hectiek.
Die toetsen moeten de leervorderingen/mogelijkheden van de kinderen zogenaamd inzichtelijk en transparant maken. Maar de resultaten worden misbruikt, door de inspectie om scholen te beoordelen, door het Voortgezet Onderwijs om kinderen af te wijzen (ook zij worden op resultaten afgerekend), door ouders om status aan te ontlenen, door de media om nieuwsitems te genereren (waarover moeten ze het anders hebben?) enz.

Maar: Wie heeft het eigenlijk nog over de kinderen?

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)