Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

woensdag 13 mei 2009

Associëren

‘1. Gebruikt de bd-beweging teveel oud jargon, waardoor aansluiting bij de huidige wijze van communiceren wordt gemist?

2. Vindt teveel doorgaande recycling plaats van oude ideeën waarvan gebleken is dat ze niet vruchtbaar te maken zijn?

3. Worden analogieën en associaties te vaak tot (schijn)werkelijkheid verheven?

4. Neemt succes af doordat regelmatig van alles tegelijk wordt geprobeerd op zowel landbouwkundig, sociaal als economisch vlak?’

Dit zijn ‘vier vragen ter reflectie’ die Eugène Thijssen zich stelde in ‘Dynamisch Perspectief’, het tijdschrift van de bd-vereniging, in het artikel ‘BD anno nu: het slop en de kansen’ in nummer 5, winter 2007, blz. 27-28 (niet meer op internet te vinden; de inhoud van het tijdschrift staat niet langer op de website van de bd-vereniging; hopelijk na de vernieuwing weer wel). Op de website van het Louis Bolk Instituut wordt Eugène Thijssen vermeld als freelance medewerker.

Hij geeft zelf antwoord op deze vier vragen en uit daarbij kritiek op het inhoudelijk en communicatief vermogen van de bd-beweging, waarbij hij met concrete voorbeelden komt:

‘1. Oud jargon
“Zoals de stikstof gebonden moet blijven aan het leven, zo moet bij de economie het geld gebonden blijven aan de wilsimpulsen van mensen” of “Het toepassen van niet-bedrijfseigen stikstof, anders dan als medicijn, heeft op de lange termijn gelijksoortige negatieve consequenties als gebruik van niet-wilsgebonden waardedragers in het economische proces, anders dan als medicijn. Zowel in de economie als in de landbouw bestaan er samenhangen tussen alle facetten, die niet willekeurig zijn, maar door een geestelijk wezen tot stand worden gebracht.”

Dit lijkt me jargon wat het een eeuw geleden misschien goed deed, maar nu echt niet meer aansluit bij het hedendaags taalgebruik. De boodschap mist zo een publiek. Zie overigens ook punt 3.

2. Recycling onvruchtbare ideeën
“Antroposofisch gezien stimuleert de aardappel het denken vóór in het hoofd, waar zich het materialistische, intellectuele denken bevindt in tegenstelling tot graan dat het denken achter in het hoofd stimuleert, waar het associatieve, kosmische denken zich bevindt. Het kan goed zijn dat deze verandering van basisvoedsel een bevorderende werking heeft gehad op de industriële revolutie”. Dit soort veronderstellingen wordt al tientallen jaren stellig naar voren gebracht zonder schijn van bewijsvoering. Voorgestane rituelen als de zaaikalender schaar ik hier ook onder; is er hier – in meer dan veertig jaar – ook maar één van de veronderstelde relaties onomstotelijk bewezen? En overigens: welke productiegerichte bd-tuinder gebruikt de zaaikalender nog als een hulpmiddel dat belangrijker zou zijn dan weers-, bodemomstandigheden, beschikbare arbeid, etc.? Rituelen kunnen nuttig zijn om de aandacht op iets te richten, om de samenwerking te versterken etc. Ze tot werkelijkheid verheffen is weer iets anders; dat holt de mogelijkheid tot nieuwe ontwikkelingen uit.

3. Analogieën en associaties
Artikel over de Maretak en kanker: “De bomen waar hij op zit zijn vaak oud: verschillende bollen kunnen er in zitten: vaak hoog boven de grond. Het geeft de indruk dat de boom ziek is. Het kan aan gezwelvorming doen denken, eventueel aan de uitzaaiingen daarvan”. Een analogieredenering met tevens de hypothese: iets wat ergens op lijkt, werkt er tegen. Neem ook de verborgen associatie in een zin als: “Er wordt niet echt een doorlopende stengel gevormd. Het lijken losse stukken, die tegen elkaar aangedrukt zijn. Het doet aan geleedpotige dieren denken, zoals kreeften dat zijn”. Nu moeten we denken aha!: Maretak – kreeft – Krebs – kanker.

Veelvuldig wordt gebruik gemaakt van analogieredeneringen; bijv.: “dit proces van compostering lijkt wel op een ontwikkeling van een plant”. Dit kan vruchtbaar zijn als een begin om ergens een verborgen patroon te ontdekken of een verwijzing naar een oorzaak. Vaak echter blijft het hier hangen en wordt de stap verder -naar een bewijs van het werkelijke verband- niet gezet. De analogie wordt dan gepromoveerd tot een waarheid op zichzelf, met uiteindelijk gechargeerd gezegd het gevaar: “een koe heeft vier poten en geeft melk; een tafel heeft vier poten, dus...”

Het probleem van analogieredeneringen: ze zijn spannend en stimuleren creatief denken, maar zonder verdere grond is het gebakken lucht en door eindeloze herhaling gaan ze een eigen leven leiden.

Een ander voorbeeld van wild associëren kom ik tegen in het volgende citaat: “De verbinding buitenplaneten, zon, warmte en kiezel laat dan natuurlijk de kosmische krachten door, die van ver komen. Ik kan me goed voorstellen dat juist deze verre krachten de mens tot voeding kunnen dienen in een situatie dat hij op aarde ver van deze krachten verwijderd is”.

4. Experimenten door elkaar
Geen letterlijke citaten. Wel zie ik een aantal bedrijfsbeschrijvingen waar zowel economisch als landbouwkundig geëxperimenteerd wordt. Mooi als het goed gaat. Vaak ook gaat het mis en levert het ruzies of faillissementen op. Volgtijdelijkheid kan hier geen kwaad: eerst de vernieuwende landbouw in de vingers (is al moeilijk genoeg) daarna de sociale of economische experimenten als dat gewild wordt. Het voorkomt ook dat opgebouwde waarden (in geld en geest) worden vernietigd bij opvolging; iets wat helaas maar al te vaak voorkomt.’

Dit alles werd door Eugène Thijssen ‘Het slop’ uit de titel van zijn artikel genoemd. In het slot van zijn artikel worden weer net zo concreet ‘De kansen’ beschreven:

‘Biologisch én dynamisch. De extra waarde van de bd benadering (het dynamische) zit wat mij betreft in het verschil tussen benutten (middel) en bereiken (doel). Het gangbare landbouwsysteem kiest (koos) in hoge mate voor onafhankelijkheid van ecosystemen. In de biologische landbouw worden het ecosysteem (samenspel van al het levende op een bedrijf) en de heelheid (van bijvoorbeeld dieren) benut voor de productie. In de bd-landbouw vertegenwoordigen ecosysteem en heelheid beide ook een zelfstandige waarde die je wilt bereiken. Uit dit streven om heelheid en systeemsamenhang niet alleen als middel te zien, maar ook als doel, kunnen verrassende vernieuwingen voortkomen. Twee voorbeelden ter illustratie (ontwikkeld door boeren in samenwerking met het Louis Bolk Instituut):

Koppelbedrijven
De BD kent het ideaal van de gemengde bedrijfsvoering. Dit vanuit de gedachte van een optimaal functionerend eco-systeem bij het samenspel van al het levende (plant en dier) op een bedrijf. Niet alleen als middel maar ook als nastrevenswaardig doel.

De Nederlandse situatie (bijvoorbeeld veenweidegebied) leent zich echter niet altijd voor een gemengde bedrijfsvoering. Louter geredeneerd vanuit benutting optimaliseer je slechts de bestaande (ontmengde) situatie van het eco-systeem. Vanuit het streven naar de gemengde bedrijfsvoering is er echter gewerkt aan “het gemengde bedrijf op afstand”; afstemming van bouwplan en bemesting van bijvoorbeeld een tweetal bedrijven. De een draagt bij aan de opbouw van organische stof van de ander die vervolgens weer voer van gewenste kwaliteit levert etc. Geen willekeurige uitruil, maar daadwerkelijke afstemming. BD in moderne jas, aansluitend bij maatschappelijk gewenste regionale kringloopsluiting.

Kalveren bij de koe
Heelheid van het dier staat voorop in de bd-landbouw. Zowel letterlijk (niet onthoornen, snavelkappen etc.) als qua levensomstandigheden. Consumenten die bedrijven bezoeken komen steeds met de vraag waarom kalveren direct van de koe worden gescheiden. Vanuit het streven naar heelheid is er gewerkt om de scheidingstraditie om te zetten in het samen laten gaan van kalveren bij de koe. Dit vraagt echter veel aanpassingen in stalsystemen en het oplossen van vraagstukken rond gezondheid en opbrengst. Op een groeiend aantal bedrijven is dit echter gelukt. Weer bd in een moderne jas, aansluitend op consumentenvragen.

Kortom. Veel is mogelijk, maar veel moet worden verlaten willen we voorkomen dat Biologisch Dynamische landbouw over 17 jaar – bij het eeuwfeest – verdampt is in schoonheid en tot geschiedenis geworden.’

Geen opmerkingen:

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Translate

Volgers

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)