Bedoeld is: antroposofie in de media. Maar ook: in de persbak van de wijngaard, met voeten getreden. Want antroposofie verwacht uitgewrongen te worden om tot haar werkelijke vrucht door te dringen. Deze weblog proeft de in de media verschijnende antroposofie op haar, veelal heerlijke, smaak, maar laat problemen en controverses niet onbesproken.

vrijdag 8 mei 2009

Significant

Gisteren aan het eind van de dag kreeg ik de nieuwe Motief in de bus. De geheel vernieuwde Motief mag ik wel zeggen. Want die heeft een facelift ondergaan:

‘Motief is in een nieuw jasje gestoken. “Daarmee hebben we een langdurig proces afgerond, dat begon met onvrede over de kwaliteit van het papier. Die kwaliteit kon beter maar ook milieuvriendelijker, vonden we. En voor we het wisten kregen we steeds meer wensen: meer kleur, een ander lettertype, een ander formaat”, aldus hoofdredacteur Jana Loose in het nieuwe nummer dat aanstaande zaterdag verschijnt. Nieuw in Motief zijn ook de uitgebreidere nieuwspagina’s en een “dwarskijkende” column, waarvoor de redactie ieder trimester een andere columnist uitnodigt. Het meinummer van Motief heeft als thema “vrijheid en communicatie”. Met onder andere een artikel over geweldloze communicatie. En een artikel over hoe het persoonlijke karma van Winston Churchill wereldkarma werd.’

Toen ik dit nummer in handen had, kreeg ik gelijk een paar déja vu’s, van Jonas in een heel vroege incarnatie, maar ook van Driegonaal (die groene kleur!) en Info3 (formaat, kwaliteit papier, gevoel in de hand) in vroeger tijden. Is het daardoor een retro-Motief geworden? Dat oordeel zou ik nog niet durven uitspreken. Eerst het blad maar op zijn eigen, en dan vooral inhoudelijke merites bekijken.

Waar ik het vandaag over wil hebben, is iets wat me trof op blz. 30. Op die en de voorgaande pagina bespreekt Marcel Seelen in ‘Tussen traditie en toekomst’ (er staat abusievelijk ‘tekst: Mark Mastenbroek’ boven) het proefschrift van Hilde Steenbergen over de kwaliteit van vrijescholen, dat zo veel stof heeft doen opwaaien en dat hier ook al heel veel malen over de tong (of door de hand, via de toetsen) is gegaan. De laatste keer was op 17 april in ‘Onweerlegbaar’, waarbij ik me afvroeg of het imago van de vrijescholen nog wel opgevijzeld kon worden:

‘Interessant in dat opzicht is het vorige bericht van 8 april op de weblog van de Vereniging van vrijescholen, Promotie Hilde Steenbergen: “Vrije en reguliere scholen vergeleken”, waarin door Inge Haagsma met behulp van Rudolf van Lierop wordt teruggekeken op de verdediging aan de Rijksuniversiteit Groningen van haar proefschrift op 12 maart.’

Als meest bijzonder feit haalde ik de receptie na afloop van de promotieplechtigheid aan, waarbij de promovenda in een persoonlijk gesprekje een onthullende ontboezeming werd ontlokt.

Wat ik in alle commentaren en reacties tot nu toe niet ben tegengekomen, is wat Marcel Seelen in de nieuwste Motief weet te berichten over deze gebeurtenis. Dat blijkt nog schokkender te zijn dan het voorgaande. Ik citeer:

‘Maar hoe zit dat dan met de conclusie, dat rekenen en Nederlands beneden de maat is, en dat het niveau niet meer in te halen valt, aldus Steenbergen? Op donderdag 12 maart zat ik in de aula van de univer­siteit van Groningen, waar de promotie plaatsvond. Acht hoogleraren namen drie kwartier de tijd om de studie kritisch tegen het licht te hou­den. Een professor in de sociologie met grote kennis van statistiek ver­telde dat hij zeer nauwkeurig de tabellen had bekeken met betrekking tot de resultaten voor het vak rekenen. Welnu, merkte hij op, als de wegingsfactoren werden meegerekend, dan zag hij geen enkel verschil in niveau tussen beide groepen leerlingen. Steenbergen sprak echter van “significante” verschillen. Hoe kwam zij daarbij? De promovenda viel stil, begon hakkelend aan een antwoord, raakte de draad kwijt, vervolgens de vraag en toen die opnieuw streng werd gesteld, gaf ze toe dat ze het niet kon verklaren. De hoogleraar vroeg toen of ze haar bewering moest intrekken. Ze antwoordde bevestigend. Er was geen aanwijzing voor haar conclusie... Er heerste een spanning in de aula die ons de adem benam. De volgende vraag, hoe zij dan voor het vak Nederlands kon verklaren dat... die vraag mocht zij van de rector mag­nificus naast zich neerleggen. De vragen erna moest ze ook onbeant­woord laten. De nederlaag was compleet. Maar omdat een promotie een formaliteit is, werden uiteindelijk de woorden “hora est” gesproken en werd de doctoraatsbul uitgereikt.’

Nou moe?, vraag ik me met Guust Flater (Gaston Lagaffe voor de francofielen) af. Waarom heb ik dat nergens gelezen? Dat is nogal een niet onbelangrijke constatering. Misschien is Motief hier wel speciaal voor... Het verandert natuurlijk de hele zaak.

Op de weblog van de Vereniging van vrijescholen werd in het genoemde bericht ook nog verwezen naar een andere reactie:

‘Klik hier voor de bespreking van het proefschrift door Gijs van Lennep, rector van De Stichtse Vrije School te Zeist.’

Die is gedateerd 14 maart en is heel uitgebreid, wel zeven pagina’s lang; daarin staat ook dit:

‘Met betrekking tot de gemeten achterstand in het cognitieve gebied is een kanttekening te maken. In het proefschrift is enige onduidelijkheid over de relatieve resultaten van de wiskundetest in het derde leerjaar van de Vrije School.

Er wordt geschreven (blz. 137) dat er dan geen significant verschil meer is als alle instroomfactoren worden verdisconteerd, terwijl er ook wordt vermeld dat er een achterstand blijft. Tijdens de verdediging van het proefschrift op 12 maart, werden hierover vragen gesteld door een van de “opponenten” (een kritisch bevragende hoogleraar). Het bleek dat de vermeende achterstand in wiskunde feitelijk niet concreet weer te geven was. Op de vervolgvraag van de betreffende hoogleraar of geconcludeerd kon worden dat het Vrije School voortgezet onderwijs “dus zeer goed werk verricht”, was het antwoord van de promovenda “ja”. Ook het uiteindelijke verschil in de “netto” scores voor Nederlands worden als “licht” gekenschetst. Het is mij niet duidelijk hoe zwaarwegend een en ander nu op te vatten is en waarom nu juist deze achterstanden zo nadrukkelijk tot in de stellingen (en ook sensationeel vergroot in de media) genoemd worden.’

Dat heeft toch wel een heel wat andere toon dan wat Marcel Seelen schrijft. Waarom is niemand zo duidelijk als hij? En vooral, waarom zijn ze dat zelf niet bij de Vereniging van vrijescholen?

2 opmerkingen:

Frans Wuijts zei

Ik koppel het onderwerp van vandaag over de Vrije School even aan dat van 6 mei jl. waarin Roel van Duijn ter sprake kwam. Tijdens het uitpakken van de verhuisdozen en de herinrichting van mijn boekenkast (sinds 15 april woon ik weer in Friesland) kwam ik gisteren het boekje ‘Hoefslag, over politiek en spiritualiteit’ uit 1988 tegen van Roel van Duijn. Het boekje bevat een reeks korte artikelen, waaronder vanaf blz. 41 ‘Trias organica: de driegeleding van cultuur, staat en economie’. Hij vertelt dat een goede vriend eens tegen hem zei dat het idee van Rudolf Steiner over ´maatschappelijke driegeleding´ sterk overeenkwam met de kern van zijn (Van Duijns) eigen politieke opvattingen. Van Duijn beschrijft zijn ontdekkingstocht in de ‘driegeleding van het sociale organisme’ en valt van de ene herkenning in de andere als hij zijn eigen gedachten toetst aan wat hij onder andere in het boek van Rudolf Steiner ‘’Die Kernpunkte der soziale Frage’ tegen komt (dat hier over de maatschappij werd gesproken als sociaal organisme begon hem meteen al aan te spreken). De passage echter die hem een echte ‘schok van de herkenning’) gaf is de volgende:
‘Door de buitengewoon grote betekenis van het economische leven in de burgerlijk -maatschappelijke organisatie van de laatste eeuwen is het geestesleven in sterke mate afhankelijk geworden van het economische leven. Het bewustzijn van ‘een in zichzelf gegrond geestesleven waaraan de menselijke ziel deel heeft’ (cursiveringen van Van Duin zelf) is verloren gegaan’. De herkenning zat voor hem vooral in het eerste deel, de schok in het cursieve deel.
Dat was dus in 1988. De passage dateert van begin vorige eeuw. Ook vandaag de dag heeft deze passage nog niets aan betekenis ingeboet.

Frans Wuijts zei

Het berip 'trias organica' kwam ik even later ook tegen op de website van Vincent Loosjes, jurist te Werkendam, te weten 'Website over Staatsrecht met speciale aandacht voor de vrijheid van onderwijs'. www.loosjes.nl Hij noemt het in het artikel 'Architectuur van de staat' onder de link 'Staatsrecht'. In dat artikel gaat hij ook uitgebreid in op de ideeën van Rudolf Steiner over de driegeleding van het sociale organisme.

Labels

Over mij

Mijn foto
(Hilversum, 1960) – – Vanaf 2016 hoofdredacteur van ‘Motief, antroposofie in Nederland’, uitgave van de Antroposofische Vereniging in Nederland (redacteur 1999-2005 en 2014-2015) – – Vanaf 2016 redacteur van Antroposofie Magazine – – Vanaf 2007 redacteur van de Stichting Rudolf Steiner Vertalingen, die de Werken en voordrachten van Rudolf Steiner in het Nederlands uitgeeft – – 2012-2014 bestuurslid van de Antroposofische Vereniging in Nederland – – 2009-2013 redacteur van ‘De Digitale Verbreding’, het door de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ) uitgegeven online tijdschrift – – 2010-2012 lid hoofdredactie van ‘Stroom’, het kwartaaltijdschrift van Antroposana, de landelijke patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg – – 1995-2006 redacteur van het ‘Tijdschrift voor Antroposofische Geneeskunst’ – – 1989-2001 redacteur van ‘de Sampo’, het tijdschrift voor heilpedagogie en sociaaltherapie, uitgegeven door het Heilpedagogisch Verbond

Mijn Facebookpagina

Volgen op Facebook


Translate

Volgers

Herkomst actuele bezoeker(s)

Totaal aantal pageviews vanaf juni 2009

Populairste berichten van de afgelopen maand

Blogarchief

Verwante en aan te raden blogs en websites

Zoeken in deze weblog

Laatste reacties

Get this Recent Comments Widget
End of code

Gezamenlijke antroposofische agenda (in samenwerking met AntroVista)